rijk/ministeriele-regeling/besluit-nadere-vaststelling-organisatie-en-taakverdeling-az/BWBR0008744
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit nadere vaststelling organisatie en taakverdeling AZ BWBR0008744 ministeriele-regeling geldend 1997-07-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0008744 Besluit nadere vaststelling organisatie en taakverdeling AZ

Besluit nadere vaststelling organisatie en taakverdeling AZ

Artikel I

1. In te stellen het Kabinet Minister-President, rechtstreeks ressorterend onder de secretaris-generaal van Algemene Zaken.

2.

Het Kabinet Minister-President te belasten met:

a. a. Adviseren en ondersteunen van de Minister-President bij de uitvoering van de hem opgedragen taken. b. b. Verzorgen van het secretariaat van de Raad van Ministers, alsmede de secretariaten van de onderraden en dat van het SG-beraad. c. c. Coördinatie van aangelegenheden met betrekking tot de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten.

Artikel II

1. In te stellen een centrale afdeling Personeel en Organisatie.

2.

De centrale afdeling Personeel en Organisatie te belasten met:

a. a. Ontwikkelen van een departementaal personeels- en organisatiebeleid. b. b. Informeren, adviseren en ondersteunen van het hoofd van het departement op personeels- en organisatiegebied. c. c. Informeren, adviseren en ondersteunen van de directeuren en de lagere lijnchefs bij de uitvoering van hun taak. d. d. Informeren, adviseren en ondersteunen van individuele medewerkers.

Artikel III

1. In te stellen een centrale afdeling Financieel-Economische Zaken.

2.

De centrale afdeling Financieel-Economische Zaken te belasten met de taken genoemd in het Koninklijk Besluit taak centrale directies financieel economisch zaken bij de ministeries van 19 december 1991, waaronder:

a. a. Coördinatie van de totstandkoming van de departementale begroting en de meerjarencijfers. b. b. Zorg dragen voor een ordelijke en controleerbare financiële infrastructuur. c. c. Toezicht op de doelmatige en rechtmatige besteding van middelen. d. d. Verzorgen van de centrale begrotings- en financiële administratie. e. e. Adviseren en ondersteunen m.b.t. de financieel-economische en bedrijfseconomische aspecten van de bedrijfsvoering en de beheersing van de bedrijfsprocessen.

Artikel IV

1. In te stellen de centrale afdeling Facilitaire en Informatie-Aangelegen-heden.

2.

De centrale afdeling Facilitaire en Informatie-Aangelegenheden te belasten met:

a. a. Ontwikkelen, adviseren en ondersteunen van het veiligheids- en informatiebeleid. b. b. Ontwikkelen, adviseren en ondersteunen van het facilitaire beleid c. c. Zorgdragen voor beveiliging, vervoer en verzorging van personen, documenten en berichten. d. d. Zorgdragen voor adequate huisvesting, automatisering en bijbehorende services. e. e. De organisatie van de bedrijfshulpverlening.

Artikel V

De Rijksvoorlichtingsdienst te belasten met:

    1. Het geven van voorlichting over het algemeen regeringsbeleid en over het ministerie van Algemene Zaken:

      a.
       woordvoering kabinetsbeleid en minister-president
      
      
      b.
       publicitaire voorbereiding en begeleiding minister-president bij inkomende en uitgaande bezoeken regeringsleiders, werkbezoeken en publieke optredens.
      
      
      c.
       woordvoering (in-)formateur tijdens kabinetsformatie
      
      
      d.
       interne informatievoorziening t.b.v. minister-president en ambtelijke departementsleiding.
      

a. a. woordvoering kabinetsbeleid en minister-president b. b. publicitaire voorbereiding en begeleiding minister-president bij inkomende en uitgaande bezoeken regeringsleiders, werkbezoeken en publieke optredens. c. c. woordvoering (in-)formateur tijdens kabinetsformatie d. d. interne informatievoorziening t.b.v. minister-president en ambtelijke departementsleiding. 2. 2. Het geven van voorlichting over het Koninklijk Huis.

      a.
       Het adviseren van leden van het Koninklijk Huis inzake publiciteitsaangelegenheden door de Hoofddirecteur RVD.
    
    
      b.
       Voorbereiden en uitvoeren van de berichtgeving betreffende het Koninklijk Huis.
    
    
      c.
       Publicitaire ondersteuning en begeleiding van de leden van het Koninklijk Huis.

a. a. Het adviseren van leden van het Koninklijk Huis inzake publiciteitsaangelegenheden door de Hoofddirecteur RVD. b. b. Voorbereiden en uitvoeren van de berichtgeving betreffende het Koninklijk Huis. c. c. Publicitaire ondersteuning en begeleiding van de leden van het Koninklijk Huis. 3. 3. Het coördineren, faciliteren en adviseren inzake interdepartementale voorlichtingszaken.

      a.
       Voorzitterschap en secretariaat van de Voorlichtingsraad.
    
    
      b.
       Adviseren aan onderdelen van de overheid over de inzet van publiciteitsmedia te behoeve van public service en instrumentele voorlichtingscampagnes en andere communicatieprojecten.
    
    
      c.
       Het laten vervaardigen van communicatiematerialen en het verzorgen van collectieve media-inkoop ten behoeve van de rijksoverheid.
    
    
      d.
       Het ontwikkelen en onderhouden van gemeenschappelijke voorzieningen ten behoeve van de overheidsvoorlichting.
    
    
      e.
       het gebruik van zendtijd op radio en televisie zoals toegewezen aan de minister van Algemene Zaken op basis van de Mediawet ten behoeve van overheidsvoorlichting.
    
    
      f.
       Consultatie en overleg inzake overheidsvoorlichting onder bijzondere omstandigheden.

a. a. Voorzitterschap en secretariaat van de Voorlichtingsraad. b. b. Adviseren aan onderdelen van de overheid over de inzet van publiciteitsmedia te behoeve van public service en instrumentele voorlichtingscampagnes en andere communicatieprojecten. c. c. Het laten vervaardigen van communicatiematerialen en het verzorgen van collectieve media-inkoop ten behoeve van de rijksoverheid. d. d. Het ontwikkelen en onderhouden van gemeenschappelijke voorzieningen ten behoeve van de overheidsvoorlichting. e. e. het gebruik van zendtijd op radio en televisie zoals toegewezen aan de minister van Algemene Zaken op basis van de Mediawet ten behoeve van overheidsvoorlichting. f. f. Consultatie en overleg inzake overheidsvoorlichting onder bijzondere omstandigheden.

Artikel VI

1.

Het Bureau van de Wetenschap-pelijke Raad voor het Regeringsbeleid te belasten met de ondersteuning van de Raad en zijn leden bij de voorbereiding en totstandkoming van rapporten aan de regering, in welk verband de navolgende in het bijzonder zijn te noemen:

a. a. Uitvoeren van onderzoek op voor het raadswerk relevante gebieden, alsmede het begeleiden van extern onderzoek in opdracht van de Raad. b. b. Onderhouden van contacten met voor het raadswerk relevante personen in bestuur en wetenschap. c. c. Bevorderen van de doorwerking van rapporten in zowel de bestuurlijke als de wetenschappelijke sfeer. d. d. Voorlichting en communicatie met betrekking tot de activiteiten van de Raad

Artikel VII

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juli 1997.