rijk/ministeriele-regeling/besluit-noordzeeoverleg/BWBR0045308
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit Noordzeeoverleg BWBR0045308 ministeriele-regeling geldend 2021-07-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0045308 Besluit Noordzeeoverleg

Besluit Noordzeeoverleg

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • Minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat;
  • NZA: Noordzeeakkoord.

Artikel 2

1. Er is een Noordzeeoverleg.

2.

Het Noordzeeoverleg heeft tot taak:

a. a. het voeren van een op consensus gericht overleg over voorgenomen kernbeslissingen van de overheid ten aanzien van de Noordzee met name op het gebied van de interactie tussen energie, natuur, voedsel/visserij en zeevaart; b. b. het vastleggen van conclusies als resultaat van het overleg ten behoeve van de uitvoering van het NZA; c. c. het toezien op de adequate uitvoering van het NZA.

Artikel 3

Het Noordzeeoverleg bestaat uit:

a. a. een op voordracht van het Noordzeeoverleg door de Minister benoemde onafhankelijke voorzitter; b. b. vier afgevaardigden van het Rijk; c. c. drie afgevaardigden van elke van de volgende sectoren:

      1°
      energie;
    
    
      2°
      natuur;
    
    
      3°
      voedsel/ visserij; en
    
    
      4°
      zeevaart.

1° 1° energie; 2° 2° natuur; 3° 3° voedsel/ visserij; en 4° 4° zeevaart.

Artikel 4

De voorzitter heeft tot taak:

    1. het voorzitten en begeleiden van het in artikel 2 bedoelde op consensus gerichte overleg;
    1. ervoor zorg te dragen dat er minimaal twee keer per jaar over de samenwerking, voortgang en resultaten van het Noordzeeoverleg wordt gerapporteerd aan de Minister;
    1. na overleg met de sector, het voorstellen van één of meer vertegenwoordigers indien het de sector niet lukt om vertegenwoordigers af te vaardigen.

Artikel 5

De Minister voorziet in het secretariaat voor het Noordzeeoverleg.

Artikel 6

Het Noordzeeoverleg stelt zijn eigen werkwijze vast.

Artikel 7

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2031.

Artikel 8

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit Noordzeeoverleg.