40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit projectorganisatie interculturalisatie van de Gezondheidszorg | BWBR0012769 | ministeriele-regeling | geldend | 2001-05-28 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0012769 | Besluit projectorganisatie interculturalisatie van de Gezondheidszorg |
Besluit projectorganisatie interculturalisatie van de Gezondheidszorg
Paragraaf 1. Definities
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
Paragraaf 2. . Instelling projectorganisatie
Artikel 2
1. Er is een Projectorganisatie interculturalisatie van de gezondheidszorg.
2. De projectorganisatie wordt ingesteld voor de periode te rekenen met ingang van 25 april 2001 tot en met 30 april 2005.
3.
De projectorganisatie heeft de volgende taken:
a. a. het ontwikkelen van een infrastructuur om aanwezige kennis en expertise inzake interculturele zorgverlening toegankelijk te maken voor het gehele veld van de gezondheidszorg; b. b. het organisatorisch inbedden en de continuering van de inschakeling van allochtone zorgconsulenten, alsmede bevordering van voorlichting in groepsverband door Voorlichters Eigen Taal en Cultuur. c. c. het stimuleren van de interculturalisatie van de opleidingen in de gezondheidszorg; d. d. het versterken van intercultureel management en personeelsbeleid binnen instellingen; e. e. het stimuleren van continue monitoring en ander onderzoek om de gezondheidstoestand en de zorgconsumptie van allochtone zorgvragers in de tijd te kunnen volgen, waarbij aandacht besteed dient te worden aan een regeling van een goede registratie van gegevens van allochtone zorgvragers; f. f. het versterken van de positie en inbreng van allochtone zorgvragers; g. g. bij de uitvoering van de onder a tot en met f genoemde taken schenkt de projectorganisatie bijzondere aandacht aan de positie van erkende vluchtelingen en asielgerechtigden. h. h. bij de uitvoering van de onder a tot en met f genoemde taken schenkt de projectorganisatie tevens aandacht aan de relatie met de invoering van het persoonsgebonden budget.
Paragraaf 3. Samenstelling
Artikel 3
1. De voorzitter en overige leden van de projectorganisatie worden benoemd en ontslagen door de minister.
2. De minister voegt aan de projectorganisatie een secretariaat toe.
Artikel 4
1.
Tot lid van de projectorganisatie worden aangewezen:
a) a) H.L. Timmer (Ministerie van VWS), tevens voorzitter; b) b) ir. A.P.M. Bersee (Ministerie van VWS), tevens plaatsvervangend voorzitter;
2.
Op persoonlijke titel worden tot lid benoemd:
a) a) drs. R. May (Altrecht te Utrecht); b) b) dr. S. Sidali (arts/psychiater te Amsterdam); c) c) drs. H.M. Becker (Humanitas Zorg en Verpleeghuizen Rijnmond); d) d) drs. J. Crasborn (arts, ZAO Amsterdam); e) e) mevrouw drs. M. Shadid (arts); f) f) drs. I. Yerden (Stafmedewerker Noord-Hollands Participatie-instituut); g) g) mr. K.R. Ho Ten Soeng (Burgemeester van Venhuizen); h) h) drs. R. van Dijk (BAVO/RNO-groep te Rotterdam); i) i) drs. A.J. Voorham (GGD, Rotterdam); j) j) mevrouw drs. H. Nijsingh (GGD-Nederland, MOA); k) k) mevrouw drs. A.D.H. Gornas (arts); l) l) T. van Dillen (Coördinator programma Vernieuwing en Implementatie Gehandicaptenbeleid).
3. Tot secretaris van de projectorganisatie wordt aangewezen: E.L. Samuels (Ministerie van VWS).
4. Als ambtelijk adviseur namens de Minister van VWS worden aangewezen: mevrouw mr. drs. J.C. Kliest (Directie Geestelijke Gezondheidszorg, Verslavingszorg en Maatschappelijke Opvang) en mevrouw drs. W.C. Voogt (Inspectie voor de Gezondheidszorg).
5. Als ambtelijk adviseur namens de Minister voor Grote Steden en Integratiebeleid worden aangewezen: mevrouw drs. M. L. Haimé (Directeur coördinatie integratie minderheden) en drs. K. Shahbazi (beleidsmedewerker).
Paragraaf 4. Werkwijze
Artikel 5
1. De Projectorganisatie laat zich bij de uitvoering van haar taken bijstaan door een adviesgroep van vertegenwoordigers van door de minister aan te wijzen instellingen en organisaties.
2.
De projectorganisatie stelt haar eigen werkwijze vast in de vorm van een plan van aanpak. De projectorganisatie informeert de minister door middel van dit plan van aanpak over de resultaten die de projectorganisatie wil behalen tijdens de projectperiode, welke prioriteiten worden gesteld en welke tijdsplanning wordt aangehouden.
Bij het plan van aanpak zal een begroting voor de werkzaamheden worden gevoegd.
3. De projectorganisatie zendt met ingang van 2002 jaarlijks binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar een rapportage over haar werkzaamheden aan de minister.
4. De projectorganisatie kan voor delen van haar taak projectgroepen instellen, waaraan ook niet-leden kunnen deelnemen.
5. De projectorganisatie kan deskundigen verzoeken de vergaderingen bij te wonen met adviserende stem.
Artikel 6
Na afloop van haar werkzaamheden zendt de projectorganisatie een eindverslag aan de minister.
Artikel 7
Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de projectorganisatie geschiedt bij het Ministerie van VWS. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van de projectorganisatie opgeborgen in het archief van dat ministerie.
Artikel 8
1. Aan de leden op persoonlijke titel van de projectorganisatie wordt een vacatiegeld toegekend van f 225,- (€ 102,10) per vergadering.
2. De leden van de projectorganisatie hebben recht op vergoeding van de reiskosten die gemaakt worden voor het bijwonen van vergaderingen, overeenkomstig het Reisbesluit Binnenland.
Artikel 9
1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij met de toelichting wordt geplaatst en werkt terug tot en met 25 april 2001.
2. Deze regeling vervalt met ingang van 1 mei 2005.
Artikel 10
Dit besluit wordt aangehaald als besluit Projectorganisatie Interculturalisatie van de Gezondheidszorg.