40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit toekenning geweldsbevoegdheid en veiligheidsfouillering buitengewoon opsporingsambtenaar Connexxion 2007 | BWBR0021694 | ministeriele-regeling | geldend | 2007-04-15 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0021694 | Besluit toekenning geweldsbevoegdheid en veiligheidsfouillering buitengewoon opsporingsambtenaar Connexxion 2007 |
Besluit toekenning geweldsbevoegdheid en veiligheidsfouillering buitengewoon opsporingsambtenaar Connexxion 2007
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. a. buitengewoon opsporingsambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaar in dienstbetrekking werkzaam bij Connexxion; b. b. toezichthouder: de hoofdofficier van justitie te Utrecht; c. c. direct toezichthouder: de korpschef van het regionaal politiekorps Utrecht.
Artikel 2
De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd bij de opsporing van de in artikel 3, eerste lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar openbaar vervoersbedrijven 2005 genoemde strafbare feiten, gebruik te maken van de bevoegdheid, bedoeld in artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993. Hij gedraagt zich daarbij overeenkomstig het bepaalde in hoofdstuk 7 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaar.
Artikel 3
De directeur van Connexxion stelt in overleg met de toezichthouder en de direct toezichthouder een instructie op, gebaseerd op de artikelen 17 en 18 van de Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaar. De instructie dient aan iedere buitengewoon opsporingsambtenaar ter hand te worden gesteld. Over iedere melding betreffende geweldgebruik dan wel de veiligheidsfouillering worden de toezichthouder en de direct toezichthouder zo spoedig mogelijk geïnformeerd.
Artikel 4
De directeur van Connexxion verstrekt de toezichthouder en de direct toezichthouder overeenkomstig artikel 41, eerste lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar alle door hen gewenste informatie en voert zo nodig en desgevraagd periodiek overleg met hen.
Artikel 5
De directeur van Connexxion zendt overeenkomstig artikel 41, tweede lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar voor 1 augustus 2010 aan de Minister van Justitie een verslag over de effecten van het gebruik van geweld en de veiligheidsfouillering. Dit verslag voldoet aan nader door de Minister van Justitie te stellen voorwaarden.
Artikel 6
Het Besluit toekenning geweldsbevoegdheid buitengewoon opsporingsambtenaar Connexxion 2006 wordt ingetrokken.
Artikel 7
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 december 2010.
Artikel 8
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit toekenning geweldsbevoegdheid en veiligheidsfouillering buitengewoon opsporingsambtenaar Connexxion 2007.