rijk/ministeriele-regeling/bestrijdingsmiddelenregeling/BWBR0002454
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Bestrijdingsmiddelenregeling BWBR0002454 ministeriele-regeling geldend 1964-09-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0002454 Bestrijdingsmiddelenregeling

Bestrijdingsmiddelenregeling

Paragraaf . Algemene voorschriften, waaraan bestrijdingsmiddelen en de verpakking moeten voldoen

Artikel 1

Vervallen

Artikel 2

Vervallen

Artikel 3

Vervallen

Artikel 4

Vervallen.

Artikel 5

Vervallen

Artikel 6

Vervallen

Artikel 7

Vervallen

Artikel 8

Vervallen

Artikel 9

Vervallen

Artikel 10

Vervallen

Artikel 11

Vervallen

Artikel 12

Vervallen

Artikel 13

1. Toegelaten ingevolge artikel 9 van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 zijn de bestrijdingsmiddelen, vermeld in hoofdstuk III van bijlage I.

2. Met betrekking tot de in het vorige lid bedoelde middelen zijn de nadere voorschriften, bedoeld in artikel 9, derde lid, van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962, die welke als zodanig in hoofdstuk III van bijlage I zijn aangegeven.

Paragraaf . Indiening en behandeling van aanvragen

Artikel 14

Vervallen

Artikel 15

Vervallen

Artikel 16

Vervallen

Artikel 17

Vervallen

Artikel 18

Vervallen

Artikel 19

Vervallen

Artikel 20

Vervallen

Artikel 21

Vervallen

Paragraaf . Legitimatiebewijzen

Artikel 22

1.

Als legitimatiebewijzen in de zin van artikel 12, tweede lid, van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962 worden aangewezen:

a. a. een bewijsstuk, waaruit kan blijken dat de houder over het lopende jaar of het daaraan voorafgegane jaar onderworpen is aan een heffing van het Landbouwschap of het Bosschap; b. b. een bewijs van lidmaatschap over het lopende jaar van:

        1e.
         het Koninklijk Nederlands Landbouwcomité;
      
      
        2e.
         de Christelijke Boeren- en Tuindersbond;
      
      
        3e.
         de Katholieke Nederlandse Boeren- en Tuindersbond, of van een bij een van deze organisaties aangesloten regionale of plaatselijke organisatie;
      
      
        4e.
         de Nederlandse Vereniging van Boseigenaren;
      
      
        5e.
         de Bond van agrarische loonbedrijven in Nederland;
      
      
        6e.
         de Federatie van land- en tuinbouwwerktuigen exploiterende coöperaties;

1e. 1e. het Koninklijk Nederlands Landbouwcomité; 2e. 2e. de Christelijke Boeren- en Tuindersbond; 3e. 3e. de Katholieke Nederlandse Boeren- en Tuindersbond, of van een bij een van deze organisaties aangesloten regionale of plaatselijke organisatie; 4e. 4e. de Nederlandse Vereniging van Boseigenaren; 5e. 5e. de Bond van agrarische loonbedrijven in Nederland; 6e. 6e. de Federatie van land- en tuinbouwwerktuigen exploiterende coöperaties; c. c. een uittreksel uit het handelsregister waaruit blijkt, dat de betrokkene het beroep uitoefent van:

        1e.
         bloemist of hovenier;
      
      
        2e.
         zuiveraar;
      
      
        3e.
         aannemer van bouwwerken;

1e. 1e. bloemist of hovenier; 2e. 2e. zuiveraar; 3e. 3e. aannemer van bouwwerken;

2. De in het eerste lid, onder c, aanhef en 3e genoemde legitimatiebewijzen strekken slechts als bewijs, dat de houder een beroep uitoefent, dat het gebruik van houtconserveringsmiddelen medebrengt.

3. De in het eerste lid genoemde legitimatiebewijzen strekken niet als bewijs, dat de houder een beroep uitoefent, dat het gebruik meebrengt van cyaanwaterstof, giftige cyaanverbindingen of stoffen, die giftige cyaanverbindingen kunnen opleveren, ethyleenoxide en gasmengsels, waarin ethyleenoxide aanwezig is, methylbromide, methallylchloride en chloorpikrine, fosforwaterstof en stoffen, welke fosforwaterstof kunnen opleveren.

4. Als legitimatiebewijs, waaruit blijkt, dat de houder een beroep uitoefent, hetwelk het gebruik van een of meer in het derde lid genoemde bestrijdingsmiddelen meebrengt, gelden uitsluitend daartoe strekkende bewijzen, afgegeven door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Paragraaf . Monsterneming

Artikel 23

Vervallen

Artikel 24

Vervallen

Artikel 25

Vervallen

Artikel 26

Vervallen

Paragraaf . Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 27

Verzoeken om ontheffing, als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van het Bestrijdingsmiddelenbesluit 1948 (Stb. I 368), waarop ten tijde van het inwerkingtreden van deze beschikking nog niet is beslist, gelden als aanvragen tot toelating in de zin van deze beschikking.

Artikel 28

Deze regeling wordt aangehaald als:

Bestrijdingsmiddelenregeling.

Bijlage I. behorende bij de Bestrijdingsmiddelenbeschikking, artikel 1

Bijlage III

Vervallen

Bijlage IV

Vervallen