40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Bijdrageregeling landbouwbedrijven overstromingschade Maas 1993 | BWBR0006460 | ministeriele-regeling | geldend | 1994-02-11 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0006460 | Bijdrageregeling landbouwbedrijven overstromingschade Maas 1993 |
Bijdrageregeling landbouwbedrijven overstromingschade Maas 1993
Paragraaf 1. algemene bepalingen
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
Paragraaf 2. Bijdrage voor bedrijven, gelegen in het stroomgebied van de Maas
Artikel 2
De minister verstrekt op aanvraag:
a. a. een tegemoetkoming in de op landbouwbedrijven, gelegen in het schadegebied zoals omschreven in bijlage 2, opgetreden schade die is veroorzaakt door de overstroming van de Maas in december 1993; b. b. een rentesubsidie voor een terzake van het herstel van de op landbouwbedrijven, gelegen in het schadegebied zoals omschreven in bijlage 2, opgetreden schade aangegane geldlening.
Artikel 3
1.
De bijdrage wordt verleend aan:
a. a. de natuurlijke of rechtspersoon die voor eigen rekening en risico een landbouwbedrijf uitoefent; b. b. de verpachter van een landbouwbedrijf; c. c. de beperkt zakelijk gerechtigde tot een landbouwbedrijf;
naar gelang de schade aan de in artikel 4, eerste lid, genoemde activa voor hun rekening en risico komt.
2. Geen bijdrage wordt verleend indien de schade minder dan f 2000, – bedraagt.
Artikel 4
1.
Als schade wordt uitsluitend in aanmerking genomen het schadebedrag met betrekking tot:
a. a. op landbouwbedrijven, gelegen in het schadegebied zoals omschreven in bijlage 2, opgetreden en in Nederland niet-verzekerbare schade aan de navolgende activa:
kassen en apparatuur alsmede substraatmatten in kassen;
gewassen in kassen;
bedrijfsgebouwen;
regelapparatuur;
erfverhardingen en toegangswegen;
CV-installaties;
machines en werkmateriaal
inventaris en voorraden;
levende have;
gewassen te velde, en fruit;
- kassen en apparatuur alsmede substraatmatten in kassen;
- gewassen in kassen;
- bedrijfsgebouwen;
- regelapparatuur;
- erfverhardingen en toegangswegen;
- CV-installaties;
- machines en werkmateriaal
- inventaris en voorraden;
- levende have;
- gewassen te velde, en fruit; b. b. op landbouwbedrijven ter voorkoming van schade, als bedoeld in onderdeel a, gemaakte bereddingskosten en opruimingskosten;
het één en ander verminderd met de ter zake door de aanvrager ontvangen of aan de aanvrager toegezegde verzekeringspenningen.
2. Als schade wordt in geen geval aangemerkt gederfde omzet en gevolgschade, met uitzondering van, en onder nader te bepalen voorwaarden, verrichtte betalingen terzake van de op grond van een wet of CAO verplichte suppletie van de werkloosheidsuitkering van op het landbouwbedrijf werkzame personen.
3. Bij de bepaling van het schadebedrag als bedoeld in het eerste lid wordt uitgegaan van het bedrag zoals vermeld op het taxatieformulier.
Artikel 5
Het in artikel 3, tweede lid, en artikel 4, eerste lid, genoemde schadebedrag is exclusief de terzake verschuldigde omzetbelasting, tenzij aanvrager verklaart gebruik te maken van de landbouwregeling zoals bedoeld in artikel 27 van de Wet op de omzetbelasting 1968.
Artikel 6
1. De tegemoetkoming bedraagt 65% van de schade.
2. De rentesubsidie bedraagt een eenmalige bijdrage van 20% over de geldlening ten bedrage van ten hoogste 25% van het schadebedrag die wordt aangewend tot het herstel van de schade.
Artikel 7
Het recht op de bijdrage ontstaat op het moment van goedkeuring van de aanvraag.
Artikel 8
1. De directeur LNO is belast met de uitvoering van deze paragraaf en beslist namens de minister op de aanvraag.
2. Aanvragen worden op een daartoe door de directeur vastgesteld aanvraagformulier ingediend.
3. De DBH is belast met het uitreiken en in ontvangst nemen van de aanvraagformulieren.
4. het aanvraagformulier wordt volledig en naar waarheid ingevuld, ondertekend, gedagtekend en van alle bijlagen voorzien.
5. Door het indienen van het aanvraagformulier verklaart aanvrager zich accoord met de daarin gestelde voorwaarden en verplichtingen.
6. Zodra de aanvraag is ontvangen zendt de directeur LNO aan de aanvrager een schriftelijke bevestiging van de aanvraag, waarin de datum van ontvangst wordt vermeld.
7. De directeur LNO is belast met de uitbetaling van de in deze paragraaf bedoelde bijdrage.
Artikel 9
1.
De aanvraag wordt voor 15 april 1994 ingediend en bevat ten minste de volgende gegevens:
a. a. de naam en het adres van de aanvrager; b. b. de statuten, indien de aanvraag wordt ingediend door een rechtspersoon; c. c. de verklaring dat de aanvrager accoord gaat met de uitkomst van de in opdracht van de landbouworganisaties verrichte schade-expertise; d. d. de verklaring dat de aanvrager terzake van de schade geen verzekeringspenningen heeft dan wel zal ontvangen; e. e. de machtiging van de aanvrager aan de directeur LNO tot het inwinnen van inlichtingen bij de landbouworganisaties omtrent de taxatie van de schade.
2.
Bij de aanvraag worden, voor zover van toepassing, de volgende stukken gevoegd:
a. a. een door de aanvrager en de schade-expert voor accoord ondertekend taxatieformulier; b. b. de overeenkomst van geldlening.
3. De aanvrager is voorts verplicht alle bescheiden en informatie te verstrekken die door de directeur LNO voor de behandeling van de aanvraag noodzakelijk worden geacht.
Artikel 9a
1.
In afwijking van het bepaalde in artikel 9, eerste lid, aanhef, wordt de aanvraag voor 25 juni 1994 ingediend, indien:
a. a. de aanvraag betrekking heeft op een landbouwbedrijf dat is gelegen in de gemeenten Geertruidenberg of Lith, uitsluitend ter zake van de in die gemeenten opgetreden schade; b. b. de aanvraag betrekking heeft op een landbouwbedrijf, waarop afgezien van de bereddings- en opruimingskosten het schadebedrag minder dan f 2.000,- bedraagt en waarvoor niet reeds een aanvraag is ingediend.
2. Indien overeenkomstig het bepaalde in artikel 9, eerste lid, een aanvraag is ingediend, kan een gewijzigde of nieuwe aanvraag voor een rentesubsidie, als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, worden ingediend.
3. Aanvragen krachtens het tweede lid worden door middel van een daartoe bestemd formulier dat wordt meegezonden bij de beschikking, bedoeld in artikel 10, binnen twee weken na dagtekening van deze beschikking ingediend bij de Directeur LNO. Bij de aanvraag wordt de overeenkomst van geldlening gevoegd, indien deze is aangegaan of gewijzigd na de indiening van de aanvraag overeenkomstig artikel 9.
Artikel 10
Een beschikking op de aanvraag, inhoudende een toekenning van een bijdrage, bevat de vermelding van:
a. a. de schade als bedoeld in artikel 4, eerste lid; b. b. de hoogte van de tegemoetkoming; c. c. de hoogte van de rentesubsidie.
Artikel 11
1. Het recht op de bijdrage vervalt indien blijkt dat aanvrager onvolledige of onjuiste gegevens heeft verstrekt.
2. In het in het eerste lid genoemde geval wordt de bijdrage op eerste verzoek daartoe terugbetaald, vermeerderd met rente.
3. De rente bedoeld in het tweede lid is de wettelijke rente zoals deze geldt op de laatste dag van de maand waarin de betaling van de bijdrage heeft plaatsgevonden.
Paragraaf 3. Bijdrage voor bedrijven, gelegen buiten het stroomgebied van de Maas
Artikel 11a
1.
De minister verstrekt ambtshalve een rentesubsidie voor een geldlening, aangegaan terzake van het herstel van de schade welke ten gevolge van de met de overstroming van de Maas in december 1993 gepaard gaande hoge waterstanden in andere rivieren is opgetreden op landbouwbedrijven,
- die zijn gelegen buiten het schadegebied zoals omschreven in bijlage 2; en
- waarvan naar aanleiding van een door de minister ingesteld bedrijfsonderzoek ten genoege van de minister is komen vast te staan dat het bedrijf door de opgetreden schade in continuïteitsproblemen is geraakt.
2.
De rentesubsidie wordt verleend aan:
a. a. de natuurlijke of rechtspersoon die voor eigen rekening of risico een landbouwbedrijf uitoefent; b. b. de verpachter van een landbouwbedrijf; c. c. de beperkt zakelijk gerechtigde tot een landbouwbedrijf;
naar gelang de schade voor hun rekening en risico komt.
Artikel 11b
1.
Als schade wordt voor de toepassing van artikel 11a uitsluitend in aanmerking genomen het schadebedrag met betrekking tot:
a. a. op landbouwbedrijven, gelegen buiten het schadegebied zoals omschreven in bijlage 2, opgetreden en in Nederland niet-verzekerbare schade aan de navolgende activa:
kassen en apparatuur alsmede substraatmatten in kassen;
gewassen in kassen;
bedrijfsgebouwen;
regelapparatuur;
erfverhardingen en toegangswegen;
CV-installaties;
machines en werkmateriaal;
inventaris en voorraden;
levende have;
gewassen te velde, en fruit;
- kassen en apparatuur alsmede substraatmatten in kassen;
- gewassen in kassen;
- bedrijfsgebouwen;
- regelapparatuur;
- erfverhardingen en toegangswegen;
- CV-installaties;
- machines en werkmateriaal;
- inventaris en voorraden;
- levende have;
- gewassen te velde, en fruit; b. b. op landbouwbedrijven, gelegen buiten het schadegebied zoals omschreven in bijlage 2, ter voorkoming van schade, als bedoeld in onderdeel a, gemaakte bereddingskosten en opruimingskosten;
het één en ander verminderd met de terzake door een persoon als bedoeld in artikel 11a, tweede lid, ontvangen of aan hem toegezegde verzekeringspenningen. Artikel 4, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
2. Bij de bepaling van het schadebedrag als bedoeld in het eerste lid wordt uitgegaan van het bedrag, blijkend uit een naar aanleiding van het bedrijfsonderzoek, bedoeld in artikel 11a, eerste lid, uitgevoerde taxatie.
3.
Het schadebedrag is exclusief de ter zake verschuldigde omzetbelasting, tenzij een persoon als bedoeld in artikel 11a, tweede lid, verklaart gebruik te maken van de landbouwregeling zoals bedoeld in artikel 27 van de Wet op de omzetbelasting.
Artikel 11c
De rentesubsidie bedraagt een eenmalige bijdrage van 20% over de geldlening ten bedrage van ten hoogste 90% van het schadebedrag, aangewend tot het herstel van de schade.
Artikel 11d
1.
Het recht op de rentesubsidie ontstaat op het moment dat een persoon als bedoeld in artikel 11a, tweede lid, de volgende bescheiden voor 20 december 1994 aan de directeur LNO heeft doen toekomen:
a. a. een volledig ingevulde en ondertekende verklaring, volgens het in de bij deze regeling behorende bijlage 3 vastgestelde model; b. b. de statuten, indien sprake is van een rechtspersoon; c. c. een door hem en door de schade-expert voor akkoord ondertekend taxatierapport; d. d. de overeenkomst van geldlening.
2. De directeur LNO geeft een schriftelijke bevestiging van de ontvangst van de in het eerste lid bedoelde bescheiden. Indien niet alle bescheiden, bedoeld in het eerste lid, zijn ontvangen, stelt de directeur LNO de indiener in de gelegenheid deze binnen een door hem te stellen termijn alsnog te overleggen; indien hieraan niet wordt voldaan kan de directeur LNO besluiten dat geen rentesubsidie wordt verstrekt.
3. Het recht op de rentesubsidie vervalt indien blijkt dat onvolledige of onjuiste gegevens zijn verstrekt. Artikel 11, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
4. Door indiening van de verklaring, bedoeld in het eerste lid, onder a, verklaart indiener zich akkoord met de voorwaarden en verplichtingen voortvloeiende uit deze regeling.
Artikel 11e
De directeur LNO is belast met de uitvoering van deze paragraaf en met de uitbetaling van de rentesubsidie.
Paragraaf 4. Slotbepalingen
Artikel 12
1. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde in deze regeling zijn de bij besluit van de minister aangewezen ambtenaren en andere personen belast.
2. Van een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
Artikel 13
1.
De toezichthouders als bedoeld in artikel 12 zijn bevoegd:
a. a. elke plaats te betreden met uitzondering van een woning zonder toestemming van de bewoner voor zover dat voor de vervulling van hun taak redelijkerwijs nodig is; b. b. inlichtingen te verlangen, voor zover dat voor de vervulling van hun taak redelijkerwijs nodig is; c. c. inzage te verlangen van zakelijke gegevens en bescheiden voor zover dat voor de vervulling van hun taak redelijkerwijs nodig is; d. d. van de gegevens en bescheiden kopieën te maken; e. e. de gegevens en bescheiden voor het maken van kopieën voor korte tijd mee te nemen tegen een door hen af te geven schriftelijk bewijs, indien zulks niet ter plaatse kan geschieden.
2. Een ieder is verplicht de toezichthouders alle medewerking te verlenen die deze redelijkerwijs kunnen verlangen ter uitoefening van hun bevoegdheden.
Artikel 14
1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
2.
Zij wordt aangehaald als: Bijdrageregeling landbouwbedrijven overstromingschade Maas 1993.
Deze regeling zal met de toelichting en de bijlagen in de Staatscourant worden geplaatst.
Bijlage 1. Vastgestelde overstromingsschade land- en tuinbouw
Registratienummer
Naam:
Adres:
Woonplaats:
Schade aan niet verzekerbare aktiva als bedoeld in artikel 4, eerste lid van de 'Bijdrageregeling landbouwbedrijven overstromingsschade Maas 1993' van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij f.....
Bereddingskosten, opruimingskosten en gevolgschade alsmede gederfde omzet f.....
Totaal vastgesteld schadebedrag f.....
Het schadebedrag is incl./excl. BTW
De schade is bepaald op basis van de uitgangspunten van de door de LLTB aan Interpolis/Hagelunie gegeven opdracht tot taxatie.
Datum: ... februari 1994
Voor akkoord handtekening (hoofd)expert:
Voor akkoord handtekening gedupeerde:
Bijlage 2. Schadegebied
Bijlage 3. Verklaring als bedoeld in
Ondergetekende verklaart:
Gegevens indiener
(indien indiener een rechtspersoon is, statuten bijvoegen)
naam:
adres:
woonplaats:
relatienummer:
bedrijfsadres:
Indiener:
0 oefent voor eigen rekening en risico bovengenoemd landbouwbedrijf uit;
0 is verpachter van bovengenoemd landbouwbedrijf;
0 is beperkt zakelijk gerechtigde tot bovengenoemd landbouwbedrijf
Ondertekening
…, (plaats) … (datum)
… (handtekening)
Indien indiener een rechtspersoon is, hieronder gegevens vertegenwoordigingsbevoegde ondertekenaar invullen:
naam:
adres:
woonplaats:
functie bij / verhouding tot indienende rechtspersoon: