rijk/ministeriele-regeling/gemoedsbezwaren-tegen-verzekering/BWBR0002867
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Gemoedsbezwaren tegen verzekering BWBR0002867 ministeriele-regeling geldend 1973-02-13 https://wetten.overheid.nl/BWBR0002867 Gemoedsbezwaren tegen verzekering

Gemoedsbezwaren tegen verzekering

Artikel 1

Voor de toepassing van deze beschikking wordt verstaan onder:

Artikel 2

1. Ieder, ten aanzien van wie het bevoegde orgaan van de rechtspersoon de overtuiging heeft verkregen, dat hij gemoedsbezwaren heeft tegen iedere vorm van verzekering en dat hij noch zichzelf, noch iemand anders, noch zijn eigendommen heeft verzekerd, wordt op zijn aanvraag door dat orgaan vrijgesteld van de verplichting tot naleving van het bij of krachtens de statuten en reglementen van die rechtspersoon te zijnen aanzien bepaalde.

2. Aan een vrijstelling kunnen voorwaarden worden verbonden, welke noodzakelijk zijn in verband met de administratie van de rechtspersoon.

Artikel 3

Ieder, die vrijstelling heeft, is verplicht dezelfde bijdragen, welke hij verschuldigd zou zijn, indien hij geen vrijstelling had, aan de rechtspersoon te betalen in de vorm van spaarbijdragen.

Artikel 4

1. De ingevolge artikel 3 betaalde spaarbijdragen worden door of namens de rechtspersoon geboekt op een spaarrekening ten name van de betrokkene.

2. In de statuten of reglementen van de rechtspersoon wordt aangegeven, in welke gevallen en tot welke bedragen degene, die een spaarrekening heeft, gerechtigd is gelden daarvan op te nemen.

Artikel 5

1.

Het bevoegde orgaan van de rechtspersoon is verplicht een vrijstelling in te trekken, indien:

a. a. de betrokkene dit verzoekt; b. b. de omstandigheid, op grond waarvan de vrijstelling is verleend, niet meer aanwezig is.

2. Het bevoegde orgaan van de rechtspersoon is bevoegd een vrijstelling in te trekken, indien de betrokkene de daarbij gestelde voorwaarden niet of niet behoorlijk naleeft.

3. In de statuten of reglementen van de rechtspersoon worden de gevolgen geregeld van de intrekking van een vrijstelling.

Artikel 6

1. Ter zake van alle beslissingen betreffende het weigeren van een vrijstelling, het verbinden van voorwaarden aan een vrijstelling of het intrekken van een vrijstelling kunnen door de betrokkene bezwaren worden ingebracht bij de Pensioen- & Verzekeringskamer binnen 30 dagen nadat betrokkene de beslissing van het bevoegde orgaan van de rechtspersoon heeft ontvangen.

2. De Pensioen- & Verzekeringskamer brengt binnen 30 dagen de opmerkingen, waartoe de ingebrachte bezwaren haar aanleiding geven, ter kennis van het bevoegde orgaan en van de betrokkene.

3. Voor het geval de ingebrachte bezwaren gegrond zijn bevonden en door het bevoegde orgaan niet binnen 30 dagen aan de te dezer zake door de Pensioen- & Verzekeringskamer gemaakte opmerkingen is tegemoet gekomen, wijst deze de betrokkene, zo haar zulks gewenst voorkomt, op het bepaalde in artikel 26 van de wet.