40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Instellingsbesluit Adviescollege Programma Samenwerking Oost-Europa | BWBR0013346 | ministeriele-regeling | geldend | 2002-01-20 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0013346 | Instellingsbesluit Adviescollege Programma Samenwerking Oost-Europa |
Instellingsbesluit Adviescollege Programma Samenwerking Oost-Europa
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
Artikel 2
1. Er is een Adviescollege Programma Samenwerking Oost-Europa.
2. Het college heeft tot taak de minister te adviseren omtrent projectvoorstellen die worden ingediend in het kader van het Programma Samenwerking Oost-Europa.
3. De adviezen van het college gaan vergezeld van een deugdelijke motivering.
Artikel 3
1. Het college bestaat uit een voorzitter en ten minste drie en ten hoogste vijf andere leden.
2. De voorzitter en de andere leden worden benoemd en ontslagen door de minister.
3. De benoeming van de leden geschiedt voor een termijn van twee jaar. Zij zijn te allen tijde opnieuw benoembaar.
Artikel 4
In het secretariaat van het college wordt door de minister voorzien.
Artikel 5
1. Het college stelt zijn eigen werkwijze schriftelijk vast.
2. Een lid van het college neemt niet deel aan de voorbereiding of vaststelling van een advies, indien hij een persoonlijk belang heeft bij het ingediende projectvoorstel.
3. De minister kan waarnemers aanwijzen, die het recht hebben de vergaderingen van het college bij te wonen.
Artikel 6
Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van het college geschiedt op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie van Economische Zaken. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van het college bewaard in het archief van dat ministerie.
Artikel 7
1. Het college verstrekt desgevraagd aan de minister de voor de uitoefening van zijn taak benodigde inlichtingen. De minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig is.
2. Het college stelt jaarlijks voor 1 april een verslag op van zijn werkzaamheden in het afgelopen kalenderjaar. Op verzoek van de minister, maar ten minste elk vierde jaar, stelt het college tevens een evaluatieverslag op, waarin het aandacht besteedt aan de doelmatigheid en doeltreffendheid van zijn taakvervulling. Het jaarverslag en het evaluatieverslag worden aan de minister toegezonden en algemeen verkrijgbaar gesteld.
Artikel 8
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2002.
Artikel 9
Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Adviescollege Programma Samenwerking Oost-Europa.