40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Instellingsbesluit Begeleidingscommissie evaluatie JZOJP | BWBR0043165 | ministeriele-regeling | geldend | 2020-02-14 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0043165 | Instellingsbesluit Begeleidingscommissie evaluatie JZOJP |
Instellingsbesluit Begeleidingscommissie evaluatie JZOJP
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. a.
*Minister:* Minister voor Medische Zorg;
b. b.
*commissie:* commissie, bedoeld in artikel 2, eerste lid;
c. c.
*RIVM:* het rijksinstituut, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet op het RIVM.
Artikel 2
1. Er is een Begeleidingscommissie evaluatie Juiste Zorg op de Juiste Plek.
2. De commissie heeft tot taak het bewaken van de voortgang en kwaliteit van de door het RIVM uit te voeren evaluatie van de beweging naar de Juiste Zorg op de Juiste Plek.
Artikel 3
1. De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste tien andere leden.
2. De voorzitter en de andere leden hebben zitting op persoonlijke titel en oefenen hun functie uit zonder last of ruggespraak.
3. De voorzitter en andere leden worden door de Minister benoemd.
4. De benoeming geschiedt voor de duur van de commissie.
5. Bij tussentijds vertrek van een lid kan de Minister op voordracht van de voorzitter onderscheidenlijk de resterende leden een ander lid dan wel een andere voorzitter benoemen.
6. De voorzitter en andere leden kunnen op eigen verzoek of wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden worden geschorst en ontslagen door de Minister.
Artikel 4
Met ingang van 1 februari 2020 worden tot en met 30 september 2023 tot lid van de commissie benoemd:
a. a. de heer W. van der Meeren, te Breda, tevens voorzitter; b. b. de heer dr. O. Gerrits, te Den Haag; c. c. de heer R.F.A. Buijs, te IJsselstein; d. d. de heer prof. dr. P.J.E. Bindels, te Ouderkerk aan de Amstel; e. e. mevrouw mr. H. Post, te Amersfoort; f. f. mevrouw prof. dr. B.M. Buurman, te Haarlem; g. g. de heer prof. dr. A.P. Verhoeff, te Amstelveen; h. h. de heer drs. C.L. Bruinsma, te Haren; i. i. de heer S. de Langen, te Rotterdam; j. j. de heer prof. dr. J. Dekker, te Utrecht; k. k. mevrouw drs. S. P. Kruizinga, te Zeist; l. l. mevrouw prof. dr. M.M.E. Schneiders, te De Bilt; m. m. de heer prof dr. H.F.L. Garretsen, te Helmond; n. n. de heer prof. dr. J.A.M. van Oers, te Rotterdam; o. o. de heer H.R. van Zuilen, te Den Haag.
Artikel 5
De commissie wordt ingesteld met ingang 1 februari 2020 en wordt opgeheven met ingang van 1 oktober 2023.
Artikel 6
1. De commissie wordt ondersteund door een secretariaat.
2. In het secretariaat wordt voorzien door de Minister.
3. Het secretariaat is voor de inhoudelijke uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de voorzitter van de commissie.
Artikel 7
De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.
Artikel 8
De commissie verstrekt aan de Minister desgevraagd de door hem gewenste Inlichtingen. De Minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig is.
Artikel 9
1. De voorzitter ontvangt een vaste vergoeding per maand overeenkomstig het maximum van schaal 18 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren. De arbeidsduurfactor is 2/36.
2. De andere leden ontvangen een vergoeding per vergadering. De vergoeding bedraagt 3% van het maximum van salarisschaal 18 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren.
3. In afwijking van het eerste en tweede lid wordt geen vergoeding verstrekt aan personen die vallen onder de uitzondering van artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies en daarmee het in artikel 6, eerste lid, van het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies bedoelde maximumbedrag overschrijden.
Artikel 10
De kosten van de commissie komen, voor zover goedgekeurd, voor rekening van de Minister. Onder kosten worden in ieder geval verstaan: de kosten voor de faciliteiten van de vergaderingen.
Artikel 11
De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden of, zo de omstandigheden daartoe aanleiding geven, zoveel eerder, de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van de Directie Curatieve Zorg van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Artikel 12
1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
2. Dit besluit vervalt met ingang van 1 oktober 2023.
Artikel 13
Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Begeleidingscommissie evaluatie JZOJP.