rijk/ministeriele-regeling/instellingsbesluit-commissie-externe-evaluatie-nwoproo/BWBR0025497
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Instellingsbesluit Commissie Externe Evaluatie NWO/PROO BWBR0025497 ministeriele-regeling geldend 2009-03-25 https://wetten.overheid.nl/BWBR0025497 Instellingsbesluit Commissie Externe Evaluatie NWO/PROO

Instellingsbesluit Commissie Externe Evaluatie NWO/PROO

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a.

    *minister:* Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

b. b.

    *commissie:* de commissie bedoeld in artikel 2,

c. c.

    *NWO:* Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek,

d. d.

    *PROO:* Programmaraad voor het Onderwijsonderzoek,

e. e.

    *SVO:* Stichting voor Onderwijsonderzoek.

Artikel 2

1. Er is een Commissie Externe Evaluatie NWO/PROO.

2.

De commissie heeft tot taak:

a. a. de zelfevaluaties van de PROO te toetsen in het licht van het Convenant OCW/NWO van maart 1998, b. b. de balans op te maken van de overgang van het onderwijsonderzoek van SVO naar NWO.

Artikel 3

De commissie wordt ingesteld met ingang van 1 maart 2009 en wordt opgeheven op 1 juni 2009.

Artikel 4

De commissie verstrekt aan de minister desgevraagd de door hem gewenste inlichtingen.

Artikel 5

1.

Tot leden van de commissie worden benoemd:

a. a. de heer Gaby Hostens, tevens voorzitter, b. b. de heer dr. Jules Peschar, c. c. de heer dr. Frans de Vijlder, d. d. mevrouw drs. Simone Walvisch.

2. De commissie wordt bijgestaan door een secretaris. De secretaris wordt aangewezen door de minister. De secretaris is geen lid van de commissie.

3. De benoeming geschiedt voor de duur van de commissie.

4. Bij tussentijds vertrek van een lid kan de minister een ander lid benoemen.

Artikel 6

1. De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.

2. De commissie kan zich door andere personen doen bijstaan voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is, waaronder, op persoonlijke titel, ambtelijke deskundigen.

Artikel 7

De commissie brengt vóór 1 juni 2009 haar eindrapport uit aan de minister.

Artikel 8

1. De voorzitter en de andere leden van de commissie ontvangen een vaste vergoeding op grond van artikel 2 van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies.

2. De vergoeding voor de voorzitter bedraagt € 14.400 in totaal.

3. De vergoeding voor de andere leden bedraagt € 6.600 per persoon in totaal.

4. De voorzitter en andere leden van de commissie ontvangen een vergoeding van reis- en verblijfkosten op de voet van het Reisbesluit Binnenland, het Reisbesluit Buitenland en de Reisregeling Buitenland. Deze vergoeding wordt door de secretaris van de commissie afgehandeld.

Artikel 9

1. De kosten van de commissie komen, voor zover goedgekeurd, voor rekening van de minister. Onder kosten worden in ieder geval verstaan de kosten voor vergaderingen, secretariële ondersteuning en de productie van het rapport.

2. De commissie biedt zo spoedig mogelijk na haar instelling een begroting en een planning ter goedkeuring aan de minister aan.

Artikel 10

Bij het eindrapport legt de commissie tevens rekening en verantwoording af.

Artikel 11

Rapporten, notities, verslagen en andere producten die door of namens de commissie worden vervaardigd, worden niet door de commissie openbaar gemaakt maar uitsluitend aan de minister uitgebracht.

Artikel 12

De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden de bescheiden betreffende deze werkzaamheden over aan het archief van de directie Concernondersteuning van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 13

1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst, en werkt terug tot en met 1 maart 2009.

2. Dit besluit vervalt met ingang van 1 oktober 2009.

Artikel 14

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Commissie Externe Evaluatie NWO/PROO.