rijk/ministeriele-regeling/instellingsbesluit-commissie-leraren/BWBR0022425
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Instellingsbesluit commissie Leraren BWBR0022425 ministeriele-regeling geldend 2007-08-26 https://wetten.overheid.nl/BWBR0022425 Instellingsbesluit commissie Leraren

Instellingsbesluit commissie Leraren

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a. Minister: de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

b. b. commissie: de commissie, bedoeld in artikel 2.

Artikel 2

1. Er is een commissie Leraren.

2.

De commissie heeft tot taak te komen tot een rapport waarin zij de Minister adviseert over drie themas:

  1. 1.  de aanpak van het lerarentekort;
  2. 2.  de positie van de leraar;
  3. 3.  de kwaliteit van de leraar.

Artikel 3

De commissie wordt ingesteld met ingang van 1 mei 2007 en opgeheven per 1 oktober 2007.

Artikel 4

De commissie verstrekt aan de Minister gevraagd en ongevraagd de door hem gewenste inlichtingen.

Artikel 5

1.

Tot leden van de commissie worden benoemd:

a. a. de heer dr. A.H.G. Rinnooy Kan, tevens voorzitter, b. b. mevrouw. drs. A.C. van Es; c. c. de heer prof.dr. A.M.L. van Wieringen; d. d. mevrouw prof. dr. M.C. van der Wende; e. e. de heer prof. dr. M.J.M. Vermeulen; f. f. mevrouw F. ter Wal; g. g. de heer R.G. Hoffman; h. h. mevrouw drs. A.M.E. Kil-Albersen i. i. de heer M. Daher j. j. de heer F.H. Frantzen

2. In het secretariaat wordt voorzien door de Minister.

3. De benoeming geschiedt voor de duur van de commissie.

Artikel 6

1. De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.

2. De commissie kan zich door andere personen doen bijstaan voor zover dat voor de invulling van haar taak nodig is, onder wie, op persoonlijke titel, ambtelijke deskundigen.

Artikel 7

De commissie brengt na de zomer haar eindrapport uit aan de Minister.

Artikel 8

1. Aan de voorzitter van de commissie wordt in plaats van vacatiegeld een vaste beloning ten bedrage van euro 6.000 zijnde 14,2 % van de jaarwedde, bedoeld in artikel 3, tweede lid, van het Vacatiegeldenbesluit 1988, voor 5 maanden toegekend.

2. Aan de leden van de commissie wordt in plaats van vacatiegeld een vaste beloning ten bedrage van euro 5.000 zijnde 11,8 % van de jaarwedde, bedoeld in artikel 3, tweede lid, van het Vacatiegeldenbesluit 1988, voor 5 maanden toegekend.

Artikel 9

1.

De kosten van de commissie komen, voor zover goedgekeurd, voor rekening van de Minister. Onder kosten worden in ieder geval verstaan:

a. a. de kosten voor vergaderingen en voor secretariële ondersteuning, b. b. de kosten voor het inschakelen van externe deskundigheid en het laten verrichten van onderzoek, en c. c. de kosten voor publicatie van rapportages.

2. De commissie biedt zo spoedig mogelijk na haar instelling een begroting en een planning aan de Minister aan.

Artikel 10

De commissie biedt de Minister een verslag aan waarin verantwoording wordt gedaan over de activiteiten van het jaar 2007.

Artikel 11

Een ieder die betrokken is geweest bij de werkzaamheden van de commissie en daarbij de beschikking krijgt over de gegevens waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding daarvan, behoudens voor zover enig wettelijk voorschrift hem tot bekendmaking verplicht of uit zijn taak op grond van dit besluit, de noodzaak tot bekendmaking voortvloeit.

Artikel 12

Rapporten, notities, verslagen en andere producten welke door of namens de commissie worden vervaardigd, worden niet door de commissie openbaar gemaakt, maar uitsluitend aan de Minister uitgebracht.

Artikel 13

De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden of, zo de omstandigheden daartoe aanleiding geven, zoveel eerder, de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van de directie Arbeidsmarkt en Personeelsbeleid (het programma Onderwijspersoneel) van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 14

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 mei 2007.

Artikel 15

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit commissie Leraren.