rijk/ministeriele-regeling/instellingsbesluit-evaluatiecommissie-koninklijke-nederlandse-akademie-van-weten/BWBR0022660
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Instellingsbesluit Evaluatiecommissie Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen BWBR0022660 ministeriele-regeling geldend 2007-10-24 https://wetten.overheid.nl/BWBR0022660 Instellingsbesluit Evaluatiecommissie Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen

Instellingsbesluit Evaluatiecommissie Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a. Minister: de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, b. b. KNAW: de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen c. c. Evaluatiecommissie: de Evaluatiecommissie Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen.

Artikel 2

1. Er is een Evaluatiecommissie Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen

2. De Evaluatiecommissie heeft tot taak om de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen op hoofdlijnen te evalueren op de rollen die zij vervult in en voor het Nederlandse wetenschapsbestel, en op haar effectiviteit en doelmatigheid in de vervulling van haar taken. De commissie neemt in haar beschouwing mee: de uitkomsten van de evaluatie uit 1997, de reactie van de KNAW daarop en de reactie van de minister op de brief van de KNAW.

3. De Evaluatiecommissie biedt de minister haar bevindingen aan.

Artikel 3

De Evaluatiecommissie wordt ingesteld met ingang van heden en wordt opgeheven uiterlijk per 1 januari 2008.

Artikel 4

De Evaluatiecommissie verstrekt aan de minister desgevraagd de voor de uitoefening van zijn taak benodigde inlichtingen.

Artikel 5

1.

Tot leden van de Evaluatiecommissie worden benoemd:

a. a. mw.prof.dr. L.J. Gunning-Schepers, als voorzitter, b. b. prof.dr. E.M. Meijer, c. c. drs. J.G.F. Veldhuis, d. d. prof.dr. F.J.H. Don.

2. De benoeming geschiedt voor de duur van de Evaluatiecommissie.

Artikel 6

1. De Evaluatiecommissie stelt haar eigen werkwijze vast.

2. De Evaluatiecommissie kan zich door andere personen doen bijstaan voorzover dat voor de vervulling van haar taak nodig is.

Artikel 7

De Evaluatiecommissie brengt vóór 1 januari 2008 haar eindrapport uit aan de minister.

Artikel 8

Alleen die leden die geen functie ten behoeve van de KNAW uitoefenen en die leden die geen ambtenaar zijn, ontvangen per vergadering een beloning op basis van het Vacatiegeldenbesluit 1988 en de daarop gebaseerde voor het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap geldende bepalingen, waarbij de Evaluatiecommissie als algemene commissie in de zin van het Vacatiegeldenbesluit 1988 wordt aangemerkt.

Artikel 9

Indien de Evaluatiecommissie ten behoeve van haar werk deskundigen raadpleegt waaraan kosten zijn verbonden, dient voor vergoeding van deze kosten vooraf door de minister goedkeuring te zijn verleend.

Artikel 10

1.

De kosten van de Evaluatiecommissie komen, voor zover goedgekeurd, voor rekening van de minister.

Onder kosten worden in ieder geval verstaan:

a. a. de kosten voor vergaderingen en secretariële ondersteuning, b. b. de kosten voor het inschakelen van externe deskundigheid en het laten verrichten van onderzoek, en c. c. de kosten voor publicatie van rapportages.

2. De Evaluatiecommissie biedt zo spoedig mogelijk na haar instelling een begroting en een planning aan de minister aan.

Artikel 11

1. De Evaluatiecommissie biedt de minister voor 1 maart 2008 een eindverslag aan waarin verslag wordt gedaan over de activiteiten van de periode dat de Evaluatiecommissie werkzaam is geweest;

2. Bij het eindverslag legt de Evaluatiecommissie rekening en verantwoording af. Een en ander onder overlegging van een verklaring van een registeraccountant als bedoeld in artikel 393 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

Artikel 12

1. De Evaluatiecommissie neemt geheimhouding in acht ten aanzien van alle informatie die in het kader van dit besluit bekend wordt en waarvan het karakter als vertrouwelijk is aan te merken.

2. De Evaluatiecommissie zorgt ervoor dat door een ieder die betrokken is bij de werkzaamheden van de Evaluatiecommissie, geheimhouding in acht wordt genomen ten aanzien van alle informatie die in het kader van dit besluit bekend wordt en waarvan het karakter als vertrouwelijk is aan te merken.

Artikel 13

Rapporten, notities, verslagen en andere producten welke door of namens de Evaluatiecommissie worden vervaardigd, worden niet door de Evaluatiecommissie openbaar gemaakt, maar uitsluitend aan de minister uitgebracht.

Artikel 14

De Evaluatiecommissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden of, zo de omstandigheden daartoe aanleiding geven, zoveel eerder als nodig is, de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van de directie Onderzoek en Wetenschapsbeleid (OWB) van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 15

1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant, waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met de dag van tekening.

2. Dit besluit vervalt met ingang van 1 januari 2008.

Artikel 16

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Evaluatiecommissie Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen.