rijk/ministeriele-regeling/instellingsbesluit-taskforce-kindermishandeling-en-seksueel-misbruik/BWBR0031974
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Instellingsbesluit Taskforce kindermishandeling en seksueel misbruik BWBR0031974 ministeriele-regeling geldend 2012-09-12 https://wetten.overheid.nl/BWBR0031974 Instellingsbesluit Taskforce kindermishandeling en seksueel misbruik

Instellingsbesluit Taskforce kindermishandeling en seksueel misbruik

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a.

    *Taskforce:* de Taskforce kindermishandeling en seksueel misbruik, bedoeld in artikel 2;

b. b.

    *Actieplan:* het Actieplan aanpak kindermishandeling 20122016 Kinderen Veilig;

c. c.

    *kindermishandeling:* kindermishandeling als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet;

d. d.

    *de Ministers:* de Minister van Veiligheid en Justitie en de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Artikel 2

Er is een Taskforce kindermishandeling en seksueel misbruik.

Artikel 3

De Taskforce heeft tot taak:

a. a. toe te zien op de uitvoering van het Actieplan; b. b. het aanjagen en agenderen van de acties uit het Actieplan; c. c. te ondersteunen bij de uitvoering van de speerpunten in de aanpak van kindermishandeling en seksueel misbruik; d. d. het initiëren en stimuleren van activiteiten die bijdragen aan een gevoel van urgentie en verantwoordelijkheidsbesef in de samenleving om kindermishandeling tegen te gaan.

Artikel 4

1. De Taskforce bestaat uit een voorzitter en ten hoogste negen overige leden.

2. De voorzitter en overige leden worden door de Ministers benoemd voor ten hoogste drie jaar. Herbenoeming is mogelijk.

3. De voorzitter en overige leden worden benoemd op grond van de deskundigheid die nodig is voor een goede vervulling van de in artikel 3 genoemde taken.

4. De Taskforce kan zich op onderdelen van haar taak laten bijstaan door personen van zowel binnen als buiten de overheid, van wie de deskundige inbreng van belang kan zijn voor haar werkzaamheden. Zij zal onder andere gebruik maken van de expertise van de als waarnemer aan de Taskforce verbonden Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen kinderen.

Artikel 5

1. De Ministers ontslaan de voorzitter en overige leden op eigen verzoek.

2. De voorzitter en overige leden kunnen tevens door de Ministers worden ontslagen wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden.

Artikel 6

De Ministers voorzien in de ondersteuning van de Taskforce.

Artikel 7

1. De Taskforce brengt twee maal per jaar verslag uit aan de Ministers over de voortgang van zijn werkzaamheden. Daarnaast stelt de Taskforce twee maal per jaar aan de Ministers een overzicht beschikbaar dat inzicht verschaft in de voortgang van de acties uit het Actieplan.

2. De Taskforce evalueert medio 2014 zijn werkzaamheden. Het evaluatieverslag wordt uiterlijk 1 oktober 2014 aan de Ministers gezonden.

Artikel 8

    ****De leden van de Taskforce, voor zover niet vallend onder de uitzondering van artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies, komen in aanmerking voor een vaste vergoeding per maand, gebaseerd op salarisschaal 17 van bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984 en een arbeidsduurfactor van 0,0327.
    1. De vergoeding, bedoeld in het eerste lid, wordt verstrekt overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies.

Artikel 9

De archiefbescheiden van de Taskforce worden na zijn opheffing of, zo de omstandigheden daartoe eerder aanleiding geven, zoveel eerder, overgebracht naar het archief van het Ministerie van Veiligheid en Justitie.

Artikel 10

Het Instellingsbesluit stuurgroep aanpak kindermishandeling wordt ingetrokken.

Artikel 11

1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst

2. Dit besluit vervalt met ingang van 1 januari 2017.

Artikel 12

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Taskforce kindermishandeling en seksueel misbruik.