rijk/ministeriele-regeling/mandaatbesluit-dienst-justis-2019/BWBR0043958
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Mandaatbesluit Dienst Justis 2019 BWBR0043958 ministeriele-regeling geldend 2020-07-29 https://wetten.overheid.nl/BWBR0043958 Mandaatbesluit Dienst Justis 2019

Mandaatbesluit Dienst Justis 2019

Artikel 1

Van het ingevolge artikel 1, aanhef en onder f, van het Mandaatbesluit hoofden taakorganisaties Ministerie van Justitie en Veiligheid aan de algemeen directeur Dienst Justis verleende ondermandaat wordt ten aanzien van de aangelegenheden die hun dienstonderdeel betreffen ondermandaat verleend aan:

a. a. de plaatsvervangend directeur; b. b. de afdelingsmanagers van de lijnorganisatie:

      1°
      de afdelingsmanager Verlening en Toetsing (V&T);
    
    
      2°
      de afdelingsmanager Centraal Orgaan Verklaring Omtrent het Gedrag (COVOG);
    
    
      3°
      de afdelingsmanager Bevordering integriteitsbeoordeling door het Openbaar Bestuur (BIBOB);
    
    
      4°
      de afdelingsmanager Toezicht Rechtspersonen, Analyse, Controle en Kennisgeving (TRACK);
    
    
      5°
      de afdelingsmanager Klant Contact Centrum (KCC).

1° 1° de afdelingsmanager Verlening en Toetsing (V&T); 2° 2° de afdelingsmanager Centraal Orgaan Verklaring Omtrent het Gedrag (COVOG); 3° 3° de afdelingsmanager Bevordering integriteitsbeoordeling door het Openbaar Bestuur (BIBOB); 4° 4° de afdelingsmanager Toezicht Rechtspersonen, Analyse, Controle en Kennisgeving (TRACK); 5° 5° de afdelingsmanager Klant Contact Centrum (KCC). c. c. de afdelingsmanagers van de staforganisatie:

      1°
      de afdelingsmanager Juridische Zaken en Uitvoeringsbeleid (JZU);
    
    
      2°
      de afdelingsmanager Stafbureau, Innovatie en Organisatie (SIO);
    
    
      3°
      de afdelingsmanager Control, Kwaliteit en Auditing (CKA);
    
    
      4°
      de afdelingsmanager Informatievoorziening (IV).

1° 1° de afdelingsmanager Juridische Zaken en Uitvoeringsbeleid (JZU); 2° 2° de afdelingsmanager Stafbureau, Innovatie en Organisatie (SIO); 3° 3° de afdelingsmanager Control, Kwaliteit en Auditing (CKA); 4° 4° de afdelingsmanager Informatievoorziening (IV).

Artikel 2

Als bevoegd gezag als bedoeld in het Algemeen Rijksambtenarenreglement, worden aangewezen de ambtenaren, genoemd in kolom 1 van bijlage 1 bij dit besluit, voor zover het betreft de uitoefening van de bevoegdheden, vermeld in kolom 2 van die bijlage.

Artikel 3

Als bevoegd om te beschikken over bedragen voor het aangaan van verplichtingen en voor het verrichten van uitgaven, worden aangewezen de ambtenaren, genoemd in kolom 1 van bijlage 2 bij dit besluit voor zover het betreft de bedragen, genoemd in kolom 2 van die bijlage.

Artikel 4

Aan de algemeen directeur dienst Justis blijft voorbehouden de bevoegdheid tot inhuur van interim-management, organisatie- en formatieadvies, communicatieadvies en beleidsadvies.

Artikel 5

Als bevoegd, in verband met de uitvoering van de Garantstellingsregeling Curatoren 2012, worden aangewezen de ambtenaren, genoemd in kolom 1 van bijlage 3 bij dit besluit voor zover het betreft de bedragen, genoemd in kolom 2 van die bijlage, tot:

    1. het aangaan van een overeenkomst tot het garantstellen in een faillissement;
    1. het verhogen van het bedrag waarvoor de garantstelling is aangegaan door middel van een addendum bij de overeenkomst onder 1 genoemd;
    1. het besluit tot uitbetalen van het geheel of een deel van de garantstelling bij de afwikkeling van het faillissement.

Artikel 6

1. De algemeen directeur Dienst Justis wordt bij afwezigheid vervangen door de plaatsvervangend directeur genoemd in artikel 1, onder a.

2. De afdelingsmanagers genoemd in artikel 1, onder b, kunnen elkaar bij afwezigheid wederzijds vervangen.

3. De afdelingsmanagers genoemd in artikel 1, onder c, kunnen elkaar bij afwezigheid wederzijds vervangen.

Artikel 7

Het mandaatbesluit Dienst Justis, het mandaatbesluit sector Bedrijfsvoering en Uitvoeringsbeleid Dienst Justis en het mandaatbesluit sector Productie Dienst Justis, worden ingetrokken.

Artikel 8

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot 1 oktober 2019.

Artikel 9

Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaatbesluit Dienst Justis 2019.

Dit besluit wordt met de toelichting in de Staatscourant geplaatst. Bijlagen 1, 2 en 3 bij dit besluit liggen bij de Dienst Justis ter inzage.

Bijlage 1. behorend bij

De ambtenaren bij wie in kolom 2 de letter A is geplaatst, zijn, onverminderd artikel 4 van dit besluit bevoegd tot uitoefening van alle bevoegdheden die in of krachtens het Algemeen Rijksambtenarenreglement (ARAR) aan het bevoegd gezag zijn toegekend.

De ambtenaren bij wie in kolom 2 de letter B is geplaatst, zijn, onverminderd artikel 4 van dit besluit bevoegd tot uitoefening van alle bevoegdheden die in of krachtens het ARAR aan het bevoegd gezag zijn toegekend, met uitzondering van de bevoegdheden tot aanstelling (hoofdstuk II, paragraaf 2, ARAR), het opleggen van disciplinaire straffen (artikel 80, derde lid en artikel 81van het ARAR) en ontslag (artikel 93en ook 94 t/m 99 van het ARAR), alsmede het nemen van besluiten over de toekenning van een persoonsgebonden dienstauto.

Bijlage 2. behorend bij

De ambtenaren genoemd in kolom 1 zijn bevoegd in overeenstemming met artikel 3 Regeling financieel beheer van het Rijk tot het aangaan van verplichtingen en het doen van uitgaven.

Indien in kolom 2 een bedrag is opgenomen betreft dit het maximumbedrag waarvoor de ambtenaar telkens een verplichting of uitgave mag doen. Indien in kolom 2 geen bedrag is opgenomen, geldt geen maximumbedrag.

Bijlage 3. behorend bij

De ambtenaren genoemd in kolom 1 zijn bevoegd in overeenstemming met de Garantstellingsregeling Curatoren 2012 tot het aangaan van verplichtingen en het doen van uitgaven.

Indien in kolom 2 een bedrag is opgenomen betreft dit het maximumbedrag waarvoor de functionaris telkens een verplichting of uitgave mag doen. Indien in kolom 2 geen bedrag is opgenomen, geldt geen maximumbedrag.