40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Mandaatbesluit directeur-generaal DJI 2026 | BWBR0052143 | ministeriele-regeling | geldend | 2026-01-16 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0052143 | Mandaatbesluit directeur-generaal DJI 2026 |
Mandaatbesluit directeur-generaal DJI 2026
Artikel 1
Van het ingevolge artikel 1 van het Mandaatbesluit hoofden taakorganisaties Ministerie van Justitie en Veiligheid aan de directeur-generaal van de baten-lastendienst Dienst Justitiële Inrichtingen verleende ondermandaat wordt ten aanzien van de aangelegenheden die hun portefeuille of dienstonderdeel betreffen ondermandaat verleend aan:
a. a. het lid dienstleiding verantwoordelijk voor het Gevangeniswezen, Vreemdelingenbewaring en Veiligheid en Vervoer en Ondersteuning; b. b. het lid dienstleiding verantwoordelijk voor Forensische zorg, Jeugd en Zorg; c. c. het lid dienstleiding verantwoordelijk voor Bedrijfsvoering en Innovatie; d. d. de directeur Individuele Zaken; e. e. de directeur Control en Financiën; f. f. de directeur van de Dienst Geestelijke Verzorging; g. g. de directeur Bestuursondersteuning en Strategie.
Artikel 2
1. Aan de ambtenaren, genoemd in kolom 1 van bijlage 1 bij dit besluit, wordt volmacht verleend om op te treden als leidinggevende in de zin van paragraaf 1.3 van de CAO Rijk voor zover het betreft de uitoefening van de bevoegdheden, vermeld in kolom 2 van die bijlage.
2. Als bevoegd om te beschikken over bedragen voor het aangaan van verplichtingen en voor het verrichten van uitgaven, worden aangewezen de ambtenaren, genoemd in kolom 1 van bijlage 2 bij deze regeling voor zover het betreft de bedragen, genoemd in kolom 2 van die bijlage.
Artikel 3
1.
Aan de directeur-generaal Dienst Justitiële Inrichtingen blijft voorbehouden:
a. a. de bevoegdheid tot inhuur van interim-management, organisatie- en formatieadvies, communicatieadvies en beleidsadvies; b. b. de bevoegdheid voor het verstrekken van reisopdrachten aan functionarissen naar het buitenland; c. c. de bevoegdheid om te besluiten tot een belangrijke wijziging in de organisatie van het hoofdkantoor en van DJI als geheel, dan wel in de verdeling van bevoegdheden in het hoofdkantoor en binnen DJI als geheel.
Artikel 4
De directeur-generaal Dienst Justitiële Inrichtingen wordt bij afwezigheid vervangen door een lid van de dienstleiding.
Artikel 5
Het Mandaatbesluit directeur-generaal DJI en het Mandaatbesluit plaatsvervangend directeur-generaal DJI worden ingetrokken.
Artikel 6
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2026.
Artikel 7
Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaatbesluit directeur-generaal DJI 2026.
Bijlage 1. behorend bij
De functionarissen bij wie in kolom 2 de letter A is geplaatst zijn, onverminderd artikel 3 van het mandaatbesluit directeur-generaal DJI, bevoegd tot uitoefening van alle bevoegdheden die in of krachtens de CAO Rijk aan de leidinggevende zijn toegekend.
De functionarissen bij wie in kolom 2 de letter B is geplaatst zijn, onverminderd 3 van het mandaatbesluit directeur-generaal DJI, bevoegd tot uitoefening van alle bevoegdheden die in of krachtens de CAO Rijk aan de leidinggevende zijn toegekend, met uitzondering van de bevoegdheden tot het aangaan van een arbeidsovereenkomst, het opleggen van disciplinaire straffen en ordemaatregelen en beëindigen van een arbeidsovereenkomst, alsmede het nemen van beslissingen over de toekenning van een persoonsgebonden dienstauto.
Bijlage 2. behorend bij
De functionarissen genoemd in kolom 1 zijn bevoegd in overeenstemming met artikel 3.3 en artikel 4.6 lid 1 van van de Comptabiliteitswet 2016 tot het aangaan van verplichtingen en het doen van uitgaven.
Indien in kolom 2 een bedrag is opgenomen betreft dit het maximumbedrag waarvoor de functionaris telkens een verplichting mag aangaan of een uitgave mag doen.