40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Onderlinge regeling Nederland en Curaçao ex artikel 38, eerste lid, Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden (verdeling opbrengsten octrooibestel) | BWBR0045980 | ministeriele-regeling | geldend | 2021-12-03 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0045980 | Onderlinge regeling Nederland en Curaçao ex artikel 38, eerste lid, Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden (verdeling opbrengsten octrooibestel) |
Onderlinge regeling Nederland en Curaçao ex artikel 38, eerste lid, Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden (verdeling opbrengsten octrooibestel)
Artikel 1
In deze onderlinge regeling wordt verstaan onder:
- BIP Curaçao: het Bureau voor de Intellectuele Eigendom van Curaçao;
- Europees octrooi: een Europees octrooi als bedoeld in artikel 1 van de wet;
- Europees Octrooibureau: orgaan van de Europese Octrooiorganisatie, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van het Europees Octrooiverdrag;
- Europees Octrooiverdrag: het op 5 oktober 1973 te München tot stand gekomen Verdrag inzake de verlening van Europese octrooien, bedoeld in artikel 1 van de wet;
- Octrooicentrum Nederland: het bureau, bedoeld in artikel 1 juncto artikel 15 van de wet;
- wet: de Rijksoctrooiwet 1995.
Artikel 2
Opbrengsten in de zin van deze onderlinge regeling zijn de door Octrooicentrum Nederland op grond van artikel 61 van de wet ontvangen instandhoudingstaksen, verminderd met de afdracht van instandhoudingstaksen aan het Europees Octrooibureau op grond van artikel 39 van het Europees Octrooiverdrag.
Artikel 3
1. De opbrengsten, bedoeld in artikel 2, worden te rekenen vanaf 10 oktober 2010 verdeeld tussen Nederland, Curaçao en Sint Maarten.
2. De huidige verdeelsleutel van de opbrengsten bedraagt 98,8% voor Nederland en 0,96% voor Curaçao en 0,24% voor Sint Maarten geldt tot uiterlijk 31 december 2020. De nieuwe verdeelsleutel die vanaf 1 januari 2021 zal gelden tussen Nederland en Curaçao, dient zo spoedig mogelijk te zijn overeengekomen. In het geval er op 1 januari 2021 geen nieuwe verdeelsleutel is overeengekomen dan zal de verdeling en betaling worden voortgezet op basis van de tot 31 december 2020 geldende verdeelsleutel tot dat een nieuwe verdeelsleutel is overeengekomen.
3. Na de vaststelling van de nieuwe verdeelsleutel worden de verschillen verrekend.
Artikel 4
1. Octrooicentrum Nederland is belast met de verdeling van de opbrengsten en met de betaling aan BIP Curaçao van het aan Curaçao toekomende aandeel, overeenkomstig de verdeelsleutel die in artikel 3 is vastgesteld.
2. De verdeling vindt plaats op basis van de opbrengsten, zoals die, met inachtneming van artikel 2, zijn opgenomen in de verantwoording die Octrooicentrum Nederland maandelijks aan de Minister van Economische Zaken aflegt over de uitoefening van zijn taken en bevoegdheden op grond van de wet en het Uitvoeringsbesluit Rijksoctrooiwet 1995.
3. Octrooicentrum Nederland stelt de hoogte van de aandelen vast door de opbrengsten telkens na afloop van elke maand te vermenigvuldigen met de verdeelsleutel, bedoeld in artikel 3.
4. De vaststelling van de aandelen is definitief, tenzij een controle ingevolge artikel 5 aanleiding geeft tot herziening.
5. De betaling aan BIP Curaçao geschiedt telkens binnen 30 dagen na afloop van de desbetreffende maand door bijschrijving op rekeningnummer 130211701 bij de Maduro & Curiel’s Bank N.V. te Curaçao ten name van Bureau Intellectual Property, onder vermelding van de maand waarop de betaling betrekking heeft.
6. Voor te laat gedane betalingen vergoedt Octrooicentrum Nederland aan BIP Curaçao de op Curaçao van toepassing zijnde wettelijke rente die samengesteld wordt berekend van het verschuldigde bedrag voor iedere maand dat de betaling is verschuldigd, te rekenen vanaf de eerste dag na de 30 dagen, bedoeld in het vijfde lid.
7. Over het totaal bedrag van de opbrengsten van 1 januari 2014 tot en met 31 december 2020 wordt eenmalig een rente vergoed van 13%. Dit komt neer op een door BIP Curaçao te ontvangen totaal bedrag van 3.019.462. Euro. Over de opbrengsten van het jaar 2021 wordt een rente vergoed van 3%, voor zover betaling ten aanzien van het jaar 2021 geschiedt na 31 december 2021.
Artikel 5
1. De Auditdienst van het Rijk toetst de financiële verantwoording van Octrooicentrum Nederland aan de toepasselijke wet- en regelgeving. De opbrengsten maken onderdeel uit van de controle door de Auditdienst van het Rijk.
2. De Minister van Economische Zaken en Klimaat van Nederland stuurt aan het begin van elk kalenderjaar, uiterlijk vóór 1 april, aan BIP Curaçao een door de Auditdienst van het Rijk of een in overleg met BIP Curaçao te bepalen externe register accountant opgestelde certificering van de opbrengsten van het octrooibestel die de basis vormen voor de verdeling. De kosten van deze certificering komen voor rekening van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat van Nederland.
3. Octrooicentrum Nederland verstrekt na afloop van elke maand aan BIP Curaçao een overzicht uit het administratiesysteem van Octrooicentrum Nederland van zowel de Europese als de nationale octrooiopbrengsten waaruit van de desbetreffende maand ontvangen en afgedragen instandhoudingstaksen blijken, alsmede een toelichting die aangeeft hoe de bedragen van deze opbrengsten zijn samengesteld en opgebouwd. BIP Curaçao kan naar aanleiding van deze documenten vragen stellen die door het Octrooicentrum Nederland voortvarend zullen worden beantwoord.
4. De Minister van Justitie van Curaçao en BIP Curaçao hebben het recht de in het eerste, tweede en derde lid bedoelde verantwoording eenmaal per kalenderjaar over het dan afgelopen kalenderjaar door een door hen aan te wijzen externe accountant te doen controleren.
5. Octrooicentrum Nederland is het aanspreekpunt voor de in het vierde lid bedoelde externe accountant.
6. De kosten voor de in het vierde lid bedoelde controle komen voor rekening van degene die daartoe opdracht heeft gegeven.
Artikel 6
Deze onderlinge regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van ondertekening, en werkt terug tot en met 10 oktober 2010.
Artikel 7
Binnen een maand na ondertekening wordt de tekst van deze onderlinge regeling in de Staatscourant en de Landscourant geplaatst.