rijk/ministeriele-regeling/onderwijsregeling-inburgering-nieuwkomers-1998/BWBR0009005
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998 BWBR0009005 ministeriele-regeling geldend 1997-11-22 https://wetten.overheid.nl/BWBR0009005 Onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998

Onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. a. minister: de minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen; b. b. wet: de Wet educatie en beroepsonderwijs; c. c. bekostigingsbesluit: het Bekostigingsbesluit welzijnsbeleid; d. d. welzijnsregeling: de Welzijnsregeling inburgering nieuwkomers; e. e. educatieve component: de inburgering, bedoeld in artikel 2.3.1, eerste lid, derde volzin, van de wet, die wordt verzorgd door een instelling; f. f. welzijnscomponent: de welzijnscomponent van het inburgeringsprogramma, bedoeld in artikel 6 van de welzijnsregeling; g. g. instelling: een instelling als bedoeld in artikel 1.3.1, eerste lid, van de wet; h. h. inburgeringsovereenkomst: een schriftelijk document als bedoeld in artikel 52, derde lid, onder b, van het bekostigingsbesluit; i. i. overeenkomst: een overeenkomst als bedoeld in artikel 4, eerste lid; j. j. onderwijsovereenkomst: een overeenkomst als bedoeld in artikel 3, eerste lid; k. k. nieuwkomer: de persoon die naar het oordeel van de gemeente van eerste huisvesting het risico loopt in een achterstandspositie te geraken en die behoort tot de groep personen:

      1.
      die met toepassing van artikel 15, eerste lid, van de Vreemdelingenwet als vluchteling zijn toegelaten;
    
    
      2.
      wier verzoek om toelating als vluchteling is afgewezen, onder verlening, gelijktijdig of nadien, van een vergunning tot verblijf op humanitaire gronden als bedoeld in artikel 9 van de Vreemdelingenwet, zonder dat daaraan beperkingen zijn verbonden;
    
    
      3.
      aan wie een voorwaardelijke vergunning tot verblijf als bedoeld in artikel 9a van de Vreemdelingenwet is verleend; 
    
    
      4.
      die gezinshereniger of -vormer is als bedoeld in artikel 9 van de Vreemdelingenwet, of 5. die Nederlander en afkomstig van de Nederlandse Antillen of Aruba is;
    1. die met toepassing van artikel 15, eerste lid, van de Vreemdelingenwet als vluchteling zijn toegelaten;
      
    1. wier verzoek om toelating als vluchteling is afgewezen, onder verlening, gelijktijdig of nadien, van een vergunning tot verblijf op humanitaire gronden als bedoeld in artikel 9 van de Vreemdelingenwet, zonder dat daaraan beperkingen zijn verbonden;
      
    1. aan wie een voorwaardelijke vergunning tot verblijf als bedoeld in artikel 9a van de Vreemdelingenwet is verleend;
      
    1. die gezinshereniger of -vormer is als bedoeld in artikel 9 van de Vreemdelingenwet, of 5. die Nederlander en afkomstig van de Nederlandse Antillen of Aruba is;
      

l. l. nieuwkomer-deelnemer: de nieuwkomer van 18 jaar of ouder, die deelnemer is als bedoeld in artikel 8.1.1, eerste juncto zesde lid, van de wet en die op grond van een overeenkomst binnen een termijn van uiterlijk 4 maanden na eerste huisvesting, in 1998 een onderwijsovereenkomst heeft gesloten, of, voor zover naar het oordeel van de gemeente van eerste huisvesting redelijkerwijs sprake is van zwaarwegende omstandigheden, gelegen in de persoon van de nieuwkomer, binnen een termijn van uiterlijk 10 maanden na eerste huisvesting, in 1998 een onderwijsovereenkomst heeft gesloten; m. m. toets: de in opdracht van de minister aangewezen toets, bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder b; n. n. examen: het examen, bedoeld in het Staatsexamenbesluit Nederlands als tweede taal, afgenomen volgens programma I of programma II; o. o. gemeente: een gemeente als bedoeld in artikel 2, eerste lid, dan wel de in artikel 2, derde lid, bedoelde gemeente of publiekrechtelijke rechtspersoon; p. p. geraamde aantal nieuwkomers: het in kolom a van de in de bijlage bij deze regeling opgenomen aantal nieuwkomers per gemeente; q. q. rijksbijdrage: de rijksbijdrage, bedoeld in artikel 2.3.1, eerste lid, derde volzin, van de wet; r. r. welzijnsuitkering: de uitkering op grond van de welzijnsregeling.

Artikel 2

1. De minister maakt aan de gemeenten in november 1997 bekend welke rijksbijdrage voor de gemeenten voor het jaar 1998 wordt verstrekt. De minister verstrekt de rijksbijdrage in 1998 aan de gemeenten, vermeld in de bijlage bij deze regeling, op grond van het geraamde aantal nieuwkomers van de gemeente. De rijksbijdrage wordt uitgekeerd volgens een door de minister te bepalen kasritme.

2. De rijksbijdrage bedraagt ƒ 8.185,24 voor elke geraamde nieuwkomer. De hoogte van de rijksbijdrage wordt in 1998 aangepast in verband met de toepasselijke algemene salaris- en andere maatregelen en in verband met de opslag in verband met werkloosheidsuitkeringen.

3. De gemeente kan in het jaar 1998 samenwerken met één of meer andere gemeenten door het gehele bedrag van de rijksbijdrage tezamen met één of meer andere gemeenten te besteden, indien tevens voor het gehele bedrag van de welzijnsuitkering gezamenlijke besteding plaatsvindt.

4. In geval van samenwerking als bedoeld in het derde lid, wijzen de samenwerkende gemeenten een gemeente aan die namens de samenwerkende gemeenten de rijksbijdrage ontvangt en verantwoordt. Deze gemeente draagt zorg voor de informatie, bedoeld in artikel 10.

5. In geval van samenwerking als bedoeld in het derde lid, ontvangt de minister uiterlijk op 1 december 1997 daarover een melding van de gemeenten die samenwerken, met inachtneming van het zesde en zevende lid.

6.

De melding bevat van de betrokken gemeenten:

a. a. de namen van de gemeenten die samenwerken, b. b. de naam van de gemeente, bedoeld in het vierde lid, en c. c. een verklaring van burgemeester en wethouders van iedere gemeente houdende machtiging tot ontvangst en verantwoording van de rijksbijdrage door de gemeente, bedoeld in het vierde lid.

7. Uitsluitend meldingen die voldoen aan de voorwaarden, bedoeld in het zesde lid, worden in behandeling genomen. In geval van een onvolledige melding stelt de minister de gemeente die de melding heeft verzorgd, in de gelegenheid het verzuim te herstellen.

8. De rijksbijdrage strekt tot vergoeding van de kosten van de educatieve component van de nieuwkomerdeelnemers van de gemeente in 1998, en kan voor zover deze niet wordt besteed aan de educatieve component, worden besteed aan de welzijnscomponent.

9. De rijksbijdrage kan, voorzover zij aantoonbaar niet kan worden besteed aan het aantal nieuwkomerdeelnemers van de gemeente in 1998, worden besteed aan educatie als bedoeld in artikel 2.3.1, eerste lid, tweede volzin, van de wet dan wel worden gereserveerd ten behoeve van een van de doeleinden, genoemd in het achtste lid.

10. De rijksbijdrage wordt verstrekt onder voorbehoud van goedkeuring van de beschikbare middelen door de begrotingswetgever.

Artikel 3

1. De gemeente draagt er zorg voor dat de educatieve component voor de nieuwkomers van de gemeente beschikbaar is en draagt tevens zorg voor het totstandkomen van een onderwijsovereenkomst tussen de nieuwkomer-deelnemer en de instelling.

2.

Op de onderwijsovereenkomst is artikel 8.1.3 van de wet van overeenkomstige toepassing. De onderwijsovereenkomst bevat voorts ten minste:

a. a. de datum waarop de nieuwkomer-deelnemer door het bevoegd gezag van de instelling is ingeschreven; b. b. een verplichting tot het afleggen door de nieuwkomer-deelnemer en het afnemen door de instelling van een toets waaruit het door de nieuwkomer-deelnemer bereikte niveau en de mogelijkheden voor vervolgopleidingen kunnen worden afgeleid en waarbij het niveau van de nieuwkomer-deelnemer wordt gemeten in relatie tot het niveau van de opleiding Nederlands als tweede taal I en II, bedoeld in artikel 7.3.1, eerste lid, onderdeel c, van de wet; c. c. de verplichting tot het verstrekken door de instelling van een document aan de nieuwkomer-deelnemer en de gemeente waaruit het in onderdeel b bedoelde niveau, de mogelijkheden voor vervolgopleidingen en het aantal lesuren dat de nieuwkomer-deelnemer heeft deelgenomen aan een opleiding Nederlands als tweede taal I en II, bedoeld onder b, blijken; d. d. de verplichting van de nieuwkomer-deelnemer tot het volgen van het op grond van de overeenkomst tussen gemeente en instelling in de inburgeringsovereenkomst overeengekomen onderwijs, met dien verstande dat de nieuwkomer-deelnemer van deze verplichting is ontheven indien de nieuwkomer-deelnemer naar het oordeel van de instelling het niveau van het examen heeft bereikt.

Artikel 4

1. De gemeente sluit ter uitvoering van de in artikel 3 bedoelde zorgplicht met één of meer instellingen een overeenkomst voor de educatieve activiteiten van de nieuwkomers die naar het oordeel van de gemeente in een achterstandssituatie dreigen te geraken.

2.

Op de overeenkomst is artikel 2.3.4, tweede lid, van de wet van overeenkomstige toepassing. Uit de overeenkomst blijkt tevens:

a. a. welk onderwijs de instelling ten behoeve van één of meer nieuwkomer-deelnemers verzorgt, met dien verstande dat dit onderwijs zal worden gebaseerd op een gemiddelde omvang van 600 uur per nieuwkomerdeelnemer; b. b. dat de instelling zich ertoe verplicht om de nieuwkomer-deelnemer binnen 1 jaar na de inschrijving in de gelegenheid te stellen de toets af te leggen; c. c. dat de instelling de gemeente zal informeren bij onvoldoende deelname van een nieuwkomer-deelnemer; d. d. de prijs van het tussen gemeente en instelling tevoren overeengekomen onderwijs; e. e. het aantal nieuwkomer-deelnemers waarmee een onderwijsovereenkomst kan worden gesloten; f. f. dat er sprake is van een verplichting tot registratie en informatie-uitwisseling tussen de instelling en de gemeente met betrekking tot de voor de goede uitvoering van deze regeling benodigde informatie over de inschrijving, de onderwijsovereenkomst, de studievoortgang, de aanwezigheid of onvoldoende deelname van de nieuwkomer-deelnemers, de door de nieuwkomerdeelnemers bij de instelling afgelegde toetsen, alsmede de behaalde examens.

Artikel 5

Vervallen

Artikel 6

Vervallen

Artikel 7

Vervallen

Artikel 8

Vervallen

Artikel 9

Vervallen

Artikel 10

Ten aanzien van de gemeente en ten aanzien van de instelling is het bij of krachtens artikel 2.3.6 van de wet bepaalde van toepassing.

Artikel 11

De gemeente werkt mee aan de door of namens de minister in te stellen onderzoeken naar de effecten van deze regeling.

Artikel 12

De gemeente verleent ten behoeve van het door de minister te voeren beleid met betrekking tot inburgering, aan de minister of een door hem aan te wijzen persoon volledige inzage in de boeken en bescheiden of informatie op andere informatiedragers, en geeft de minister of een door hem aan te wijzen persoon toegang tot de door de gemeente gebruikte plaatsen. Aan bedoelde persoon worden alle inlichtingen verstrekt die deze voor de uitvoering van zijn taak nodig oordeelt.

Artikel 13

De gemeente bewaart de boeken, bescheiden en informatie op andere informatiedragers die verband houden met de toepassing van deze regeling, gedurende tenminste 5 jaar na de datum waarop die toepassing heeft plaatsgevonden.

Artikel 14

Deze regeling zal met de daarbij behorende toelichting in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

Artikel 15

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 1998, met uitzondering van artikel 2, eerste, vijfde en zevende lid, dat in werking treedt met ingang van de derde dag na de datum van uitgifte van Uitleg OCenW-Regelingen, waarin deze regeling is geplaatst.

Artikel 16

Deze regeling wordt aangehaald als: Onderwijsregeling inburgering nieuwkomers 1998.

Bijlage