rijk/ministeriele-regeling/opkoopregeling-varkenshouderij-1998/BWBR0009657
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Opkoopregeling varkenshouderij 1998 BWBR0009657 ministeriele-regeling geldend 1998-05-31 https://wetten.overheid.nl/BWBR0009657 Opkoopregeling varkenshouderij 1998

Opkoopregeling varkenshouderij 1998

Paragraaf 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

1. In deze regeling wordt verstaan onder:

2. Bedrijven die gedeeltelijk gelegen zijn in gebied II, zijn voor de toepassing van deze regeling gelegen in gebied II; bedrijven die gedeeltelijk gelegen zijn in gebied I, maar niet in gebied II, zijn voor de toepassing van deze regeling gelegen in gebied I.

Artikel 2

1. De minister kan subsidie verlenen aan een bedrijf ter zake van de beëindiging op dat bedrijf van de productie van varkensmest.

2. Onder beëindiging als bedoeld in het eerste lid wordt verstaan de doorhaling, bedoeld in artikel 15 van het Besluit administratieve verplichtingen Meststoffenwet, van de ten aanzien van een bedrijf geregistreerde gegevens betreffende het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen en de registratie van de kennisgeving van het vervallen van het varkensrecht, bedoeld in artikel 30 van de Wet herstructurering varkenshouderij.

Paragraaf 2. Voorwaarden

Artikel 3

De subsidie kan slechts worden verleend aan bedrijven die blijkens de aangifte overschotheffing 1996 varkens hielden en die gelegen zijn in gebied I of in gebied II.

Artikel 4

Geen subsidie wordt verleend aan bedrijven ten aanzien waarvan op of na de datum waarop deze regeling wordt bekendgemaakt een kennisgeving van verplaatsing als bedoeld in artikel 9 van de wet met betrekking tot het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen is gedaan.

Artikel 5

Onder het voorbehoud dat de subsidie wordt verleend verzoekt de aanvrager gelijktijdig met zijn aanvraag aan het Bureau Heffingen om doorhaling van de gegevens betreffende het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen en doet hij een kennisgeving van het vervallen van het varkensrecht dat hem bij de inwerkingtreding van de Wet herstructurering varkenshouderij zou toekomen.

Paragraaf 3. Aanvraag

Artikel 6

Een aanvraag voor subsidie kan worden ingediend met ingang van 1 juli tot uiterlijk 29 juli 1998 om 13.00 uur.

Artikel 7

1. De aanvraag wordt ingediend door de natuurlijke persoon, de rechtspersoon of het samenwerkingsverband van natuurlijke personen of rechtspersonen op wiens of welks naam het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen bij het Bureau Heffingen staat geregistreerd.

2. De aanvraag wordt mede-ondertekend door de hypotheekhouder die een aanmelding als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Regeling blokkade verplaatsing mestproduktie heeft gedaan.

Artikel 8

1. De aanvraag wordt ingediend bij het Bureau Heffingen met gebruikmaking van het aanvraagformulier zoals dit is opgenomen als bijlage 1 bij deze regeling.

2. Het in het eerste lid genoemde formulier ligt ter inzage in de bibliotheek van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.

3. Een ingediende aanvraag wordt niet herroepen of gewijzigd.

4. De aanvrager verschaft op verzoek van het Bureau Heffingen aanvullende gegevens binnen een door het Bureau Heffingen te stellen termijn.

Artikel 9

Bij de aanvraag doet de aanvrager een bieding, inhoudend het bedrag per kilogram fosfaat, waartegen hij bereid is om met de doorhaling van de gegevens betreffende zijn niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen en het vervallen van zijn varkensrecht in te stemmen.

Artikel 10

Door het indienen van het aanvraagformulier verplicht de aanvrager zich tot nakoming van de in deze regeling gestelde voorwaarden en verplichtingen.

Paragraaf 4. Beslissing op aanvraag

Artikel 11

1. De minister beslist gelijktijdig op de ingediende aanvragen aan de hand van afzonderlijke rangschikkingen voor gebied I en gebied II, waarbij telkenmale de hoogst gerangschikte aanvraag het eerst voor toewijzing in aanmerking komt.

2. De rangschikking vindt plaats op grond van de gewogen prijs per kilogram fosfaat van het aangeboden recht, waarbij telkenmale de laagste gewogen prijs het hoogste wordt gerangschikt.

Artikel 12

1.

De gewogen prijs is de vraagprijs gedeeld door de som van:

a. a. de mestproductie in 1996 afkomstig van varkens, b. b. de mestproductie in 1996 afkomstig van kippen, voorzover deze niet groter is dan het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen in 1996 verminderd met de mestproductie in 1996 afkomstig van varkens, c. c. de mestproductie in 1996 afkomstig van andere diersoorten dan varkens en kippen, voor zover deze groter is dan de som van het niet-gebonden mestproductierecht voor deze andere diersoorten in 1996 en het grondgebonden recht en niet groter is dan het verschil tussen het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen in 1996 en de som van de mestproductie bedoeld in de onderdelen a en b, d. d. het deel van het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen dat na 1996 en vóór 10 juli 1997 is verworven, en e. e. het deel van het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen dat in 1996 is verworven maar ingevolge artikel 9, zesde lid, van de wet niet kon worden benut.

2. Indien het aangeboden recht kleiner is dan de omvang van het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen in 1996, wordt de overeenkomstig het eerste lid bepaalde som van de onderdelen a tot en met e vermenigvuldigd met het aantal kilogrammen van het aangeboden recht gedeeld door het aantal kilogrammen van het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen in 1996.

3. In het geval dat meer aanvragen een gelijke gewogen prijs hebben en bij gelijktijdige verlening van de subsidies het subsidieplafond, bedoeld in artikel 14, zou worden overschreden, worden deze aanvragen gerangschikt op grond van de volgorde van ontvangst en bij gelijke volgorde van ontvangst door loting.

4. Voor de toepassing van dit artikel wordt de mestproductie bepaald overeenkomstig artikel 55, negende lid, van de Meststoffenwet op basis van het in 1996 gemiddeld op het bedrijf gehouden aantal dieren van de onderscheiden in bijlage A bij de Meststoffenwet genoemde diersoorten en diercategorieën daarbinnen zoals dat aantal blijkt uit de aangifte overschotheffing 1996.

Artikel 13

Indien voor de toepassing van artikel 12, eerste lid, het jaar 1995 voor de aanvrager tot een hogere rangschikking van zijn aanvraag leidt, wordt in de artikelen 1, 3 en 12 in plaats van 1996 telkens gelezen: 1995.

Artikel 14

1. Het subsidieplafond van deze regeling bedraagt f 50.000.000,-, waarvan f 18.750.000,- voor gebied I en f 31.250.000,- voor gebied II.

2. Indien het totaal van de verleende subsidies in een gebied als bedoeld in het eerste lid minder is dan het subsidieplafond voor dit gebied, wordt het verschil aan het subsidieplafond voor het andere gebied toegevoegd.

Artikel 15

1. Een subsidieverlening wordt in ieder geval geweigerd indien de gewogen prijs van de bieding de representatieve marktwaarde van een kilogram fosfaat in het desbetreffende gebied overschrijdt.

2. De minister bepaalt de prijs die naar zijn oordeel voor de toepassing van deze regeling als de representatieve marktwaarde van een kilogram fosfaat geldt.

3. De in het tweede lid genoemde prijs kan voor gebied I en gebied II verschillend worden vastgesteld.

Artikel 16

1. Indien de subsidie is verleend doet de aanvrager met gebruikmaking van het formulier zoals dit is opgenomen als bijlage 2 bij deze regeling aan het Bureau Heffingen een kennisgeving of op zijn bedrijf varkens worden gehouden en of zijn bedrijf ligt in een gebied waar een vervoersverbod ingevolge artikel 30, eerste lid, van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren van kracht is.

2. Het in het eerste lid genoemde formulier ligt ter inzage in de bibliotheek van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.

Artikel 17

1. De varkens worden uiterlijk vijf maanden nadat de subsidie is verleend van het bedrijf afgevoerd.

2. Indien de subsidie is verleend en het bedrijf gelegen is in een gebied waarvoor een vervoersverbod ingevolge artikel 30, eerste lid, van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren geldt, worden de varkens uiterlijk vijf maanden na opheffing van het vervoersverbod van het bedrijf afgevoerd.

3. Onmiddellijk nadat de varkens van het bedrijf zijn afgevoerd doet de aanvrager daarvan een kennisgeving aan het Bureau Heffingen met gebruikmaking van het formulier zoals dit is opgenomen als bijlage 3 bij deze regeling en stelt de Minister de subsidie vast.

4. Het in het derde lid genoemde formulier ligt ter inzage in de bibliotheek van het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.

Artikel 18

Onmiddellijk nadat de subsidie is vastgesteld haalt het Bureau Heffingen de gegevens betreffende het niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen door, of registreert het de kennisgeving van het vervallen van het varkensrecht.

Artikel 19

Indien de beschikking tot subsidievaststelling is ingetrokken, betaalt de aanvrager de door hem ontvangen subsidie vermeerderd met de wettelijke rente op eerste vordering van het Bureau Heffingen terug, waarna het Bureau Heffingen de doorhaling van de gegevens of de registratie van de kennisgeving van het vervallen van het varkensrecht ongedaan maakt.

Paragraaf 5. Slotbepalingen

Artikel 20

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 21

Deze regeling wordt aangehaald als: Opkoopregeling varkenshouderij 1998.