rijk/ministeriele-regeling/organisatiebesluit-vws-2021/BWBR0045133
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Organisatiebesluit VWS 2021 BWBR0045133 ministeriele-regeling geldend 2021-03-18 https://wetten.overheid.nl/BWBR0045133 Organisatiebesluit VWS 2021

Organisatiebesluit VWS 2021

Hoofdstuk 1. Begripsbepaling

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a.

    *minister:* Minister van Volksgezondheid, Welzijn, en Sport;

b. b.

    *ministerie:* Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn, en Sport;

c. c.

    *ressorteren:* vallend onder het gezagsbereik van de genoemde functionaris;

d. d.

    *pSG:* plaatsvervangend Secretaris-Generaal;

e. e.

    *SG:* Secretaris-Generaal.

Hoofdstuk 2. Hoofdstructuur van de organisatie

Artikel 2

Het ministerie bestaat uit de volgende organisatieonderdelen:

a. a. de Algemene Leiding; b. b. het Directoraat-Generaal Volksgezondheid (DGV); c. c. het Directoraat-Generaal Curatieve Zorg (DGCZ); d. d. het Directoraat-Generaal Langdurige zorg (DGLZ); e. e. de (staf-)directies; f. f. de diensten en instellingen; g. g. de secretariaten van raden en commissies.

Hoofdstuk 3. Algemene leiding

Artikel 3

1. De Algemene Leiding ressorteert onder de minister.

2.

De Algemene Leiding bestaat uit:

a. a. de Secretaris-Generaal (SG); Onder de SG ressorteren de volgende onderdelen:

        1.
        Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ);
      
      
        2.
        de directie Macro-Economische Vraagstukken en Arbeidsmarkt (MEVA);
      
      
        3.
        de directie Financieel-Economische Zaken (FEZ);
      
      
        4.
        het programma Innovatie en Zorgvernieuwing (IenZ).
    1.   Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ);
      
    1.   de directie Macro-Economische Vraagstukken en Arbeidsmarkt (MEVA);
      
    1.   de directie Financieel-Economische Zaken (FEZ);
      
    1.   het programma Innovatie en Zorgvernieuwing (IenZ).
      

b. b. de plaatsvervangend Secretaris-Generaal (pSG); De pSG is belast met de interne organisatie en het beheer van het ministerie en vervangt de SG bij diens afwezigheid. Onder de pSG ressorteren de volgende onderdelen:

        1.
        de directie Bestuurlijke en Politieke Zaken (BPZ);
      
      
        2.
        de directie Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel (OBP);
      
      
        3.
        de directie Wetgeving en Juridische Zaken (WJZ);
      
      
        4.
        de directie Communicatie (DCo);
      
      
        5.
        de directie Informatiebeleid-CIO (DI/CIO);
      
      
        6.
        de directie Eenheid Secretariaten Tuchtcolleges en Toetsingscommissies (ESTT);
      
      
        7.
        het programma PGB;
      
      
        8.
        het programma Nafase COVID-19;
      
      
        9.
        de programmadirectie Zorg en Jeugd in Caribisch Nederland (ZJCN);
      
      
        10.
        de programmadirectie Openbaarheid.
    1.   de directie Bestuurlijke en Politieke Zaken (BPZ);
      
    1.   de directie Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel (OBP);
      
    1.   de directie Wetgeving en Juridische Zaken (WJZ);
      
    1.   de directie Communicatie (DCo);
      
    1.   de directie Informatiebeleid-CIO (DI/CIO);
      
    1.   de directie Eenheid Secretariaten Tuchtcolleges en Toetsingscommissies (ESTT);
      
    1.   het programma PGB;
      
    1.   het programma Nafase COVID-19;
      
    1.   de programmadirectie Zorg en Jeugd in Caribisch Nederland (ZJCN);
      
    1. de programmadirectie Openbaarheid.
      

c. c. de Directeur-Generaal Volksgezondheid (DGV); Onder de DGV ressorteren de volgende onderdelen:

        1.
        de plaatsvervangend DG COVID 19 (PDG COVID 19);
      
      
        2.
        de directie Publieke Gezondheid (PG);
      
      
        3.
        de directie Sport (S);
      
      
        4.
        de directie Voeding, Gezondheidsbescherming en Preventie (VGP);
      
      
        5.
        de directie Internationale Zaken (IZ);
      
      
        6.
        de programmadirectie COVID-19.
    1.   de plaatsvervangend DG COVID 19 (PDG COVID 19);
      
    1.   de directie Publieke Gezondheid (PG);
      
    1.   de directie Sport (S);
      
    1.   de directie Voeding, Gezondheidsbescherming en Preventie (VGP);
      
    1.   de directie Internationale Zaken (IZ);
      
    1.   de programmadirectie COVID-19.
      

d. d. de Directeur-Generaal Curatieve Zorg (DGCZ); Onder de DGCZ ressorteren de volgende onderdelen:

        1.
        de directie Curatieve Zorg (CZ);
      
      
        2.
        de directie Geneesmiddelen en Medische Technologie (GMT);
      
      
        3.
        de directie Patiënt en Zorgordening (PZo);
      
      
        4.
        het programma Duurzame Zorg;
      
      
        5.
        de programmadirectie Medische Isotopen.
    1.   de directie Curatieve Zorg (CZ);
      
    1.   de directie Geneesmiddelen en Medische Technologie (GMT);
      
    1.   de directie Patiënt en Zorgordening (PZo);
      
    1.   het programma Duurzame Zorg;
      
    1.   de programmadirectie Medische Isotopen.
      

e. e. de Directeur-Generaal Langdurige Zorg (DGLZ). Onder de DGLZ ressorteren de volgende onderdelen:

        1.
        de directie Langdurige Zorg (LZ);
      
      
        2.
        de directie Zorgverzekeringen (Z);
      
      
        3.
        de directie Maatschappelijke Ondersteuning (DMO);
      
      
        4.
        de directie Jeugd (DJ).
    1.   de directie Langdurige Zorg (LZ);
      
    1.   de directie Zorgverzekeringen (Z);
      
    1.   de directie Maatschappelijke Ondersteuning (DMO);
      
    1.   de directie Jeugd (DJ).
      

Artikel 4

De volgende diensten en instellingen ressorteren onder de pSG:

    1. de baten-lastendienst Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM);
    1. de baten-lastendienst agentschap College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (aCBG);
    1. de baten-lastendienst CIBG;
    1. de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (DUS-I);
    1. de Dienst Testen (DT);
    1. het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP).

Artikel 5

De volgende secretariaten van raden en commissies maken deel uit van het Ministerie.

Onder de pSG ressorteren:

    1. het secretariaat van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS);
    1. het secretariaat van de Gezondheidsraad (GR);
    1. het secretariaat van de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO);
    1. het secretariaat van de Nederlandse Sportraad (NLsportraad).

Artikel 6

1. Het RIVM, het Directoraat-Generaal Volksgezondheid, het Directoraat-Generaal Curatieve Zorg en het Directoraat-Generaal Langdurige Zorg ressorteren onder een Directeur-Generaal.

2. De IGJ staat onder leiding van een Inspecteur-Generaal.

3. De directies, de stafdirecties, het agentschap CBG, Dienst Testen en SCP staan onder leiding van een directeur.

4. Het CIBG en DUS-I staan onder leiding van een Algemeen Directeur.

5. De programmas staan onder leiding van een programmamanager of programmadirecteur.

Hoofdstuk 4. Secretaris Generaal

Artikel 7

Onder de SG ressorteren de volgende onderdelen:

a. a. de directie Macro-Economische Vraagstukken en Arbeidsmarkt (MEVA); b. b. de directie Financieel Economische Zaken (FEZ); c. c. het programma Innovatie en Zorgvernieuwing (IenZ).

Artikel 8

De directie Macro-Economische Vraagstukken en Arbeidsmarkt bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. Algemeen Economische Beleid; b. b. Arbeidsmarkt; c. c. Beroepen; d. d. Opleidingen, beleidsadvies en financiën.

Artikel 9

De directie Financieel-Economische Zaken bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. Beleidstoetsing en Advies; b. b. Budgettaire Zaken; c. c. Ontwikkeling Financieel Beleid en Beheer.

Artikel 10

Vervallen

Hoofdstuk 5. De plaatsvervangend Secretaris Generaal

Artikel 11

Onder de pSG ressorteren de volgende onderdelen:

a. a. de directie Bestuurlijke en Politieke Zaken (BPZ); b. b. de directie Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel (OBP); c. c. de directie Informatiebeleid-CIO (DI/CIO); d. d. de directie Wetgeving en Juridische Zaken (WJZ); e. e. de directie Communicatie (DCo); f. f. de directie Eenheid Secretariaten Tuchtcolleges en Toetsingscommissies (ESTT); g. g. het programma PGB; h. h. het programma Nafase COVID-19; i. i. de programmadirectie Zorg en Jeugd in Caribisch Nederland (ZJCN); j. j. de programmadirectie Openbaarheid.

Artikel 12

De directie Bestuurlijke en Politieke Zaken bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. Bestuurlijke Politieke Advisering; b. b. Logistiek, Kabinet en Secretariaat; c. c. Concernsturing; d. d. Stukkenstroom.

Artikel 13

De directie Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. Bedrijfsbureau; b. b. Afdeling Personeel en Organisatie; c. c. Afdeling Bedrijfsvoering; d. d. Afdeling CIO Kern en Informatiemanagement; e. e. Afdeling VWS Flex.

Artikel 14

De directie Informatiebeleid-CIO bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. Cluster iStaf; b. b. Cluster iBeleid team A; c. c. Cluster iBeleid team B; d. d. Cluster iAdvies en Toetsing; e. e. Bureau Informatieberaad; f. f. Programma Realisatie Digitale Ondersteuning.

Artikel 15

De directie Communicatie bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. Media; b. b. Advies; c. c. Publiek; d. d. Corporate.

Artikel 16

De directie Wetgeving en Juridische Zaken staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.

Artikel 17

De directie Eenheid Secretariaten Tuchtcolleges en Toetsingscommissies bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. EST (Eenheid Secretariaten Tuchtcolleges); b. b. RTE (Regionale Toetsingscommissies Euthanasie).

Artikel 17a

Het programma Zorg en Jeugd in Caribisch Nederland bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. Expertise en Bedrijfsvoering; b. b. Zorg; c. c. Jeugdzorg; d. d. Beleid en Accountmanagement.

Hoofdstuk 6. Directoraat-Generaal Volksgezondheid

Artikel 18

Het Directoraat-Generaal Volksgezondheid (DGV) bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. de plaatsvervangend DG COVID-19 (PDG COVID-19); b. b. de directie Publieke Gezondheid (PG); c. c. de directie Sport (S); d. d. de directie Voeding, Gezondheidsbescherming en Preventie (VGP); e. e. de directie Internationale Zaken (IZ); f. f. de programmadirectie COVID-19.

Artikel 19

De directie Publieke Gezondheid bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. Financieel Beleid en Ethiek; b. b. Crisisbeheersing en Infectieziekten; c. c. Openbare en Jeugdgezondheidszorg.

Artikel 20

De directie Sport staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.

Artikel 21

De directie Voeding, Gezondheidsbescherming en Preventie staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.

Artikel 22

De directie Internationale Zaken staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.

Hoofdstuk 7. Directoraat-Generaal Curatieve Zorg

Artikel 23

Het Directoraat-Generaal Curatieve Zorg (DGCZ) bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. de directie Curatieve Zorg (CZ); b. b. de directie Geneesmiddelen en Medische Technologie (GMT); c. c. de directie Patiënt en Zorgordening (PZo); d. d. het programma Duurzame Zorg; e. e. de plaatsvervangend directeur-generaal Medische Isotopen; f. f. de programmadirectie Medische Isotopen.

Artikel 24

De directie Curatieve Zorg staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.

Artikel 25

De directie Geneesmiddelen en Medische Technologie staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.

Artikel 26

De directie Patiënt en Zorgordening staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.

Artikel 26a

De programmadirectie Medische Isotopen staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de (programma)directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de programmadirectie.

Hoofdstuk 8. Directoraat-Generaal Langdurige Zorg

Artikel 27

Het Directoraat-Generaal Langdurige Zorg (DGLZ) bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. de directie Langdurige Zorg (LZ); b. b. de directie Zorgverzekeringen (Z); c. c. de directie Maatschappelijke Ondersteuning (DMO); d. d. de directie Jeugd (DJ); e. e. de programmadirectie Pandemische Paraatheid van de Publieke Gezondheid.

Artikel 28

De directie Langdurige Zorg staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het collegiaal managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de dienst.

Artikel 29

De directie Zorgverzekeringen staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.

Artikel 30

De directie Maatschappelijke Ondersteuning staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.

Artikel 31

De directie Jeugd staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de directie.

De Jeugdautoriteit ressorteert onder de directie Jeugd.

Artikel 31a

De programmadirectie Pandemische Paraatheid van de Publieke Gezondheid staat onder leiding van een collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de (programma)directeur stuurt het managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de programmadirectie.

Hoofdstuk 9. De diensten en instellingen

Artikel 32

Het agentschap College Beoordeling Geneesmiddelen bestaat uit de volgende onderdelen:

    1. Regulatoir Informatie Centrum - Casemanagement/Implementatie;
    1. Regulatoir Informatie Centrum Dataverkeer;
    1. Farmaco Therapeutische-groep I;
    1. Farmaco Therapeutische-groep II;
    1. Farmaco Therapeutische-groep III;
    1. Farmaco Therapeutische-groep IV;
    1. Afdeling Botanicals en Nieuwe Voedingsmiddelen;
    1. Bureau Diergeneesmiddelen;
    1. Geneesmiddelenbewaking;
    Kwaliteit;
    Farmacologie, Toxicologie en Kinetiek;
    Afdeling Bestuurlijke Regulatoire & Internationale Zaken;
    Tijdelijke Werkorganisatie;
    Programmabureau Wetenschap;
    Programma Goed Gebruik;
    Afdeling Communicatie;
    Afdeling Informatievoorziening;
    Afdeling Financiën, Kwaliteit en Control;
    Afdeling HRM en Opleidingen;
    Afdeling Managementondersteuning.

Artikel 33

1. Het CIBG staat onder leiding van een Algemeen Directeur.

2.

Onder de Algemeen Directeur ressorteren:

a. a. de directeur Operationele Zaken/COO; b. b. de directeur Informatiemanagement/CIO; c. c. de directeur Bedrijfsvoering/CFO; d. d. de stafafdeling Account-, Project- en Kwaliteitsmanagement; e. e. de stafafdeling Bestuurlijke en Juridische Zaken.

3.

Onder de directeur Operationele Zaken/COO ressorteren de volgende onderdelen:

a. a. Authenticatie en Gegevensverstrekking (A&G); b. b. Toelating en Toezicht (T&T); c. c. Publieke Knooppunten en Registers; d. d. Farmatec; e. e. Klant en Communicatie; f. f. Projectbureau LCH.

4.

Onder de directeur Informatiemanagement/CIO ressorteren de volgende onderdelen:

a. a. CIO Office; b. b. Functioneel Beheer; c. c. Delivery; d. d. Applicatie- en Servicemanagement.

5.

Onder de directeur Bedrijfsvoering/CFO ressorteren de volgende onderdelen:

a. a. Financiën; b. b. Control; c. c. Facilitair; d. d. Inkoop en CLM; e. e. HRM; f. f. Managementondersteuning.

Artikel 34

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd staat onder leiding van een inspecteur-generaal (IG).

    1. Onder de IG ressorteren:

      a.
      de Hoofdinspecteurs die belast zijn met bepaalde gebieden van de zorg en tevens aangewezen kunnen worden als plaatsvervangend IG:
      
      
          1°.
          de Hoofdinspecteur Cure en GMT;
      
      
          2°.
          de Hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg en Jeugd;
      
      
          3°.
          de Project Hoofdinspecteur Front-office.
      
      
      
      
      
      
      b.
      de directeur Strategie en Organisatie;
      
      
      c.
      de directeur Bedrijfsvoering;
      
      
      d.
      de Programmadirecteur Toezicht Sociaal Domein.
      

a. a. de Hoofdinspecteurs die belast zijn met bepaalde gebieden van de zorg en tevens aangewezen kunnen worden als plaatsvervangend IG:

          1°.
          de Hoofdinspecteur Cure en GMT;
        
        
          2°.
          de Hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg en Jeugd;
        
        
          3°.
          de Project Hoofdinspecteur Front-office.

1°. 1°. de Hoofdinspecteur Cure en GMT; 2°. 2°. de Hoofdinspecteur Maatschappelijke Zorg en Jeugd; 3°. 3°. de Project Hoofdinspecteur Front-office. b. b. de directeur Strategie en Organisatie; c. c. de directeur Bedrijfsvoering; d. d. de Programmadirecteur Toezicht Sociaal Domein. 2. 2. Onder de Hoofdinspecteur Cure en GMT ressorteren de volgende onderdelen:

      a.
      Medisch Specialistische Zorg 1;
    
    
      b.
      Medisch Specialistische Zorg 2;
    
    
      c.
      Medische Technologie;
    
    
      d.
      Eerstelijnszorg 1;
    
    
      e.
      Eerstelijnszorg 2;
    
    
      f.
      Farmaceutische Producten.

a. a. Medisch Specialistische Zorg 1; b. b. Medisch Specialistische Zorg 2; c. c. Medische Technologie; d. d. Eerstelijnszorg 1; e. e. Eerstelijnszorg 2; f. f. Farmaceutische Producten. 3. 3. Onder de Hoofdinspecteur Jeugd en Maatschappelijke Zorg ressorteren de volgende onderdelen:

      a.
      Jeugd 1;
    
    
      b.
      Jeugd 2;
    
    
      c.
      Geestelijke Gezondheidszorg;
    
    
      d.
      Gehandicaptenzorg en Zorg voor Asielzoekers en Justitiabelen;
    
    
      e.
      Netwerkzorg en Preventie.

a. a. Jeugd 1; b. b. Jeugd 2; c. c. Geestelijke Gezondheidszorg; d. d. Gehandicaptenzorg en Zorg voor Asielzoekers en Justitiabelen; e. e. Netwerkzorg en Preventie. 4. 4. Onder de Project Hoofdinspecteur ressorteren de volgende onderdelen:

      a.
      Landelijk Meldpunt Zorg;
    
    
      b.
      Meldpunt;
    
    
      c.
      Administratie en Digitale informatie voorziening.

a. a. Landelijk Meldpunt Zorg; b. b. Meldpunt; c. c. Administratie en Digitale informatie voorziening. 5. 5. Onder de directeur Strategie en Organisatie ressorteren de volgende onderdelen:

      a.
      Bestuursondersteuning, Beleid en Strategie;
    
    
      b.
      Juridische Zaken;
    
    
      c.
      Communicatie;
    
    
      d.
      Bureau Opsporing en Boetes.

a. a. Bestuursondersteuning, Beleid en Strategie; b. b. Juridische Zaken; c. c. Communicatie; d. d. Bureau Opsporing en Boetes. 6. 6. Onder de directeur Bedrijfsvoering ressorteren de volgende onderdelen:

      a.
      Financiën, Kwaliteit en Control;
    
    
      b.
      Personeel en Organisatie;
    
    
      c.
      Risicodetectie en Ontwikkeling;
    
    
      d.
      Informatie en ICT;
    
    
      e.
      Facilitaire Management Ondersteuning.

a. a. Financiën, Kwaliteit en Control; b. b. Personeel en Organisatie; c. c. Risicodetectie en Ontwikkeling; d. d. Informatie en ICT; e. e. Facilitaire Management Ondersteuning.

Artikel 35

De baten-lastendienst Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu staat onder leiding van een Directeur-Generaal (DG). De Chief Financial Officer (CFO) is tevens plaatsvervangend Directeur-Generaal (pDG) en is verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering.

    1. Onder de DG ressorteren:

      a.
      de CFO;
      
      
      b.
      de directeur Volksgezondheid en Zorg;
      
      
      c.
      de directeur Centrum Infectieziektebestrijding;
      
      
      d.
      de directeur Milieu en Veiligheid.
      

a. a. de CFO; b. b. de directeur Volksgezondheid en Zorg; c. c. de directeur Centrum Infectieziektebestrijding; d. d. de directeur Milieu en Veiligheid. 2. 2. Onder de pDG ressorteren:

      a.
      de stafeenheid Bureau Directieraad;
    
    
      b.
      de stafeenheid Communicatie en Documentaire Informatievoorziening;
    
    
      c.
      de stafeenheid Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel;
    
    
      d.
      de stafeenheid Finance, Compliance en Control;
    
    
      e.
      
        door verlettering vervallen;
      
    
    
      f.
      het Shared Service Centrum Campus;
    
    
      f.
      het Projectbureau Nieuwe Huisvesting RIVM.

a. a. de stafeenheid Bureau Directieraad; b. b. de stafeenheid Communicatie en Documentaire Informatievoorziening; c. c. de stafeenheid Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel; d. d. de stafeenheid Finance, Compliance en Control; e. e.

        door verlettering vervallen;

f. f. het Shared Service Centrum Campus; f. f. het Projectbureau Nieuwe Huisvesting RIVM. 3. 3. Onder de directeur Volksgezondheid en Zorg ressorteren de volgende onderdelen:

      a.
      Centrum Gezondheid en Maatschappij;
    
    
      b.
      Centrum Gezondheidsbescherming;
    
    
      c.
      Centrum Voeding, Preventie en Zorg;
    
    
      d.
      Centrum voor Bevolkingsonderzoek.

a. a. Centrum Gezondheid en Maatschappij; b. b. Centrum Gezondheidsbescherming; c. c. Centrum Voeding, Preventie en Zorg; d. d. Centrum voor Bevolkingsonderzoek. 4. 4. Onder de directeur Centrum Infectieziektebestrijding ressorteren de volgende onderdelen:

      a.
      Centrum Epidemiologie en Surveillance van Infectieziekten;
    
    
      b.
      Centrum Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding;
    
    
      c.
      Centrum Infectieziekteonderzoek, Diagnostiek en Laboratorium Surveillance;
    
    
      d.
      Centrum Zoönosen en Omgevingsmicrobiologie;
    
    
      e.
      Centrum Immunologie van Infectieziekten en Vaccins.

a. a. Centrum Epidemiologie en Surveillance van Infectieziekten; b. b. Centrum Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding; c. c. Centrum Infectieziekteonderzoek, Diagnostiek en Laboratorium Surveillance; d. d. Centrum Zoönosen en Omgevingsmicrobiologie; e. e. Centrum Immunologie van Infectieziekten en Vaccins. 5. 5. Onder de directeur Milieu en Veiligheid ressorteren de volgende onderdelen:

      a.
      Centrum Veiligheid van Stoffen en Producten;
    
    
      b.
      Centrum Duurzaamheid, Milieu en Gezondheid;
    
    
      c.
      Centrum Milieukwaliteit;
    
    
      d.
      Centrum Veiligheid.

a. a. Centrum Veiligheid van Stoffen en Producten; b. b. Centrum Duurzaamheid, Milieu en Gezondheid; c. c. Centrum Milieukwaliteit; d. d. Centrum Veiligheid.

Artikel 36

De Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen staat onder leiding van het collegiaal managementteam. Onder eindverantwoordelijkheid van de algemeen directeur stuurt het collegiaal managementteam op de koers, prioritaire themas, flexibele inzet van medewerkers en organisatie van de dienst.

Artikel 37

De Dienst Testen staat onder leiding van een directeur. Onder de directeur van Dienst Testen ressorteren teams, ieder team met een eigen manager.

Artikel 38

Het Sociaal en Cultureel Planbureau staat onder leiding van een directeur.

Het Planbureau werkt met een flexibele programmastructuur en kent daarnaast de volgende vaste onderdelen:

a. a. Afdeling Bedrijfsvoering; b. b. Afdeling Methodologie; c. c. Afdeling Communicatie.

Hoofdstuk 10. De secretariaten van de Raden en Commissies

Artikel 39

Het secretariaat van de Gezondheidsraad staat onder leiding van de Algemeen Secretaris en bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. Wetenschappelijke staf team 1; b. b. Wetenschappelijke staf team 2; c. c. Bedrijfsvoering; d. d. Communicatie en Redactie.

Artikel 40

Het secretariaat van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving staat onder leiding van een Directeur/Algemeen secretaris.

Artikel 41

Het Secretariaat van de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek staat onder leiding van een Algemeen Secretaris en bestaat uit de volgende onderdelen:

a. a. Bedrijfsvoering; b. b. Landelijk Bureau; c. c. Bureau CCMO.

Artikel 42

Het Secretariaat van de Nederlandse Sportraad staat onder leiding van een Algemeen Secretaris.

Artikel 43

Het secretariaat van de Commissie Genetische Modificatie staat onder leiding van een secretaris en is ambtelijk ondergebracht bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu.

Hoofdstuk 11. Slotbepalingen

Artikel 44

De directeur Organisatie, Bedrijfsvoering en Personeel is belast met het beheer van dit besluit.

Artikel 45

1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 maart 2021.

2. Het Organisatiebesluit VWS 2018, wordt ingetrokken.

3. Dit besluit wordt aangehaald als: Organisatiebesluit VWS 2021.