rijk/ministeriele-regeling/regeling-aanvullende-bekostiging-leerlingen-met-het-syndroom-van-down-voortgezet/BWBR0015351
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling aanvullende bekostiging leerlingen met het syndroom van Down voortgezet onderwijs BWBR0015351 ministeriele-regeling geldend 2003-08-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0015351 Regeling aanvullende bekostiging leerlingen met het syndroom van Down voortgezet onderwijs

Regeling aanvullende bekostiging leerlingen met het syndroom van Down voortgezet onderwijs

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

• • school: een school voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, een school voor hoger algemeen voortgezet onderwijs, een school voor middelbaar algemeen voortgezet onderwijs of een school voor voorbereidend beroepsonderwijs, praktijkonderwijs (inclusief scholen voor praktijkonderwijs met declaratiebekostiging), dan wel een agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3. van de Wet educatie en beroepsonderwijs wat betreft het voorbereidend beroepsonderwijs; • • scholengemeenschap: een scholengemeenschap bestaande uit twee of meer scholen.

Artikel 2

1. Aan het bevoegd gezag van een school of scholengemeenschap kan op aanvraag van het bevoegd gezag een aanvullende personele bekostiging worden toegekend ten behoeve van een geïndiceerde leerling, als bedoeld in artikel 77a, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs, met het Syndroom van Down.

2. De aanvullende personele bekostiging, bedoeld in het eerste lid, wordt berekend vanaf de eerste dag van de maand volgend op de datum van de melding, bedoeld in artikel 77a, eerste lid van de Wet op het voortgezet onderwijs en toegekend aan het bevoegd gezag van de school met ingang van 1 augustus volgend op die melding.

3. Indien aan het bevoegd gezag van een school op grond van het eerste lid een aanvullende personele bekostiging is toegekend, wordt bij inschrijving van de leerling op een andere school een aanvullende bekostiging op basis van deze regeling, berekend eerst met ingang van het nieuwe schooljaar en aan het bevoegd gezag van die andere school toegekend met ingang van het daarop volgende schooljaar.

Artikel 3

1. Een aanvraag voor een aanvullende personele bekostiging als bedoeld in artikel 2, eerste lid, wordt, binnen drie maanden na melding zoals bedoeld in artikel 2, tweede lid, ingediend bij de Dienst Uitvoering Onderwijs, Postbus 606, 2700 ML Zoetermeer. Onder vermelding van: Aanvraag aanvullende personele bekostiging Down Syndroom.

2.

De aanvraag geschiedt onder overlegging van:

a. a. een verklaring van een arts waaruit blijkt dat sprake is van het syndroom van Down; b. b. het brinnummer en de naam en het adres van de school; c. c. het indicatienummer van de leerling (CvI nummer dat op de indicatiebeschikking van de leerling vermeld staat).

Artikel 4

1. Voor geïndiceerde leerlingen met het Syndroom van Down wordt de aanvullende personele bekostiging vastgesteld op het bedrag dat het verschil is tussen € 8.200,-- en het voor de leerling vastgestelde leerlinggebonden budget voor een heel schooljaar.

2. Voor leerlingen waarvoor in de loop van het schooljaar melding wordt gemaakt, bedoeld in artikel 2, tweede lid, wordt het bedrag, bedoeld in artikel 2, eerste lid, voor dat schooljaar als volgt vastgesteld: het aantal maanden tot 1 augustus daaropvolgend gedeeld door 12, vermenigvuldigd met het verschil, bedoeld in het eerste lid.

Artikel 5

Aanvragen aanvullende personele bekostiging leerlingen met het syndroom van Down voor het schooljaar 2003-2004 die zijn ingediend vóór inwerkingtreding van deze regeling worden nog afgehandeld en beslist op grond van artikel 85a, tweede lid van de Wet op het voortgezet onderwijs.

Indien voor het schooljaar 2003-2004 voor leerlingen met het syndroom van Down aanvullende personele bekostiging op grond van artikel 85a, tweede lid van de Wet op het voortgezet onderwijs is toegekend bestaat voor dit schooljaar geen aanspraak op aanvullende personele bekostiging op grond van deze regeling.

Artikel 6

Deze regeling zal met de toelichting in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

Artikel 7

1. Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 augustus 2003.

2. Deze regeling vervalt met ingang van 1 augustus 2014.

Artikel 8

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanvullende bekostiging leerlingen met het syndroom van Down voortgezet onderwijs.