rijk/ministeriele-regeling/regeling-aanvullende-en-bijzondere-bekostiging-eindexamens-2021/BWBR0045544
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling aanvullende en bijzondere bekostiging eindexamens 2021 BWBR0045544 ministeriele-regeling geldend 2021-12-07 https://wetten.overheid.nl/BWBR0045544 Regeling aanvullende en bijzondere bekostiging eindexamens 2021

Regeling aanvullende en bijzondere bekostiging eindexamens 2021

Artikel 1

  • bevoegd gezag: bevoegd gezag als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs, artikel 1 van de Wet op de expertisecentra of artikel 1.1.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
  • BRIN: Basisregistratie Instellingen;
  • deeleindexamen: deeleindexamen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Eindexamenbesluit VO en artikel 1 van het Staatsexamenbesluit VO;
  • deelstaatsexamen: deelstaatsexamen als bedoeld in artikel 1 Staatsexamenbesluit VO;
  • eindexamen: eindexamen als bedoeld in artikel 1 van het Eindexamenbesluit VO;
  • extra herkansing: tweede herkansing als bedoeld in artikel 60f van het Besluit eindexamens 2021;
  1. kandidaat:

       1.
       vavo-student die op 1 oktober 2020 was ingeschreven op een instelling en voor bekostiging in aanmerking komt;
    
    
       2.
       leerling die op 1 oktober 2020 als bekostigde leerling als bedoeld in artikel 7 van het Bekostigingsbesluit WVO was ingeschreven op een school voor vwo, havo, mavo of vbo, en was geplaatst in het laatste leerjaar, met uitzondering van de leerling die was ingeschreven voor een cursus internationaal georiënteerd voortgezet onderwijs als bedoeld in de Beleidsregel IGVO 2021;
    
    
       3.
       leerling als bedoeld in artikel 2.3.2 van het Uitvoeringsbesluit WEB, die op 1 oktober 2020 was ingeschreven voor voorbereidend beroepsonderwijs aan een agrarisch opleidingscentrum en was geplaatst in het laatste leerjaar;
    
    
       4.
       leerling die op 1 oktober 2020 als bekostigde leerling als bedoeld in artikel 9 van het Besluit bekostiging WEC was ingeschreven op een school voor voortgezet speciaal onderwijs of een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs in het uitstroomprofiel vervolgonderwijs als bedoeld in artikel 14a van de WEC en was geplaatst in het laatste leerjaar.
    
    1. vavo-student die op 1 oktober 2020 was ingeschreven op een instelling en voor bekostiging in aanmerking komt;
      
    1. leerling die op 1 oktober 2020 als bekostigde leerling als bedoeld in artikel 7 van het Bekostigingsbesluit WVO was ingeschreven op een school voor vwo, havo, mavo of vbo, en was geplaatst in het laatste leerjaar, met uitzondering van de leerling die was ingeschreven voor een cursus internationaal georiënteerd voortgezet onderwijs als bedoeld in de Beleidsregel IGVO 2021;
      
    1. leerling als bedoeld in artikel 2.3.2 van het Uitvoeringsbesluit WEB, die op 1 oktober 2020 was ingeschreven voor voorbereidend beroepsonderwijs aan een agrarisch opleidingscentrum en was geplaatst in het laatste leerjaar;
      
    1. leerling die op 1 oktober 2020 als bekostigde leerling als bedoeld in artikel 9 van het Besluit bekostiging WEC was ingeschreven op een school voor voortgezet speciaal onderwijs of een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs in het uitstroomprofiel vervolgonderwijs als bedoeld in artikel 14a van de WEC en was geplaatst in het laatste leerjaar.
      
  • instelling: een uit s Rijks kas bekostigde instelling als bedoeld in artikel 1.1.1. onder b van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
  • minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de Minister voor Basis- en Voorgezet Onderwijs en Media;
  • school: uit s Rijks kas bekostigde school als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs, uit s Rijks kas bekostigde school als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de expertisecentra;
  • vavo-student: vavo-student als bedoeld in artikel 1.1.1 van de WEB;
  • regio Noord: alle vestigingen van scholen in het voortgezet onderwijs, inclusief vestigingen voor voortgezet onderwijs van AOCs en vestigingen voor voortgezet onderwijs van verticale scholengemeenschappen ROC-VO, gelegen in de regio Noord zoals beschreven in artikel 3 van de regeling vaststelling schoolvakanties 20192022;
  • WVO: Wet op het voortgezet onderwijs;
  • WEC: Wet op de expertisecentra;
  • WEB: Wet educatie en beroepsonderwijs.

Artikel 2

De Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS is van toepassing op de aanvullende en bijzondere bekostiging die op grond van deze regeling wordt verstrekt.

Artikel 3

1.

De minister verstrekt in 2021 aanvullende bekostiging aan het bevoegd gezag van een school of instelling met als doel het bieden van extra ondersteuning aan kandidaten voorafgaand aan het examen en om tegemoet te komen aan de extra kosten die scholen en instellingen maken ten behoeve van:

a. a. het bieden van extra ondersteuning aan kandidaten ter voorbereiding op een eindexamen, staatsexamen, deelstaatsexamen of deeleindexamen; b. b. het bieden van een tegemoetkoming ten behoeve van docenten die lesgeven aan kandidaten in de regio Noord of aan vavo-studenten aan instellingen met BRIN nummers 27DV, 04EU, 25LG, 25LU, 25PJ, 25PT, 25PW, 25PX, 25PZ, 25RA en 27YU; en c. c. het bieden van een tegemoetkoming voor het organiseren, begeleiden; en corrigeren van een extra herkansing voor kandidaten.

2.

In afwijking van het eerste lid verstrekt de minister in 2021 bijzondere bekostiging aan het bevoegd gezag van een school als bedoeld in artikel 1 van de WEC ten behoeve van:

a. a. het bieden van extra ondersteuning aan kandidaten ter voorbereiding op een eindexamen, staatsexamen, deeleindexamen of deelstaatsexamen; en b. b. het bieden van een tegemoetkoming voor het organiseren, begeleiden en corrigeren van een extra herkansing voor kandidaten.

Artikel 4

1.

In 2021 ontvangt het bevoegd gezag van een school of instelling in het kader van deze regeling:

a. a. voor het doel, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a en van onderdeel c:

        1°.
        een bedrag van € 339, per kandidaat, wanneer het een school betreft die op grond van artikel 3 van de Regeling leerplusarrangement vo in maart 2021 aanvullende bekostiging heeft ontvangen; of
      
      
        2°.
        een bedrag van € 251, per kandidaat, wanneer het een school of instelling betreft die niet onder 1° valt.

1°. 1°. een bedrag van € 339, per kandidaat, wanneer het een school betreft die op grond van artikel 3 van de Regeling leerplusarrangement vo in maart 2021 aanvullende bekostiging heeft ontvangen; of 2°. 2°. een bedrag van € 251, per kandidaat, wanneer het een school of instelling betreft die niet onder 1° valt. b. b. voor het doel, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, een bedrag van € 157, per kandidaat; c. c. voor het doel, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel c, een bedrag van: € 223, per kandidaat die daadwerkelijk een extra herkansing doet, en waarvan de benodigde gegevens door het bevoegde gezag uiterlijk 8 september 2021 in het register onderwijsdeelnemers zijn geregistreerd. Voor extra herkansingen die na deze datum worden vastgelegd vindt geen bekostiging plaats. d. d. voor het doel, bedoeld in artikel 3, tweede lid, een bedrag van € 389, per kandidaat.

2. De bedragen die het bevoegd gezag ontvangt worden afgerond op hele euros.

Artikel 5

1. Aanvullende en bijzondere bekostiging op grond van deze regeling wordt ambtshalve verstrekt.

2. De aanvullende bekostiging voor instellingen, de bijzondere bekostiging voor scholen voor voortgezet speciaal onderwijs en voor scholen voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, wordt uiterlijk in de maand december van 2021 vastgesteld en ineens betaald.

3.

De aanvullende bekostiging voor scholen voor voortgezet onderwijs, voor zover het artikel 4, eerste lid, onder a en b betreft, wordt uiterlijk in de maand december 2021 vastgesteld en ineens betaald, mits de gegevens, genoemd in artikel 14a, tweede lid, van het Bekostigingsbesluit WVO:

a. a. uiterlijk 1 juli 2021 zijn ingediend; of b. b. na 1 juli 2021 zijn ingediend en uiterlijk op 15 juli 2021 zijn verwerkt in het Register Onderwijsdeelnemers.

4. In afwijking van het eerste lid kan het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs op grond van artikel 85a, tweede lid, van de WVO een aanvraag indienen voor bekostiging op grond van deze regeling, indien het bevoegd gezag de gegevens, genoemd in artikel 14a, tweede lid, van het Bekostigingsbesluit WVO niet tijdig heeft ingediend.

5. Het bevoegd gezag, bedoeld in het vierde lid, dient de aanvraag in bij de minister. De aanvraag bevat een afschrift van de gegevens, genoemd in artikel 14a, tweede lid, van het Bekostigingsbesluit WVO.

6. De aanvullende bekostiging voor scholen voor voortgezet onderwijs, voor zover het artikel 4, eerste lid, onder c betreft, wordt uiterlijk in de maand juni 2022 vastgesteld en betaald.

Artikel 6

1. De aanvullende en bijzondere bekostiging kan ook worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.

2. De aanvullende en bijzondere bekostiging op grond van deze regeling wordt verantwoord in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs. De verklaring van de accountant bij de jaarrekening bevat tevens een oordeel over de rechtmatige besteding van de aanvullende bekostiging.

Artikel 6a

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Artikel 7

1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

2. Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2026.

Artikel 8

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanvullende en bijzondere bekostiging eindexamens 2021