rijk/ministeriele-regeling/regeling-beoordeling-reinigbaarheid-grond-bodemsanering-2000/BWBR0011411
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling beoordeling reinigbaarheid grond bodemsanering 2000 BWBR0011411 ministeriele-regeling geldend 2000-07-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0011411 Regeling beoordeling reinigbaarheid grond bodemsanering 2000

Regeling beoordeling reinigbaarheid grond bodemsanering 2000

Paragraaf 1. Algemeen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2

1. Indien ten aanzien van een partij verontreinigde grond het aantal getoetste stoffen meer is dan negen en minder dan eenentwintig, dan is overschrijding van de samenstellingswaarde voor schone grond voor ten hoogste drie stoffen toegestaan. Indien het aantal getoetste stoffen meer is dan twintig, dan is overschrijding van de samenstellingswaarde voor schone grond voor ten hoogste vier stoffen toegestaan.

2.

Bij een overschrijding van de samenstellingswaarde voor schone grond, als bedoeld in het eerste lid, bedraagt de getoetste samenstellingswaarde voor:

a. a. aldrin/endrin/dieldrin en DDT/DDE/DDD: ten hoogste drie maal de samenstellingswaarde voor schone grond; b. b. elk van de overige stoffen: ten hoogste twee maal de samenstellingswaarde voor schone grond.

3. De getoetste samenstellingswaarde, bedoeld in het tweede lid, overstijgt niet een tussenwaarde die gelijk is aan de helft van de som van de samenstellingswaarde voor schone grond van een stof en de samenstellingswaarde voor herbruikbare grond van die stof.

Artikel 3

1.

Als categorieën verontreinigde grond waarvoor een adviesaanvrage aan het servicecentrum, als bedoeld in artikel 23, eerste lid, van de Wet bodembescherming, achterwege kan blijven worden aangewezen:

a. a. voorzover afkomstig van gevallen van niet-ernstige verontreiniging: grond, daaronder mede verstaan baggerspecie; b. b. voorzover afkomstig van gevallen van ernstige verontreiniging: 1°. grond van een verontreinigingsgehalte dat voor geen van de parameters ligt boven de samenstellingswaarden voor herbruikbare grond, mits die grond als gevolg van uitloging voor geen enkele parameter de immissiewaarden overschrijdt; 2°. baggerspecie.

2. Voorts kan een adviesaanvrage over grond afkomstig van gevallen van ernstige verontreiniging achterwege blijven, indien betrokkene op een voor het bevoegde gezag genoegzame wijze in het saneringsplan aantoont dat zodanige grond voor alle parameters is te reinigen tot waarden die voldoen aan de samenstellingswaarden voor schone grond.

Artikel 4

Bij de adviesaanvraag aan het servicecentrum over de reinigbaarheid van verontreinigde grond worden de gegevens verstrekt die zijn aangegeven in bijlage 4.

Paragraaf 2. De beoordeling van de reinigbaarheid van grond niet zijnde baggerspecie

Artikel 5

Deze paragraaf is niet van toepassing op baggerspecie.

Artikel 6

1.

Grond van een verontreinigingsgehalte dat voor enige parameter ligt boven de interventiewaarden is reinigbaar, indien:

a. a. de grond kan worden gereinigd tot waarden die voldoen aan de samenstellingswaarden voor schone grond voor alle parameters; b. b. de reinigingskosten minder bedragen dan € 72,60 per ton, exclusief BTW, en c. c. de hoeveelheid bij de reiniging vrijkomende te storten reststoffen minder bedraagt dan 20% van de te reinigen grond.

2. Grond als bedoeld in het eerste lid is, indien wordt voldaan aan de onderdelen b en c van dat lid, tevens reinigbaar indien de grond kan worden gereinigd tot waarden die voldoen aan de samenstellingswaarden voor herbruikbare grond en de immissiewaarden voor alle parameters.

3. In het eerste lid, onder a, en het tweede lid, wordt onder alle parameters mede verstaan: de parameters, genoemd in bijlage 3.

Artikel 7

1.

Grond van een verontreinigingsgehalte dat voor alle parameters gelijk is aan of ligt onder de interventiewaarden, en dat voor enige parameter ligt boven de samenstellingswaarden voor herbruikbare grond of als gevolg van uitloging voor enige parameter de immissiewaarden overschrijdt, is reinigbaar, indien:

a. a. de grond kan worden gereinigd tot waarden die voldoen aan de samenstellingswaarden voor schone grond voor alle parameters; b. b. de reinigingskosten minder bedragen dan € 45,38 per ton, exclusief BTW, en c. c. de hoeveelheid bij de reiniging vrijkomende te storten reststoffen minder bedraagt dan 20% van de te reinigen grond.

2. Grond als bedoeld in het eerste lid is, indien wordt voldaan aan de onderdelen b en c van dat lid, tevens reinigbaar indien de grond kan worden gereinigd tot waarden die voldoen aan de samenstellingswaarden voor herbruikbare grond en de immissiewaarden voor alle parameters.

3. In het eerste lid, onder a, en het tweede lid, wordt onder alle parameters mede verstaan: de parameters, genoemd in bijlage 3.

Artikel 8

Grond als bedoeld in de aanhef van het eerste lid van de artikelen 6 en 7 is eveneens reinigbaar indien:

a. a. de hoeveelheid bij de reiniging vrijkomende te storten reststoffen 20% of meer bedraagt van de te reinigen grond; b. b. de grond kan worden gereinigd tot de waarden genoemd in onderdeel a van het eerste lid dan wel in het tweede lid van artikel 6 onderscheidenlijk 7, en c. c. de reinigingskosten minder bedragen dan € 40,84 per ton, exclusief BTW.

Artikel 9

Grond als bedoeld in de aanhef van het eerste lid van de artikelen 6 en 7 die bij toepassing van de artikelen 6, 7 en 8 niet-reinigbaar blijkt te zijn, geldt desalniettemin als reinigbaar mits naar het oordeel van het servicecentrum redelijkerwijs kan worden verwacht dat die grond metterdaad kan worden gereinigd binnen 5 jaar te rekenen met ingang van de dag dat die grond niet-reinigbaar werd beoordeeld en tijdens die periode voldoende opslagcapaciteit voor die grond aanwezig is.

Artikel 10

1. Ten aanzien van grond als bedoeld in de aanhef van het eerste lid van de artikelen 6 en 7 geeft het advies van het servicecentrum alle reinigingstechnieken aan met de toepassing waarvan voor de betrokken partij grond kan worden voldaan aan de criteria, genoemd in het eerste lid, onderdelen a tot met c, en het tweede lid van artikel 6 onderscheidenlijk 7.

2. Indien geen reinigingstechniek als bedoeld in het eerste lid voor de betrokken partij grond beschikbaar is, geeft het advies van het servicecentrum alle reinigingstechnieken aan met de toepassing waarvan voor de betrokken partij grond kan worden voldaan aan de criteria, genoemd in artikel 8.

3. Indien evenmin een reinigingstechniek als bedoeld in het tweede lid voor de betrokken partij grond beschikbaar is, geeft het advies van het servicecentrum aan of voor de betrokken partij grond kan worden voldaan aan de criteria, genoemd in artikel 9.

4. Indien evenmin kan worden voldaan aan de criteria, genoemd in artikel 9, geeft het servicecentrum in een verklaring aan dat de betrokken partij grond niet-reinigbaar is.

Paragraaf 3. Slotbepalingen

Artikel 11

1. De Regeling beoordeling reinigbaarheid grond bodemsanering wordt ingetrokken.

2. Op een adviesaanvraag die is ingediend bij het servicecentrum voor het tijdstip waarop deze regeling in werking is getreden en waarop op dat tijdstip nog niet onherroepelijk is beslist, is de Regeling beoordeling reinigbaarheid grond bodemsanering, zoals die luidde ten tijde van de aanvraag, van toepassing.

Artikel 12

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2000.

Artikel 13

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling beoordeling reinigbaarheid grond bodemsanering 2000.

Bijlage 1. Behorende bij

Bijlage 2. Behorende bij

Indien:

Zie bijlage 1.

Bijlage 3. Behorende bij de

Bijlage 4. Behorende bij