40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling bijzondere neurochirurgie | BWBR0051029 | ministeriele-regeling | geldend | 2025-07-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0051029 | Regeling bijzondere neurochirurgie |
Regeling bijzondere neurochirurgie
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. a.
*bijzondere neurochirurgie:* neurochirurgie als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel g, van de Regeling aanwijzing bijzondere medische verrichtingen;
b. b.
*stereotactische radiotherapie:* ablatieve dosis radiotherapie toegediend in één tot vijf fracties onder stereotactische geleiding aan intracraniële laesies of laesies gerelateerd aan de schedelbasis, inclusief goedaardige, vasculaire en neuro-functionele aandoeningen;
c. c.
*epilepsiechirurgie:* hersenoperatie ter behandeling van epilepsie;
d. d.
*diepe hersenstimulatie (dbs):* behandeling waarbij door middel van implantatie van elektroden bepaalde delen van het centrale zenuwstelstel selectief worden gestimuleerd;
e. e.
*kinderneurochirurgie:* de neurochirurgische zorg voor kinderen en jongeren onder de 18 jaar met aandoeningen aan de hersenen en het zenuwstelsel, inclusief belendende structuren (schedel en wervelkolom);
f. f.
*wet:*
Wet op bijzondere medische verrichtingen.
Artikel 2
1.
De minister kan een vergunning verlenen voor het uitvoeren van bijzondere neurochirurgie en één of meer van de volgende specifieke verrichtingen op het gebied van bijzondere neurochirurgie:
a. a. stereotactische radiotherapie, met uitzondering van de behandeling van intracraniële laesies of laesies gerelateerd aan de schedelbasis waarvan in een multidisciplinair overleg (MDO), waaraan tenminste een neurochirurg die werkzaam is bij een instelling voor bijzondere neurochirurgie, een radiotherapeut-oncoloog, een neuroloog en een neuroradioloog hebben deelgenomen, in onderlinge consensus is vastgesteld dat de behandeling niet in een instelling voor bijzondere neurochirurgie hoeft plaats te vinden; b. b. epilepsiechirurgie; c. c. diepe hersenstimulatie; d. d. kinderneurochirurgie.
2.
Voor het uitvoeren van bijzondere neurochirurgie bestaat behoefte aan ten hoogste zestien vergunninghoudende instellingen, waarvan:
a. a. ten hoogste vier instellingen bevoegd zijn tot stereotactische radiotherapie; b. b. ten hoogste drie instellingen bevoegd zijn tot epilepsiechirurgie; c. c. ten hoogste zeven instellingen bevoegd zijn tot diepe hersenstimulatie; d. d. ten hoogste zeven instellingen, zijnde universitaire medische centra (UMC’s), bevoegd zijn tot kinderneurochirurgie.
3. De wijze waarop in de behoefte wordt voorzien, is neergelegd in paragrafen 1 en 2 van de bijlage bij deze regeling.
Artikel 3
1. De procedure omtrent de vergunningverlening en de voorwaarden waaraan moet worden voldaan, zijn neergelegd in paragraaf 3 van de bijlage bij deze regeling.
2. Een vergunning wordt verleend voor de duur van tien jaar.
3.
Aan een vergunning worden in ieder geval de volgende voorschriften verbonden:
a. a. het uitvoeren van de in de vergunning genoemde verrichtingen vindt uitsluitend plaats in de locatie zoals vermeld in de vergunning; b. b. de vergunninghouder draagt zorg voor vastlegging van gegevens die van belang zijn voor een goede uitvoering van één of meer in de vergunning genoemde verrichtingen in de landelijke kwaliteitsregistratie van de beroepsgroep. Als het om persoonsgegevens gaat, geldt dit voorschrift uitsluitend indien en voor zover daarvoor toestemming als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder a, of artikel 9, tweede lid, onder a, van de Algemene verordening gegevensbescherming is verkregen.
Artikel 4
1. Indien een instelling op het tijdstip van inwerkingtreding van deze regeling krachtens de wet bevoegd is tot het, al dan niet in samenwerkingsverband, uitvoeren van bijzondere neurochirurgie, geldt die bevoegdheid als een aan die instelling krachtens deze regeling verleende vergunning voor het uitvoeren van bijzondere neurochirurgie, met uitzondering van de specifieke verrichtingen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdelen a tot en met d, met ingang van de dag waarop deze regeling in werking treedt en voor de duur van tien jaar.
2. De houder van de vergunning, bedoeld in het eerste lid, is tevens bevoegd tot het uitvoeren van de specifieke verrichting stereotactische radiotherapie, bedoeld in artikel 1, onderdeel a, indien de betreffende instelling op het tijdstip, bedoeld in het eerste lid, krachtens de wet bevoegd was tot het uitvoeren van de in het Planningsbesluit neurochirurgie 2001 genoemde deelfunctie stereotactische radiotherapie.
3. De houder van de vergunning, bedoeld in het eerste lid, is tevens bevoegd tot het uitvoeren van de specifieke verrichting epilepsiechirurgie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, indien de betreffende instelling op het tijdstip, bedoeld in het eerste lid, krachtens de wet bevoegd was tot het uitvoeren van de in het Planningsbesluit neurochirurgie 2001 genoemde deelfunctie epilepsiechirurgie.
4. De houder van de vergunning, bedoeld in het eerste lid, is tevens bevoegd tot het uitvoeren van de specifieke verrichting diepe hersenstimulatie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel c, indien de betreffende instelling op het tijdstip, bedoeld in het eerste lid, krachtens de wet bevoegd was tot het uitvoeren van de in het Planningsbesluit neurochirurgie 2001 genoemde deelfunctie neurostimulatie bij bewegingsstoornissen.
5. De houder van de vergunning, bedoeld in het eerste lid, is tevens bevoegd tot het uitvoeren van de specifieke verrichting kinderneurochirurgie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel d, indien de betreffende instelling op het tijdstip, bedoeld in het eerste lid, krachtens de wet en in overeenstemming met het Planningsbesluit neurochirurgie 2001 kinderneurochirurgie verrichtte.
Artikel 5
Het Planningsbesluit neurochirurgie 2001 wordt ingetrokken.
Artikel 6
Wijzigt de Regeling aanwijzing bijzondere medische verrichtingen.
Artikel 7
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2025.
Artikel 8
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling bijzondere neurochirurgie.