40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling getuigschrift vakbekwaamheid | BWBR0010023 | ministeriele-regeling | geldend | 1998-12-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0010023 | Regeling getuigschrift vakbekwaamheid |
Regeling getuigschrift vakbekwaamheid
Artikel 1
In deze regeling wordt onder ’het Besluit’ verstaan: het Arbeidstijdenbesluit vervoer.
Artikel 2
1. De bestuurder is gedurende zes weken onmiddellijk voorafgaande aan het tijdstip waarop het examen ter verkrijging van een erkend getuigschrift van vakbekwaamheid plaatsvindt, dan wel, indien dat examen uit meerdere onderdelen bestaat, gedurende zes weken onmiddellijk voorafgaande aan het laatste onderdeel van dat examen, vrijgesteld van artikel 2.7:2 van het Besluit, indien hij een oproepkaart van een bij deze regeling erkende instantie bij zich heeft.
2. De bestuurder, bedoeld in artikel 2.7:2 van het Besluit, die in het kader van de Stichting Landelijk Orgaan Beroepsonderwijs Transport en Logistiek een opleiding voor het beroep van chauffeur volgt, is gedurende een aaneengesloten periode van twintig weken, waarvan de aanvang wordt bepaald door de consulent van genoemde Stichting, na overleg met de leermeester, vrijgesteld van artikel 2.7:2 van het Besluit, mits hij die periode optekent in het praktijktakenboek, bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs, en dit takenboek alsmede een door de Stichting afgegeven verklaring als bedoeld in het derde lid bij zich heeft.
3.
De in het tweede lid bedoelde verklaring bevat in ieder geval:
a. a. naam en adres van de instelling; b. b. naam, geboortedatum en adres van de betrokken bestuurder; c. c. de datum waarop de bestuurder daadwerkelijk bij genoemde instelling is ingeschreven; d. d. de datum waarop de in het tweede lid bedoelde periode van twintig weken is aangevangen.
Artikel 3
1. Van artikel 2.7:2 van het Besluit wordt vrijstelling verleend aan de bestuurder die een bus, onderscheidenlijk een vrachtauto met een toegestaan maximumgewicht van meer dan 7500 kg bestuurt onder toezicht van een bevoegd toezichthouder, mits hij zich als leerling heeft laten inschrijven bij een instelling die een opleiding verzorgt, gericht op het afleggen van een examen ter verkrijging van een erkend getuigschrift van vakbekwaamheid voor het besturen van een autobus, onderscheidenlijk van een vrachtauto en een door bovenbedoelde instelling afgegeven verklaring waaruit de inschrijving blijkt, bij zich heeft.
2. Artikel 2, derde lid, onder a, b en c, zijn van toepassing.
3. De verklaring is door of namens de instelling, bedoeld in het eerste lid, ondertekend.
4. Een bevoegd toezichthouder als bedoeld in het eerste lid is in het bezit van een instructeursbewijs voor de categorie motorrijtuigen waarop het rijonderricht betrekking heeft als bedoeld in de Wet rijonderricht motorrijtuigen.
Artikel 4
Aan de bestuurder van een bus wordt gedurende anderhalf jaar na zijn indiensttreding vrijstelling verleend van artikel 2.7:2 van het Besluit, indien hij een door zijn werkgever afgegeven verklaring bij zich heeft, waaruit blijkt dat hij in het bedrijf een basisopleiding heeft gevolgd, waarvan het lesprogramma aan de Ministers is overgelegd, alsmede een verklaring waaruit de datum van zijn indiensttreding blijkt.
Artikel 5
1.
Van artikel 2.7:2 van het Besluit wordt vrijstelling verleend aan de bestuurder van een motorrijtuig dat:
a. a. uitsluitend wordt gebezigd voor
1º.
vervoer van produkten van landbouwbedrijven in de zin van artikel 3, onderdeel a, van de Regeling wegvervoer goederen, van de teeltplaats naar de veiling, alsmede van daartoe gebruikte verpakkingsmiddelen van de veiling naar de teeltplaats;
2º.
voertuigen voor gebruik als winkels op plaatselijke markten, voor de verkoop aan huis, voor ambulante werkzaamheden van banken, wisselkantoren of spaarbanken, voor de eredienst, voor het uitlenen van boeken, platen of cassettes, voor culturele manifestaties of voor tentoonstellingen en speciaal voor dergelijk gebruik uitgerust;
1º. 1º. vervoer van produkten van landbouwbedrijven in de zin van artikel 3, onderdeel a, van de Regeling wegvervoer goederen, van de teeltplaats naar de veiling, alsmede van daartoe gebruikte verpakkingsmiddelen van de veiling naar de teeltplaats; 2º. 2º. voertuigen voor gebruik als winkels op plaatselijke markten, voor de verkoop aan huis, voor ambulante werkzaamheden van banken, wisselkantoren of spaarbanken, voor de eredienst, voor het uitlenen van boeken, platen of cassettes, voor culturele manifestaties of voor tentoonstellingen en speciaal voor dergelijk gebruik uitgerust; b. b. door een ondernemer in een kleinhandel uitsluitend wordt gebezigd voor het ambulant uitoefenen van die kleinhandel; c. c. uitsluitend is ingericht en uitsluitend wordt gebezigd als
rijdende bibliotheek;
rijdend bureau;
rijdende instructieruimte;
rijdende kantine;
rijdende medische dienst;
rijdende spaarbank;
rijdende tandverzorgingsdienst;
rijdende tentoonstellingsruimte;
- rijdende bibliotheek;
- rijdend bureau;
- rijdende instructieruimte;
- rijdende kantine;
- rijdende medische dienst;
- rijdende spaarbank;
- rijdende tandverzorgingsdienst;
- rijdende tentoonstellingsruimte; d. d. wordt gebruikt voor het vervoer van circus- of kermismateriaal.
2. Van artikel 2.7:2 van het Besluit wordt vrijstelling verleend aan de bestuurder van een motorrijtuig indien hij dit uitsluitend bestuurt voor het uitvoeren en controleren van reparaties aan of voor het demonstreren van dat voertuig, voor zover met dat voertuig geen andere personen of goederen worden vervoerd dan voor het uitvoeren en controleren van een reparatie of voor een demonstratie nodig zijn.
3. De in het eerste en tweede lid bedoelde vrijstelling geldt voorzover de bestuurder de leeftijd van 21 jaar heeft bereikt en voorzover het door hem bestuurde motorrijtuig, met uitzondering van motorrijtuigen als bedoeld in het eerste lid, onder d,wordt gebruikt binnen een straal van 50 km rondom de standplaats, met inbegrip van de gemeenten waarvan het gemeentehuis binnen die straal is gelegen.
4. Van artikel 2.7:2 van het Besluit wordt vrijstelling verleend aan de bestuurder van een motorrijtuig voor het vervoer, bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel c, l en p, van verordening (EG) nr. 561/2006, alsmede aan de bestuurder die in een periode van een week minder dan 12 uren vervoer verricht.
Artikel 6
1. Van artikel 2.7:2 van het Besluit wordt vrijstelling verleend de bestuurder van 21 jaar of ouder die in het bezit is van een niet in Nederland afgegeven rijbewijs, dat omwisselbaar is voor een Nederlands groot rijbewijs C, D of E.
2. Van artikel 2.7:2 van het Besluit wordt vrijstelling verleend aan de bestuurder die in opdracht van een niet in Nederland gevestigde ondernemer vervoer in Nederland verricht.
3.
Van artikel 2.7:2 is vrijgesteld de bestuurder, die onderdaan is van:
a. a. Cyprus; b. b. Estland; c. c. Hongarije; d. d. Letland; e. e. Litouen; f. f. Malta; g. g. Polen; h. h. Slovenië; i. i. Slowakije; j. j. Tsjechië.
Artikel 7
1.
Tot 10 september 2008 is vrijgesteld van artikel 2.7:2 van het Besluit de bestuurder die houder is van een rijbewijs van één van de categorieën D1, D1+E, D, D+E of een als gelijkwaardig erkend rijbewijs en die:
a. a. op het tijdstip van inwerkingtreding van deze regeling in het bezit is van een ontheffing van het getuigschrift van vakbekwaamheid ingevolge het Rijtijdenbesluit, of b. b. een voertuig als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder h, van verordening (EG) nr. 561/2006 bestuurt.
2.
Tot 10 september 2009 is vrijgesteld van artikel 2.7:2 van het Besluit de bestuurder die houder is van een rijbewijs van één van de categorieën B+E, C1, C1+E, C, C+E of een als gelijkwaardig erkend rijbewijs en die:
a. a. op het tijdstip van inwerkingtreding van deze regeling in het bezit is van een ontheffing van het getuigschrift van vakbekwaamheid ingevolge het Rijtijdenbesluit, of b. b. een voertuig als bedoeld in artikel 4, onderdeel 6, van verordening (EEG) nr. 3820/85 bestuurt.
Artikel 8
Als getuigschrift van vakbekwaamheid worden erkend:
a. a. het diploma B van de Contactcomissie Chauffeurs Vakbekwaamheid, met dien verstande dat de bestuurder slechts vervoer verricht in overeenstemming met de op dat diploma vermelde aantekening; b. b. het diploma van de Stichting Vakopleiding Transport en Logistiek; c. c. het praktijkgetuigschrift van de Stichting Vakopleiding Transport en Logistiek.
Artikel 9
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling getuigschrift vakbekwaamheid.
Artikel 10
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 december 1998.