rijk/ministeriele-regeling/regeling-geurhinder-en-veehouderij/BWBR0020711
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling geurhinder en veehouderij BWBR0020711 ministeriele-regeling geldend 2021-06-17 https://wetten.overheid.nl/BWBR0020711 Regeling geurhinder en veehouderij

Regeling geurhinder en veehouderij

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

bijlage: bij deze regeling behorende bijlage;

wet: Wet geurhinder en veehouderij;

emissiepunt: punt waar een relevante hoeveelheid geur buiten:

a. a. het geheel overdekt dierenverblijf treedt, dan wel wordt gebracht; of b. b. het overdekte gedeelte van het gedeeltelijk overdekt dierenverblijf treedt, dan wel wordt gebracht.

Artikel 2

1. De geurbelasting vanwege een veehouderij wordt berekend met inachtneming van het verspreidingsmodel V-Stacks vergunning 2020.

2. Het geometrisch gemiddelde van de emissiepunten wordt aangemerkt als punt waar de geur uit het dierenverblijf treedt of wordt gebracht.

3. De geurbelasting wordt bepaald op de dichtstbijzijnde buitenzijde van een geurgevoelig object, gerekend vanaf het geometrisch gemiddelde van de emissiepunten.

4. Indien het dierenverblijf niet is overdekt, wordt de geurbelasting bepaald op de dichtstbijzijnde buitenzijde van een geurgevoelig object, gerekend vanaf het punt van de begrenzing dat het dichtst is gelegen bij het desbetreffende geurgevoelig object.

5. De geuremissie vanuit een veehouderij is de som van de voor de verschillende diercategorieën, gehouden in de onderscheiden dierenverblijven, berekende aantallen odour units per seconde per dier.

6. Het aantal odour units per seconde per dier van een diercategorie, is het aantal dieren van een diercategorie vermenigvuldigd met de voor de betreffende diercategorie in bijlage 1 opgenomen geuremissiefactor.

7. Indien voor een diercategorie geen geuremissiefactor is vastgesteld, wordt de diercategorie in de berekening van de geurbelasting buiten beschouwing gelaten.

Artikel 2a

Voor een veehouderij waarvoor geen omgevingsvergunning is vereist, wordt de geurbelasting die de veehouderij veroorzaakt vanwege dierenverblijven waarin een huisvestingssysteem dat begint met een van de navolgende BWL-codes wordt toegepast, tot 1 juli 2019 berekend met de geuremissiefactor voor de betreffende diercategorie zoals die luidde onmiddellijk vóór de datum van inwerkingtreding van de Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat van 17 juli 2018 tot wijziging van de Regeling ammoniak en veehouderij en de Regeling geurhinder en veehouderij (wijzigingen rendement geur voor bepaalde luchtwassystemen en periodieke actualisatie emissiefactoren voor ammoniak en geur) (Stcrt. 2018, 39679), indien vóór 1 mei 2018 reeds een aanvang is gemaakt met het oprichten of veranderen van de veehouderij:

a. a. BWL 2006.14 b. b. BWL 2006.15 c. c. BWL 2007.01 d. d. BWL 2007.02 e. e. BWL 2009.12 f. f. BWL 2010.02 g. g. BWL 2011.07 h. h. BWL 2011.08 i. i. BWL 2012.07.

Artikel 2b

Voor een veehouderij waarvoor geen omgevingsvergunning is vereist, wordt de geurbelasting vanwege de veehouderij tot 1 juni 2022 berekend met inachtneming van het verspreidingsmodel V-Stacks vergunning 2010, indien:

a. a. voor 11 maart 2021 reeds een aanvang is gemaakt met het oprichten of veranderen van de veehouderij; en b. b. toepassing van verspreidingsmodel V-Stacks vergunning 2020 ertoe leidt dat na oprichting of verandering niet wordt voldaan aan de geldende geurnorm.

Artikel 3

De afstand, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de wet is opgenomen in bijlage 2.

Artikel 4

1. De afstand, bedoeld in de artikelen 3, tweede en derde lid, en 4, eerste lid, van de wet wordt gemeten vanaf de buitenzijde van het geurgevoelig object tot het dichtstbijzijnde emissiepunt.

2. Indien het dierenverblijf niet is overdekt, wordt de afstand gemeten vanaf de buitenzijde van een geurgevoelig object tot het punt van de begrenzing van het dierenverblijf dat het dichtst is gelegen bij het desbetreffende geurgevoelig object.

Artikel 5

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de wet in werking treedt.

Artikel 6

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling geurhinder en veehouderij.

Bijlage 1. bedoeld in

Eindnoten:

  1. De geuremissie heeft betrekking op een stalperiode van maximaal drie maanden in de winter.

  2. De geuremissiefactor geldt inclusief opfok, zodat die opfok niet meetelt voor de berekening van de geuremissie.

  3. Een stalsysteem met spoelgoten wordt niet gewaardeerd als emissiearme huisvesting maar als overige huisvesting.

  4. a.e. is de afkorting van ammoniakemissie.

  5. Voor opfokzeugen na de eerste dekking wordt de geuremissiefactor voor fokzeugen gehanteerd.

  6. Bij de diercategorie geiten is bij het bepalen van het emissiereductiepercentage voor luchtwassystemen rekening gehouden met leklucht.

Bijlage 2. bedoeld in

De afstanden, uitgedrukt in meters, voor nertsen worden als volgt bepaald.