rijk/ministeriele-regeling/regeling-ict-infrastructuur-voor-het-groene-onderwijs-2003/BWBR0014360
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling ICT-infrastructuur voor het groene onderwijs 2003 BWBR0014360 ministeriele-regeling geldend 2003-01-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0014360 Regeling ICT-infrastructuur voor het groene onderwijs 2003

Regeling ICT-infrastructuur voor het groene onderwijs 2003

Paragraaf 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

Paragraaf 2. Aanvullende vergoeding

Artikel 2

De minister verleent aan AOC's en organisaties een aanvullende bekostiging ten behoeve van een aansluiting op kennisnet, het gebruik van standaard internetdiensten en het gebruik van groen kennisnet.

Artikel 3

1.

De aanvullende bekostiging, bedoeld in artikel 2, omvat de kosten van:

a. a. aansluiting op kennisnet van locaties of organisaties; b. b. de transportdienst met een aansluitcapaciteit van minimaal 10 kilobytes per seconde per werkplek, afgerond naar de dichtstbijzijnde macht van 2, en c. c. de standaard internetdiensten voor het vast te stellen aantal werkplekken.

2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, onder b, bedraagt voor de vestiging Twello van het AOC Oost en de vestiging Roermond van het AOC Limburg de aansluitcapaciteit 20 kilobytes per seconde per werkplek.

3. De minister kan aan het AOC of de organisatie een vergoeding verstrekken ten behoeve van aanvullende diensten, zoals bedoeld in de bijlage bij deze regeling, onderdeel C, indien het AOC of de instelling een daartoe strekkend verzoek indient bij de minister. Deze vergoeding bedraagt 90% van de werkelijke kosten van de aanvullende diensten, vanaf het moment van levering van deze diensten.

Paragraaf 3. Berekening vergoeding

Artikel 4

1. Het aantal werkplekken van een locatie wordt vastgesteld door het aantal leerlingen, vermeerderd met drietiende van het aantal deeltijdleerlingen te delen door tien.

2.

Het aantal leerlingen, bedoeld in het vorige lid, is:

a. a. voor het middelbaar beroepsonderwijs gelijk aan het aantal bij dat AOC ingeschreven bekostigde leerlingen in het schooljaar 1999-2000, en b. b. voor het voorbereidend beroepsonderwijs gelijk aan het aantal bij dat AOC ingeschreven bekostigde leerlingen in het schooljaar 2000-2001.

3. Het aantal werkplekken van een organisatie is gelijk aan het aantal direct bij het onderwijs betrokken medewerkers.

4. Onverminderd het in het vorige lid bepaalde, wordt het aantal werkplekken van een agrarisch innovatie- en praktijkcentrum verhoogd met het aantal praktijkcursistweken in het schooljaar 1999-2000, gedeeld door 300.

Artikel 5

1. De aanvullende vergoeding voor de aansluiting op kennisnet en voor de transportdienst wordt berekend op basis van de tarievenlijst in de bijlage bij deze regeling, onderdeel A.

2. De aanvullende bekostiging voor de standaard internetdiensten wordt bij AOC's vastgesteld door het aantal leerlingen als bedoeld in het tweede lid, vermeerderd met eentiende van het aantal leerlingen te vermenigvuldigen met de vaste aansluitkosten per gebruiker maand.

3. De aanvullende bekostiging voor de standaard internetdiensten is bij organisaties gelijk aan het aantal direct bij het onderwijs betrokken medewerkers, vermenigvuldigd met de kosten van de standaard internetdiensten per gebruiker per maand.

Artikel 6

1. In aanvulling op de aanvullende bekostiging, bedoeld in artikel 2, verstrekt de minister aan AOC's en organisaties een bedrag van € 25.000,- per AOC of organisatie. Voor AOC's wordt dit bedrag vermeerderd met € 15,- per leerling.

2.

De aanvulling, bedoeld in het vorige lid, strekt tot:

a. a. vergoeding van de kosten van extra inzet en externe scholing van eigen personeel van het AOC of de organisatie op het gebied van informatiemanagement of applicatiebeheer; b. b. vergoeding van de kosten van de benodigde softwarelicenties, en c. c. vergoeding van de kosten van externe deskundigen ten behoeve van de implementatie van kennisnet.

3. Van de aanvulling, bedoeld in het eerste lid, strekt 50% tot dekking van de kosten, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a.

4. Van de aanvulling, bedoeld in het eerste lid, verstrekt de minister 80% in het jaar 2002 en 20% bij de verantwoording, bedoeld in artikel 12, derde lid.

Paragraaf 4. Verplichtingen

Artikel 7

Het AOC of de organisatie gebruikt kennisnet ten behoeve van het onderwijs. Omtrent dit gebruik brengt het AOC of de organisatie verslag uit in het jaarverslag en op groen kennisnet.

Artikel 8

1. Het AOC of de organisatie registreert alle werknemers en leerlingen uiterlijk op 1 juli 2003 op kennisnet en draagt er zorg voor dat zij de beschikking hebben over een e-mailadres, en draagt er zorg voor dat deze registratie actueel blijft.

2. Het AOC draagt er zorg voor dat al zijn leerlingen en medewerkers uiterlijk zes maanden na het begin van de verstrekking aan alle locaties toegang hebben tot kennisnet en internet.

3. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op organisaties.

Artikel 9

1.

De aanvullende bekostiging wordt verleend indien het AOC of de organisatie:

a. a. een gebruiksovereenkomst heeft afgesloten met nl.tree, en b. b. kennisnet daadwerkelijk gebruikt zodra de aansluiting van het desbetreffende AOC of de organisatie mogelijk is.

2. De aanvullende bekostiging wordt toegekend vanaf het moment dat de overeenkomst tussen het AOC of de organisatie en nl.tree is gesloten.

Artikel 10

Indien het AOC of de organisatie wel een overeenkomst heeft gesloten met nl.tree en verstrekking van kennisnet nog niet heeft plaatsgevonden, wordt de aanvullende bekostiging gebruikt voor diensten die strekken tot vervanging van die verstrekking en voorbereiding op de aansluiting op kennisnet tot de verstrekking plaatsvindt.

Artikel 11

1. Het AOC of de organisatie dient vóór 1 februari 2003 een begroting en plan van aanpak in ter uitvoering van de werkzaamheden, bedoeld in artikel 6, tweede lid.

2. Het AOC of de instelling breng halfjaarlijks verslag uit omtrent de voortgang van de werkzaamheden, bedoeld in artikel 6, tweede lid.

Paragraaf 5. Verantwoording

Artikel 12

1. Het AOC of de organisatie verantwoordt de besteding van aanvullende bekostiging afzonderlijk in de jaarrekening met inachtneming van de voorschriften die voor het desbetreffende jaar op de jaarrekening van toepassing zijn.

2. Het eerste lid is voor AOC's tevens van toepassing op de aanvulling, bedoeld in artikel 6.

3. Het AOC of de organisatie verantwoordt de besteding van de aanvulling, bedoeld in artikel 6, uiterlijk op 31 december 2004.

Artikel 13

Indien de aansluiting, het gebruik van de standaard internetdiensten en van aanvullende diensten als bedoeld in artikel 2 door in gebreke blijven van het AOC of de organisatie niet of niet volledig heeft plaatsgevonden, dan wel niet of niet volledig is voortgezet tot 1 januari 2004, kan de minister de aanvullende bekostiging geheel of gedeeltelijk terugvorderen, dan wel in mindering brengen op de rijksbijdrage van het AOC of de organisatie, bedoeld in artikel 2.2.12 van de wet.

Paragraaf 6. Slotbepalingen

Artikel 14

Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2003.

Artikel 15

Deze regeling geldt tot en met 31 december 2003.

Artikel 16

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling ICT-infrastructuur voor het groene onderwijs 2003.

Bijlage . bij de Regeling ICT-infrastructuur voor het groene onderwijs 2000 - 2003