40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling incidentele middelen voor achterstallig onderhoud AOC’s en categoriaal vbo-groen | BWBR0010917 | ministeriele-regeling | geldend | 1999-12-05 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0010917 | Regeling incidentele middelen voor achterstallig onderhoud AOC’s en categoriaal vbo-groen |
Regeling incidentele middelen voor achterstallig onderhoud AOC’s en categoriaal vbo-groen
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
Artikel 2
1.
De minister kent aan het bevoegd gezag van een school een aanvullende exploitatievergoeding toe in verband met achterstallig onderhoud aan het gebouw van vestiging, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen:
a. a. bouw in de periode voor 1 januari 1976; b. b. bouw in de periode van 1 januari 1976 tot en met 31 december 1986 en c. c. bouw in de periode vanaf 1 januari 1987.
2. De aanvullende exploitatievergoeding wordt aangewend voor het opheffen van achterstallig onderhoud aan het gebouw van vestiging van de betrokken school.
3.
De aanvullende exploitatievergoeding wordt berekend volgens artikel 3 en bedraagt per m
a. a. f 36,80 voor zover het betreft de in het eerste lid, onder a, genoemde periode; b. b. f 33,08 voor zover het betreft de in het eerste lid, onder b, genoemde periode, en c. c. f 7,04 voor zover het betreft de in het eerste lid, onder c, genoemde periode.
Artikel 3
1. De aanvullende exploitatievergoeding wordt berekend door de van toepassing zijnde bedragen genoemd in artikel 2, tweede lid, onderdelen a tot en met c, te vermenigvuldigen met het aantal m
2. Voor een vestiging van een Agrarisch Opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3. van de Wet educatie en beroepsonderwijs, waarin zowel beroepsonderwijs op het gebied van landbouw en de natuurlijke omgeving als voorbereidend beroepsonderwijs in de afdeling landbouw en natuurlijke omgeving, bedoeld in artikel 10c, onderdeel d, van de Wet op het voortgezet onderwijs wordt verzorgd, stelt de minister naar evenredigheid van het aantal leerlingen dat aan de genoemde vestiging voorbereidend beroepsonderwijs volgt, vast welk percentage van het aantal m
Artikel 4
De minister zendt het bevoegd gezag van de school uiterlijk 15 december 1999 een beschikking omtrent de vaststelling van de vergoeding, bedoeld in artikel 2. Voor de vaststelling van de vergoeding behoeft geen aanvraag door het bevoegd gezag van de school te worden ingediend.
Artikel 5
Van de vastgestelde vergoeding wordt in 1999 26,9% in 2000 13,45% en in 2002 59,65% verstrekt. De be-taling voor 1999 vindt plaats in de maand december, die voor de overige jaren in de maand maart.
Artikel 6
Deze regeling treedt inwerking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Artikel 7
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling incidentele middelen voor achterstallig onderhoud AOC’s en categoriaal vbo-groen.