40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling instelling Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen 2012 | BWBR0031678 | ministeriele-regeling | geldend | 2012-06-22 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0031678 | Regeling instelling Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen 2012 |
Regeling instelling Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen 2012
Artikel 1
Er is een Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen.
Artikel 2
1. De Nationaal rapporteur wordt in zijn werkzaamheden ondersteund door een bureau. Het bureau en de Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen vormen samen het instituut Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen.
2. De medewerkers van het bureau leggen voor hun werkzaamheden uitsluitend verantwoording af aan de Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen.
3. Op voordracht van de Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen voorziet de Minister van Veiligheid en Justitie in de benoeming, bevordering en het ontslag van de medewerkers van het bureau.
4. De Minister van Veiligheid en Justitie draagt, na overleg met de Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen, zorg voor de nodige voorzieningen ten behoeve van de werkzaamheden van het instituut Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen .
Artikel 3
De Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen regelt zijn werkwijze en die van het bureau.
Artikel 4
1. De Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen onderzoekt de (ontwikkelingen in de) omvang en kenmerken van mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen alsmede de effecten van genomen beleidsmaatregelen in de aanpak van mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen.
2. De Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen adviseert de regering over de voorkoming en bestrijding van mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen.
3. De Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen rapporteert periodiek aan de regering door toezending van zijn rapporten ten aanzien van mensenhandel en ten aanzien van seksueel geweld tegen kinderen aan de Minister van Veiligheid en Justitie.
4. De Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen stelt ieder jaar een jaarplan op en zendt dit aan de Minister van Veiligheid en Justitie.
Artikel 5
1.
De rapporten, genoemd in artikel 4, derde lid, bevatten in ieder geval:
a. a. een verantwoording van de wijze van onderzoek; b. b. de resultaten van het verrichte onderzoek en de daarop gebaseerde conclusies; c. c. aanbevelingen ter verbetering van de voorkoming en bestrijding van mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen.
2. De aanbevelingen, genoemd in het eerste lid, onder c, kunnen zich richten tot de centrale overheid, lokale overheid en andere bestuursorganen, tot internationale organisaties, non-gouvernementele organisaties en tot andere betrokkenen.
3. De Minister van Veiligheid en Justitie zendt de rapporten ter kennisneming aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal.
Artikel 6
1. De Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen wordt benoemd en ontslagen door de Minister van Veiligheid en Justitie na overleg met de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
2. Elke vier jaar wordt het instituut van de Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen geëvalueerd. Aan de hand van de evaluatie wordt bezien of wijziging van de taken van de Rapporteur gewenst is.
3. De Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen wordt benoemd voor een periode van 4 jaar met de mogelijkheid van herbenoeming.
Artikel 7
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2012.
Artikel 8
De Regeling instelling Nationaal rapporteur mensenhandel 2009 wordt ingetrokken.
Artikel 9
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling instelling Nationaal rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen 2012.