rijk/ministeriele-regeling/regeling-leeruitkomsten-hoger-onderwijs/BWBR0051596
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling leeruitkomsten hoger onderwijs BWBR0051596 ministeriele-regeling geldend 2025-10-09 https://wetten.overheid.nl/BWBR0051596 Regeling leeruitkomsten hoger onderwijs

Regeling leeruitkomsten hoger onderwijs

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • Clustermelding: een gezamenlijke melding door een instelling voor twee of meer opleidingen;
  • Minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
  • Praktijkcomponent: een onderdeel dat bestaat uit het uitvoeren van een of meer leeractiviteiten en het verzamelen van bewijsmateriaal voor het voldoen aan een of meer leeruitkomsten voor de opleiding in en met de praktijk;
  • Wet: Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.

Artikel 2

De voltijdse opleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een substantiële praktijkcomponent die zijn opgenomen in de bijlage bij deze regeling, kunnen geheel of gedeeltelijk bestaan uit eenheden van leeruitkomsten.

Artikel 3

1. Een opleiding wordt in de bijlage opgenomen nadat het instellingsbestuur daartoe bij de Minister deze opleiding elektronisch heeft aangemeld en uit de melding en de daarbij op grond van het tweede lid aan te leveren bescheiden blijkt dat sprake is van een opleiding met een substantiële praktijkcomponent.

2.

De melding gaat vergezeld van de volgende bescheiden:

de gegevens in de Registratie instellingen en opleidingen, bedoeld in artikel 6.14, derde lid, van de wet; het deel van de Onderwijs- en Examenregeling (OER) waarin de substantiële praktijkcomponent wordt beschreven; instemming van de opleidingscommissie inzake de werkwijze bij de totstandkoming van het studieplan; een positief advies van de examencommissie op de invulling van de substantiële praktijkcomponent; instemming van de betrokken docenten bij de betreffende opleiding.

3. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op een clustermelding.

4. De aanmelding van een of meer voltijdse opleidingen met een substantiële praktijkcomponent wordt gedaan op uiterlijk 1 maart voorafgaand aan het studiejaar waarin de instelling de opleiding op basis van eenheden van leeruitkomsten wil verzorgen.

5. De instelling doet uiterlijk met ingang van 1 maart voorafgaand aan het studiejaar met ingang waarvan de opleiding niet langer een substantiële praktijkcomponent omvat, melding hiervan aan de Minister.

Artikel 4

1.

De bij de opleiding betrokken docenten kunnen instemmen met het voornemen van het instellingsbestuur om een opleiding aan te bieden die bestaat uit eenheden van leeruitkomsten via:

a. a. het deel van de bij de opleiding betrokken docenten dat lid is van de opleidingscommissie, of b. b. indien aan de orde, een afvaardiging van docenten, gekozen door de bij de opleiding betrokken docenten, die niet tevens lid zijn van het college van bestuur of de raad van toezicht.

2. Het instellingsbestuur bepaalt welke van de in het eerste lid genoemde opties wordt gekozen.

Artikel 5

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling leeruitkomsten hoger onderwijs.

Artikel 6

Indien het bij koninklijk besluit van 20 juni 2022 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Wet op hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek houdende de verankering van eenheden van leeruitkomsten in de wet (Wet leeruitkomsten hoger onderwijs) (Kamerstukken 36 136) tot wet is of wordt verheven en artikel I, onderdeel B, van die wet in werking treedt, treedt deze regeling op hetzelfde tijdstip treedt in werking.

Bijlage . bij