40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling nadere eisen aan vuurwerk | BWBR0013435 | ministeriele-regeling | geldend | 2002-03-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0013435 | Regeling nadere eisen aan vuurwerk |
Regeling nadere eisen aan vuurwerk
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. a.
*lont:* onderdeel van het vuurwerk waardoor de gebruiker in staat wordt gesteld het vuurwerk tot ontbranding te brengen;
b. b.
*lading:* samenstelling van de sas en de hoeveelheid sas in vuurwerk;
c. c.
*zwart buskruit:* mengsel bestaande uit houtskool en natriumnitraat of kaliumnitraat met of zonder zwavel, met een maximale hoeveelheid verontreiniging van 3%;
d. d.
*knal:* het boogde geluidseffect ten gevolge van een explosieve verbranding van zwart buskruit opgesloten in een afzonderlijk compartiment;
e. e.
*burst:* het effect ten gevolge van een explosieve verbranding van een lading met als doel om effectladingen aan te steken en te verspreiden.
Artikel 2
1. Het in bijlage I vermelde vuurwerk wordt aangewezen als fop- en schertsvuurwerk.
2. Het in bijlage I vermelde vuurwerk voldoet aan de in die bijlage gestelde eisen met betrekking tot de lading.
Artikel 3
Consumentenvuurwerk mag niet de stoffen bevatten vermeld in bijlage II bij deze regeling.
Artikel 4
1. Sterretjes zijn niet voorzien van een ontstekingskop.
2. De houder van een sterretje is vervaardigd van een materiaal, dat niet kan smelten of buigen bij de temperatuur van de brandende lading en dat niet tot zelfontbranding kan overgaan.
Artikel 5
1. Consumentenvuurwerk voorzien van een lont heeft een ontsteekvertraging van ten minste 3 en ten hoogste 8 seconden.
2. De lont is zodanig samengesteld, dat het verloop van de ontsteking tot het moment van de ontbranding van het consumentenvuurwerk bij voortduring zichtbaar is.
3. Het bepaalde in het tweede lid is niet van toepassing op Romeinse kaarsen.
4. Consumentenvuurwerk is niet voorzien van een wrijvingsontsteker.
Artikel 6
1. Metalen of kunststof houders en sluitingen van consumentenvuurwerk hebben een zodanige sterkte, dat zij na de ontsteking niet uiteen worden gereten door het functioneren van het vuurwerk.
2. Onderdelen van zichzelf voortdrijvend consumentenvuurwerk, die bestemd zijn om een roterend of voortbewegend effect van dat vuurwerk te veroorzaken, zijn niet vervaardigd van metaal.
3. Onverminderd het bepaalde in het tweede lid mag de motorhuls van zichzelf voortdrijvend consumentenvuurwerk, bestemd om uitsluitend een opstijgend, niet roterend effect van dat vuurwerk te veroorzaken, met een totale lading van ten minste 15 gram, zijn vervaardigd van aluminium.
Artikel 7
Consumentenvuurwerk, dat een roterende beweging maakt, is niet aan een stok of een draad bevestigd.
Artikel 8
Consumentenvuurwerk is niet herlaadbaar.
Artikel 9
1. De lading van consumentenvuurwerk voldoet aan de in bijlage III bij deze regeling per categorie gestelde eisen.
2. Consumentenvuurwerk is niet voorzien van een burst.
3. Het tweede lid is niet van toepassing op consumentenvuurwerk als bedoeld in de categorieën C, D1 en E1 van bijlage III bij deze regeling.
Artikel 10
1. Consumentenvuurwerk levert bij het ontbranden een zodanige geluidsdruk dat het geluidsniveau (L Piek) op 2 meter afstand niet meer bedraagt dan 153 dB (lin).
2. Voor de beoordeling of consumentenvuurwerk voldoet aan het eerste lid, wordt uitsluitend gebruik gemaakt van de in bijlage IV vastgestelde methode van onderzoek.
Artikel 11
1. Gelijktijdige ontploffing van meerdere compartimenten bij gecompartimenteerd consumentenvuurwerk dat na de ontsteking door de reactie geheel of gedeeltelijk wordt uiteengereten, is uitgesloten.
2. Roterend consumentenvuurwerk is zodanig samengesteld dat de voortdrijvende werking ervan, of van onderdelen ervan, beperkt is tot een afstand van 2 meter van de plaats van ontsteking.
3. Bij zichzelf niet voortdrijvend consumentenvuurwerk met uitsluitend lichteffect is de dracht van de vrijkomende delen van de lading beperkt tot een afstand van ten hoogste twee meter van de plaats van ontsteking.
Artikel 12
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling nadere eisen aan vuurwerk.
Artikel 13
Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop het Vuurwerkbesluit in werking treedt.