40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling natuurlijke bronnen van ioniserende straling | BWBR0017141 | ministeriele-regeling | geldend | 2004-09-26 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0017141 | Regeling natuurlijke bronnen van ioniserende straling |
Regeling natuurlijke bronnen van ioniserende straling
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. a. besluit: Besluit stralingsbescherming; b. b. bijlage: bij deze regeling behorende bijlage, tenzij anders is aangegeven; c. c. oppervlaktebesmetting: aanwezigheid op het oppervlak van een object dat bestaat uit niet-radioactieve vaste stoffen, van niet-afwrijfbare of afwrijfbare natuurlijke bronnen met een gemiddelde massa per oppervlakte van minder dan 1 g/cm^2; d. d. bereikbaar oppervlak:
1°.
het bereikbaar oppervlak van een object zonder nader of destructief ingrijpen in dat object, of
2°.
oppervlak van een object dat bereikbaar is indien dat object geopend of uit elkaar genomen is voor gebruik, onderhoud of reparatie, voor product- of materiaalgebruik of voor product- of materiaalhergebruik;
1°. 1°. het bereikbaar oppervlak van een object zonder nader of destructief ingrijpen in dat object, of 2°. 2°. oppervlak van een object dat bereikbaar is indien dat object geopend of uit elkaar genomen is voor gebruik, onderhoud of reparatie, voor product- of materiaalgebruik of voor product- of materiaalhergebruik; e. e. eindbestemming: bestemming waarvan door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer of de ondernemer voorzien is dat een natuurlijke bron daar gedurende meer dan twee jaar zal verblijven, indien voor die bron geen andere bestemming is voorzien.
Artikel 2
De lijst van werkzaamheden waarbij mogelijk de in bijlage 1, tabel 1 en 2, bij het besluit vermelde waarden worden overschreden, wordt bekendgemaakt door vermelding in bijlage 1.
Artikel 3
1. De activiteiten of activiteitsconcentraties van natuurlijke bronnen worden gewogen en gesommeerd ten behoeve van de toetsing aan de in bijlage 1, tabel 1 of 2, van het besluit vermelde waarden, volgens de methode, aangegeven in bijlage 2, onder 1A en 1B.
2. De omgevingsdosisequivalenten, de equivalente en de effectieve doses, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van het besluit, ten gevolge van werkzaamheden worden bepaald volgens de methode, bedoeld in artikel 3, derde lid, onder a, van het besluit, volgens de methode aangegeven in bijlage 2, onder 2.
3. De doses met betrekking tot werkzaamheden worden getoetst volgens de methode, aangegeven in bijlage 2, onder 3.
Artikel 4
Werkzaamheden waarvoor een verplichting tot melding geldt overeenkomstig artikel 103, eerste lid, van het besluit, worden verricht met inachtneming van de in bijlage 3 opgenomen voorschriften.
Artikel 5
1.
De schade ten gevolge van werkzaamheden in gevallen, waarin de activiteitsconcentratie in combinatie met de activiteit geen juiste indicatie geeft van de schade ten gevolge van werkzaamheden, wordt bepaald en getoetst door:
a. a. de bepaling, onderscheidenlijk de toetsing van de oppervlaktebesmetting van enig bereikbaar oppervlak, of b. b. de bepaling, onderscheidenlijk de toetsing van de externe straling ten gevolge van de besmetting van enig niet-bereikbaar oppervlak.
2. In gevallen als bedoeld in het eerste lid, onder a, geldt met het oog op de stralingsbescherming in afwijking van artikel 107, tweede lid, van het besluit, het in het eerste lid van dat artikel gestelde verbod voor werkzaamheden met natuurlijke bronnen indien de oppervlaktebesmetting een totale bèta-activiteit heeft, die gelijk is aan of hoger dan 4 Bq/cm^2.
3. De oppervlaktebesmetting van een materiaal wordt gemeten volgens de methode aangegeven in bijlage 4.
4. Het eerste lid, onder a, is niet van toepassing in gevallen waarin de in het derde lid bedoelde meetmethode niet kan worden toegepast.
5. In gevallen als bedoeld in het eerste lid, onder b, geldt met het oog op de stralingsbescherming dat, indien de externe straling onder normale bedrijfsomstandigheden op 0,1 meter afstand van enig bereikbare buitenzijde van een bron een hoger omgevingsdosisequivalenttempo veroorzaakt dan 10 µSv per uur, zodanige maatregelen worden genomen dat voor die werkzaamheden een dosisbeperking van 1 mSv effectieve dosis in een kalenderjaar wordt gehanteerd.
Artikel 6
In de gevallen waarin de effectieve doses voor leden van de bevolking ten gevolge van water- of luchtlozingen hoger kunnen zijn dan 10 µSv in een kalenderjaar, geldt met het oog op de stralingsbescherming, in afwijking van artikel 108, tweede lid, van het besluit, het in het eerste lid van dat artikel gestelde verbod.
Artikel 7
1. Het is verboden radioactieve afvalstoffen van natuurlijke bronnen, in de gevallen bedoeld in artikel 110, tweede lid, van het besluit als eindbestemming op te slaan anders dan in een daartoe door de Ministers krachtens artikel 37, achtste lid, van het besluit aangewezen instelling.
2. De opslag van radioactieve afvalstoffen van natuurlijke bronnen als bedoeld in het eerste lid, die aan de waarden bedoeld in artikel 107, tweede lid voldoen, wordt verricht met inachtneming van de in bijlage 3 opgenomen voorschriften.
Artikel 8
1. Het mengen van natuurlijke bronnen, niet zijnde afvalstoffen, met andere natuurlijke bronnen of met andere stoffen is toegestaan, mits deze bronnen zijn bestemd voor een nuttige toepassing.
2. In gevallen waarin bij het voorhanden hebben of toepassen van natuurlijke bronnen of het product- of materiaalhergebruik daarvan in grond-, weg- of waterbouw de activiteitsconcentratie in combinatie met de totale activiteit van de betrokken natuurlijke bronnen hoger is dan de in bijlage 1, tabel 1, van het besluit aangegeven waarden, worden de bronnen, indien dit redelijkerwijs mogelijk is, zodanig gemengd met andere materialen dat de activiteitsconcentratie in de uiteindelijk toe te passen bouwstof lager wordt dan de in bijlage 1, tabel 1, van het besluit aangegeven waarden.
3. In gevallen, bedoeld in het tweede lid, waarbij de menging van bronnen met andere materialen redelijkerwijs niet mogelijk is, is de werkzaamheid niet toegestaan indien de dosis voor leden van de bevolking hoger is dan 0,3 mSv effectieve dosis in een jaar.
Artikel 9
In afwijking van artikel 101, iuncto artikel 38, vijfde lid, van het besluit geldt het verbod om afval van natuurlijke bronnen met afval van natuurlijke bronnen met een lagere activiteitsconcentratie of met andere afvalstoffen te mengen niet indien dit redelijkerwijs geen significant groter gevaar of significant grotere schade of hinder veroorzaakt.
Artikel 10
1. Het melden van werkzaamheden, alsmede van het beëindigen daarvan, wordt gedaan op een formulier waarvan het model is opgenomen in bijlage 5.
2. De melding bevat, naast de gegevens, bedoeld in de artikelen 105, eerste lid, en 106, eerste lid, van het besluit, de andere gegevens die in het formulier zijn aangegeven.
3.
Een nieuwe melding als bedoeld in artikel 105, tweede lid, van het besluit is steeds een volledige melding en is vereist:
a. a. ten minste vier weken voordat aan een belangrijke wijziging in de werkzaamheden ten opzichte van de laatste melding wordt begonnen, of b. b. in geval zich binnen vijf jaar na een volledige melding andere wijzigingen in de werkzaamheden hebben voorgedaan, of c. c. in andere gevallen dan bedoeld onder a en b: tien jaar na de laatste volledige melding.
4. Indien het derde lid niet van toepassing is, moet een nieuwe melding na tien jaar gegeven worden.
Artikel 11
1. Een ondernemer is vrijgesteld van het melden van werkzaamheden, in gevallen waarin een andere ondernemer deze meldt op een formulier waarvan het model is opgenomen in bijlage 6.
2.
Een ondernemer in de grond-, weg- of waterbouw is vrijgesteld van het melden van werkzaamheden indien:
a. a. een andere ondernemer meldt dat de natuurlijke bron een eindproduct in de grond-, weg-, of waterbouw is en een schatting van de omgevingsdosisequivalent in een jaar ten gevolge van eindbestemming voor leden van de bevolking geeft, en b. b. een certificaat bij de bronnen wordt meegeleverd, waarop vermeldt staat dat het radioactief materiaal betreft dat voor deze eindbestemming gebruikt mag worden.
3. De melding bevat, naast de gegevens bedoeld in artikelen 105, eerste lid, van het besluit, de andere gegevens die in het formulier zijn aangegeven.
4. In een geval als bedoeld in het eerste lid, deelt de ondernemer een wijziging van de gemelde gegevens ten minste zes weken voor de aanvang van de wijziging schriftelijk mede aan de ondernemer die de melding gedaan heeft.
5. Artikel 10, derde tot en met vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
Artikel 12
1. Een aanvraag om een vergunning voor werkzaamheden wordt ingediend op een formulier, waarvan het model is opgenomen in bijlage 7.
2. De aanvraag bevat, naast de gegevens, bedoeld in artikel 109, eerste lid, van het besluit, de andere gegevens die in het formulier zijn aangegeven.
Artikel 13
1. Voor het aanwezig zijn van natuurlijke bronnen in werken van grond-, weg- of waterbouw buiten een inrichting, die zijn verricht of daadwerkelijk een aanvang hebben genomen voordat deze regeling in werking treedt, gelden de in artikel 103, eerste lid, van het besluit gestelde verplichting, het in artikel 107, eerste lid, van het besluit gestelde verbod en artikel 8, tweede lid, van deze regeling niet.
2. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op stortplaatsen van radioactieve afvalstoffen die zijn ingericht voordat deze regeling in werking treedt.
3. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op werkzaamheden in de grond-, weg- of waterbouw binnen een inrichting, indien de effectieve dosis voor werknemers binnen de locatie de 1 mSv in een kalenderjaar niet overschrijdt.
4. Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op werkzaamheden in de grond-, weg- of waterbouw binnen een inrichting, indien buiten de inrichting een actuele individuele dosis, als bedoeld in de Regeling analyse gevolgen ioniserende straling voor het milieu, van 0,1 mSv in een kalenderjaar voor leden van de bevolking niet wordt overschreden.
5. Indien een der doses, genoemd in het tweede of derde lid, wordt overschreden, wordt de situatie aangemerkt als een situatie die leidt tot langdurige blootstelling als gevolg van een vroegere werkzaamheid.
Artikel 14
De ondernemer die een werkzaamheid verricht, waarvoor krachtens de wet tot de datum van inwerkingtreding van het besluit geen melding of vergunning was vereist, maar waarvoor krachtens hoofdstuk 8 van het besluit een melding vereist is, meldt deze werkzaamheid voor 1 maart 2005.
Artikel 15
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling natuurlijke bronnen van ioniserende straling.
Artikel 16
Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Bijlage . Bijlagen bij de regeling natuurlijke bronnen van ioniserende straling
Bijlage 2
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.
Bijlage 3
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.
Bijlage 4
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.
Bijlage 5
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.
Bijlage 6
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.
Bijlage 7
Ligt ter inzage bij het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer te Den Haag.