40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling spoorwegpersoneel 2011 | BWBR0030563 | ministeriele-regeling | geldend | 2019-03-20 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0030563 | Regeling spoorwegpersoneel 2011 |
Regeling spoorwegpersoneel 2011
Paragraaf 1. Begripsbepalingen
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
- arts-deskundige: arts die deskundig is op het medische terrein, bedoeld in het betreffende onderdeel van bijlage 1, 2 of 3 bij deze regeling;
- Besluit: Besluit spoorwegpersoneel 2011;
- Minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat.
Paragraaf 2. Eisen inzake de medische en psychologische geschiktheid
Artikel 2
1. De eisen inzake de medische geschiktheid van personen die binnen het hoofdspoorwegverkeerssysteem de veiligheidsfunctie van machinist met volledige bevoegdheid, machinist met beperkte bevoegdheid of rangeerder uitoefenen, bedoeld in artikel 9, eerste en tweede lid, van het Besluit, zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 1.
2. De eisen inzake de medische geschiktheid van personen die binnen het hoofdspoorwegverkeerssysteem de veiligheidsfunctie van treindienstleider met volledige bevoegdheid uitoefenen, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van het Besluit, zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 2.
3. De eisen inzake de medische geschiktheid van personen die binnen het hoofdspoorwegverkeerssysteem de veiligheidsfunctie van treindienstleider met minimale bevoegdheid uitoefenen, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van het Besluit, zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 3.
Artikel 3
De eisen inzake de psychologische geschiktheid van personen die binnen het hoofdspoorwegverkeerssysteem een veiligheidsfunctie uitoefenen, bedoeld in artikel 9, eerste en tweede lid, van het Besluit, zijn opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 4.
Artikel 4
Indien de keurling in geringe mate niet aan één of meerdere ingevolge artikel 2 vastgestelde medische eisen voldoet, kan de keurling desondanks ten aanzien van de desbetreffende eis of eisen zonder voorwaarden of beperkingen worden goedgekeurd, indien:
a. a. de keuringsarts vaststelt dat de keuringseis waaraan niet wordt voldaan voldoende wordt gecompenseerd; b. b. een veilige uitvoering van de functie hierdoor niet wordt belemmerd; en c. c. een arts-deskundige aan de keuringsarts schriftelijk heeft geadviseerd om de keurling ten aanzien van deze keuringseis goed te keuren.
Artikel 5
De verklaring van medische geschiktheid en de verklaring van psychologische geschiktheid, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het Besluit, bevatten ten minste de volgende gegevens:
a. a. naam van het keuringsinstituut; b. b. keuringsdatum; c. c. naam en geboortedatum van de keurling; d. d. veiligheidsfunctie waarvoor de keuring heeft plaatsgevonden; e. e. termijn waarvoor de keurling geschikt is bevonden; f. f. eventuele beperkingen of voorwaarden ten aanzien van de geschiktheid.
Paragraaf 3. Aanvraagformulier verlening of wijziging machinistenvergunning
Artikel 6
1. Voor een aanvraag tot verlening of wijziging van een machinistenvergunning wordt gebruik gemaakt van een door de Minister vastgesteld aanvraagformulier.
2. Een aanvraag gaat vergezeld van de documenten zoals aangegeven op het aanvraagformulier, bedoeld in het eerste lid.
Paragraaf 3a. Aanwijzing baanvakken voor grensoverschrijdende treindiensten
Artikel 6a
De volgende baanvakken worden aangewezen als baanvakken voor grensoverschrijdende treindiensten als bedoeld in artikel 5, derde lid, van het Besluit:
a. a. Bad Nieuweschans – Duitse grens; b. b. Oldenzaal – Duitse grens; c. c. Enschede – Duitse grens; d. d. Zevenaar – Duitse grens; e. e. Valburg – Duitse grens; f. f. Venlo – Duitse grens; g. g. Heerlen – Duitse grens; h. h. Maastricht – Belgische grens, richting Visé; i. i. Roosendaal – Belgische grens; j. j. Terneuzen – Belgische grens; en k. k. Breda – Belgische grens.
Paragraaf 4. Erkenning EU-beroepskwalificaties
Artikel 7
Deze paragraaf is van toepassing op een aanvraag van een migrerende beroepsbeoefenaar tot het verkrijgen van een erkenning van beroepskwalificaties voor de toegang tot de uitoefening van:
a. a. een veiligheidsfunctie als bedoeld in artikel 2, onderdelen c tot en met f, van het Besluit; b. b. de functie van examinator, bedoeld in artikel 7a, tweede lid, van het Besluit.
Artikel 8
1. Een aanvraag als bedoeld in artikel 33 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties wordt ingediend bij de Minister.
2. De aanvraag voor een erkenning als bedoeld in artikel 7, aanhef en onderdeel a, bevat de documenten, bedoeld in de artikelen 13, eerste lid, onderdelen a tot en met d, en 15 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties.
3. De aanvraag voor een erkenning als bedoeld in artikel 7, aanhef en onderdeel b, bevat de documenten, bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdelen a tot en met c, van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties.
Artikel 9
1. Indien de documenten, bedoeld in artikel 8, tweede of derde lid, niet aantonen dat de migrerende beroepsbeoefenaar bij de aanvraag voor een erkenning tot de uitoefening van een veiligheidsfunctie of functie van examinator voldoet aan de Nederlandse eisen voor het uitoefenen van de veiligheidsfunctie respectievelijk beschikt over grondige kennis van de relevante examenmethodes en examendocumenten, bedoeld in artikel 8, derde lid, onderdeel b, van Besluit 2011/765/EU, stelt de Minister vast op welk gebied hij een aanpassingsstage doorloopt of een proeve van bekwaamheid aflegt, alsmede de termijn waarbinnen dit geschiedt.
2. De Minister kan ten behoeve van het afgeven van de erkenning bepalen dat de aanpassingsstage of de proeve van bekwaamheid wordt beoordeeld door een door hem aan te wijzen examencommissie.
Artikel 10
De migrerende beroepsbeoefenaar maakt zijn keuze voor een aanpassingsstage of proeve van bekwaamheid vooraf kenbaar aan de Minister.
Artikel 11
Een aanvraag als bedoeld in artikel 8, eerste lid, wordt afgewezen indien de aanpassingsstage, dan wel de proeve van bekwaamheid, als onvoldoende is beoordeeld.
Paragraaf 5. Slotbepalingen
Artikel 12
Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop het Besluit in werking treedt.
Artikel 13
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling spoorwegpersoneel 2011.