40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling stankemissie veehouderijen in landbouwontwikkelings- en verwevingsgebieden | BWBR0015001 | ministeriele-regeling | geldend | 2003-05-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0015001 | Regeling stankemissie veehouderijen in landbouwontwikkelings- en verwevingsgebieden |
Regeling stankemissie veehouderijen in landbouwontwikkelings- en verwevingsgebieden
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
Artikel 2
1. De stankemissie vanuit een veehouderij is de som van de stankemissie vanuit de dieren verblijven en de stankemissie vanuit de mestverwerkinginstallaties.
2. De stankemissie, veroorzaakt door de dierenverblijven is de som van de voor de verschillende diercategorieën, gehouden in de onderscheiden huisvesting, berekende aantallen mestvarkeneenheden. Het aantal mestvarkeneenheden van een diercategorie is het aantal dieren dat op grond van de vergunning aanwezig mag zijn, gedeeld door de in bijlage 1 voor de betreffende categorie opgenomen omrekeningsfactor. Indien voor een diercategorie geen omrekeningsfactor is vastgesteld, wordt die categorie bij het berekenen van de stankemissie buiten beschouwing gelaten.
3. Voor de toepassing van het eerste lid, wordt de stankemissie veroorzaakt door de mestverwerkinginstallaties op nul mestvarkeneenheden gesteld.
Artikel 3
De afstand, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de wet is aangegeven in bijlage 2.
Artikel 4
1. De afstand, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de wet wordt gemeten vanaf de buitenzijde van het voor stank gevoelig object tot het dichtstbijzijnde emissiepunt van een mestverwerkinginstallatie of dierenverblijf waar de diercategorieën worden gehouden waarvoor een omrekeningsfactor is vastgesteld.
2. De afstand, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van de wet wordt gemeten vanaf de buitenzijde van het voor stank gevoelig object tot het dichtstbijzijnde emissiepunt van een mestverwerkinginstallatie of dierenverblijf waar de diercategorieën worden gehouden, bedoeld in bijlage 2.
3. De afstand, bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de wet wordt gemeten vanaf de buitenzijde van het voor stank gevoelig object tot het dichtstbijzijnde emissiepunt van een mestverwerkinginstallatie of dierenverblijf.
Artikel 5
Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de wet in werking treedt.
Artikel 6
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling stankemissie veehouderijen in landbouwontwikkelings- en verwevingsgebieden.
Bijlage 1. , als bedoeld in
-
De stankemissie heeft betrekking op een stalperiode van maximaal drie maanden in de winter.
-
De omrekeningsfactor geldt inclusief opfok, zodat die opfok niet meetelt voor de berekening van de stankemissie.
-
Een stalsysteem met spoelgoten wordt niet gewaardeerd als emissiearme huisvesting maar als overige huisvesting.
-
a.e. is de afkorting van ammoniakemissie.
-
Voor opfokzeugen na de eerste dekking wordt de omrekeningsfactor voor fokzeugen gehanteerd.
Bijlage 2. , als bedoeld in
De afstand bedraagt voor alle diercategorieën waarvoor in bijlage 1 geen omrekeningsfactoren is vastgesteld:
Omgevingscategorie I 100 meter
Omgevingscategorie II 100 meter
Omgevingscategorie III 50 meter
Omgevingscategorie IV 50 meter
Deze afstanden gelden niet voor de pelsdieren. Voor pelsdieren (nertsen en vossen) wordt de afstand als volgt bepaald.
In de berekening worden jongen en reuen buiten beschouwing gelaten.
Indien zowel nertsen als vossen, dan wel uitsluitend vossen worden gehouden, worden voor het bepalen van de afstand 10 vossen (fokmoeren) gelijkgesteld met 15 nertsen (fokteven). Indien (nadat de eventueel aanwezige vossen zijn omgerekend naar nertsen) meer dan 9000 fokteven worden gehouden, wordt de afstand voor elke extra 3000 fokteven met 25 meter extra vergroot.
Indien de pelsdieren in emissiearme huisvesting (a.e. ≤ 0,25 kg/dierplaats) worden gehouden, worden de afstanden uit de tabel voor de omgevingscategorieën III en IV met 25 meter verminderd.