rijk/ministeriele-regeling/regeling-stimulering-innovaties-politiekorpsen/BWBR0010678
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling stimulering innovaties politiekorpsen BWBR0010678 ministeriele-regeling geldend 1999-09-11 https://wetten.overheid.nl/BWBR0010678 Regeling stimulering innovaties politiekorpsen

Regeling stimulering innovaties politiekorpsen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. a. minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; b. b. politiekorps: een regionaal politiekorps of het Korps landelijke politiediensten.

Artikel 2

De minister stelt aan politiekorpsen ter bevordering van het innoverend vermogen een stimuleringsbijdrage beschikbaar voor innovatieve projecten.

Artikel 3

Een innovatief project is een project dat voldoet aan de volgende voorwaarden:

a. a. het heeft betrekking op de verhoging van de effectiviteit en efficiëntie van de bedrijfsvoering en de taakuitvoering, b. b. het levert een bijdrage aan de verbetering van de kwaliteit van de politiezorg en c. c. het is een vernieuwend initiatief voor de Nederlandse politie dat valt binnen de kaders van jaarlijks door de minister vast te stellen themas.

Artikel 4

1. De korpsbeheerder dient een aanvraag voor een stimuleringsbijdrage schriftelijk in bij de minister ten minste vier weken voor aanvang van het project.

2.

De aanvraag dient vergezeld te gaan van een begroting en een beschrijving van het project. In de beschrijving zijn in ieder geval opgenomen:

a. a. het doel van het project; b. b. de wijze waarop het doel wordt gerealiseerd; c. c. de startdatum en duur van het project; d. d. eventuele samenwerking met andere politiekorpsen; e. e. eventuele samenwerking met derden, niet zijnde politiekorpsen; f. f. de te verwachten resultaten; g. g. de wijze van evaluatie; h. h. een kostenraming; i. i. de inbreng van het politiekorps of derden in het project; j. j. de gevraagde bijdrage.

Artikel 5

1. Voor de uitvoering van deze regeling geldt een per begrotingsjaar door de minister vast te stellen subsidieplafond.

2. De jaarlijks beschikbare gelden voor deze stimuleringsbijdrage worden verdeeld naar volgorde van indiening van aanvragen die voldoen aan de eisen opgenomen in artikel 4, tweede lid.

3. Aanvragen die worden ingediend nadat de jaarlijks beschikbare gelden zijn uitgeput, worden in het daaropvolgende begrotingsjaar in behandeling genomen.

Artikel 6

De stimuleringsbijdrage wordt toegekend onder de navolgende voorwaarden:

a. a. De minister en de andere politiekorpsen krijgen de beschikking over de kennis en ervaring die in het desbetreffende project is verzameld, respectievelijk is opgedaan; b. b. Producten van het project worden maximaal tegen kostprijs ter beschikking gesteld aan de andere politiekorpsen; c. c. Zonder schriftelijke toestemming van de minister zal geen commercieel gebruik gemaakt worden van de met behulp van een stimuleringsbijdrage ontwikkelde producten; d. d. Op de producten wordt vermeld dat realisatie (mede) mogelijk gemaakt is door middel van een stimuleringsbijdrage van de directie Politie van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; e. e. De kennis, de ervaringen en de producten van het project zijn openbaar. Zo mogelijk wordt hierover gepubliceerd in de nieuwsbrief Interface, het Algemeen Politieblad of in de reeks Politia Nova.

Artikel 7

De stimuleringsbijdrage wordt als voorschot worden verstrekt tot een maximum van 80% van de beschikbare stimuleringsbijdrage.

Artikel 8

1.

Binnen drie maanden na afloop van het project brengt de korpsbeheerder verslag uit aan de minister over het project. In dit verslag zijn ten minste opgenomen:

a. a. een inhoudelijke evaluatie van het innovatief project; b. b. een financiële verantwoording van de besteding van de ontvangen stimuleringsbijdrage.

2. De financiële verantwoording wordt vormgegeven conform het Besluit financiën regionale politiekorpsen. De ontvangst en besteding van de stimuleringsbijdrage worden op zichtbare wijze in de jaarrekening van het desbetreffende politiekorps opgenomen.

3. Op basis van de jaarrekening vindt vaststelling van de stimuleringsbijdrage plaats onder verrekening van het betaalde voorschot.

Artikel 9

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 10

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling stimulering innovaties politiekorpsen.