40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling toezichtsbevoegdheden functionaris voor de gegevensbescherming SZW | BWBR0029930 | ministeriele-regeling | geldend | 2011-05-04 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0029930 | Regeling toezichtsbevoegdheden functionaris voor de gegevensbescherming SZW |
Regeling toezichtsbevoegdheden functionaris voor de gegevensbescherming SZW
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. a.
*de minister:* de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
b. b.
*het ministerie:* het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
c. c.
*SZW:* Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
d. d.
*de wet:* de Wet bescherming persoonsgegevens;
e. e.
*de functionaris voor de gegevensbescherming:* de bij het ministerie benoemde functionaris voor de gegevensbescherming, bedoeld in artikel 62 van de wet.
Artikel 2
1. Het toezicht van de functionaris voor de gegevensbescherming strekt zich uit tot de verwerking van alle persoonsgegevens waarvoor de minister de verantwoordelijke is.
2. Ook verwerkingen van persoonsgegevens die ten behoeve van de minister buiten het ministerie plaatsvinden door bewerkers, vallen onder het toezicht, bedoeld in het eerste lid.
3. Het bereik van het toezicht van de functionaris voor de gegevensbescherming kan worden uitgebreid, indien een andere verantwoordelijke dan de minister daarom uitdrukkelijk verzoekt en de minister met dit verzoek instemt.
Artikel 3
1. De functionaris voor de gegevensbescherming is bevoegd, met medeneming van de benodigde apparatuur, elke plaats te betreden in de gebouwen en op de terreinen die bij het ministerie in gebruik zijn, waar persoonsgegevens worden verwerkt.
2. Hij is bevoegd daarbij personen mee te nemen die daartoe door hem zijn aangewezen.
Artikel 4
De functionaris voor de gegevensbescherming is bevoegd inlichtingen te vorderen van eenieder die onder het gezag van de minister werkzaam is alsmede van bewerkers.
Artikel 5
1. De functionaris voor de gegevensbescherming is bevoegd inzage te vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden waarin persoonsgegevens zijn verwerkt.
2. Hij is bevoegd van de gegevens en bescheiden kopieën te maken.
3. Als het maken van kopieën niet ter plaatse kan geschieden, is hij bevoegd de gegevens en bescheiden voor dat doel voor korte tijd mee te nemen tegen een door hem af te geven schriftelijk bewijs.
Artikel 6
1. De functionaris voor de gegevensbescherming is bevoegd zaken te onderzoeken.
2. Hij is bevoegd daartoe verpakkingen te openen.
3. Als het onderzoek niet ter plaatse kan geschieden, is hij bevoegd de zaken voor dat doel voor korte tijd mee te nemen tegen een door hem af te geven schriftelijk bewijs.
4. De beheerder wordt zo spoedig mogelijk in kennis gesteld van de resultaten van het onderzoek.
Artikel 7
De functionaris voor de gegevensbescherming maakt van de in de artikelen 3 tot en met 6 beschreven bevoegdheden alleen gebruik voor zover dat redelijkerwijs voor de uitoefening van zijn taken nodig is.
Artikel 8
1. Bij de uitoefening van zijn bevoegdheden draagt de functionaris voor de gegevensbescherming een legitimatiebewijs bij zich, dat is uitgegeven door de minister en dat een foto bevat van de functionaris voor de gegevensbescherming en in ieder geval diens naam en hoedanigheid vermeldt.
2. De functionaris voor de gegevensbescherming toont zijn legitimatiebewijs desgevraagd aanstonds.
Artikel 9
1. Een ieder die werkzaam is onder het gezag van de minister dan wel een bewerker is verplicht aan de functionaris voor de gegevensbescherming binnen de door hem gestelde redelijke termijn alle medewerking te verlenen die hij redelijkerwijs kan vorderen bij de uitoefening van zijn bevoegdheden.
2. De minister wijst op verzoek van de functionaris voor de gegevensbescherming één of meer ambtenaren aan die in voorkomend geval ten behoeve van de functionaris voor de gegevensbescherming systemen of bronnen van gegevens kunnen ontsluiten.
3. Het is aan de functionaris voor de gegevensbescherming om te bepalen of systemen of bronnen van gegevens voor zijn onderzoek relevante informatie kunnen bevatten.
Artikel 10
Indien een functionaris voor de gegevensbescherming bij de uitoefening van zijn toezichttaak onregelmatigheden aantreft bij de verwerking van persoonsgegevens brengt hij aan de minister rechtstreeks verslag uit, nadat hij de betreffende beheerder over de aangetroffen onregelmatigheden heeft geïnformeerd. Hij kan dit verslag vergezeld doen gaan van een aanbeveling die strekt tot een betere bescherming van de gegevens die worden verwerkt.
Artikel 11
De functionaris voor de gegevensbescherming stelt jaarlijks vóór 1 april een verslag op van zijn werkzaamheden en bevindingen in het daaraan voorafgaande kalenderjaar. De functionaris voor de gegevensbescherming biedt zijn verslag aan de minister aan. Hij stuurt een kopie van zijn verslag ter kennisneming aan de departementale ondernemingsraad en aan het College bescherming persoonsgegevens.
Artikel 12
De functionaris voor de gegevensbescherming kan privacy-audits uit laten voeren ter ondersteuning van zijn toezichttaak. Een privacy-audit is een beoordeling bij een organisatie of organisatieonderdeel van een verwerking van persoonsgegevens of van een systeem of project dat als doel heeft persoonsgegevens te verwerken of te gaan verwerken, waarbij het accent ligt op de naleving van wettelijke eisen ter bescherming van persoonsgegevens.
Artikel 13
De functionaris voor de gegevensbescherming houdt op grond van artikel 30 van de wet een register bij van de bij hem aangemelde gegevensverwerkingen. Het register kan door een ieder worden geraadpleegd via de website van het ministerie. Verzoeken om inzage in het register worden door de functionaris voor de gegevensbescherming afgehandeld.
Artikel 14
De functionaris voor de gegevensbescherming kan rechtstreeks aanbevelingen doen aan de minister, die strekken tot een betere bescherming van de gegevens die worden verwerkt. In gevallen van twijfel overlegt hij met het College bescherming persoonsgegevens.
Artikel 15
De functionaris voor de gegevensbescherming alsmede de in voorkomend geval door hem ingeschakelde personen, bedoeld in artikel 3, tweede lid, zijn verplicht tot geheimhouding van hetgeen hen op grond van een klacht of een verzoek van betrokkene is bekend geworden, tenzij de betrokkene met bekendmaking instemt.
Artikel 16
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Artikel 17
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling toezichtsbevoegdheden functionaris voor de gegevensbescherming SZW.