40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling verankering academische opleidingsschool 2012–2016 | BWBR0030705 | ministeriele-regeling | geldend | 2011-12-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0030705 | Regeling verankering academische opleidingsschool 2012–2016 |
Regeling verankering academische opleidingsschool 2012–2016
Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. a.
*Minister:* Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
b. b.
*school:* een uit ’s Rijks kas bekostigde school als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 1 van de Wet op de expertisecentra of artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs, dan wel een instelling als bedoeld in artikel 1.1.1, onderdeel b van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
c. c.
*po:* het primair onderwijs, bedoeld in de Wet op het primair onderwijs en de Wet op de expertisecentra;
d. d.
*vo:* het voortgezet onderwijs, bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs;
e. e.
*bve:* het beroepsonderwijs en de volwasseneneducatie, bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs;
f. f.
*lerarenopleiding:* lerarenopleiding verbonden aan een instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in artikel 1.8, eerste lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;
g. g.
*opleidingsschool:* partnerschap tussen één of meer scholen voor po, vo of bve-instellingen en één of meer lerarenopleidingen dat in gezamenlijkheid toekomstige leraren voor een groot gedeelte van hun tijd op de werkplek opleidt en wordt gesubsidieerd op grond van de Regeling tegemoetkoming kosten opleidingsschool;
h. h.
*academische opleidingsschool:* opleidingsschool die het opleiden van leraren verbindt met het door de leraar in opleiding verrichten van praktijkgericht onderzoek en schoolontwikkeling en wordt gesubsidieerd op grond van de Regeling verdiepingsslag academische opleidingsschool 2009–2011.
Artikel 2
1. De Minister kan in aanloop naar structurele financiering van de academische opleidingsschool in de periode 1 januari 2012 tot en met maximaal 31 december 2016 aan een beperkt aantal academische opleidingsscholen en opleidingsscholen subsidie verstrekken met het oog op de verankering van het concept ‘academische opleidingsschool’ in de opleidingsschool.
2. De subsidie wordt verstrekt als tegemoetkoming in de uitgaven die zijn verbonden aan de activiteiten die de academische opleidingsscholen of opleidingsscholen ondernemen om te komen tot verankering van het concept ‘academische opleidingsschool’ in de opleidingsschool. De subsidie kan ook worden gebruikt voor andere activiteiten van de scholen waarvoor bekostiging wordt verstrekt.
3. Onder concept ‘academische opleidingsschool’ wordt verstaan een goed functionerende academische opleidingsschool met een duurzame onderzoekinfrastructuur waar opleiding, praktijkgericht onderzoek en schoolontwikkeling optimaal verbonden zijn.
Artikel 3
Artikel 4 van de Regeling OCW-subsidies is niet van toepassing op subsidieverstrekking op grond van deze regeling.
Artikel 4
Subsidie wordt slechts verstrekt aan een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid waarvan de statutaire doelstelling in elk geval betrekking heeft op de te subsidiëren activiteiten, bedoeld in artikel 2.
Artikel 5
Voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling is voor de jaren 2012 tot en met 2016 een bedrag van € 17.500.000 beschikbaar.
Artikel 6
De subsidie per subsidieontvanger bedraagt € 350.000, onverminderd artikel 14, tweede lid.
Hoofdstuk 2. Subsidieaanvraag
Artikel 7
1. Subsidie wordt aangevraagd door de penvoerder van de academische opleidingsschool of opleidingsschool. De penvoerder is de door de partijen van het partnerschap aangewezen rechtspersoon die namens de partijen van de academische opleidingsschool of opleidingsschool optreedt.
2. Bij de aanvraag wordt een door alle partijen van de academische opleidingsschool of opleidingsschool getekende verklaring gevoegd waaruit blijkt dat de rechtspersoon, bedoeld in het eerste lid, gemachtigd is de academische opleidingsschool of opleidingsschool in en buiten rechte te vertegenwoordigen.
Artikel 8
1. Een aanvraag wordt ingediend bij het Agentschap NL te Den Haag met behulp van het formulier, bedoeld in bijlage 1.
2. Onverminderd artikel 7, tweede lid, gaat een aanvraag vergezeld van de documenten, bedoeld in bijlage 1.
Artikel 9
1. De aanvraag wordt uiterlijk 31 december 2011 ingediend.
2. Een aanvraag die voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze regeling is ingediend, wordt aangemerkt als een aanvraag die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze regeling is ingediend.
Hoofdstuk 3. Subsidievaststelling
Artikel 10
De subsidie kan worden geweigerd, indien de subsidieaanvrager in onvoldoende mate voldoet aan de criteria, bedoeld in bijlage 2.
Artikel 11
1. De Minister voorziet in een gelijktijdige beslissing op de aanvragen op basis van een vergelijking van hun geschiktheid om bij te dragen aan de doelstellingen van de subsidie.
2. Bij overschrijding van het subsidieplafond en bij gelijke geschiktheid verdeelt de Minister het beschikbare bedrag op basis van een evenwichtige spreiding van de academische opleidingsscholen of opleidingsscholen over de sectoren po, vo en bve en een evenwichtige spreiding over Nederland.
Artikel 12
Het Agentschap NL adviseert de Minister over de subsidieaanvraag bedoeld in artikel 8, op basis van de criteria, bedoeld in bijlage 2.
Artikel 13
1. De artikelen 16 en 17 van de Regeling OCW-subsidies zijn niet van toepassing.
2. De minister beslist uiterlijk 31 maart 2012 op een aanvraag.
3. In afwijking van het tweede lid beslist de minister op een aanvraag als bedoeld in artikel 9, tweede lid, uiterlijk 31 december 2011.
4. De subsidie wordt vastgesteld zonder voorafgaande subsidieverlening.
Artikel 14
1. Subsidie wordt verstrekt met ingang van 1 januari 2012 en eindigt uiterlijk per 31 december 2016.
2. In afwijking van het eerste lid eindigt de subsidie per 31 december van het jaar waarin de accreditatietermijn, bedoeld in artikel 5a.9 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, van een lerarenopleiding die deel uitmaakt van een academische opleidingsschool of opleidingsschool, afloopt.
Hoofdstuk 4. Verplichtingen subsidieontvanger
Artikel 15
1. De subsidieontvanger werkt mee aan door de Minister ingestelde onderzoeken die erop gericht zijn de Minister inlichtingen te verschaffen voor de ontwikkeling van het door de Minister te voeren beleid.
2. De academische opleidingsscholen werken in de periode 2012 tot 2014 de vragen, bedoeld in bijlage 3, uit. Over de resultaten doen zij schriftelijk verslag.
Artikel 16
1. De artikelen 8, 19, 21 en 22 van de Regeling OCW-subsidies zijn niet van toepassing.
2. De verantwoording van de subsidie geschiedt in de jaarverslaggeving, bedoeld in de Regeling jaarverslaggeving onderwijs.
3. De accountantsverklaring bij de jaarrekening, bedoeld in de Regeling jaarverslaggeving onderwijs, omvat tevens een oordeel over de rechtmatige besteding van de subsidie.
Hoofdstuk 5. Betaling
Artikel 17
Het subsidiebedrag wordt in gelijke gedeelten van € 70.000 per jaar aan de subsidieontvanger betaald, onverminderd artikel 14, tweede lid. Het eerste gedeelte wordt betaald binnen zes weken na de subsidievaststelling. De daarop volgende gedeelten worden jaarlijks betaald in de maand februari.
Hoofdstuk 6. Slotbepalingen
Artikel 18
1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij is geplaatst.
2. Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2018.
Artikel 19
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling verankering academische opleidingsschool 2012–2016.
Bijlage 1. behorend bij
Bijlage 2. behorend bij
Bijlage 3. behorend bij
Vragen die in de periode 2012 tot 2014 beantwoord dienen te worden: