rijk/ministeriele-regeling/regeling-verkeersbrigadiers/BWBR0005219
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling verkeersbrigadiers BWBR0005219 ministeriele-regeling geldend 1991-11-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0005219 Regeling verkeersbrigadiers

Regeling verkeersbrigadiers

Paragraaf 1. Opleiding

Artikel 1

De opleiding tot verkeersbrigadier vindt plaats onder verantwoordelijkheid van de korpschef.

Artikel 2

De opleiding bestaat uit een theoretisch en een praktisch gedeelte.

Paragraaf 2. Aanstelling

Artikel 3

1. De aanstelling tot verkeersbrigadier geschiedt door de burgemeester van de gemeente waar de betrokkene zijn taak zal uitoefenen.

2. Voor zover het gaat om minderjarigen, die als leerling bij een school staan ingeschreven geschiedt de aanstelling na overleg met het hoofd van deze school.

Artikel 4

De aanstelling geschiedt nadat het theoretische gedeelte van de opleiding is voltooid en voordat het praktische gedeelte van de opleiding een aanvang neemt.

Artikel 5

De aanstelling geschiedt schriftelijk.

Artikel 6

1. Voor aanstelling komen slechts in aanmerking personen die de leeftijd van 10 jaar hebben bereikt.

2. Indien de aanstelling minderjarigen betreft, dienen zij een schriftelijke verklaring van ouders of voogden over te leggen houdende de toestemming tot het verrichten van de werkzaamheden van verkeersbrigadier.

Artikel 7

Vervallen

Artikel 8

1.

De burgemeester verklaart de aanstelling vervallen:

a. a. indien de betrokken verkeersbrigadier het praktische gedeelte van de opleiding niet met succes heeft afgerond; b. b. indien de korpschef van oordeel is dat de betrokken verkeersbrigadier niet meer geschikt is om de taak van verkeersbrigadier uit te oefenen; c. c. indien het niet langer noodzakelijk is, dat de betrokken verkeersbrigadier als zodanig werkzaam is; d. d. indien de meerderjarige verkeersbrigadier daartoe een verzoek indient of e. e. indien de ouders of voogden van een minderjarige verkeersbrigadier of het hoofd van de school daartoe een verzoek indienen.

2. De vervallenverklaring van de aanstelling door de burgemeester geschiedt schriftelijk.

Paragraaf 3. Plaats van optreden

Artikel 9

Verkeersbrigadiers mogen voor de uitoefening van hun taak slechts worden ingezet:

a. a. op wegen waar in het algemeen niet sneller wordt gereden dan 50 kilometer per uur; meerderjarige verkeersbrigadiers mogen hun taak ook op andere wegen uitoefenen; b. b. indien ter plaatse bij duisternis of slecht zicht voldoende openbare straatverlichting aanwezig is en c. c. indien de verkeersbrigadiers voldoende bekend zijn met de specifieke omstandigheden van de plaats waar zij hun taak uitoefenen.

Paragraaf 4. Tijdstippen van optreden

Artikel 10

Verkeersbrigadiers oefenen hun taak uit gedurende de perioden waarin ter plaatse kinderen zich naar en van school begeven en overigens gedurende de perioden waarin hun hulp naar het oordeel van door de korpschef aangewezen politiefunctionarissen noodzakelijk is in het kader van het laten oversteken van voetgangers.

Paragraaf 5. Uitrusting

Artikel 11

1.

Bij de uitoefening van hun taak dienen verkeersbrigadiers ten minste te zijn uitgerust met:

a. a. een oranje fluorescerende jas of hes en b. b. een stopteken als bedoeld in artikel 82, derde lid, van het RVV 1990.

2.

Het stopteken komt voor in twee uitvoeringen:

a. a. als stopteken dat met de hand wordt opgehouden en voldoet aan het in de bijlage vastgestelde model; b. b. als stopteken dat onderdeel uitmaakt van een draai-arm-systeem en dat ten minste voldoet aan type II en klasse I als bedoeld in Hoofdstuk II, paragraaf 3, van de Uitvoeringsvoorschriften BABW inzake verkeerstekens.

Paragraaf 6. Toezicht

Artikel 12

Op verkeersbrigadiers wordt geregeld toezicht gehouden onder verantwoordelijkheid van de korpschef.

Paragraaf 7. Slotbepalingen

Artikel 13

Deze regeling berust op artikel 13, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.

Artikel 14

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 november 1991.

Artikel 15

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling verkeersbrigadiers.

Bijlage

[afbeelding]

Model F10

Afmetingen:

a = 22,5 cm

b = 20,8 cm

c = 13,6 cm

d = 9,6 cm

e = 2,4 cm

De rode cirkelrand is zowel retroreflecterend als fluorescerend.

Het witte veld is retroreflecterend.