rijk/ministeriele-regeling/regeling-wlz-indiceerbaren/BWBR0036418
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Regeling Wlz-indiceerbaren BWBR0036418 ministeriele-regeling geldend 2015-03-19 https://wetten.overheid.nl/BWBR0036418 Regeling Wlz-indiceerbaren

Regeling Wlz-indiceerbaren

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

    *ADL, ADL-assistentie en ADL-woning:* hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 34 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ;

    *begeleiding:* hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 6 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ;

    *behandeling:* hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 8 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ;

    *indicatiebesluit:* indicatiebesluit als bedoeld in artikel 1 van het Zorgindicatiebesluit, dat ten minste geldig is tot en met 1 oktober 2014;

1°. intensieve kindzorg: verpleging van kinderen tot twintig jaar, die nodig is vanwege complexe somatische problematiek of een lichamelijke handicap, waarbij:

      1°.
      sprake is van behoefte aan permanent toezicht, of
    
    
      2°.
      vierentwintig uur per dag zorg in de nabijheid beschikbaar moet zijn en die zorg gepaard gaat met een of meer specifieke verpleegkundige handelingen;

1°. 1°. sprake is van behoefte aan permanent toezicht, of 2°. 2°. vierentwintig uur per dag zorg in de nabijheid beschikbaar moet zijn en die zorg gepaard gaat met een of meer specifieke verpleegkundige handelingen;

    *kinderdienstencentrum:* een instelling als bedoeld in de Wet toelating zorginstellingen die krachtens die wet is toegelaten voor het verlenen van begeleiding of behandeling, en die zorg verleent als bedoeld in artikel 5, eerste lid, onderdeel b;

    *kortdurend verblijf:* hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 9a van het Besluit zorgaanspraken AWBZ;

    *palliatief terminale zorg:* zorg die betrekking heeft op de levensfase waarin de levensverwachting van de verzekerde naar het oordeel van de behandelend arts korter is dan drie maanden;

    *persoonlijke verzorging:* hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 4 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ;

    *tijdelijk verblijf:* hetgeen daaronder voor 1 januari 2011 werd verstaan in artikel 9 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ, voor zover geïndiceerd voor maximaal drie etmalen per week;

    *verblijf:* hetgeen daaronder wordt verstaan in de artikel 9 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ;

    *verpleging:* hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 5 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ;

    *verzekerden:* verzekerden krachtens de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten;

    *voortgezet verblijf:* hetgeen daaronder wordt verstaan in de artikel 13 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ.

Artikel 2

De groepen, bedoeld in artikel 11.1.1, zesde lid, van de Wet langdurige zorg worden in de artikelen 3 tot en met 8 van deze regeling omschreven, met dien verstande dat tot de daar bedoelde groepen niet behoren:

a. a. verzekerden die krachtens hun indicatiebesluit zijn aangewezen op verblijf of voortgezet verblijf, b. b. verzekerden in wier indicatiebesluit het hebben van een psychiatrische aandoening of beperking als dominante grondslag voor de geïndiceerde zorg wordt genoemd, c. c. verzekerden die krachtens hun indicatiebesluit tevens zijn aangewezen op ADL-assistentie of op verpleging, persoonlijke verzorging of begeleiding in verband met palliatief terminale zorg, d. d. verzekerden jonger dan vijf jaar die krachtens hun indicatiebesluit zijn aangewezen op intensieve kindzorg of op verpleging in verband met een behoefte aan thuisbeademing, e. e. verzekerden van vijf jaar of ouder maar jonger dan twintig jaar die krachtens hun indicatiebesluit zijn aangewezen op intensieve kindzorg, tenzij zij tevens zijn aangewezen op zorg in verband met een verstandelijke handicap, en f. f. verzekerden van vijf jaar of ouder maar jonger dan achttien jaar die krachtens hun indicatiebesluit zijn aangewezen op verpleging in verband met een behoefte aan thuisbeademing, tenzij zij tevens zijn aangewezen op zorg in verband met een verstandelijke handicap.

Artikel 3

1. Verzekerden die in verband met een somatische of psychogeriatrische aandoening of beperking of een verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke handicap krachtens hun indicatiebesluit voor een totaal aantal van ten minste negentien dagdelen per week zijn aangewezen op begeleiding in een groep, behandeling in een groep, kortdurend verblijf of tijdelijk verblijf.

2.

Ten behoeve van de berekening van het aantal dagdelen, bedoeld in het eerste lid, geldt een indicatie voor:

a. a. een bepaalde klasse voor begeleiding groep als een indicatie voor het aantal dagdelen begeleiding groep dat gelijk is aan het klassenummer, b. b. een bepaalde klasse voor behandeling groep als een indicatie voor het aantal dagdelen behandeling groep dat gelijk is aan het klassenummer, en c. c. een bepaalde klasse voor kortdurend verblijf of tijdelijk verblijf als een indicatie voor het aantal dagdelen kortdurend verblijf of tijdelijk verblijf dat gelijk is aan het klassenummer, vermenigvuldigd met zes.

Artikel 4

Verzekerden die op 1 januari 2015 de leeftijd van vijf maar nog niet die van twintig jaar hebben bereikt, in wier indicatiebesluit een verstandelijke handicap, naast een somatische aandoening of beperking of een lichamelijke handicap, als grondslag voor de geïndiceerde zorg wordt genoemd en die daarnaast krachtens hun indicatiebesluit zijn aangewezen op intensieve kindzorg.

Artikel 5

1.

Verzekerden die in verband met een verstandelijke handicap krachtens hun indicatiebesluit:

a. a. voor een totaal aantal van ten minste acht dagdelen per week zijn aangewezen op behandeling in een groep, of b. b. zijn aangewezen op begeleiding of behandeling in een groep, deze begeleiding of behandeling in natura in een kinderdienstencentrum ontvangen en wier begeleiding of behandeling wordt gedeclareerd op basis van prestatiecode H818 of H822 als bedoeld in Beleidsregel CA-300-582 van de zorgautoriteit of een daaropvolgende beleidsregel, dan wel die begeleiding of behandeling ontvangen als in die beleidsregel of de opvolger daarvan wordt omschreven bij de prestatiecodes H817 of H819.

2. Ten behoeve van de berekening van het aantal dagdelen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, geldt een indicatie voor een bepaalde klasse behandeling groep als een indicatie voor het aantal dagdelen behandeling groep dat gelijk is aan het klassenummer.

3. Een behandelende zorgverlener die werkzaam is in het kinderdienstencentrum waarvan een verzekerde als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, de daar bedoelde zorg ontvangt, geeft desgevraagd een verklaring af waaruit blijkt op grond van welke in dat lid genoemde prestatiecode de zorg wordt gedeclareerd of geleverd dan wel dat zorg wordt geleverd als omschreven bij de prestatiecodes H817 of H819.

Artikel 6

Verzekerden die krachtens een indicatiebesluit dat op of na 1 januari 2011 is vastgesteld, zijn aangewezen op kortdurend verblijf.

Artikel 7

1. Verzekerden die in verband met een lichamelijke handicap, al dan niet in combinatie met een somatische aandoening of beperking of met een zintuiglijke handicap, krachtens hun indicatiebesluit zijn aangewezen op een totaal aantal van ten minste 25 uren per week individuele begeleiding, persoonlijke verzorging of verpleging.

2. De berekening van het aantal uren, bedoeld in het eerste lid, geschiedt op de in de bijlage geregelde wijze.

Artikel 8

Verzekerden die op 1 januari 2015 achttien jaar of ouder zijn en krachtens hun indicatiebesluit zijn aangewezen op verpleging in verband met een behoefte aan individueel verpleegkundig toezicht bij thuisbeademing.

Artikel 9

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling Wlz-indiceerbaren.

Artikel 10

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 oktober 2014.

Bijlage . behorende bij