40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling ziekenvervoer Ziekenfondswet | BWBR0016590 | ministeriele-regeling | geldend | 2004-06-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0016590 | Regeling ziekenvervoer Ziekenfondswet |
Regeling ziekenvervoer Ziekenfondswet
Artikel 1
1.
De verzekerde heeft aanspraak op ziekenvervoer per ambulance als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet ambulancevervoer, voor zover dat omvat het vervoer van de verzekerde:
a. a. naar een instelling waar hij ten laste van de ziekenfondsverzekering wordt opgenomen; b. b. naar een persoon bij wie of een instelling waarin hij geheel of gedeeltelijk ten laste van de ziekenfondsverzekering zorg verleend zal krijgen; c. c. naar een instelling waarin hij geheel of gedeeltelijk ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering als bedoeld in de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten gaat verblijven; d. d. vanuit een instelling, bedoeld in onderdeel c, naar:
1°.
een persoon bij wie of een instelling waarin hij geheel of gedeeltelijk ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering een onderzoek of een behandeling zal ondergaan,
2°.
een persoon of instelling voor het aanmeten en passen van een prothese die geheel of gedeeltelijk ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering wordt verstrekt;
1°. 1°. een persoon bij wie of een instelling waarin hij geheel of gedeeltelijk ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering een onderzoek of een behandeling zal ondergaan, 2°. 2°. een persoon of instelling voor het aanmeten en passen van een prothese die geheel of gedeeltelijk ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering wordt verstrekt; e. e. naar een instelling, psychiater, zenuwarts of psychotherapeut voor behandeling van een psychiatrische aandoening die geheel of gedeeltelijk ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering komt; f. f. naar zijn woning of een andere woning, indien hij in zijn woning redelijkerwijs niet de nodige verzorging kan krijgen, indien hij komt van een van de personen of instellingen, bedoeld in de onderdelen a, b, c of e.
2. In afwijking van het eerste lid omvat het vervoer van een verzekerde vanuit het buitenland naar een instelling dan wel naar zijn of een andere woning slechts het vervoer binnen Nederland van de gebruikelijke grensovergang of luchthaven af, behoudens ingeval het vervoer verband houdt met een in het buitenland verleende verstrekking, waarvoor het ziekenfonds de verzekerde nog tijdens diens verblijf in Nederland toestemming heeft gegeven.
3. In afwijking van het eerste lid omvat het vervoer van een verzekerde naar zijn woning in het buitenland slechts het vervoer binnen Nederland tot aan de gebruikelijke grensovergang of luchthaven tenzij hij een in Nederland werkzame grensarbeider is.
4. In afwijking van het eerste lid is het vervoer naar het buitenland en het vervoer vanuit het buitenland naar zijn woning in de in het eerste lid, onderdelen b tot en met f, genoemde gevallen beperkt tot een afstand van maximaal 200 kilometer gerekend vanaf de woonplaats van de verzekerde.
Artikel 2
1.
De verzekerde heeft aanspraak op ziekenvervoer per auto, anders dan per ambulance als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet ambulancevervoer, dan wel op vergoeding voor vervoer in de laagste klasse van een openbaar middel van vervoer voor zover:
a. a. de verzekerde nierdialyses moet ondergaan; b. b. de verzekerde oncologische behandelingen met chemotherapie of radiotherapie moet ondergaan; c. c. de verzekerde zich uitsluitend met een rolstoel kan verplaatsen; d. d. het gezichtsvermogen van de verzekerde zodanig is beperkt dat hij zich niet zonder begeleiding kan verplaatsen.
2. De aanspraak op grond van het eerste lid ten aanzien van de verzekerden, bedoeld in de onderdelen c en d, bestaat uitsluitend indien het vervoer omvat als omschreven in artikel 1, eerste lid, onderdelen a tot en met f.
3. In de gevallen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, heeft de verzekerde eveneens de in dat lid omschreven aanspraak ter zake van het vervoer terug naar zijn woning of een andere woning, indien hij in zijn woning redelijkerwijze niet de nodige verzorging kan krijgen.
4. De verzekerde heeft slechts aanspraak op ziekenvervoer indien het ziekenfonds daarvoor vooraf toestemming heeft gegeven. De aanvraag om toestemming gaat vergezeld van een verklaring van de behandelende arts dat een van de in het eerste lid bedoelde situaties op de verzekerde van toepassing is.
5. Bij zijn toestemming, bedoeld in het eerste lid, geeft het ziekenfonds aan voor welke vorm van vervoer deze toestemming geldt en voor welke duur.
Artikel 3
1. In afwijking van artikel 2 bestaat ook aanspraak op vervoer of vergoeding voor vervoer, als bedoeld in de aanhef van het eerste lid van dat artikel, in andere gevallen of voor andere groepen van verzekerden dan als bedoeld in de onderdelen a tot en met d van het eerste lid van dat artikel, indien volgens een verklaring van de behandelende arts de verzekerde in verband met de behandeling van een langdurige ziekte of aandoening langdurig is aangewezen op vervoer en het ziekenfonds daarvoor vooraf toestemming heeft gegeven.
2. Het ziekenfonds kan slechts toestemming geven voor vervoer als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdelen a tot en met f, indien het weigeren van die toestemming voor de verzekerde zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Artikel 4
In de gevallen waarin ziekenvervoer per auto dan wel openbaar middel van vervoer, als bedoeld in artikel 2, niet mogelijk is, kan het ziekenfonds toestaan dat het ziekenvervoer plaatsvindt met een ander door het ziekenfonds aan te geven vervoermiddel. Artikel 5 is van overeenkomstige toepassing.
Artikel 5
Het ziekenvervoer per auto alsmede de vergoeding als bedoeld in artikel 2 omvat mede het vervoer van een begeleider, indien volgens een schriftelijke verklaring van de behandelende arts begeleiding noodzakelijk is, of indien het betreft begeleiding van kinderen beneden 16 jaar. In bijzondere gevallen kan het ziekenfonds vervoer van twee begeleiders toestaan.
Artikel 6
De verzekerde aan wie het ziekenfonds met toepassing van artikel 2, derde lid, toestemming heeft gegeven gebruik te maken van een particuliere auto, krijgt met inachtneming van artikel 7 een vergoeding van € 0,22 per kilometer gereden volgens de kortste gebruikelijke weg.
Artikel 7
1. De verzekerde is voor zichzelf en zijn medeverzekerden tezamen voor vervoer als bedoeld in de artikelen 2 en 3 alsmede, tenzij het betreft vervoer per ambulance als bedoeld in artikel 1, eerste lid, Wet ambulancevervoer, artikel 4, een bijdrage verschuldigd van € 82 per twaalf maanden.
2. In afwijking van het eerste lid zijn verzekerden die de leeftijd van 65 jaar hebben bereikt, met elkaar gehuwd zijn en niet duurzaam van elkaar gescheiden leven, voor henzelf en hun medeverzekerden tezamen voor vervoer als bedoeld in deze regeling een bijdrage verschuldigd van € 82 per twaalf maanden. Voor de toepassing van de vorige volzin worden verzekerden die in een kalendermaand de leeftijd van 65 jaar zullen bereiken, geacht deze leeftijd reeds te hebben bereikt met ingang van die kalendermaand.
3. In afwijking van het eerste lid zijn twee verzekerden die de leeftijd van 65 jaar hebben bereikt, van verschillend of gelijk geslacht zijn, tussen wie geen bloedverwantschap bestaat in de eerste of tweede graad en die zonder met elkaar gehuwd te zijn duurzaam met elkaar een gezamenlijke huishouding voeren en beiden een bijdrage leveren in de kosten van de huishouding dan wel op andere wijze in elkaars verzorging voorzien, voor henzelf en hun medeverzekerden tezamen voor vervoer als bedoeld in deze regeling een bijdrage verschuldigd van € 82 per twaalf maanden. Voor de toepassing van de vorige volzin worden verzekerden die in een kalendermaand de leeftijd van 65 jaar zullen bereiken, geacht deze leeftijd reeds te hebben bereikt met ingang van die kalendermaand.
4. Het ziekenfonds vergoedt aan de verzekerde die gedurende het in het eerste lid genoemde tijdvak voor zichzelf en zijn medeverzekerden tezamen meer dan € 82 heeft bijgedragen, tegen overlegging van de bewijsstukken inzake de redenen, tijdstippen en kosten van het vervoer het meerdere en verstrekt de verzekerde een verklaring dat de bijdrage is voldaan.
5.
Een bijdrage is niet verschuldigd voor ziekenvervoer per auto van de verzekerde:
a. a. van een instelling waarin hij ten laste van de ziekenfondsverzekering of de bijzondere ziektekostenverzekering is opgenomen, naar een andere instelling waarin de verzekerde ten laste van de ziekenfondsverzekering of de bijzondere ziektekostenverzekering wordt opgenomen voor het ondergaan van een specialistisch onderzoek of een specialistische behandeling waarvoor in de eerstbedoelde instelling niet de mogelijkheid bestaat; b. b. van een instelling als bedoeld in onderdeel a, naar een persoon of instelling voor het ondergaan van een specialistisch onderzoek of een specialistische behandeling ten laste van de ziekenfondsverzekering waarvoor in de eerstbedoelde instelling niet de mogelijkheid bestaat, alsmede het vervoer terug naar die instelling; c. c. van een instelling waarin de verzekerde ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering is opgenomen, naar een persoon of instelling voor een tandheelkundige behandeling ten laste van de bijzondere ziektekostenverzekering, waarvoor in de eerstbedoelde instelling niet de mogelijkheid bestaat, alsmede het vervoer terug naar die instelling.
Artikel 8
Ziekenvervoer per auto en vergoeding van kosten als bedoeld in artikel 2 komen niet voor rekening van het ziekenfonds, indien het verband houdt met weekend- of vakantieverlof.
Artikel 9
Indien in de loop van een tijdvak van twaalf maanden als bedoeld in artikel 7 een herziening plaatsvindt van het in dat artikel vermelde bedrag, geldt het laagste bedrag.
Artikel 10
Wijzigt het Uitvoeringsbesluit vergoedingen particulier verzekerden.
Artikel 11
Wijzigt de Regeling medisch-specialistische zorg Ziekenfondswet.
Artikel 12
Het Besluit ziekenvervoer ziekenfondsverzekering 1980 wordt ingetrokken.
Artikel 13
1. Voor de bepaling of het in artikel 7 bedoelde bedrag is bereikt, tellen de bedragen die de verzekerde heeft bijgedragen voor ziekenvervoer als bedoeld in het Besluit ziekenvervoer ziekenfondsverzekering 1980, zoals dat luidde tot de intrekking daarvan, mee.
2. De verklaring die het ziekenfonds met toepassing van artikel 7, derde lid, van het Besluit ziekenvervoer ziekenfondsverzekering 1980, zoals dat luidde tot de intrekking daarvan, aan de verzekerde heeft verstrekt, geldt ook voor ziekenvervoer waarvoor het ziekenfonds op grond van deze regeling toestemming heeft gegeven.
Artikel 14
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juni 2004.
Artikel 15
Deze regeling wordt aangehaald als Regeling ziekenvervoer Ziekenfondswet