rijk/ministeriele-regeling/stimuleringsregeling-initiatieven-van-derden-inzake-integratie-etnische-groepen/BWBR0019319
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Stimuleringsregeling initiatieven van derden inzake integratie etnische groepen BWBR0019319 ministeriele-regeling geldend 2006-01-04 https://wetten.overheid.nl/BWBR0019319 Stimuleringsregeling initiatieven van derden inzake integratie etnische groepen

Stimuleringsregeling initiatieven van derden inzake integratie etnische groepen

Paragraaf 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

1.

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a. Minister: de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie; b. b. etnische groepen: westerse en niet-westerse allochtonen.

Artikel 2

1.

De Minister kan op aanvraag een subsidie verlenen als bijdrage in de kosten van de uitvoering van een project dat:

a. a. de integratie van etnische groepen in de Nederlandse samenleving bevordert; b. b. criminaliteit door personen, behorende tot etnische groepen, helpt te voorkomen.

2. Een in het eerste lid bedoelde subsidie wordt slechts eenmalig verleend tot een bedrag van ten hoogste € 15.000,.

Paragraaf 2. Toekenningscriteria

Artikel 3

Een in artikel 2 bedoelde subsidie wordt slechts verleend voor een project:

a. a. dat in voldoende mate de speerpunten van het door de Minister gevoerde integratiebeleid weerspiegelt, te weten:

      1°.
      vergroting van kennis en vaardigheden van etnische groepen (toerusting);
    
    
      2°.
      verbetering van sociale contacten en relaties van etnische groepen (toenadering);
    
    
      3°.
      vergroting van aanbod van goederen en diensten ten behoeve van etnische groepen (toegankelijkheid);

1°. 1°. vergroting van kennis en vaardigheden van etnische groepen (toerusting); 2°. 2°. verbetering van sociale contacten en relaties van etnische groepen (toenadering); 3°. 3°. vergroting van aanbod van goederen en diensten ten behoeve van etnische groepen (toegankelijkheid); b. b. waarvan de activiteiten in Nederland plaatsvinden; c. c. waarvan de activiteiten niet langer dan één jaar duren; d. d. dat ten behoeve van overheden en maatschappelijke organisaties een landelijke uitstraling heeft en een voorbeeldfunctie kan vervullen.

Artikel 4

Onder vergroting van kennis en vaardigheden van etnische groepen als bedoeld in artikel 3 wordt verstaan:

a. a. vergroting van de kennis van de Nederlandse taal, van Nederlandse waarden en normen en van de maatschappelijke instellingen in Nederland; b. b. vergroting van kennis en vaardigheden met het oog op participatie in het onderwijs, op de arbeidsmarkt en in maatschappelijke organisaties; c. c. bevordering van de emancipatie van etnische groepen.

Artikel 5

Onder verbetering van sociale contacten en relaties van etnische groepen als bedoeld in artikel 3 wordt verstaan:

a. a. verbetering van de contacten met autochtonen; b. b. vergroting van het wederzijds respect en begrip tussen etnische groepen en autochtonen; c. c. vergroting van de eigen verantwoordelijkheid van etnische groepen voor verbetering van het leefklimaat in de eigen woonomgeving; d. d. stimulering van deelname van etnische groepen aan verenigingen, werkverbanden en andere organisaties.

Artikel 6

Onder vergroting van aanbod van goederen en diensten ten behoeve van etnische groepen als bedoeld in artikel 3 wordt verstaan:

a. a. vergroting van de bekendheid van etnische groepen met maatschappelijke organisaties en instellingen; b. b. vergroting van de participatie van etnische groepen in (bestuurlijke functies) in maatschappelijke organisaties en instellingen.

Paragraaf 3. Aanvraag en verlening

Artikel 7

Een aanvraag om verlening van een subsidie dient vergezeld te gaan van:

a. a. een activiteitenplan; b. b. een begroting; c. c. een afschrift van de statuten van de rechtspersoon; d. d. een akte van oprichting van de rechtspersoon; e. e. een afschrift van de inschrijving van de rechtspersoon in het handelsregister van de Kamer van Koophandel.

Artikel 8

1. Het besluit tot verlening van een subsidie bepaalt of voorschotten worden verleend. Indien voorschotten worden verleend, bedragen deze ten hoogste 80% van de ingediende begroting.

2. Een subsidie wordt zonodig verleend onder het voorbehoud dat de begroting van het Ministerie van Justitie voldoende gelden ter beschikking stelt.

3.

Een subsidie wordt in ieder geval niet verleend indien:

a. a. de ingediende begroting niet sluitend is; b. b. de ingediende begroting niet voorziet in een eigen bijdrage dan wel externe financiering ter hoogte van ten minste 10% van de begroting van het project; c. c. het voor de verlening van subsidies beschikbare budget niet toereikend is; d. d. de aanvrager geen rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid is.

Paragraaf 4. Vaststelling, verantwoording en betaling

Artikel 9

1. Binnen een bij het besluit tot verlening van de subsidie te bepalen termijn dient de ontvanger van de subsidie bij de Minister een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in.

2. De in het eerste lid bedoelde aanvraag gaat vergezeld van een activiteitenverslag en een financieel verslag.

3.

Het activiteitenverslag bestaat ten minste uit:

a. a. een verslag van de verrichtte activiteiten; b. b. een vergelijking tussen de nagestreefde en de gerealiseerde doelstellingen en een toelichting op de verschillen.

4.

Het financieel verslag bestaat ten minste uit:

a. a. een overzicht van de gedane uitgaven; b. b. afschriften van facturen en betaalbewijzen met betrekking tot die uitgaven.

Artikel 10

Vervallen

Paragraaf 5. Terugvordering

Artikel 11

Een subsidie wordt geheel of gedeeltelijk teruggevorderd indien:

a. a. de ontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de Minister zonder die gegevens niet zou zijn overgegaan tot verlening dan wel vaststelling van de subsidie; b. b. de ontvanger de in het activiteitenplan weergegeven activiteiten niet of niet geheel heeft uitgevoerd; c. c. de ontvanger in strijd heeft gehandeld met aan de subsidie verbonden voorwaarden.

Paragraaf 6. Slotbepalingen

Artikel 12

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 13

Dit besluit wordt aangehaald als: Stimuleringsregeling initiatieven van derden inzake integratie etnische groepen.