rijk/ministeriele-regeling/subsidieregeling-bibliotheekinnovatie/BWBR0026156
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Subsidieregeling bibliotheekinnovatie BWBR0026156 ministeriele-regeling geldend 2009-07-24 https://wetten.overheid.nl/BWBR0026156 Subsidieregeling bibliotheekinnovatie

Subsidieregeling bibliotheekinnovatie

Hoofdstuk 1. Algemeen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
  • Regeling: Regeling op het specifiek cultuurbeleid;
  • regiegroep: Regiegroep Bibliotheekinnovatie als bedoeld in artikel 2 van het Instellingsbesluit Regiegroep en Projectgroep Bibliotheekinnovatie 2009

Artikel 1a

Deze regeling berust op artikel 4 van het Besluit op het specifiek cultuurbeleid.

Artikel 2

1. De minister kan op aanvraag aan een instelling subsidie verlenen voor activiteiten die de innovatie en digitalisering van openbare bibliotheken bevorderen.

2.

Subsidie als bedoeld in het eerste lid kan worden verstrekt voor innovatieve projecten rond de volgende themas:

a. a. digitale infrastructuur; b. b. digitale diensten en producten; en c. c. collectiebeleid.

Artikel 3

Subsidie kan worden aangevraagd door een instelling die aantoonbare relevante kennis en kunde heeft op het gebied van bibliotheekwerk en bibliotheekinnovatie.

Artikel 4

De subsidiabele kosten omvatten uitsluitend de volgende rechtstreeks aan de uitvoering van de activiteiten toe te rekenen kosten:

a. a. loonkosten; b. b. overheadkosten; c. c. kosten van ingehuurde derden; en d. d. kosten van materialen.

Artikel 5

Een project komt slechts in aanmerking voor subsidie als het project in 2009 aanvangt en uiterlijk is afgerond in 2010.

Artikel 6

1. Voor subsidieverlening is een bedrag van € 7.558.000 beschikbaar.

2.

Voor de themas, bedoeld in artikel 2, tweede lid, gelden de volgende subsidieplafonds:

a. a. digitale infrastructuur: € 410.000; b. b. digitale diensten en producten: € 4.298.000; en c. c. collectiebeleid: € 2.850.000.

3. Indien het bedrag, bedoeld in het tweede lid, onder a, b of c, niet geheel wordt verleend, kan de minister het bedrag dat niet verleend is toevoegen aan een van de andere bedragen, bedoeld in het tweede lid.

Hoofdstuk 2. Aanvraag

Artikel 7

1.

Een aanvraag voor subsidie gaat in ieder geval vergezeld van:

a. a. een activiteitenplan; en b. b. een begroting.

2. Een aanvraag wordt ingediend bij de minister, Directie Media, Letteren en Bibliotheken (MLB), Postbus 16375, 2500 BJ Den Haag.

Artikel 8

Een aanvraag voor subsidie wordt ingediend voor 15 september 2009.

Artikel 9

1. Indien een aanvraag voldoet aan de voorgaande artikelen, verzoekt de minister de regiegroep over de aanvraag te adviseren.

2. De minister zendt een aanvraag als bedoeld in het eerste lid uiterlijk een week na de datum, bedoeld in artikel 8, aan de regiegroep.

3. De regiegroep adviseert over alle van de minister ontvangen aanvragen tegelijk.

4. De regiegroep adviseert binnen vijf weken na de datum, bedoeld in artikel 8.

5. Indien een aanvraag niet wordt voorgelegd aan de regiegroep wijst de minister de aanvraag af.

Artikel 10

1. De regiegroep adviseert welke aanvragen in aanmerking moeten komen voor de verschillende categorieën van subsidie.

2.

Bij de advisering toetst de projectgroep in ieder geval aan de volgende criteria:

a. a. innovatief karakter; b. b. bijdrage aan de verdere ontwikkeling van de digitale bibliotheek; c. c. realiseerbaarheid naar inhoud en tijd; en d. d. de kosteneffectiviteit; de mate waarin de gevraagde subsidie redelijk is ten opzichte van het te verwachten effect van de activiteiten.

Hoofdstuk 3. Verlening

Artikel 11

1. De minister voorziet in een gelijktijdige beslissing op aanvragen waarover de regiegroep heeft geadviseerd, op basis van een vergelijking van hun geschiktheid om bij te dragen aan de doelstellingen van de subsidie.

2. De minister beslist op de aanvragen mede op basis van de adviezen van de regiegroep.

3. De minister beslist voor 1 december 2009 op de aanvragen.

Artikel 12

De minister kan voorschotten verlenen van ten hoogste 80 procent van het verleende subsidiebedrag.

Hoofdstuk 4. Subsidieverplichtingen

Artikel 13

Indien de subsidieontvanger bij het verrichten van de gesubsidieerde activiteiten intellectuele eigendomsrechten vestigt, draagt de subsidieontvanger deze intellectuele eigendomsrechten, voor zover deze rechten wettelijk overdraagbaar zijn, na afronding van de activiteiten over aan de Staat der Nederlanden. De subsidieontvanger werkt mee aan overdracht van de rechten bij akte.

Artikel 13a

Artikel 5.7 en 5.8 van de Regeling zijn van overeenkomstige toepassing op de ontvanger van een subsidie op grond van deze regeling met dien verstande dat de artikelen ook van toepassing zijn op subsidies die minder bedragen dan € 25.000.

Hoofdstuk 5. Vaststelling

Artikel 14

1.

Binnen vier maanden na afloop van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend, dient de subsidieontvanger de volgende bescheiden in:

a. a. een activiteitenverslag; en b. b. een jaarrekening of financieel verslag.

2. Artikel 5.11, derde en vijfde lid, en artikel 5.12, eerste lid, van de Regeling zijn van overeenkomstige toepassing.

3. Indien het verleende subsidiebedrag € 125.000 of meer bedraagt is artikel 2.27 van de Regeling van overeenkomstige toepassing op de jaarrekening en het financieel verslag.

Hoofdstuk 6. Slotbepalingen

Artikel 15

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 16

Deze regeling wordt aangehaald als Subsidieregeling bibliotheekinnovatie.