rijk/ministeriele-regeling/subsidieregeling-coronabanen-in-de-zorg/BWBR0044830
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Subsidieregeling coronabanen in de zorg BWBR0044830 ministeriele-regeling geldend 2021-06-08 https://wetten.overheid.nl/BWBR0044830 Subsidieregeling coronabanen in de zorg

Subsidieregeling coronabanen in de zorg

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • accountant: accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek;

  • AGB-code: de Algemene GegevensBeheer-code van een zorgaanbieder zoals geregistreerd in het AGB-register dat wordt beheerd door Vektis;

  • begeleiden: activiteiten van de zorgaanbieder ten behoeve van een werknemer die dienen tot informatieverstrekking, instructie, ontwikkeling, werkbegeleiding, intervisie en supervisie, advisering en evaluatie, alsmede activiteiten tot bevordering van een optimale dienstbetrekking van een werknemer;

  • cao: een collectieve arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet op de collectieve arbeidsovereenkomst; a. contract:

        a.
        arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 610 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek;
    
    
        b.
        uitzend- of detacheringsovereenkomst op basis waarvan een werknemer door een werkgever ter beschikking wordt gesteld van een zorgaanbieder om arbeid te verrichten onder toezicht en leiding van de zorgaanbieder;
    

a. a. arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 610 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek; b. b. uitzend- of detacheringsovereenkomst op basis waarvan een werknemer door een werkgever ter beschikking wordt gesteld van een zorgaanbieder om arbeid te verrichten onder toezicht en leiding van de zorgaanbieder;

  • coronabaan: tijdelijk ondersteunende corona-gerelateerde functie bij een zorgaanbieder;

  • COVID-19 uitbraak: de uitbraak van het coronavirus SARS-CoV-2 in Nederland;

  • GGD: gemeentelijke gezondheidsdienst als bedoeld in artikel 14 van de Wet publieke gezondheid;

  • handelsregister: handelsregister als bedoeld in artikel 2 van de Handelsregisterwet 2007;

  • jaarverslaggeving: het geheel van verslaggevingsdocumenten bestaande uit de jaarrekening en de andere informatie waarbij de andere informatie bestaat uit het bestuursverslag, de overige gegevens en eventueel andere financiële en niet-financiële informatie;

  • minister: de Minister van Langdurige Zorg en Sport;

  • onregelmatigheidstoeslag: de in de cao of in het contract vastgelegde financiële vergoeding voor het werken op onregelmatige uren;

  • periode 1: periode van 1 januari 2021 tot en met 30 juni 2021;

  • periode 2: periode van 1 juli 2021 tot en met 31 december 2021;

  • SBI-code: code van de Standaard Bedrijfsindeling zoals gehanteerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek waarmee de economische hoofd- of nevenactiviteit van een bedrijf wordt weergegeven in het handelsregister;

  • transitievergoeding: transitievergoeding als bedoeld in artikel 673 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek; a. verklaring inzake werkelijke kosten: verklaring, ondertekend door ten minste één tekenbevoegd persoon van de zorgaanbieder, waarin de zorgaanbieder aantoont:

        a.
        dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verstrekt zijn verricht, voorzien van een korte toelichting;
    
    
        b.
        dat aan de verleende subsidie verbonden verplichtingen is voldaan; en
    
    
        c.
        wat het totale bedrag van de gerealiseerde kosten van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend en die werkelijk verricht zijn is;
    

a. a. dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verstrekt zijn verricht, voorzien van een korte toelichting; b. b. dat aan de verleende subsidie verbonden verplichtingen is voldaan; en c. c. wat het totale bedrag van de gerealiseerde kosten van de activiteiten waarvoor subsidie is verleend en die werkelijk verricht zijn is;

  • voltijds coronabaan: een coronabaan die een arbeidsduur van gemiddeld 36 uur per week omvat; a. werknemer: persoon die

        a.
        op basis van een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 610 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek voor bepaalde tijd in dienst is bij een zorgaanbieder;
    
    
        b.
        op basis van een uitzend- of detacheringsovereenkomst door de werkgever ter beschikking wordt gesteld van een zorgaanbieder om arbeid te verrichten onder toezicht en leiding van de zorgaanbieder;
    

a. a. op basis van een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 610 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek voor bepaalde tijd in dienst is bij een zorgaanbieder; b. b. op basis van een uitzend- of detacheringsovereenkomst door de werkgever ter beschikking wordt gesteld van een zorgaanbieder om arbeid te verrichten onder toezicht en leiding van de zorgaanbieder;

  • wettelijk minimumloon: het minimumloon als bedoeld in de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag;

  • WTZi-toelating: toelating als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet toelating zorginstellingen; a. zorgaanbieder:

        a.
        een privaatrechtelijke rechtspersoon die, een organisatorisch verband van natuurlijke personen dat of een natuurlijke persoon die:
    
    
            1°
            bedrijfsmatig zorg verleent die wordt bekostigd op grond van een zorgverzekering als bedoeld in de Zorgverzekeringswet;
    
    
            2°
            een zorgaanbieder is als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet langdurige zorg;
    
    
            3°
            publieke gezondheidszorg als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet publieke gezondheid verleent of doet verlenen;
    
    
            4°
            bedrijfsmatig jeugdhulp als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet doet verlenen;
    
    
            5°
            een aanbieder is als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
    
    
            6°
            een ADL-aanbieder is als bedoeld in artikel 1.1 van de Subsidieregeling ADL-assistentie;
    
    
            7°
            ten laste van een persoonsgebonden budget als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 ondersteuning verleent; of
    
    
            8°
            door middel van opdracht van een aanbieder als bedoeld onder 5° onmiddellijk of middellijk een voorziening in de zin van artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 levert;
    
    
    
    
        b.
        degene die:
    
    
            1°
            in een register als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg staat ingeschreven of een beroep uitoefent waarvan de opleiding krachtens artikel 34, eerste lid, van die wet is geregeld of aangewezen en
    
    
            2°
            als solistisch werkende zorgverlener als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg, zorg verleent als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet of de Wet langdurige zorg;
    
    
    
    
        c.
        de GezondheidsZorg Asielzoekers Nederland B.V.;
    
    
        d.
        een GGD;
    
    
        e.
        een academisch ziekenhuis als bedoeld in artikel 1.13 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.
    

a. a. een privaatrechtelijke rechtspersoon die, een organisatorisch verband van natuurlijke personen dat of een natuurlijke persoon die:

          1°
          bedrijfsmatig zorg verleent die wordt bekostigd op grond van een zorgverzekering als bedoeld in de Zorgverzekeringswet;
        
        
          2°
          een zorgaanbieder is als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet langdurige zorg;
        
        
          3°
          publieke gezondheidszorg als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet publieke gezondheid verleent of doet verlenen;
        
        
          4°
          bedrijfsmatig jeugdhulp als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet doet verlenen;
        
        
          5°
          een aanbieder is als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
        
        
          6°
          een ADL-aanbieder is als bedoeld in artikel 1.1 van de Subsidieregeling ADL-assistentie;
        
        
          7°
          ten laste van een persoonsgebonden budget als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 ondersteuning verleent; of
        
        
          8°
          door middel van opdracht van een aanbieder als bedoeld onder 5° onmiddellijk of middellijk een voorziening in de zin van artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 levert;

1° 1° bedrijfsmatig zorg verleent die wordt bekostigd op grond van een zorgverzekering als bedoeld in de Zorgverzekeringswet; 2° 2° een zorgaanbieder is als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet langdurige zorg; 3° 3° publieke gezondheidszorg als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet publieke gezondheid verleent of doet verlenen; 4° 4° bedrijfsmatig jeugdhulp als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet doet verlenen; 5° 5° een aanbieder is als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; 6° 6° een ADL-aanbieder is als bedoeld in artikel 1.1 van de Subsidieregeling ADL-assistentie; 7° 7° ten laste van een persoonsgebonden budget als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 ondersteuning verleent; of 8° 8° door middel van opdracht van een aanbieder als bedoeld onder 5° onmiddellijk of middellijk een voorziening in de zin van artikel 1.1.1, eerste lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 levert; b. b. degene die:

          1°
          in een register als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg staat ingeschreven of een beroep uitoefent waarvan de opleiding krachtens artikel 34, eerste lid, van die wet is geregeld of aangewezen en
        
        
          2°
          als solistisch werkende zorgverlener als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg, zorg verleent als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet of de Wet langdurige zorg;

1° 1° in een register als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg staat ingeschreven of een beroep uitoefent waarvan de opleiding krachtens artikel 34, eerste lid, van die wet is geregeld of aangewezen en 2° 2° als solistisch werkende zorgverlener als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg, zorg verleent als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet of de Wet langdurige zorg; c. c. de GezondheidsZorg Asielzoekers Nederland B.V.; d. d. een GGD; e. e. een academisch ziekenhuis als bedoeld in artikel 1.13 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.

Artikel 2

Op deze regeling is de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS niet van toepassing, met uitzondering van hoofdstuk 5.

Artikel 3

1. De minister kan op aanvraag aan een zorgaanbieder een subsidie verstrekken voor het tewerkstellen en begeleiden van werknemers via coronabanen om de continuïteit van zorg tijdens de COVID-19 uitbraak te kunnen waarborgen.

2. De minister kan op aanvraag aan een zorgaanbieder een subsidie verstrekken voor het via coronabanen tewerkstellen en begeleiden van werknemers die een beroepsopleiding in de derde leerweg volgen als bedoeld in artikel 1.4.1, lid 1.a, van de Wet educatie en beroepsonderwijs met als doel het behalen van een certificaat als bedoeld in artikel 7.2.3 van de Wet educatie en beroepsonderwijs.

3.

De coronabanen die in aanmerking komen voor subsidie zijn:

a. a. coronabaan gastheer of gastvrouw; b. b. coronabaan zorg-assistent of zorgbuddy; c. c. coronabaan ADL-ondersteuner; d. d. coronabaan welzijn-assistent; e. e. coronabaan ondersteuner zorgmedewerker; of f. f. coronabaan ondersteuner veiligheid.

4.

Geen subsidie wordt verstrekt voor:

a. a. de kosten van het tewerkstellen van werknemers die met de prestatiebeschrijving meerkosten worden vergoed op grond van:

        1°
        de Beleidsregel continuïteitsbijdrage en meerkosten in verband met de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus;
      
      
        2°
        de Beleidsregel SARS-CoV-2 virus extra kosten Wlz 2021;
      
      
        3°
        de Beleidsregel SARS-CoV-2 virus doorlopende kosten Wlz 2021; of
      
      
        4°
        de meerkostenregeling corona voor Jeugdwet en Wmo 2015;

1° 1° de Beleidsregel continuïteitsbijdrage en meerkosten in verband met de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus; 2° 2° de Beleidsregel SARS-CoV-2 virus extra kosten Wlz 2021; 3° 3° de Beleidsregel SARS-CoV-2 virus doorlopende kosten Wlz 2021; of 4° 4° de meerkostenregeling corona voor Jeugdwet en Wmo 2015; b. b. de kosten van het tewerkstellen van werknemers die op grond van de Subsidieregeling opschaling curatieve zorg COVID-19 worden vergoed; c. c. de kosten van het tewerkstellen en begeleiden van werknemers die op grond van het Kwaliteitsbudget Verpleeghuiszorg en de Transitiemiddelen Verpleeghuiszorg worden vergoed; d. d. andere kosten met betrekking tot het aannemen van werknemers die van overheidswege worden vergoed; en e. e. dezelfde werknemer waarvoor in periode 1 subsidie is verleend en in periode 2 een verzoek tot herziening van de subsidieverlening ten behoeve van de verlenging van de activiteiten in periode 1 is aangevraagd en daardoor de totale maximale subsidiabele periode van zes maanden wordt overschreden.

Artikel 4

1. Subsidie wordt enkel verstrekt aan zorgaanbieders die op 1 januari 2021 in het handelsregister stonden ingeschreven met een hoofd- of nevenactiviteit met een SBI-code die in de Bijlage is opgenomen.

2. In afwijking van het eerste lid, kan subsidie worden verstrekt aan een zorgaanbieder indien uit de aanduiding waarmee de zorgaanbieder op 1 januari 2021 is ingeschreven in het handelsregister, naar het oordeel van de minister blijkt dat de zorgaanbieder een hoofd- of nevenactiviteit uitvoert die in de Bijlage is opgenomen.

3. De activiteiten, bedoeld in artikel 3, eerste en tweede lid, zijn in totaal voor maximaal zes maanden subsidiabel in de periode van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2021.

4.

Subsidie voor periode 1 wordt uitsluitend verstrekt indien:

a. a. de werknemer vanaf 1 januari 2021 wordt ingezet bij de zorgaanbieder; b. b. het contract voor minimaal twee en maximaal zes maanden wordt aangegaan; en c. c. in het contract wordt vastgelegd dat de arbeidsduur in ieder geval gemiddeld 20 uur per week bedraagt.

5.

Subsidie voor periode 2 wordt uitsluitend verstrekt indien:

a. a. de werknemer vanaf 1 juli 2021 maar voor 1 oktober 2021 wordt ingezet bij de zorgaanbieder; b. b. het contract voor minimaal twee en maximaal zes maanden wordt aangegaan; en c. c. in het contract wordt vastgelegd dat de arbeidsduur in ieder geval gemiddeld 20 uur per week bedraagt.

6. De minister beslist afwijzend op een aanvraag indien het aantal personen dat coronabanen als bedoeld in artikel 3, derde lid, verricht en waarvoor de zorgaanbieder subsidie aanvraagt, het aantal werkzame personen bij de zorgaanbieder met meer dan 100% doet toenemen.

7. In afwijking van het zesde lid kan een zorgaanbieder met maximaal 2 werkzame personen subsidie voor in totaal 3 coronabanen als bedoeld in artikel 3, derde lid, aanvragen.

Artikel 5

1.

Het subsidieplafond bedraagt:

a. a. voor periode 1 € 38.000.000; en b. b. voor periode 2 € 56.258.000.

2.

De minister verdeelt het uit hoofde van de subsidieplafonds beschikbare bedragen:

a. a. in geval het subsidieplafond niet wordt uitgeput, conform de volledige subsidieaanvragen; of b. b. in geval het subsidieplafond wel wordt uitgeput, evenredig over de ingediende volledige aanvragen.

3. Een subsidieaanvraag is volledig indien het aanvraagformulier is ingevuld, is ondertekend door een tekenbevoegd persoon van de aanvrager en de gevraagde documenten, bedoeld in artikel 6, vierde lid, zijn overgelegd.

4. In het geval van een onvolledige aanvraag wordt de zorgaanbieder in de gelegenheid gesteld de aanvraag binnen twee weken aan te vullen, krachtens artikel 4:5, eerste lid, onder c, van de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 6

1. De subsidieaanvraag ten behoeve van de activiteiten in periode 1 kan worden ingediend in de periode van 1 maart 2021, 09:00 uur tot en met 31 maart 2021, 17:00 uur.

2. De subsidieaanvraag ten behoeve van de activiteiten in periode 2 en het verzoek tot herziening van de subsidieverlening ten behoeve van de verlenging van de activiteiten in periode 1 kunnen worden ingediend in de periode van 14 juni 2021, 09:00 uur tot en met 25 juni 2021, 17:00 uur.

3. Voor de aanvraag tot verlening van de subsidie wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.

4.

Een aanvraag of een verzoek als bedoeld in het tweede lid gaat in ieder geval vergezeld van:

a. a. een opgave van:

        1°
        het aantal werknemers per coronabaan, inclusief de kosten, bedoeld in artikel 7, eerste en tweede lid;
      
      
        2°
        het gemiddeld aantal werkuren per werknemer per week overeenkomstig het contract;
      
      
        3°
        het aantal werknemers dat een beroepsopleiding in de derde leerweg volgt als bedoeld in artikel 3, tweede lid; en
      
      
        4°
        de periode waarin de werknemer wordt ingezet bij de zorgaanbieder;

1° 1° het aantal werknemers per coronabaan, inclusief de kosten, bedoeld in artikel 7, eerste en tweede lid; 2° 2° het gemiddeld aantal werkuren per werknemer per week overeenkomstig het contract; 3° 3° het aantal werknemers dat een beroepsopleiding in de derde leerweg volgt als bedoeld in artikel 3, tweede lid; en 4° 4° de periode waarin de werknemer wordt ingezet bij de zorgaanbieder; b. b. een verklaring waarin de zorgaanbieder verklaart dat:

        1°
        deze met de werknemer een contract aangaat voor minimaal twee en maximaal zes maanden;
      
      
        2°
        deze de werknemer in periode 1 inzet op of na 1 januari 2021;
      
      
        3°
        deze de werknemer in periode 2 inzet op of na 1 juli 2021 maar uiterlijk 1 oktober 2021;
      
      
        4°
        de coronabanen niet reeds via andere bronnen als bedoeld in artikel 3, vierde lid, gefinancierd worden;
      
      
        5°
        deze niet subsidie aanvraagt voor dezelfde werknemer in zowel periode 1 als periode 2 indien daarmee de totale maximale subsidiabele periode van zes maanden wordt overschreden; en
      
      
        6°
        deze een zorgaanbieder is als bedoeld in artikel 1;

1° 1° deze met de werknemer een contract aangaat voor minimaal twee en maximaal zes maanden; 2° 2° deze de werknemer in periode 1 inzet op of na 1 januari 2021; 3° 3° deze de werknemer in periode 2 inzet op of na 1 juli 2021 maar uiterlijk 1 oktober 2021; 4° 4° de coronabanen niet reeds via andere bronnen als bedoeld in artikel 3, vierde lid, gefinancierd worden; 5° 5° deze niet subsidie aanvraagt voor dezelfde werknemer in zowel periode 1 als periode 2 indien daarmee de totale maximale subsidiabele periode van zes maanden wordt overschreden; en 6° 6° deze een zorgaanbieder is als bedoeld in artikel 1; c. c. een opgave van het nummer waarmee de zorgaanbieder geregistreerd is bij de Kamer van Koophandel waarmee tevens de AGB-code en WTZi-toelating wordt gecontroleerd; d. d. een opgave van het SBI-nummer waarmee de zorgaanbieder geregistreerd is in het handelsregister; e. e. een opgave van het aantal werkzame personen bij de zorgaanbieder op 1 januari 2021; f. f. een volmacht ingeval door een ander dan een tekenbevoegde persoon subsidie wordt aangevraagd; en g. g. een bankafschrift op naam van de aanvrager, dat niet ouder is dan drie maanden.

5.

De zorgaanbieder die een aanvraag of verzoek als bedoeld in het tweede lid indient, en niet beschikt over een AGB-code of WTZi-toelating als bedoeld in artikel 1, doet de aanvraag vergezeld gaan van een van de volgende documenten:

a. a. een betalingsbewijs of contract met financier; of b. b. een schriftelijke verklaring van een derde waaruit blijkt dat de aanvrager een zorgaanbieder is.

6.

Door het indienen van een aanvraag stemt de zorgaanbieder ermee in dat in ieder geval de volgende gegevens uit het subsidiedossier openbaar gemaakt kunnen worden:

a. a. de naam en de vestigingsplaats van de subsidieaanvrager; b. b. het aantal werknemers dat coronabanen vervult; c. c. het verstrekte voorschot; en d. d. de verleende en vastgestelde subsidie.

Artikel 7

1.

Het subsidiebedrag per werknemer bestaat uit:

a. a. de voor hem verschuldigde loonkosten, tot een maximum van 120% van het wettelijk minimumloon; b. b. verschuldigde onregelmatigheidstoeslag, verschuldigde eindejaarsuitkering, verschuldigd vakantiegeld, verschuldigde pensioenafdrachten en sociale zekerheidslasten, in verband met de kosten, bedoeld onder a; en c. c. maximaal 20% van de kosten, bedoeld onder a, voor de begeleiding.

2. In aanvulling op het eerste lid bestaat het bedrag van de subsidie voor een werknemer met een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 610 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek tevens uit een transitievergoeding in verband met de activiteiten, bedoeld in artikel 3, eerste lid.

3. Het maximum subsidiebedrag voor een voltijds coronabaan van zes maanden bedraagt € 25.440.

4. Het maximum subsidiebedrag per zorgaanbieder bedraagt € 4.000.000.

Artikel 8

De minister verstrekt:

a. a. indien de subsidie minder dan € 25.000 bedraagt, een subsidie die ambtshalve wordt vastgesteld tot ten hoogste het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd; b. b. indien de subsidie € 25.000 of meer bedraagt, doch minder dan € 125.000 een subsidie waarbij op basis van een verklaring inzake werkelijke kosten wordt aangetoond dat de te subsidiëren activiteiten hebben plaatsgevonden overeenkomstig de aan de verleende subsidie verbonden verplichtingen; of c. c. indien de subsidie € 125.000 of meer bedraagt, een subsidie waarbij wordt aangetoond dat de te subsidiëren activiteiten hebben plaatsgevonden overeenkomstig de aan de verleende subsidie verbonden verplichtingen en waarbij tevens rekening en verantwoording wordt afgelegd in een separaat financieel verslag of in een financieel verslag als bijlage in de andere informatie van de jaarverslaggeving van de zorgaanbieder omtrent de met de gesubsidieerde activiteiten samenhangende kosten en baten.

Artikel 9

1. De minister besluit binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag, bedoeld in artikel 6, eerste en tweede lid, en het verzoek, bedoeld in artikel 6, tweede lid, tot subsidieverlening.

2.

Het besluit tot subsidieverlening vermeldt in ieder geval:

a. a. het aantal werknemers en coronabanen waarvoor subsidie wordt verleend; b. b. de hoogte van het subsidiebedrag; c. c. de wijze van verantwoording; d. d. de wijze waarop kan worden aangetoond dat de activiteiten verricht zijn; en e. e. de termijn waarbinnen de vaststelling van de subsidie moet worden aangevraagd.

3. De minister verleent bij het besluit tot verlening van de subsidie een voorschot van 100% dat in een keer wordt uitbetaald.

Artikel 10

Onverminderd hoofdstuk 5 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS is de subsidieontvanger verplicht:

a. a. de voor de sector van de zorgaanbieder betreffende cao van toepassing te verklaren; en b. b. de werknemer in te schalen overeenkomstig de betreffende cao, bedoeld onder a, en de salarisschaal behorende bij de betreffende coronabaan.

Artikel 11

1. De minister kan een steekproef uitvoeren voorafgaand aan de vaststelling van subsidies als bedoeld in artikel 8, onder a.

2. Indien een subsidieontvanger binnen de steekproef, bedoeld in het eerste lid, valt, toont hij op de in de beschikking aangegeven wijze aan dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de verleende subsidie verbonden verplichtingen.

3. De Minister besluit uiterlijk 4 november 2022 ambtshalve over de vaststelling van de subsidie.

4. De subsidie wordt vastgesteld op een bedrag tot ten hoogste het in de verleningsbeschikking genoemde bedrag.

Artikel 12

1. Bij subsidies als bedoeld in artikel 8, onder b, dient de zorgaanbieder uiterlijk 3 juni 2022 een aanvraag in voor de vaststelling van de subsidie.

2. Voor een aanvraag tot vaststelling van de subsidie wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.

3. De zorgaanbieder toont aan de hand van een verklaring inzake werkelijke kosten aan dat de activiteiten zijn verricht en dat is voldaan aan de aan de verleende subsidie verbonden verplichtingen.

4. De minister kan een steekproef uitvoeren voorafgaand aan de controle van de verklaring inzake werkelijke kosten, bedoeld in het derde lid.

5. De Minister besluit uiterlijk 4 november 2022 op een aanvraag tot vaststelling van de subsidie.

6. De subsidie wordt vastgesteld op een bedrag tot ten hoogste het in de verleningsbeschikking genoemde bedrag.

Artikel 13

1. Bij subsidies als bedoeld in artikel 8, onder c, dient de zorgaanbieder uiterlijk 30 september 2022 een aanvraag in voor de vaststelling van de subsidie.

2. Voor een aanvraag tot vaststelling van de subsidie wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.

3. De zorgaanbieder legt rekening en verantwoording af aan de hand van een separaat financieel verslag of een financieel verslag als bijlage in de andere informatie van de jaarverslaggeving van de zorgaanbieder.

4. Het financieel verslag, bedoeld in het derde lid, gaat vergezeld van een controleverklaring van een accountant overeenkomstig een door de minister vastgesteld en bekendgemaakt accountantsprotocol.

5. De minister besluit binnen 22 weken op een aanvraag tot vaststelling.

6. De subsidie wordt vastgesteld op een bedrag tot ten hoogste het in de verleningsbeschikking genoemde bedrag.

Artikel 14

1. In afwijking van artikel 8 legt een GGD verantwoording af over de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, op de wijze bepaald in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet.

2. De GGD vraagt uiterlijk op 15 juli 2022 de vaststelling van de subsidie aan door verantwoordingsinformatie aan de minister te verstrekken op de wijze bedoeld in het eerste lid.

3. Artikel 58a van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten is van overeenkomstige toepassing op de verantwoordingsinformatie.

4. De subsidie wordt vastgesteld op een bedrag tot ten hoogste het in de verleningsbeschikking genoemde bedrag.

5. De minister besluit binnen 22 weken op een aanvraag tot vaststelling.

Artikel 15

De minister kan een of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 15a

De subsidieregeling, zoals deze luidde op 20 februari 2021, blijft van toepassing op subsidies die zijn verstrekt aan zorgaanbieders ten behoeve van activiteiten in periode 1.

Artikel 16

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2021. De regeling vervalt met ingang van 31 december 2023.

Artikel 17

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling coronabanen in de zorg.

Bijlage . lijst met SBI-codes

Op grond van artikel 4 wordt subsidie enkel verstrekt aan zorgaanbieders die op 1 januari 2021 in het handelsregister stonden ingeschreven, met een hoofd- of nevenactiviteit met de daarbij behorende SBI-code die voorkomt op onderstaande lijst.