40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Subsidieregeling kunstmatige inseminatie met donorsemen | BWBR0042891 | ministeriele-regeling | geldend | 2024-11-05 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0042891 | Subsidieregeling kunstmatige inseminatie met donorsemen |
Subsidieregeling kunstmatige inseminatie met donorsemen
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
– –
*minister:* Minister voor Medische Zorg;
– –
*instelling:*
1.
een rechtspersoon die in het bezit is van een erkenning als weefselinstelling of orgaanbank specifiek voor donorsemen als bedoeld in artikel 9 van de Wet veiligheid en kwaliteit lichaamsmateriaal; of
2.
een door de minister aangewezen zorginstelling;
-
-
een rechtspersoon die in het bezit is van een erkenning als weefselinstelling of orgaanbank specifiek voor donorsemen als bedoeld in artikel 9 van de Wet veiligheid en kwaliteit lichaamsmateriaal; of
-
-
-
een door de minister aangewezen zorginstelling;
-
– –
*basis oriënterend fertiliteitsonderzoek:* een of twee consulten inclusief een echo om de mogelijkheden om te komen tot een zwangerschap te onderzoeken;
– –
*KID-behandeling:* behandeling door middel van kunstmatige inseminatie met donorsemen waarbij de zaadcellen in de baarmoederholte worden ingebracht (intra-uteriene inseminatie).
Artikel 2
Op deze regeling is de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS van toepassing, met uitzondering van artikel 10.1.
Artikel 3
1.
De minister kan op aanvraag subsidie verstrekken aan een instelling voor het uitvoeren van een basis oriënterend fertiliteitsonderzoek of het verrichten van een KID-behandeling bij:
a. a. verzekerden als bedoeld in artikel 1, onderdeel f, van de Zorgverzekeringswet; b. b. personen die op grond van artikel 64, eerste lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen zijn ontheven van de verplichtingen, opgelegd op grond van de Wet langdurige zorg; c. c. personen die uit hoofde van een verordening van de Raad van de Europese Gemeenschappen dan wel toepassing van zodanige verordening krachtens een overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of een verdrag inzake sociale zekerheid waarbij Nederland partij is, recht hebben op zorg of andere diensten in de zin van de Zorgverzekeringswet.
2.
Het uitvoeren van een basis oriënterend fertiliteitsonderzoek of het verrichten van een KID-behandeling komt uitsluitend voor subsidie in aanmerking indien:
a. a. deze activiteiten niet op grond van een ziektekostenverzekering of een wettelijk voorschrift bekostigd kunnen worden; b. b. deze activiteiten volgens de geldende richtlijnen en protocollen uitgevoerd worden; c. c. er maximaal twaalf KID-behandelingen worden uitgevoerd per te bereiken zwangerschap; en d. d. deze activiteiten niet in het kader van draagmoederschap worden verricht.
Artikel 4
Een subsidie voor het uitvoeren van een basis oriënterend fertiliteitsonderzoek wordt uitsluitend verstrekt indien de instelling aan de desbetreffende vrouw een eigen betaling, vastgesteld op de helft van het verplicht eigen risico, bedoeld in artikel 1, onderdeel g, van de Zorgverzekeringswet, in rekening heeft gebracht.
Artikel 5
De subsidie bestaat uit een bedrag dat wordt berekend door voor het basis oriënterend fertiliteitsonderzoek en de KID-behandeling aan te sluiten bij de door de Nederlandse Zorgautoriteit vastgestelde maximumtarieven voor overeenkomende zorgproducten en die te vermenigvuldigen met het aantal basis oriënterende fertiliteitsonderzoeken en KID-behandelingen dat in het subsidiejaar is verricht, te verminderen met de totaal in rekening gebrachte eigen betalingen, bedoeld in artikel 4.
Artikel 6
1. De subsidie wordt per kalenderjaar verstrekt.
2. Een aanvraag tot verlening van een subsidie wordt uiterlijk dertien weken voor aanvang van het subsidiejaar ontvangen.
3. In afwijking van het tweede lid, wordt een aanvraag ten behoeve van het subsidiejaar 2025 uiterlijk 15 november 2024 ontvangen.
4. De minister kan vrijstelling of ontheffing verlenen van de regels gesteld in het tweede en derde lid.
Artikel 7
De aanvraag tot verlening van een subsidie gaat vergezeld van een begroting die, in aanvulling op artikel 3.5 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS, een overzicht bevat van het aantal per jaar te verrichten basis oriënterende fertiliteitsonderzoeken en KID-behandelingen waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
Artikel 8
1. De minister vermeldt in het besluit tot verlening van de subsidie het aantal basis oriënterende fertiliteitsonderzoeken en KID-behandelingen per jaar waarvoor de subsidie wordt verleend alsmede de subsidiebedragen per basis oriënterend fertiliteitsonderzoek en per KID-behandeling.
2. De minister verleent bij het besluit tot verlening van de subsidie ambtshalve voorschotten. De voorschotten worden gelijkmatig betaald over het subsidiejaar.
Artikel 9
1. Een aanvraag tot vaststelling van de subsidie wordt binnen 22 weken na afloop van het subsidiejaar ingediend.
2. In aanvulling op Hoofdstuk 7 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS, gaat de aanvraag tot vaststelling vergezeld van een opgave van het aantal in het subsidiejaar verrichte basis oriënterende fertiliteitsonderzoeken en KID-behandelingen.
3. Indien de subsidie € 125.000 of meer bedraagt, legt de subsidieontvanger in afwijking van artikel 7.5, tweede lid, van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS tevens verantwoording af door het overleggen van een rapport van feitelijke bevindingen als bedoeld in artikel 7.5, derde lid, van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS in plaats van een assurancerapport.
4. De minister kan vrijstelling of ontheffing verlenen van de termijn, bedoeld in het eerste lid.
Artikel 9a
In afwijking van artikel 7.5, vijfde lid, van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS, kan de subsidie worden vastgesteld op een bedrag dat maximaal 15% hoger is dan het bedrag dat bij de verlening door de Minister is genoemd, indien het aantal in het subsidiejaar verrichte basis oriënterende fertiliteitsonderzoeken en KID-behandelingen groter is dan het aantal waarvoor subsidie is verleend.
Artikel 10
1. Het uitvoeren van basis oriënterende fertiliteitsonderzoeken en KID-behandelingen op grond van deze regeling wordt aangewezen als een dienst van algemeen economisch belang in de zin van artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie.
2. Subsidie wordt uitsluitend verstrekt indien de instelling met de Staat een overeenkomst sluit waarbij de Staat haar belast met en zij zich verplicht tot het verrichten van de dienst van algemeen economisch belang, bedoeld in het eerste lid.
Artikel 11
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2020 en vervalt met ingang van 1 januari 2030.
Artikel 12
Deze regeling wordt aangehaald als Subsidieregeling kunstmatige inseminatie met donorsemen.