rijk/ministeriele-regeling/subsidieregeling-polymeren-module-van-de-experimentele-kaderregeling-subsidies-i/BWBR0024085
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Subsidieregeling Polymeren-module van de Experimentele kaderregeling subsidies innovatieprojecten BWBR0024085 ministeriele-regeling geldend 2008-06-29 https://wetten.overheid.nl/BWBR0024085 Subsidieregeling Polymeren-module van de Experimentele kaderregeling subsidies innovatieprojecten

Subsidieregeling Polymeren-module van de Experimentele kaderregeling subsidies innovatieprojecten

Paragraaf 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

1.

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. a. kaderregeling: de Experimentele kaderregeling subsidies innovatieprojecten; b. b. industrieel onderzoek: industrieel onderzoek in de zin van de Communautaire kaderregeling inzake staatssteun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie nr. 2006/C 323/01; c. c. experimentele ontwikkeling: experimentele ontwikkeling in de zin van de Communautaire kaderregeling inzake staatssteun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie nr. 2006/C 323/01; d. d. onderzoeksorganisatie: een onderzoeksorganisatie in de zin van de Communautaire kaderregeling inzake staatssteun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie nr. 2006/C 323/01; e. e. publiek gefinancierde onderzoeksorganisatie: een geheel of gedeeltelijk van overheidswege gefinancierde onderzoeksorganisatie; f. f. polymeren haalbaarheidsproject: een samenstel van activiteiten dat leidt tot een schriftelijk rapport met een inschatting van de technische en economische mogelijkheden van een innovatieproject en dat past binnen bijlage 1; g. g. polymeren MKB-innovatieproject: een innovatieproject bestaande uit industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling of een combinatie hiervan, dat past binnen bijlage 1 en dat wordt uitgevoerd door polymeren MKB-samenwerkingsverband; h. h. polymeren MKB-samenwerkingsverband: een innovatie-samenwerkingsverband, opgericht ten behoeve van de uitvoering van een polymeren MKB-innovatieproject, waarbij ten minste één van de partijen een in Nederland gevestigde MKB-ondernemer is en een andere partij ofwel een ondernemer ofwel een onderzoeksorganisatie is.

2. Voor de definitie van innovatieproject, innovatie-samenwerkingsverband, ondernemer, MKB-ondernemer en groep zijn artikel 1, onderdelen b, c, d, f en g van de kaderregeling van toepassing.

Paragraaf 2. Polymeren haalbaarheidsprojecten

Artikel 2

1. De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een MKB-ondernemer die voor eigen rekening en risico een polymeren haalbaarheidsproject uitvoert.

2. De subsidie bedraagt 50 procent van de subsidiabele kosten, maar niet meer dan € 50.000.

3. Voor het verstrekken van subsidies voor polymeren haalbaarheidsprojecten zijn de artikelen 5, 7 tot en met 9, 11, 15 tot en met 18, 19, eerste tot en met derde lid, 20 en 28 tot en met 32, 33, eerste, tweede, derde en vijfde lid, en 34 van de kaderregeling van toepassing.

4. Artikel 4, eerste, derde en vierde lid, van de kaderregeling zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het bepaalde in artikel 4, eerste lid, van de kaderregeling ook geldt, indien voor de subsidiabele kosten of een deel daarvan reeds door de Commissie van de Europese Gemeenschappen subsidie is verstrekt.

Artikel 3

1. Het subsidieplafond voor het verlenen van subsidies voor polymeren haalbaarheidsprojecten waarvoor de aanvragen zijn ontvangen in de periode, genoemd in het tweede lid, bedraagt € 700.000.

2. De periode, bedoeld in artikel 12 van de kaderregeling, is de dag na de datum van inwerkingtreding van deze regeling tot en met 15 oktober 2008, 18.00 uur.

Artikel 4

1.

In aanvulling op artikel 15 van de kaderregeling beslist de Minister afwijzend op een aanvraag voor een polymeren haalbaarheidsproject indien:

a. a. het innovatieproject waarop het polymeren haalbaarheidsproject betrekking heeft technisch onvoldoende risicovol is; b. b. het polymeren haalbaarheidsproject onvoldoende inzicht geeft in het economisch perspectief en de toepassingsmogelijkheden van de projectresultaten.

2. De in artikel 15, onderdeel c, van de kaderregeling bedoelde termijn is voor polymeren haalbaarheidsprojecten 1 jaar.

Artikel 5

In afwijking van artikel 16, derde lid, van de kaderregeling bedraagt het ambtshalve te verstrekken voorschot 50 procent van het bij de subsidieverlening vermelde maximale subsidiebedrag.

Paragraaf 3. Subsidieverstrekking polymeren MKB-innovatieprojecten

Artikel 6

1. De Minister verstrekt op aanvraag een subsidie aan een polymeren MKB-samenwerkingsverband dat voor gezamenlijke rekening en risico een polymeren MKB-innovatieproject uitvoert.

2. Op het verstrekken van de subsidie voor een polymeren MKB-innovatieproject zijn de artikelen 3, eerste lid, onderdeel b, tweede tot en met vierde lid, 5, 7 tot en met 9, 11, 15 tot en met 23, 28 tot 32, 33, eerste tot en met derde en vijfde lid, en 34, van de kaderregeling van toepassing.

3. Artikel 3, eerste lid, onderdeel c, van de kaderregeling is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat voor preconcurrentiële ontwikkeling wordt gelezen: experimentele ontwikkeling.

4. Artikel 4, eerste, derde en vierde lid, van de kaderregeling zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat het bepaalde in artikel 4, eerste lid, van de kaderregeling ook geldt, indien voor de subsidiabele kosten of een deel daarvan reeds door de Commissie van de Europese Gemeenschappen subsidie is verstrekt.

5.

De Minister verstrekt geen subsidie voor een polymeren MKB-innovatieproject:

a. a. indien voor het polymeren MKB-innovatieproject reeds door de Minister subsidie is verstrekt; b. b. aan een overheid of overheidsinstelling, tenzij het een onderzoeksorganisatie betreft.

Artikel 7

1. Indien de subsidiabele kosten betrekking hebben op industrieel onderzoek, bedraagt in afwijking van artikel 3, eerste lid, onder b, van de kaderregeling, de subsidie voor een ondernemer 35 procent van de subsidiabele kosten. Dit percentage wordt verhoogd met 10 procentpunten indien subsidie wordt verleend aan een MKB-ondernemer.

2. Het in artikel 3, vierde lid, van de kaderregeling bedoelde bedrag is € 300.000.

Artikel 8

1.

Indien de subsidieontvanger daarom verzoekt, worden in afwijking van artikel 5 van de kaderregeling de volgende subsidiabele kosten in aanmerking genomen:

a. a. de volgende rechtstreeks aan de uitvoering van het industrieel onderzoek of de experimentele ontwikkeling toe te rekenen, na de indiening van de aanvraag door de subsidieontvanger gemaakte en betaalde kosten:

        1°.
        loonkosten voor betrokken personeel, voor zover deze rechtstreeks voor de uitvoering van het onderzoek noodzakelijk zijn. Het uurloon wordt berekend op basis van 1650 productieve uren per jaar;
      
      
        2°.
        de kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen, gebaseerd op historische aanschafprijzen;
      
      
        3°.
        kosten van het gebruik van bestaande machines en apparatuur van de deelnemers;
      
      
        4°.
        kosten van speciaal voor het project aan te schaffen machines en apparatuur; eventuele restwaarde van speciaal voor het project aangeschafte apparatuur wordt in mindering gebracht op de subsidiabele kosten;
      
      
        5°.
        aan derden verschuldigde kosten;
      
      
        6°.
        kosten van buitenlandstages;
      
      
        7°.
        kosten van octrooiaanvraag van onderzoeksorganisaties en MKB-ondernemers;
      
      
        8°.
        kosten inzake kennisoverdracht en verankering;

1°. 1°. loonkosten voor betrokken personeel, voor zover deze rechtstreeks voor de uitvoering van het onderzoek noodzakelijk zijn. Het uurloon wordt berekend op basis van 1650 productieve uren per jaar; 2°. 2°. de kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen, gebaseerd op historische aanschafprijzen; 3°. 3°. kosten van het gebruik van bestaande machines en apparatuur van de deelnemers; 4°. 4°. kosten van speciaal voor het project aan te schaffen machines en apparatuur; eventuele restwaarde van speciaal voor het project aangeschafte apparatuur wordt in mindering gebracht op de subsidiabele kosten; 5°. 5°. aan derden verschuldigde kosten; 6°. 6°. kosten van buitenlandstages; 7°. 7°. kosten van octrooiaanvraag van onderzoeksorganisaties en MKB-ondernemers; 8°. 8°. kosten inzake kennisoverdracht en verankering; b. b. een opslag voor overige algemene kosten van 50 procent van de onder a, onder 1°, bedoelde kosten.

2. Voor de loonkosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 1°, wordt uitgegaan van gemiddelde uurtarieven per categorie bij het onderzoek betrokken personeel.

3. De kosten worden in aanmerking genomen met inbegrip van omzetbelasting, indien de subsidieontvanger die de kosten heeft gemaakt, omzetbelasting niet in aftrek kan brengen.

4. Indien geen loonkosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 1°, worden gemaakt, maar niettemin arbeid ten behoeve van het project wordt verricht, wordt voor de berekening van de subsidiabele kosten uitgegaan van een uurtarief van € 35.

Artikel 9

2. Het subsidieplafond voor het verlenen van subsidies voor polymeren MKB-innovatieprojecten waarvoor de aanvragen zijn ontvangen in de periode, genoemd in het tweede lid, bedraagt € 1.351.000.

2. De periode, bedoeld in artikel 12 van de kaderregeling, is de dag na de datum van inwerkingtreding van deze regeling tot en met 15 oktober 2008, 18.00 uur.

Artikel 10

1.

In aanvulling op artikel 15 van de kaderregeling beslist de Minister afwijzend op een aanvraag om subsidie voor een polymeren MKB-innovatieproject:

a. a. indien de subsidiabele kosten van het polymeren MKB-innovatieproject minder dan € 50.000 bedragen; b. b. indien er geen daadwerkelijke inbreng van het MKB is.

2.

In aanvulling op artikel 15 van de kaderregeling beslist de Minister voorts afwijzend op een aanvraag om een subsidie voor een polymeren MKB-innovatieproject indien het polymeren MKB-innovatieproject geen wezenlijke bijdrage levert aan:

a. a. de doelstellingen van het Polymeren Innovatie Programma, zoals opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 1; b. b. technologische vernieuwing of wezenlijk nieuwe toepassingen van een bestaande technologie; c. c. het creëren van economische waarde voor de deelnemers van het samenwerkingsverband en de daarmee samenhangende positieve gevolgen voor de Nederlandse economie.

Artikel 11

De in artikel 15, onderdeel c, van de kaderregeling bedoelde termijn, is voor een polymeren MKB-innovatieproject 4 jaar.

Artikel 12

In aanvulling op artikel 21 van de kaderregeling treedt voor het indienen van de aanvraag voor het polymeren MKB-samenwerkingsverband een MKB-ondernemer op als penvoerder.

Artikel 13

Indien de in artikel 8 genoemde subsidiabele kosten in aanmerking worden genomen, voert de subsidieontvanger in afwijking van artikel 29, eerste lid, onderdeel c, van de kaderregeling een administratie die is gerelateerd aan de kostensoorten, genoemd in artikel 8, waaruit te allen tijde op eenvoudige een duidelijke wijze de gemaakte en betaalde kosten kunnen worden afgeleid.

Artikel 14

1. In aanvulling op artikel 33 van de kaderregeling draagt de subsidieontvanger zorg voor de openbaarmaking van de algemene kennis die voorvloeit uit de resultaten van het project.

2. De Minister kan voor een periode van vijf jaren na de vaststelling van de subsidie nadere verplichtingen ter uitvoering van het eerste en tweede lid opleggen.

3.

Wanneer een publiek gefinancierde onderzoeksorganisatie deel uitmaakt van een polymeren MKB-samenwerkingsverband, draagt het slechts kennis of andere resultaten uit het polymeren MKB-innovatieproject over aan een ondernemer die deelneemt aan het polymeren MKB-samenwerkingsverband, indien aan ten minste één van de volgende voorwaarden is voldaan:

a. a. de deelnemende ondernemers dragen de volledige kosten van het project; b. b. de resultaten waaraan geen intellectuele eigendomsrechten op de resultaten kunnen worden ontleend, mogen ruim worden verspreid en eventuele intellectuele eigendomsrechten op de resultaten die uit de activiteiten van de publiek gefinancierde onderzoeksorganisatie voortvloeien, worden volledig aan de publiek gefinancierde onderzoeksorganisatie toegekend; c. c. de publiek gefinancierde onderzoeksorganisatie ontvangt van de deelnemende ondernemers een vergoeding die overeenstemt met de marktprijs voor de intellectuele eigendomsrechten die voortvloeien uit de door de publiek gefinancierde onderzoeksorganisatie in het kader van het polymeren MKB-innovatieproject uitgevoerde activiteit en die worden overgedragen aan de deelnemende ondernemers. Eventuele bijdragen van de deelnemende ondernemers in de kosten van de publiek gefinancierde onderzoeksorganisatie worden op deze compensatie in mindering gebracht.

4. Indien niet is voldaan aan het derde lid, onderdelen a, b of c, kan de Minister op verzoek van de penvoerder ontheffing verlenen van het verbod tot het overdragen van kennis of andere resultaten uit een polymeren MKB-innovatieproject van een publiek gefinancierde onderzoeksorganisatie die deel uitmaakt van een polymeren MKB-samenwerkingsverband aan een ondernemer die deelneemt aan hetzelfde samenwerkingsverband, indien geen sprake is van staatssteun aan die ondernemer. Aan die ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden.

Paragraaf 4. Formulieren

Artikel 15

Het formulier voor het indienen van een aanvraag om:

a. a. een subsidie is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 2; b. b. een voorschot is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 3; c. c. een subsidievaststelling is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 4.

Paragraaf 5. Slotbepalingen

Artikel 16

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 17

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Polymeren-module van de Experimentele kaderregeling subsidies innovatieprojecten.

Bijlage 1

Bijlage 2

Ligt ter inzage bij SenterNovem te Den Haag.

Bijlage 3

Ligt ter inzage bij SenterNovem te Den Haag.

Bijlage 4

Ligt ter inzage bij SenterNovem te Den Haag.