rijk/ministeriele-regeling/subsidieregeling-techkwadraat-20252028/BWBR0050458
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Subsidieregeling Techkwadraat 20252028 BWBR0050458 ministeriele-regeling geldend 2024-11-27 https://wetten.overheid.nl/BWBR0050458 Subsidieregeling Techkwadraat 20252028

Subsidieregeling Techkwadraat 20252028

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1.1

  • bedrijf: organisatie, ongeacht haar rechtsvorm, die economische activiteiten uitoefent;
  • beroepsgericht vmbo: basisberoepsgerichte, kaderberoepsgerichte en gemengde leerweg van het vmbo, bedoeld in artikel 2.22, eerste lid, onderdelen b tot en met d, van de WVO 2020;
  • bevoegd gezag: bevoegd gezag als bedoeld in artikel 1 van de WPO, artikel 1 van de WPO BES, artikel 1 van de WEC of artikel 1.1 van de WVO 2020;
  • bovenbouw mavo, havo en vwo: leerjaar 3 of 4 van het mavo, leerjaar 4 of 5 van het havo en leerjaar 4, 5 of 6 van het vwo;
  • buitenschoolse leeromgeving: leeromgevingen die buiten de traditionele klaslokalen en schoolgebouwen plaatsvinden, die leerlingen de mogelijkheid bieden om te leren en te groeien in contexten die verschillen van de standaard schoolsetting;
  • DUS-I: Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen;
  • eindtermen: kennis en ervaring die een leerling aan het eind van het voortgezet onderwijs moet hebben, als bedoeld in de bijlagen bij de Regeling examenprogrammas voortgezet onderwijs;
  • evidence-informed: wetenschappelijk bewezen aanpak of werkwijze die aantoonbaar bijdraagt aan onderwijsverbetering waarbij zowel kennis uit onderzoek als praktijkkennis is toegepast;
  • examenprogramma: examenprogramma als bedoeld in artikel 2.54 van de WVO 2020;
  • funderend onderwijs: bekostigd onderwijs op scholen waar primair en voortgezet onderwijs wordt gegeven;
  • gemengde leerweg: gemengde leerweg van het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs, als bedoeld in artikel 2.22, eerste lid, onder d van de WVO 2020;
  • havo: hoger algemeen voortgezet onderwijs als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel b van de WVO 2020;
  • interventiekompas: interventiekompas als bedoeld in bijlage 2 bij deze regeling;
  • lerarenopleiding: bekostigde bachelor- of masteropleiding als bedoeld in artikel 7.3a van de WHW die opleidt tot het verkrijgen van een getuigschrift waaruit blijkt dat is voldaan aan de bekwaamheidseisen die zijn vastgesteld krachtens artikel 32a, eerste lid, van de WPO, artikel 7.10 van de WVO 2020, artikel 32a, eerste lid, van de WEC of artikel 35, eerste lid, van de WPO BES;
  • Kaderregeling: Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;
  • mavo: middelbaar algemeen voortgezet onderwijs als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel c, van de WVO 2020;
  • minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
  • leerling: leerling als bedoeld in artikel 1 van het Besluit bekostiging WPO 2022, artikel 1 van het Besluit bekostiging WEC 2022, artikel 1 van het Besluit bekostiging WPO BES 2022 of artikel 6.7 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020;
  • Nationaal Groeifonds: Nationaal Groeifonds als bedoeld in artikel 1 van de Tijdelijke wet Nationaal Groeifonds;
  • penvoerder: penvoerder als bedoeld in artikel 1.5;
  • personeel: personeel als bedoeld in artikel 1.1 van de WVO 2020, artikel 1 van de WPO, artikel 1 van de WPO BES of artikel 1 van de WEC;
  • po-school: school waar primair onderwijs wordt gegeven;
  • praktijkonderwijs: praktijkonderwijs als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel e van de WVO 2020;
  • primair onderwijs: onderwijs dat gegeven wordt op een school of speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in artikel 1 van de WPO, onderwijs en speciaal voortgezet onderwijs dat gegeven wordt op een school of instelling als bedoeld in artikel 1 van de WECof onderwijs dat gegeven wordt op een school als bedoeld in artikel 1 van de WPO BES;
  • programmabureau: programmaorganisatie van het programma Techkwadraat;
  • regio: aaneengesloten geografisch gebied bestaande uit het grondgebied van één of meer gemeenten;
  • RIO: Registratie Instellingen en Opleidingen;
  • samenwerkingsovereenkomst: overeenkomst tussen in ieder geval alle vestigingen in de Techkwadraatregio;
  • school: uit s Rijks kas bekostigde school als bedoeld in artikel 1.1 van de WVO 2020, artikel 1 van de WPO, artikel 1 van de WEC of artikel 1 van de WPO BES;
  • schooljaar: periode waarin het onderwijs aan de school wordt verzorgd, beginnend op 1 augustus van enig kalenderjaar en eindigend op 31 juli daaropvolgend;
  • taakbeleid: taakbeleid als bedoeld in artikel 8.1 van de Collectieve arbeidsovereenkomst voor het voortgezet onderwijs 20232024;
  • Techkwadraat: het programma volgend op de Nationaal Groeifonds-aanvraag Investeren in het talent van de toekomst dat inzet op een leeromgeving over technologie waar onderwijs en praktijk samenkomen.
  • Techkwadraatregio: regio als bedoeld in artikel 1.6;
  • techniekluwe regio: regio als bedoeld in artikel 3.1 van de Subsidieregeling sterk techniekonderwijs 20252028;
  • techniekregio: regio als bedoeld in 2.1 van de Subsidieregeling sterk techniekonderwijs 20252028;
  • technologie-onderwijs: proces waarbij kennis, vaardigheden en begrip worden ontwikkeld met betrekking tot technologie en de toepassing ervan binnen de domeinen wetenschappen, natuurwetenschappen, techniek en ICT;
  • vestiging: hoofdvestiging of nevenvestiging van een school als bedoeld in artikel 1 van de WPO, hoofdvestiging of nevenvestiging van een school als bedoeld artikel 76a van de WEC, hoofdvestiging als bedoeld in artikel 4.13 van de WVO 2020, nevenvestiging als bedoeld in artikel 4.14 van de WVO 2020 of tijdelijke nevenvestiging als bedoeld in artikel 4.16 van de WVO 2020, met inbegrip van een vestiging van een school voor voorbereidend beroepsonderwijs die deel uitmaakt van een verticale scholengemeenschap die van rechtswege is ontstaan na de omzetting op grond van artikel 12.2.4 van de WEB, te herkennen aan het zescijferige nummer in het RIO;
  • voortgezet onderwijs: onderwijs dat gegeven wordt op een school als bedoeld in artikel 1.1 van de WVO 2020 of op Caribisch Nederland als bedoeld in hoofdstuk 11 van de WVO 2020;
  • vo-school: school waar voortgezet onderwijs wordt gegeven;
  • vbo: voorbereidend beroepsonderwijs als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel d van de WVO 2020;
  • vwo: voorbereidend wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel a van de WVO 2020;
  • WEB: Wet educatie en beroepsonderwijs;
  • WEC: Wet op de expertisecentra;
  • werkverdelingsplan: beschrijving van de inzet van werknemers op een school, bedoeld in de Collectieve arbeidsovereenkomst voor het primair onderwijs 20232024;
  • WHW: Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;
  • WPO: Wet op het primair onderwijs;
  • WPO BES: Wet primair onderwijs BES;
  • WVO 2020: Wet voortgezet onderwijs 2020.

Artikel 1.2

Deze regeling geldt in aanvulling op de Kaderregeling.

Artikel 1.3

1.

De minister kan subsidie verstrekken aan een penvoerder van een Techkwadraatregio om in regioverband in de schooljaren 2025/2026, 2026/2027 en 2027/2028 vorm te geven aan toekomstbestendig, dekkend en kwalitatief hoogstaand technologieonderwijs binnen het bekostigd funderend onderwijs, voor:

a. a. een Techkwadraatregio voor de schooljaren 2025/2026, 2026/2027 en 2027/2028; of b. b. een Techkwadraatregio voor de schooljaren 2026/2027 en 2027/2028, indien het subsidieplafond, bedoeld in artikel 1.14, nog niet is uitgeput.

2.

Op grond van deze regeling komen de kosten voor de volgende activiteiten voor subsidie in aanmerking:

a. a. kosten voor het vrij roosteren van personeel, voor zover uit het werkverdelingsplan of het taakbeleid blijkt dat het personeel dat is vrijgeroosterd, is ingezet voor Techkwadraat; b. b. kosten voor personeel dat wordt aangenomen of ingehuurd voor Techkwadraat; c. c. kosten voor samenwerking tussen en binnen Techkwadraatregios ten behoeve van toekomstbestendig, dekkend en kwalitatief hoogstaand technologieonderwijs; d. d. kosten voor aanvullend technologieonderwijs, waarbij wordt ingezet op verrijking van de lessen door middel van de regionale samenwerking tussen vestigingen van onderwijs, buitenschoolse leeromgevingen en bedrijven.

3.

Op grond van deze regeling wordt geen subsidie verstrekt voor:

a. a. kosten voor huisvesting als bedoeld in artikel 6.2 van de WVO 2020, artikel 92 van de WPO, artikel 90 van de WEC en artikel 79 van de WPO BES; b. b. activiteiten waarvoor de minister reeds bekostiging of subsidie verstrekt; c. c. activiteiten die voor het tijdstip van indienen van de aanvraag reeds hebben plaatsgevonden; of d. d. activiteiten waarvoor de minister reeds subsidie heeft verstrekt op grond van de Regeling Regionaal investeringsfonds mbo 20242027 of de Subsidieregeling sterk techniekonderwijs 20252028.

Artikel 1.4

1. Aan het einde van de subsidieperiode moet een cofinanciering van ten minste 20% van de totale meerjarenbegroting van het project zijn behaald door bedrijven, organisaties uit buitenschoolse leeromgevingen of andere publieke en private partijen. De cofinanciering moet in geld of in geld waardeerbaar zijn.

2. De cofinanciering die afkomstig is van bedrijven bedraagt ten minste 10% van de totale meerjarenbegroting.

3. De penvoerder staat garant voor de cofinanciering.

Artikel 1.5

1. Het bevoegd gezag van één van de vestigingen van een school die deel uitmaakt van de Techkwadraatregio, treedt namens de vestigingen in de samenwerkingsovereenkomst op als penvoerder.

2. Subsidie wordt aangevraagd door, verleend aan en verantwoord door de penvoerder. Op de penvoerder rusten alle aan de subsidie verbonden verplichtingen, ongeacht welke partij feitelijk is belast met de uitvoering van de daarop betrekking hebbende activiteiten.

3. Bij de aanvraag wordt een door alle vestigingen in de Techkwadraatregio getekende verklaring gevoegd waarin zij verklaren dat de penvoerder gemachtigd is om hen in het kader van de subsidieverstrekking in en buiten rechte te vertegenwoordigen, en dat alle gegevens die noodzakelijk zijn voor de verantwoording door de penvoerder over de besteding van de subsidie, op verzoek aan de penvoerder worden verstrekt.

Artikel 1.6

1. Een Techkwadraatregio is een regio waarbinnen onderwijs, bedrijfsleven en organisaties actief in de buitenschoolse leeromgeving gezamenlijk vormgeven aan toekomstbestendig, dekkend en kwalitatief hoogstaand technologieonderwijs binnen het bekostigd funderend onderwijs waarbij wordt gestimuleerd en gefaciliteerd dat alle leerlingen in het funderend onderwijs structureel in aanraking komen met kwalitatief hoogstaand technologieonderwijs, en waarvoor een aanvraag kan worden ingediend als bedoeld in het tweede lid.

2.

Een aanvraag door de penvoerder van een Techkwadraatregio komt in aanmerking voor subsidie voor zover:

a. a. wordt aangesloten bij de infrastructuur van een techniekregio of een techniekluwe regio, of hier gemotiveerd van wordt afgeweken; b. b. alle vestigingen van scholen in die regio desgewenst kunnen deelnemen; c. c. minimaal 20 vestigingen van po-scholen en minimaal 3 vestigingen van vo-scholen uit de betreffende regio deelnemen aan de Techkwadraatregio, met dien verstande dat een vo-vestiging leerlingen heeft in de bovenbouw van het mavo, havo of vwo, of uitsluitend leerlingen heeft in het eerste of tweede leerjaar van het mavo, havo, vwo of vbo om voor subsidie in aanmerking te komen; d. d. de deelnemende vestigingen van scholen die een regio vormen uit aangrenzende gemeenten komen; e. e. de deelnemende vestigingen een samenwerkingsovereenkomst ondertekenen, als bedoeld in artikel 1.8, tweede lid, onderdeel b; en f. f. er bij het vormgeven van het technologieonderwijs in regioverband door de deelnemende vestigingen wordt samengewerkt met bedrijven en organisaties uit de buitenschoolse leeromgeving. Dit moet blijken uit het activiteitenplan en regiovisie, als bedoeld in artikel 1.8, tweede lid, onderdeel a, sub 1.

3. Een vestiging van een school kan aan maximaal één Techkwadraatregio deelnemen.

Artikel 1.7

1. Voorafgaand aan een subsidieaanvraag als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onder b kan de penvoerder een vooraanmelding doen.

2. Voor de vooraanmelding wordt gebruik gemaakt van het formulier dat bekend is gemaakt op de website www.dus-i.nl.

3.

De vooraanmelding bestaat uit:

a. a. de penvoerder en de regio waar deze aanvraag betrekking op heeft; en b. b. het aantal vestigingen waarmee een aanvraag wordt ingediend of uitgebreid.

4. De vooraanmelding wordt ingediend van 1 september 2025 tot en met 26 september 2025.

Artikel 1.8

1. Voor de subsidieaanvraag wordt gebruik gemaakt van het aanvraagformulier dat wordt bekendgemaakt op de website www.dus-i.nl.

2.

In aanvulling op de artikelen 3.4 tot en met 3.7 van de Kaderregeling bevat de aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid:

a. a. een activiteitenplan inclusief een regiovisie voor de periode 20252028 die bestaat uit:

        1°.
        de samenstelling van de Techkwadraatregio en de onderbouwing daarvan, waarbij de samenwerking wordt omschreven met bedrijven en organisaties uit de buitenschoolse leeromgeving;
      
      
        2°.
        een vermelding van de regio waarbinnen de samenwerking plaatsvindt;
      
      
        3°.
        een concrete omschrijving van het regionale doel met betrekking tot de dekking, toekomstbestendigheid en kwaliteit van het technologieonderwijs in het primair en voortgezet onderwijs waarbij wordt omschreven hoe het technologieonderwijs zich verhoudt tot de kerndoelen als bedoeld in artikel 9 van de WPO, artikel 2.13 van de WVO 2020 en artikel 13, zevende lid, van de WEC en examenprogrammas als bedoeld in artikel 2.54 van de WVO 2020;
      
      
        4°.
        een beschrijving van hoe de werkdruk van leraren en schoolleiders zo veel mogelijk wordt verminderd;
      
      
        5°.
        een concrete omschrijving van de wijze waarop de regiovisie bijdraagt aan het betrekken van ondervertegenwoordigde groepen in technologische beroepen.
      
      
        6°.
        een concrete omschrijving van de wijze waarop wordt voortgebouwd op bestaande samenwerkingen en activiteiten rond technologieonderwijs in de regio;
      
      
        7°.
        een concrete omschrijving van de wijze waarop de tijdelijke impuls op basis van deze subsidieregeling na het schooljaar 2027/2028 wordt voortgezet en streeft naar een structureel effect in de regio;
      
      
        8°.
        een beschrijving van binnen de regio belangrijke themas en hoe hier in de regio aandacht aan wordt besteed, waaronder in ieder geval de 5 kompaspunten uit het interventiekompas:
        
          
            i.
            regionale samenwerking
          
          
            ii.
            beroepsontwikkeling
          
          
            iii.
            onderwijsontwikkeling
          
          
            iv.
            imago en beeldvorming
          
          
            v.
            lerend vermogen; en
          
        
      
      
        9°.
        een beschrijving van de wijze waarop de cofinanciering, bedoeld in artikel 1.4, aan het einde van de subsidieperiode zal worden behaald;

1°. 1°. de samenstelling van de Techkwadraatregio en de onderbouwing daarvan, waarbij de samenwerking wordt omschreven met bedrijven en organisaties uit de buitenschoolse leeromgeving; 2°. 2°. een vermelding van de regio waarbinnen de samenwerking plaatsvindt; 3°. 3°. een concrete omschrijving van het regionale doel met betrekking tot de dekking, toekomstbestendigheid en kwaliteit van het technologieonderwijs in het primair en voortgezet onderwijs waarbij wordt omschreven hoe het technologieonderwijs zich verhoudt tot de kerndoelen als bedoeld in artikel 9 van de WPO, artikel 2.13 van de WVO 2020 en artikel 13, zevende lid, van de WEC en examenprogrammas als bedoeld in artikel 2.54 van de WVO 2020; 4°. 4°. een beschrijving van hoe de werkdruk van leraren en schoolleiders zo veel mogelijk wordt verminderd; 5°. 5°. een concrete omschrijving van de wijze waarop de regiovisie bijdraagt aan het betrekken van ondervertegenwoordigde groepen in technologische beroepen. 6°. 6°. een concrete omschrijving van de wijze waarop wordt voortgebouwd op bestaande samenwerkingen en activiteiten rond technologieonderwijs in de regio; 7°. 7°. een concrete omschrijving van de wijze waarop de tijdelijke impuls op basis van deze subsidieregeling na het schooljaar 2027/2028 wordt voortgezet en streeft naar een structureel effect in de regio; 8°. 8°. een beschrijving van binnen de regio belangrijke themas en hoe hier in de regio aandacht aan wordt besteed, waaronder in ieder geval de 5 kompaspunten uit het interventiekompas:

            i.
            regionale samenwerking
          
          
            ii.
            beroepsontwikkeling
          
          
            iii.
            onderwijsontwikkeling
          
          
            iv.
            imago en beeldvorming
          
          
            v.
            lerend vermogen; en

i. i. regionale samenwerking ii. ii. beroepsontwikkeling iii. iii. onderwijsontwikkeling iv. iv. imago en beeldvorming v. v. lerend vermogen; en 9°. 9°. een beschrijving van de wijze waarop de cofinanciering, bedoeld in artikel 1.4, aan het einde van de subsidieperiode zal worden behaald; b. b. een door in ieder geval alle aan de Techkwadraatregio deelnemende vestigingen ondertekende samenwerkingsovereenkomst met daarin:

        1°.
        een beschrijving van de manier waarop de samenwerking wordt georganiseerd en hoe de benodigde expertise op scholen zelf kan worden opgebouwd en kan beklijven;
      
      
        2°.
        een beschrijving van de verdeling van de middelen over de activiteiten;
      
      
        3°.
        een beschrijving van de verantwoordelijkheden van iedere partij en de activiteiten die iedere partij gaat uitvoeren;
      
      
        4°.
        de machtiging, bedoeld in artikel 1.5, derde lid; en

1°. 1°. een beschrijving van de manier waarop de samenwerking wordt georganiseerd en hoe de benodigde expertise op scholen zelf kan worden opgebouwd en kan beklijven; 2°. 2°. een beschrijving van de verdeling van de middelen over de activiteiten; 3°. 3°. een beschrijving van de verantwoordelijkheden van iedere partij en de activiteiten die iedere partij gaat uitvoeren; 4°. 4°. de machtiging, bedoeld in artikel 1.5, derde lid; en c. c. een sluitende meerjarenbegroting.

3.

De subsidieaanvraag kan worden ingediend:

a. a. van 4 december 2024, 9.00 uur tot en met 13 januari 2025, 16.00 uur voor een aanvraag als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel a; b. b. van 25 november 2025, 9.00 uur tot en met 23 december 2025, 13.00 uur voor een aanvraag als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel b, indien het subsidieplafond, bedoeld in artikel 1.14 nog niet is uitgeput.

4. Aanvragen die worden ingediend buiten een in het derde lid bedoeld aanvraagtijdvak, worden afgewezen.

Artikel 1.9

1. Als het subsidieplafond, bedoeld in artikel 1.14, nog niet is uitgeput krijgt de penvoerder van een Techkwadraatregio, als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel a, de gelegenheid om aanvullende subsidie aan te vragen indien de Techkwadraatregio wordt uitgebreid met minimaal één vestiging van een vo-school of drie vestigingen van po-scholen.

2. Voor de aanvullende subsidieaanvraag wordt gebruik gemaakt van het aanvraagformulier dat wordt bekend gemaakt op de website www.dus-i.nl.

3.

De subsidieaanvraag als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel a, wordt gewijzigd op de volgende punten:

a. a. het activiteitenplan, bedoeld in artikel 1.8, tweede lid, onderdeel a, wordt aangevuld met de nieuwe samenstelling van de Techkwadraatregio en de aanvullende activiteiten voor de periode 20262028; b. b. de meerjarenbegroting, bedoeld in artikel 1.8, tweede lid, onderdeel c, wordt aangepast aan de aanvullende aanvraag; c. c. de ondertekende samenwerkingsovereenkomst, inclusief de machtiging als bedoeld in artikel 1.5, derde lid, moet worden ondertekend door de nieuwe vestigingen.

4. De aanvullende subsidieaanvraag kan worden ingediend van 25 november 2025, 09.00 uur tot en met 23 december 2025, 13.00 uur.

5. De aanvullende aanvragen die worden ingediend na sluiting van het aanvraagtijdvak als bedoeld in het vierde lid worden afgewezen.

Artikel 1.10

1. De minister stelt een onafhankelijke adviescommissie in die de minister adviseert over de subsidieaanvragen, bedoeld in de artikelen 1.8 en 1.9.

2.

Een subsidieaanvraag wordt beoordeeld aan de hand van de volgende criteria en deelaspecten:

a. a. activiteitenplan en regiovisie gericht op dekkend, toekomstbestendig en kwalitatief hoogstaand technologieonderwijs in de regio, beoordeeld met een cijfer tussen de 1 en 10 op de deelaspecten:

        1°.
        de regiovisie bevat een regionale analyse met aandacht voor binnen de regio belangrijke themas.
      
      
        2°.
        de regiovisie bevat heldere doelstellingen gericht op dekkend, toekomstbestendig kwalitatief hoogstaand technologieonderwijs in het funderend onderwijs.
      
      
        3°.
        een activiteitenplan dat aansluit bij de regiovisie en het interventiekompas.

1°. 1°. de regiovisie bevat een regionale analyse met aandacht voor binnen de regio belangrijke themas. 2°. 2°. de regiovisie bevat heldere doelstellingen gericht op dekkend, toekomstbestendig kwalitatief hoogstaand technologieonderwijs in het funderend onderwijs. 3°. 3°. een activiteitenplan dat aansluit bij de regiovisie en het interventiekompas. b. b. Uitvoerbaarheid en haalbaarheid, beoordeeld met een cijfer tussen de 1 en 10 op de volgende deelaspecten:

        1°.
        het plan bevat een samenwerkingsovereenkomst.
      
      
        2°.
        het plan sluit aan bij reeds lopende regionale trajecten.

1°. 1°. het plan bevat een samenwerkingsovereenkomst. 2°. 2°. het plan sluit aan bij reeds lopende regionale trajecten. c. c. Onderbouwde en sluitende begroting, beoordeeld met een voldoende of onvoldoende.

3. De criteria en deelaspecten zijn uitgewerkt in een beoordelingskader, dat als bijlage 1 bij deze regeling is gevoegd.

4. De subsidie wordt slechts verleend indien de aanvraag op alle deelaspecten minimaal 6 van de 10 punten en een voldoende op de onderbouwde en sluitende begroting scoort, bedoeld in bijlage 1.

Artikel 1.11

1.

De minister beslist uiterlijk:

a. a. op 13 juni 2025 op aanvragen als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel a. b. b. op 1 juni 2026 op aanvragen als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel b en op aanvullende aanvragen als bedoeld in artikel 1.9, eerste lid.

2.

Indien de minister een aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, afwijst, anders dan vanwege de overschrijding van het subsidieplafond:

a. a. kan voor aanvragen als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel a, van 13 juni 2025 tot 13 juli 2025 een gewijzigde aanvraag worden ingediend. De minister besluit op de gewijzigde aanvraag uiterlijk 22 september 2025. b. b. kan voor aanvragen als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel b, en voor aanvragen als bedoeld in artikel 1.9, eerste lid, van 2 juni 2026, 9.00 uur tot 2 juli 2026, 13.00 uur een gewijzigde aanvraag worden ingediend. De minister besluit op de gewijzigde aanvraag uiterlijk 11 september 2026.

Artikel 1.12

1.

Aan de subsidieverstrekking zijn de volgende verplichtingen verbonden:

a. a. uitvoering van de activiteiten start zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk in oktober 2025 voor aanvragen als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel a, en uiterlijk in oktober 2026 voor aanvragen als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel b; b. b. de penvoerder is ervoor verantwoordelijk dat vestigingen van de Techkwadraatregio meewerken aan peer-reviews, monitoring en evaluatie van deze regeling ten behoeve van een lerende aanpak; c. c. de penvoerder zendt op uiterlijk 28 februari 2029, 13.00 uur een eindverslag over de gehele subsidieperiode aan de minister; d. d. de penvoerder van een Techkwadraatregio als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel a, zendt op uiterlijk 2 november 2026, 13.00 uur een voortgangsrapportage over de periode augustus 2025 tot en met 31 juli 2026 en op 1 november 2027, 13.00 uur een voortgangsrapportage over de periode 1 augustus 2026 tot en met 31 juli 2027 aan de minister; e. e. de penvoerder van een Techkwadraatregio als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel b zendt op uiterlijk 1 november 2027, 13.00 uur een voortgangsrapportage over de periode 1 augustus 2026 tot en met 31 juli 2027 aan de minister;

2. De minister kan een formulier vaststellen ten behoeve van het eindverslag.

Artikel 1.13

1.

De voortgangsrapportage, bedoeld in artikel 1.12, eerste lid, onderdelen d en e, omvat ten minste:

a. a. een omschrijving van de bestede middelen; b. b. een sluitende en goed onderbouwde meerjarenbegroting over de betreffende periode, bedoeld in artikel 1.12, eerste lid, onderdelen d of e, waarin eveneens inzicht wordt gegeven in de stand van zaken van de cofinanciering, bedoeld in artikel 1.4; c. c. de bereikte mijlpalen en de gerealiseerde doelen over de betreffende periode, bedoeld in artikel 1.12, eerste lid, onderdelen d of e, waaronder de voortgang op de in artikel 1.8, tweede lid, gespecificeerde onderdelen van de regiovisie; en d. d. indien nodig een bijstelling van de regiovisie, het activiteitenplan, de samenwerkingsovereenkomst en de begroting.

2. De minister kan een formulier vaststellen ten behoeve van de voortgangsrapportage.

Artikel 1.14

Voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling is in totaal € 129 miljoen beschikbaar.

Artikel 1.15

1.

Het subsidiebedrag per aanvraag als bedoeld in de artikel 1.3, eerste lid en artikel 1.9, bestaat uit:

a. a. een vast bedrag per vestiging; en b. b. een bedrag per leerling, met uitzondering van leerlingen in het praktijkonderwijs en het derde of vierde leerjaar van het vbo en de gemengde leerweg;

2.

Het bedrag per vestiging wordt berekend door het aantal vestigingen als bedoeld in artikel 1.6, tweede lid, onderdeel c, dat deelneemt aan de Techkwadraatregio te vermenigvuldigen met:

a. a. € 8.500 in het geval van een aanvraag als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel a; of b. b. € 8.500 in het geval van een aanvraag als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel b, of artikel 1.9;

3.

Het bedrag per leerling wordt berekend door het aantal leerlingen, dat op de peildatum bedoeld in het vijfde lid stond ingeschreven op de vestigingen, bedoeld in artikel 1.6, tweede lid, onderdeel c, die deelnemen aan de Techkwadraatregio te vermenigvuldigen met:

a. a. € 45 in het geval van een aanvraag als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel a; of b. b. € 45 in het geval van een aanvraag als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel b, of artikel 1.9.

4. Het subsidiebedrag per aanvraag als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, wordt berekend door de bedragen uit het tweede en derde lid bij elkaar op te tellen.

5. Het bedrag in het derde lid wordt berekend op basis van het aantal leerlingen ingeschreven op de vestigingen die deelnemen aan de Techkwadraatregio op basis van de voorlopige telling, zoals geregistreerd bij DUO. Voor vestigingen van po-scholen wordt 1 februari 2024 als peildatum gehanteerd, en voor vestigingen van vo-scholen wordt 1 oktober 2023 als peildatum gehanteerd.

6. Het aanvullende subsidiebedrag als bedoeld in artikel 1.9 wordt berekend door de bedragen uit het tweede en derde lid bij elkaar op te tellen voor de vestigingen waarmee de Techkwadraatregio is uitgebreid.

Artikel 1.16

1. Indien de toewijzing van alle daarvoor in aanmerking komende volledige aanvragen als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel a, voor een subsidie leidt tot overschrijding van het subsidieplafond, bedoeld in artikel 1.14, krijgt de aanvraag voor de Techkwadraatregio van Caribisch Nederland, bedoeld in artikel 2.1, onderdeel b, voorrang.

2.

Vervolgens verdeelt de minister het beschikbare bedrag door:

a. a. het bedrag van overschrijding in eerste instantie naar rato in mindering te brengen over alle aanvragen boven de grens van € 2.500.000,, tot een maximum van 50% van het aangevraagde budget boven deze grens; b. b. indien er nog een overschrijding resteert, brengt de minister het resterende bedrag van overschrijding naar rato van het aangevraagde bedrag tot de grens van € 2.500.000, in mindering over alle aanvragen, met uitzondering van het deel dat al is belast onder a, tot het subsidieplafond is bereikt.

3. Indien na toepassing van het eerste en tweede lid nog middelen resteren en de toewijzing van alle daarvoor in aanmerking komende aanvragen als bedoeld artikel 1.11, tweede lid, onderdeel a, leidt tot overschrijding van het subsidieplafond als bedoeld in artikel 1.14, wordt het beschikbare bedrag door loting verdeeld.

Artikel 1.17

1.

Indien het subsidieplafond, bedoeld in artikel 1.14, na het verstrekken van subsidie als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel a, nog niet is uitgeput worden de resterende gelden als volgt verdeeld:

a. a. indien de toewijzing van alle daarvoor in aanmerking komende volledige aanvragen als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel b, en artikel 1.9, leidt tot overschrijding van het subsidieplafond als bedoeld in artikel 1.14, krijgt de aanvraag voor de Techkwadraatregio van Caribisch Nederland, bedoeld in artikel 2.1, onderdeel a, voorrang; b. b. indien na toepassing van onderdeel a, nog middelen resteren krijgen vervolgens aanvragen voor een Techkwadraatregio als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel b, waarbij een of meer vestigingen zijn gelegen in gemeenten waarin minder dan 30% van de in aanmerking komende vestigingen is aangesloten bij een Techkwadraatregio, voorrang; c. c. indien na toepassing van onderdeel b, nog middelen resteren krijgen vervolgens aanvullende subsidieaanvragen bij uitbreiding van een Techkwadraatregio, als bedoeld in artikel 1.9, waarbij de regio wordt uitgebreid met nieuwe vestigingen die zijn gelegen in gemeenten waarin minder dan 30% van de in aanmerking komende vestigingen is aangesloten bij een Techkwadraatregio, voorrang; d. d. indien na toepassing van onderdelen a, b en c nog middelen resteren, wordt dit bedrag door loting verdeeld over de resterende volledige aanvragen.

1a. Indien de toewijzing van alle daarvoor in aanmerking komende aanvullende aanvragen bij toepassing van het eerste lid, onderdeel a, b of c, leidt tot een overschrijding van het subsidieplafond, wordt het beschikbare bedrag voor de in het desbetreffende onderdeel aanvragen, door loting verdeeld.

2. Indien na toepassing van het eerste lid nog middelen resteren en de toewijzing van alle daarvoor in aanmerking komende aanvragen als bedoeld artikel 1.11, tweede lid, onderdeel b, leidt tot overschrijding van het subsidieplafond als bedoeld in artikel 1.14, is lid 1a van overeenkomstig toepassing.

Artikel 1.18

1. De subsidie wordt uitsluitend besteed aan de activiteiten waarvoor deze wordt verleend. Niet bestede middelen worden teruggevorderd.

2. De subsidie wordt voor 31 augustus 2028 besteed.

Artikel 1.19

1. Bij goedkeuring wordt de subsidie verleend binnen 22 weken na sluiting van de aanvraagtermijn.

2. De minister verleent een voorschot van 100%.

3. Het voorschot wordt in drie gelijke delen uitbetaald over de jaren 2025, 2026 en 2027 bij een aanvraag als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel a en artikel 1.11, tweede lid, onderdeel a. Een aanvraag als bedoeld in artikel 1.3, eerste lid, onderdeel b, artikel 1.9 en artikel 1.11, tweede lid, onderdeel b worden uitbetaald in twee gelijke delen in de jaren 2026 en 2027.

Artikel 1.20

1. De financiële verantwoording van de subsidie geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs met model G2, zoals bedoeld in bijlage 4 van de Regeling jaarverslaggeving onderwijs.

2. De vaststelling vindt plaats binnen een jaar na de indiening van het jaarverslag over het laatste jaar van besteding.

Hoofdstuk 2. Caribisch nederland

Artikel 2.1

Bij subsidieverstrekking aan scholen in Caribisch Nederland:

a. a. bedraagt de totale cofinanciering, in afwijking van artikel 1.4, eerste en tweede lid, ten minste 5% van de totale meerjarenbegroting van het project door bedrijven en organisaties van buitenschoolse leeromgevingen; b. b. geldt Caribisch Nederland in afwijking van artikel 1.6 als één Techkwadraatregio, waarbinnen:

      i.
      wordt aangesloten bij de infrastructuur van de daar actieve techniekluwe regio; en
    
    
      ii.
      alle vestigingen van vo-scholen in de regio, uitgezonderd beroepsgericht vmbo, deelnemen;
    
    
      ii.
      minimaal 75% van de vestigingen van po-scholen in die regio deelneemt, daarbij geldt dat alle vestigingen desgewenst kunnen deelnemen; en
    
    
      iv.
      een samenwerkingsovereenkomst wordt ondertekend als bedoeld in artikel 1.8, tweede lid, onderdeel b;

i. i. wordt aangesloten bij de infrastructuur van de daar actieve techniekluwe regio; en ii. ii. alle vestigingen van vo-scholen in de regio, uitgezonderd beroepsgericht vmbo, deelnemen; ii. ii. minimaal 75% van de vestigingen van po-scholen in die regio deelneemt, daarbij geldt dat alle vestigingen desgewenst kunnen deelnemen; en iv. iv. een samenwerkingsovereenkomst wordt ondertekend als bedoeld in artikel 1.8, tweede lid, onderdeel b; c. c. hoeft in afwijking van artikel 1.8, tweede lid, sub a, onder 3°, niet te worden omschreven hoe het technologieonderwijs zich verhoudt tot de kerndoelen en examenprogrammas; d. d. bedraagt het subsidiebedrag in afwijking van artikel 1.15 maximaal € 1.100.000, omgerekend in dollars tegen de vastgestelde wisselkoers.

Hoofdstuk 3. Slotbepalingen

Artikel 3.1

De minister kan een of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat deze regeling beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 3.2

1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

2. Deze regeling vervalt met ingang van 31 augustus 2029.

Artikel 3.3

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Techkwadraat 20252028.

Bijlage 1. Beoordelingskader subsidieaanvraag behorende bij artikel 1.10

Bijlage 2. Het interventiekompas

[afbeelding]