40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor scholen 2024 | BWBR0049554 | ministeriele-regeling | geldend | 2025-02-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0049554 | Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor scholen 2024 |
Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor scholen 2024
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
-
achterstandsscore:
achterstandsscore voor het vmbo, havo en vwo op 1 oktober 2022 dan wel achterstandsscore voor het praktijkonderwijs op 1 oktober 2022, zoals vastgesteld door het Centraal Bureau voor de Statistiek en gepubliceerd op 7 maart 2024, of achterstandsscore als bedoeld in artikel 1 van het Besluit bekostiging WPO 2022 voor het primair onderwijs; -
basisvaardigheden:
vaardigheden op het gebied van taal, rekenen of wiskunde, en burgerschap of digitale geletterdheid; -
bevoegd gezag:
bevoegd gezag als bedoeld in artikel 1 van de WPO, artikel 1 van de WPO BES, artikel 1 van de WEC of artikel 1.1 van de WVO 2020; -
Caribisch Nederland:
Bonaire, Sint Eustatius en Saba; -
CUMI-leerling:
leerling met een niet-Nederlandse culturele achtergrond als bedoeld in artikel 1 van het Besluit bekostiging WPO 2022; -
DUS-I:
Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen; -
evidence-informed interventie:
aanpak op basis van kennis uit wetenschap en praktijk over wat onder welke voorwaarden werkt in het onderwijs; -
interventiekaart:
overzicht op de website van het programma Masterplan basisvaardigheden met evidence-informed interventies die zijn gericht op basisvaardigheden; -
Kaderregeling:
Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS; -
leerling:
leerling als bedoeld in artikel 1 van het Besluit bekostiging WPO 2022, artikel 1 van het Besluit bekostiging WEC 2022 of artikel 6.7 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020; -
minister:
Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs; -
nulmeting:
inventarisatie van het prestatieniveau van leerlingen op het gebied van basisvaardigheden op de school voor aanvang van de gesubsidieerde activiteiten; -
primair onderwijs en primair onderwijs BES:
onderwijs dat gegeven wordt op een basisschool of een speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in artikel 1 van de WPO, onderwijs dat gegeven wordt op een school of instelling als bedoeld in artikel 1 van de WEC, of onderwijs dat gegeven wordt op een school als bedoeld in artikel 1 van de WPO BES; -
pro-vestiging:
vestiging waar op 1 oktober 2022 meer dan 50% van de leerlingen praktijkonderwijs volgt; -
RIO:
Registratie Instellingen en Opleidingen; -
school:
uit ’s Rijkskas bekostigde school als bedoeld in, artikel 1 van de WPO, artikel 1.1 van de WVO 2020, artikel 1 van de WEC of artikel 1 van de WPO BES met inbegrip van een school voor voorbereidend beroepsonderwijs die deel uitmaakt van een verticale scholengemeenschap die van rechtswege is ontstaan na de omzetting op grond van artikel 12.2.4 van de WEB; -
schooljaar:
schooljaar als bedoeld in artikel 1 van de WPO of artikel 1 van de WVO 2020; -
vestiging:
hoofdvestiging of nevenvestiging van een school als bedoeld in artikel 1 van de WPO of artikel 76a van de WEC, hoofdvestiging als bedoeld in artikel 4.13 van de WVO 2020, nevenvestiging als bedoeld in artikel 4.14 van de WVO 2020 of tijdelijke nevenvestiging als bedoeld in artikel 4.16 van de WVO 2020, met inbegrip van een vestiging van een school voor voorbereidend beroepsonderwijs die deel uitmaakt van een verticale scholengemeenschap die van rechtswege is ontstaan na de omzetting op grond van artikel 12.2.4 van de WEB; -
voortgezet onderwijs:
onderwijs dat gegeven wordt op een school als bedoeld in artikel 1.1 van de WVO 2020 of onderwijs dat gegeven wordt in Caribisch Nederland als bedoeld in de WVO 2020; -
WEB:
Wet educatie en beroepsonderwijs; -
WEC:
Wet op de expertisecentra; -
WPO:
Wet op het primair onderwijs; -
WPO BES:
Wet primair onderwijs BES; -
WVO 2020:
Wet op het voortgezet onderwijs 2020.
Artikel 2
Deze regeling geldt in aanvulling op de Kaderregeling.
Artikel 3
1. De minister kan ter verbetering van de basisvaardigheden aan een bevoegd gezag voor de schooljaren 2024/2025 en 2025/2026, alsmede voor de schooljaren 2025/2026 en 2026/2027 subsidie verstrekken voor de uitvoering van één of meer evidence-informed interventies en voor monitoring van het prestatieniveau van leerlingen op het gebied van basisvaardigheden.
2. De evidence-informed interventies zijn in ieder geval gericht op het versterken van de basisvaardigheden op het gebied van taal dan wel rekenen of wiskunde, of taal en rekenen of wiskunde en waar nodig ook op het versterken van de basisvaardigheden burgerschap en digitale geletterdheid.
Hoofdstuk 2. Aanvraagronde 2024
Artikel 4
Dit hoofdstuk is uitsluitend van toepassing op de verstrekking van subsidie voor de uitvoering van activiteiten als bedoeld in artikel 3, naar aanleiding van aanvragen die zijn ingediend in de in artikel 4a, tweede lid, bedoelde aanvraagperiode.
Artikel 4a
1. Een bevoegd gezag kan per vestiging één aanvraag voor de subsidie indienen.
2. Een aanvraag voor de subsidie kan worden ingediend van 10 april 2024 tot en met 26 april 2024. Aanvragen die buiten de aanvraagperiode worden ingediend, worden afgewezen.
3.
De subsidie wordt aangevraagd met gebruikmaking van het digitale aanvraagformulier dat daartoe op de website van DUS-I beschikbaar is gesteld. In dit aanvraagformulier vermeldt de aanvrager:
a. a. de naam van het bevoegd gezag; b. b. het in de RIO geïdentificeerde nummer van de vestiging waarvoor de aanvraag wordt ingediend; c. c. de naam, het telefoonnummer en het e-mailadres van de contactpersoon.
4. Indien een aanvraag onvolledig is, krijgt de aanvrager onder toepassing van artikel 4:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht tien werkdagen de tijd om de aanvraag aan te vullen.
Artikel 5
1.
Voor subsidieverstrekking is een bedrag beschikbaar van in totaal € 634.565.500, waarvan:
a. a. € 359.153.382, beschikbaar is voor het primair onderwijs en primair onderwijs BES, met uitzondering van het speciaal onderwijs, speciaal basisonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs; b. b. € 239.655.349, beschikbaar is voor het voortgezet onderwijs, niet zijnde praktijkonderwijs; c. c. € 7.641.640, beschikbaar is voor het praktijkonderwijs; en d. d. € 28.115.129 voor het speciaal onderwijs, speciaal basisonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs.
2. Indien één of meerdere bedragen, bedoeld in het eerste lid, niet of niet volledig worden benut, dan worden de resterende middelen naar rato verdeeld over de andere in dat lid genoemde subsidieplafonds.
3. Als de middelen, na toepassing van het tweede lid, niet volledig worden benut, kan het resterende bedrag door wijziging van de regeling worden toegevoegd aan het beschikbare budget voor het tweede aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor prioriteitsscholen 2024.
Artikel 6
1. Het subsidiebedrag voor een school voor primair onderwijs en primair onderwijs BES wordt berekend door het aantal leerlingen dat op 1 februari 2023 stond ingeschreven op de desbetreffende vestiging te vermenigvuldigen met een bedrag van € 1.000,–.
2. Het bedrag van de subsidie voor een school voor voortgezet onderwijs wordt berekend door het aantal leerlingen dat op 1 oktober 2022 stond ingeschreven op de desbetreffende vestiging te vermenigvuldigen met een bedrag van € 1.000,–.
3. Het subsidiebedrag wordt aan een bevoegd gezag in Caribisch Nederland uitbetaald in US-dollars tegen de vastgestelde wisselkoers.
Artikel 7
Indien de toewijzing van alle daarvoor in aanmerking komende aanvragen voor een subsidie zou leiden tot overschrijding van een subsidieplafond als bedoeld in artikel 5, eerste lid, krijgen de aanvragen met betrekking tot de vestigingen van scholen in Caribisch Nederland voorrang. Vervolgens worden de overige aanvragen ten laste van het betreffende deelplafond als volgt gerangschikt:
a. a. aanvragen ten behoeve van het primair onderwijs, niet zijnde speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs, worden gerangschikt op volgorde van de hoogste naar de laagste achterstandsscore (peildatum 1 februari 2023) zonder drempel per leerling per vestiging; b. b. aanvragen ten behoeve van het voortgezet onderwijs, niet zijnde het praktijkonderwijs, worden gerangschikt op volgorde van de hoogste naar de laagste achterstandsscore (peildatum 1 oktober 2022) zonder drempel per leerling per vestiging; c. c. aanvragen ten behoeve van het praktijkonderwijs worden gerangschikt op volgorde van de hoogste naar de laagste achterstandsscore (peildatum 1 oktober 2022) zonder drempel per leerling per vestiging; d. d. aanvragen ten behoeve van het speciaal onderwijs, voortgezet speciaal onderwijs en speciaal basisonderwijs worden gerangschikt op volgorde van het hoogste naar het laagste aandeel CUMI-leerlingen per vestiging zoals berekend door de Dienst Uitvoering Onderwijs (peildatum 1 februari 2023).
Artikel 8
Onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht wordt een subsidie in elk geval geweigerd:
a. a. indien aan het bevoegd gezag voor de desbetreffende vestiging eerder subsidie is verstrekt op grond van de Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden, de Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor scholen 2023 of de Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor prioriteitsscholen 2023; b. b. indien de kwaliteit van het onderwijs van de desbetreffende schoolvestiging in het primair onderwijs of afdeling in het voortgezet onderwijs door de Inspectie van het Onderwijs bij besluit op de peildatum 1 februari 2024 als ‘zeer zwak’ of ‘onvoldoende’ is beoordeeld.
Artikel 9
In aanvulling op hoofdstuk 5 van de Kaderregeling is de subsidieontvanger verplicht om:
a. a. tussen 2 september 2024 en 11 oktober 2024 bij DUS-I een activiteitenplan in te dienen met een omschrijving van de activiteiten die met de subsidie zullen worden uitgevoerd. De aanvrager maakt gebruikt van het formulier dat door DUS-I ter beschikking is gesteld; b. b. het activiteitenplan ter instemming voor te leggen aan de medezeggenschapsraad voordat dit activiteitenplan wordt ingediend bij DUS-I; c. c. ten behoeve van de monitoring uiterlijk op 30 november 2024 een nulmeting uit te voeren voor in ieder geval de prestaties op het gebied van taal en rekenen of wiskunde onder alle leerlingen, waarbij leerlingen die vier jaar of korter in Nederland zijn en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, niet in de nulmeting worden betrokken; d. d. tijdens de subsidieperiode per schooljaar de voortgang op in ieder geval de prestaties op het gebied van taal en rekenen of wiskunde gedurende de looptijd van de subsidie te monitoren, waarbij leerlingen die vier jaar of korter in Nederland zijn en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, niet in de monitoring hoeven te worden betrokken; e. e. de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt uiterlijk tot en met 31 juli 2026 uit te voeren; f. f. uiterlijk acht weken na het verstrijken van de activiteitenperiode een activiteitenverslag in te dienen bij DUS-I.
Hoofdstuk 3. Aanvraagronde 2025
Artikel 9a
Dit hoofdstuk is uitsluitend van toepassing op de verstrekking van subsidie voor de uitvoering van activiteiten bedoeld in artikel 3, naar aanleiding van aanvragen die zijn ingediend in de in artikel 9b, tweede lid, bedoelde aanvraagperiode.
Artikel 9b
1. Een bevoegd gezag kan per vestiging één aanvraag voor de subsidie indienen.
2. Een aanvraag voor de subsidie kan worden ingediend van 3 februari 2025 tot en met 14 februari 2025. Aanvragen die buiten de aanvraagperiode worden ingediend, worden afgewezen.
3.
De subsidie wordt aangevraagd met gebruikmaking van het digitale aanvraagformulier dat daartoe op de website van DUS-I beschikbaar is gesteld. In dit aanvraagformulier vermeldt de aanvrager:
a. a. de naam van het bevoegd gezag; b. b. het in de RIO geïdentificeerde nummer van de vestiging waarvoor de aanvraag wordt ingediend; c. c. de naam, het telefoonnummer en het e-mailadres van de contactpersoon.
4. Indien een aanvraag onvolledig is, krijgt de aanvrager onder toepassing van artikel 4:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht tien werkdagen de tijd om de aanvraag aan te vullen.
Artikel 9c
1.
Voor subsidieverstrekking is een bedrag beschikbaar van in totaal € 507.990.720, waarvan:
a. a. € 316.856.100, beschikbaar is voor het primair onderwijs en primair onderwijs BES, met uitzondering van het speciaal onderwijs, speciaal basisonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs; b. b. € 172.240.590, beschikbaar is voor het voortgezet onderwijs, niet zijnde praktijkonderwijs; c. c. € 2.333.310, beschikbaar is voor het praktijkonderwijs; en d. d. € 16.560.720, voor het speciaal onderwijs, speciaal basisonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs.
2. Indien één of meerdere bedragen, bedoeld in het eerste lid, niet of niet volledig worden benut, dan worden de resterende middelen naar rato verdeeld over de andere in dat lid genoemde subsidieplafonds.
3. Als de middelen, na toepassing van het tweede lid, niet volledig worden benut, kan het resterende bedrag door wijziging van die regeling worden toegevoegd aan het beschikbare budget voor het tweede aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 9b, tweede lid, van de Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor prioriteitsscholen 2024.
Artikel 9d
1. Het subsidiebedrag voor een school voor primair onderwijs en primair onderwijs BES wordt berekend door het aantal leerlingen dat op 1 februari 2024 stond ingeschreven op de desbetreffende vestiging te vermenigvuldigen met een bedrag van € 615,–.
2. Het bedrag van de subsidie voor een school voor voortgezet onderwijs wordt berekend door het aantal leerlingen dat op 1 oktober 2023 stond ingeschreven op de desbetreffende vestiging te vermenigvuldigen met een bedrag van € 615,–.
3. Het subsidiebedrag wordt aan een bevoegd gezag in Caribisch Nederland uitbetaald in US-dollars tegen de vastgestelde wisselkoers.
Artikel 9e
Indien de toewijzing van alle daarvoor in aanmerking komende aanvragen voor een subsidie zou leiden tot overschrijding van een subsidieplafond als bedoeld in artikel 9c, eerste lid, krijgen de aanvragen met betrekking tot de vestigingen van scholen in Caribisch Nederland voorrang. Vervolgens worden de overige aanvragen ten laste van het betreffende deelplafond als volgt gerangschikt:
a. a. aanvragen ten behoeve van het primair onderwijs, niet zijnde speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs, worden gerangschikt op volgorde van de hoogste naar de laagste achterstandsscore op peildatum 1 februari 2024 zonder drempel per leerling per vestiging; b. b. aanvragen ten behoeve van het voortgezet onderwijs, niet zijnde het praktijkonderwijs, worden gerangschikt op volgorde van de hoogste naar de laagste achterstandsscore op peildatum 1 oktober 2022 zonder drempel per leerling per vestiging; c. c. aanvragen ten behoeve van het praktijkonderwijs worden gerangschikt op volgorde van de hoogste naar de laagste achterstandsscore op peildatum 1 oktober 2022 zonder drempel per leerling per vestiging; d. d. aanvragen ten behoeve van het speciaal onderwijs, voortgezet speciaal onderwijs en speciaal basisonderwijs worden gerangschikt op volgorde van het hoogste naar het laagste aandeel leerlingen met een niet-Nederlandse culturele achtergrond per vestiging zoals berekend door de Dienst Uitvoering Onderwijs op peildatum 1 februari 2024. e. e. indien na toepassing van onderdelen a tot en met d nog subsidiemiddelen resteren, worden de overige aanvragen gerangschikt op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.
Artikel 9f
Onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht wordt een subsidie in elk geval geweigerd:
a. a. indien aan het bevoegd gezag voor de desbetreffende vestiging eerder subsidie is verstrekt op grond van de Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden, de Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor scholen 2023, de Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor prioriteitsscholen 2023, de Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor scholen 2024 of de Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor prioriteitsscholen 2024; b. b. indien de kwaliteit van het onderwijs van de desbetreffende schoolvestiging in het primair onderwijs of afdeling in het voortgezet onderwijs door de Inspectie van het Onderwijs bij besluit op de peildatum 25 november 2024 als ‘zeer zwak’ of ‘onvoldoende’ is beoordeeld.
Artikel 9g
In aanvulling op hoofdstuk 5 van de Kaderregeling is de subsidieontvanger verplicht om:
a. a. tussen 1 september 2025 en 10 oktober 2025 bij DUS-I een activiteitenplan in te dienen met een omschrijving van de activiteiten die met de subsidie zullen worden uitgevoerd. De aanvrager maakt gebruikt van het formulier dat door DUS-I ter beschikking is gesteld; b. b. het activiteitenplan ter instemming voor te leggen aan de medezeggenschapsraad voordat dit activiteitenplan wordt ingediend bij DUS-I; c. c. ten behoeve van de monitoring uiterlijk op 30 november 2025 een nulmeting uit te voeren voor in ieder geval de prestaties op het gebied van taal en rekenen of wiskunde onder alle leerlingen, waarbij leerlingen die vier jaar of korter in Nederland zijn en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, niet in de nulmeting worden betrokken; d. d. tijdens de subsidieperiode per schooljaar de voortgang op in ieder geval de prestaties op het gebied van taal en rekenen of wiskunde gedurende de looptijd van de subsidie te monitoren, waarbij leerlingen die vier jaar of korter in Nederland zijn en om die reden de Nederlandse taal onvoldoende beheersen, niet in de monitoring hoeven te worden betrokken; e. e. de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt uiterlijk tot en met 31 juli 2027 uit te voeren; f. f. uiterlijk acht weken na het verstrijken van de activiteitenperiode een activiteitenverslag in te dienen bij DUS-I.
Hoofdstuk 4. Slotbepalingen
Artikel 10
1. In afwijking van artikel 9.1, vierde lid, onder a, van de Kaderregeling wordt de subsidie aan het bevoegd gezag binnen 13 weken na sluiting van de aanvraagperiode verleend. De minister verstrekt een voorschot van 100%, dat in drie delen wordt uitbetaald.
2. De verantwoording van de subsidie geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs, onderscheidenlijk de Regeling jaarverslaggeving onderwijs BES, met model G, onderdeel 1.
3. De minister stelt de subsidie ambtshalve vast binnen een jaar na indiening van de jaarverslaggeving over het laatste jaar van de activiteitenperiode.
4. Indien de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend geheel zijn verricht en volledig is voldaan aan de verplichtingen die verbonden zijn aan de verleende subsidie, wordt de subsidie vastgesteld op het bedrag waarvan de hoogte door de minister bij de verlening is genoemd. Indien de activiteiten volledig zijn uitgevoerd en aan alle verplichtingen is voldaan, kan het niet aangewende deel van de subsidie worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.
Artikel 11
De minister kan één of meer bepalingen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing daarvan, gelet op het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen, zou leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Artikel 12
1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
2. Deze regeling vervalt met ingang van 23 maart 2029.
Artikel 13
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling verbetering basisvaardigheden voor scholen 2024.