rijk/ministeriele-regeling/tijdelijke-stimuleringsregeling-samenwerkingsverband-abw/BWBR0015098
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Tijdelijke stimuleringsregeling samenwerkingsverband Abw BWBR0015098 ministeriele-regeling geldend 2003-11-25 https://wetten.overheid.nl/BWBR0015098 Tijdelijke stimuleringsregeling samenwerkingsverband Abw

Tijdelijke stimuleringsregeling samenwerkingsverband Abw

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. a.

    *Abw:*
    Algemene bijstandswet;

b. b.

    *samenwerkingsverband Abw:* een organisatorisch verband waarin colleges van burgemeester en wethouders van twee of meer gemeenten op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen, dan wel op basis van een samenwerkingsovereenkomst, de Abw gezamenlijk uitvoeren;

c. c.

    *samenwerkingsovereenkomst:* een overeenkomst waarin de gezamenlijke uitvoering van de Abw, anders dan op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen, binnen een organisatorisch verband door colleges van burgemeester en wethouders van twee of meer gemeenten is geregeld;

d. d.

    *intentieverklaring:* een geschrift waaruit blijkt dat colleges van burgemeesters en wethouders van twee of meer gemeenten de mogelijkheden om een samenwerkingsverband Abw tot stand te brengen, verkennen;

e. e.

    *overeenkomst:* een geschrift waaruit blijkt dat tussen colleges van burgemeester en wethouders van twee of meer gemeenten overeenstemming bestaat dat een samenwerkingsverband Abw tot stand wordt gebracht;

f. f.

    *kosten samenwerkingsverband Abw:* eenmalige kosten, die in de periode voorafgaande aan de operationele start van een tot stand te brengen samenwerkingsverband Abw worden gemaakt;

g. g.

    *Centrum voor werk en inkomen:* een vestiging van de Centrale organisatie werk en inkomen, als bedoeld in artikel 24, eerste lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;

h. h.

    *de minister:* de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Artikel 1a

Voor de uitvoering van deze regeling wordt voor zover de regeling betrekking heeft op de periode na 1 januari 2004 met ingang van die datum in plaats van Abw gelezen: WWB, artikel 7, eerste lid, onderdeel b, en in plaats van Algemene bijstandswet gelezen: Wet werk en bijstand, artikel 7, eerste lid, onderdeel b.

Artikel 2

De minister kan op aanvraag subsidie verstrekken ter stimulering van de totstandkoming van een samenwerkingsverband Abw.

Artikel 3

Het subsidieplafond bedraagt € 17.000.000,-.

Artikel 4

1. De subsidie wordt aangevraagd door een rechtspersoon, die daartoe door de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten die betrokken zijn bij de intentieverklaring, is aangewezen.

2. Indien de aanvraag uitsluitend betrekking heeft op de kosten, bedoeld in artikel 7, tweede lid, wordt de subsidie aangevraagd door een rechtspersoon, die daartoe door de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten die betrokken zijn bij de overeenkomst, is aangewezen.

3. De subsidie wordt verstrekt aan de subsidieaanvrager.

Artikel 5

1.

Bij de subsidieaanvraag voor de eerste fase wordt overgelegd:

a. a. een door de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten die betrokken zijn bij de intentieverklaring ondertekend document, waaruit blijkt dat de rechtspersoon die de subsidie aanvraagt, daartoe door hen is aangewezen, en b. b. een afschrift van de intentieverklaring.

2. De minister ontvangt uiterlijk 1 mei 2004 de subsidieaanvraag voor de eerste fase.

Artikel 6

1.

Uiterlijk 1 november 2005 ontvangt de minister voor de subsidie voor de tweede fase van de subsidieaanvrager:

a. a. een projectplan met betrekking tot de totstandbrenging van een samenwerkingsverband Abw; b. b. een beschrijving van de beoogde werkwijze van het samenwerkingsverband Abw; c. c. een afschrift van de overeenkomst; en d. d. indien de subsidieaanvraag uitsluitend betrekking heeft op de kosten, bedoeld in artikel 7, tweede lid, een door de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten die betrokken zijn bij de overeenkomst ondertekend document, waaruit blijkt dat de rechtspersoon die de subsidie aanvraagt, daartoe door hen is aangewezen.

2. Subsidie voor de tweede fase kan ook worden aangevraagd, indien geen subsidieaanvraag voor de eerste fase is of wordt gedaan.

Artikel 7

1. Voor subsidie kosten samenwerkingsverband Abw kunnen voor de eerste fase in aanmerking worden gebracht kosten met betrekking tot de verkenning van de mogelijkheden om tot een samenwerkingsverband Abw te komen.

2. Voor subsidie kosten samenwerkingsverband Abw kunnen voor de tweede fase in aanmerking worden gebracht kosten met betrekking tot de daadwerkelijke totstandbrenging van een samenwerkingsverband Abw.

Artikel 8

1. In afwijking van artikel 3, eerste lid, van de Algemene Regeling SZW-subsidies bedraagt de subsidie voor de kosten, bedoeld in artikel 7, eerste lid, € 20.000,-.

2. In afwijking van artikel 3, eerste lid, van de Algemene Regeling SZW-subsidies bedraagt de subsidie voor de kosten, bedoeld in artikel 7, tweede lid, € 25.000,- per bij de overeenkomst betrokken college van burgemeester en wethouders, oplopend tot een maximum van € 250.000,- bij 10 of meer bij de overeenkomst betrokken colleges van burgemeester en wethouders.

3.

De subsidie, bedoeld in het tweede lid, wordt verhoogd met:

a. a. € 50.000,-, indien het aantal uitkeringen dat op 31 december 2002 op grond van de Abw wordt verstrekt in de gemeenten waarvan de colleges van burgemeester en wethouders bij de overeenkomst zijn betrokken, meer dan 500, doch minder dan 1000 bedraagt; b. b. € 75.000,-, indien het aantal uitkeringen dat op 31 december 2002 op grond van de Abw wordt verstrekt in de gemeenten waarvan de colleges van burgemeester en wethouders bij de overeenkomst zijn betrokken, meer dan 1000, doch minder dan 1500 bedraagt; c. c. € 100.000,-, indien het aantal uitkeringen dat op 31 december 2002 op grond van de Abw wordt verstrekt in de gemeenten waarvan de colleges van burgemeester en wethouders bij de overeenkomst zijn betrokken, meer dan 1500, doch minder dan 2000 bedraagt; of d. d. € 125.000,-, indien het aantal uitkeringen dat op 31 december 2002 op grond van de Abw wordt verstrekt in de gemeenten waarvan de colleges van burgemeester en wethouders bij de overeenkomst zijn betrokken, meer dan 2000 bedraagt.

4. De omvang van het aantal uitkeringen, bedoeld in het derde lid, wordt vastgesteld op grond van de kwartaaldeclaratie, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Regeling financiering en verantwoording Abw, IOAW en IOAZ over het vierde kwartaal van 2002.

Artikel 9

1.

De minister weigert de subsidie, indien:

a. a. het samenwerkingsverband Abw werkzaam is in een gebied dat de grenzen van een werkgebied van een Centrum voor Werk en inkomen, bedoeld in bijlage 1 van het Besluit werkgebieden CWI van de Centrale organisatie werk en inkomen, genoemd in hoofdstuk 4 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, overschrijdt; b. b. het aantal uitkeringen dat op 31 december 2002 op grond van de Abw wordt verstrekt in de gemeenten waarvan de colleges van burgemeester en wethouders bij de overeenkomst betrokken zijn minder dan 100 bedraagt.

2. Subsidie voor de kosten, bedoeld in artikel 7, tweede lid wordt geweigerd, indien bij de verantwoording geen afschrift wordt overgelegd van de op 31 december 2006 van kracht zijnde regeling, bedoeld in de Wet gemeenschappelijke regelingen, dan wel van de op 31 december 2006 van kracht zijnde samenwerkingsovereenkomst.

3. Het eerste lid, onderdeel a, is niet van toepassing indien het naar het oordeel van de minister onvermijdelijk is, dan wel vanuit een oogmerk van doelmatigheid en doeltreffendheid geboden is dat het samenwerkingsverband Abw werkzaam is in een gebied dat de grenzen van een werkgebied van een Centrum voor Werk en inkomen, overschrijdt.

Artikel 10

1. Na ontvangst, binnen de daartoe gestelde termijn, van de subsidieaanvraag en de documenten, bedoeld in artikel 5, eerste lid, stelt de minister de subsidie voor de kosten, bedoeld in artikel 7, eerste lid, vast.

2. Na ontvangst, binnen de daartoe gestelde termijn, van de documenten, bedoeld in artikel 6, zendt de minister met betrekking tot de kosten, bedoeld in artikel 7, tweede lid, aan de subsidieaanvrager een beschikking tot subsidieverlening met een voorschotverlening van 80% van de subsidie, bedoeld in artikel 8, tweede en derde lid.

Artikel 11

1. De minister ontvangt uiterlijk 1 april 2007 van de subsidieontvanger een verantwoording. Bij deze verantwoording wordt een afschrift overgelegd van de op 31 december 2006 van kracht zijnde regeling, als bedoeld in de Wet gemeenschappelijke regelingen, dan wel van de op 31 december 2006 van kracht zijnde samenwerkingsovereenkomst.

2. Na ontvangst, binnen de daartoe gestelde termijn, van de regeling, dan wel van de samenwerkingsovereenkomst, bedoeld in het eerste lid, stelt de minister de subsidie voor de kosten, bedoeld in artikel 7, tweede lid, vast. De artikelen 14 tot en met 17 van de Algemene Regeling SZW-subsidies zijn niet van toepassing.

Artikel 12

De subsidieontvanger verleent op verzoek van de minister alle medewerking aan een door de minister ingesteld evaluatieonderzoek, bedoeld om te beoordelen in welke mate de subsidieontvanger met het tot stand brengen van een samenwerkingsverband Abw een bijdrage heeft geleverd aan de verhoging van de kwaliteit van de uitvoering van de Abw.

Artikel 13

1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 juli 2007.

2. De regeling, zoals die voor de datum waarop deze vervalt geldt, blijft van toepassing op de afwikkeling van de subsidie, bedoeld in artikel 2.

Artikel 14

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke stimuleringsregeling samenwerkingsverband Abw.