rijk/ministeriele-regeling/tijdelijke-subsidieregeling-step/BWBR0019872
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00
..
README.md feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown 2026-03-30 06:27:40 +02:00

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Tijdelijke subsidieregeling STEP BWBR0019872 ministeriele-regeling geldend 2006-05-26 https://wetten.overheid.nl/BWBR0019872 Tijdelijke subsidieregeling STEP

Tijdelijke subsidieregeling STEP

Paragraaf 1. Inleidende bepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. a. minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; b. b. STEP-project: project dat een gecombineerde vorm van leren en werken voor werkenden of werkzoekenden bevordert, die strekt tot het behalen van een:

      1°.
      certificaat of diploma behorende bij een beroepsopleiding, opgenomen in het Crebo, of een opleiding, opgenomen in het Croho; of
    
    
      2°.
      certificaat of deelcertificaat dat door een brancheorganisatie of een Opleidings- en Ontwikkelingsfonds in een branche als extra kwalificatie voor de arbeidsmarkt wordt erkend;

1°. 1°. certificaat of diploma behorende bij een beroepsopleiding, opgenomen in het Crebo, of een opleiding, opgenomen in het Croho; of 2°. 2°. certificaat of deelcertificaat dat door een brancheorganisatie of een Opleidings- en Ontwikkelingsfonds in een branche als extra kwalificatie voor de arbeidsmarkt wordt erkend; c. c. Crebo: Centraal register beroepsopleidingen als bedoeld in artikel 6.4.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijs; d. d. Croho: Centraal register opleidingen hoger onderwijs als bedoeld in artikel 6.13 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek; e. e. brancheorganisatie: rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid, niet zijnde een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, die niet bedrijfsmatig werkzaam is en die blijkens zijn statuten als doel heeft de belangen te behartigen van ondernemers die behoren tot eenzelfde bedrijfstak of een samenhangend deel ervan; f. f. Opleidings- en Ontwikkelingsfonds: door werkgevers en werknemers in het leven geroepen, dan wel beheerd, samenwerkingsverband per bedrijfstak of onderneming; g. g. STEP-samenwerkingsverband: samenwerkingsverband dat ten minste bestaat uit een of meer:

      1°.
      aanbieders van een of meer opleidingen die strekken tot het behalen van een certificaat of diploma; en
    
    
      2°.
      werkgevers, werkgeversorganisaties of brancheorganisaties;

1°. 1°. aanbieders van een of meer opleidingen die strekken tot het behalen van een certificaat of diploma; en 2°. 2°. werkgevers, werkgeversorganisaties of brancheorganisaties; h. h. vakorganisatie: organisatie die de individuele en gemeenschappelijke belangen behartigt van aangesloten werknemers en andere leden; i. i. werkgever: natuurlijke persoon of rechtspersoon in wiens dienst dan wel voor wie een werknemer arbeid verricht; j. j. werkgeversorganisatie: organisatie die de individuele en gemeenschappelijke belangen behartigt van:

      1°.
      werkgevers; of
    
    
      2°.
      ondernemingen.

1°. 1°. werkgevers; of 2°. 2°. ondernemingen.

Artikel 2

1. De minister kan subsidie verstrekken als bijdrage in de organisatiekosten voor een STEP-project dat wordt uitgevoerd binnen een sector of regio en uiterlijk op 1 oktober 2007 is geëindigd.

2.

Subsidie wordt slechts verleend, voor zover naar het oordeel van de minister:

a. a. het STEP-project wat betreft aard en uitvoering is gemodelleerd naar een project dat:

        1°.
        voor de inwerkingtreding van deze regeling binnen een andere sector of regio al een succesvolle aanvang heeft genomen of al succesvol is uitgevoerd;
      
      
        2°.
        effectief is gebleken, onder meer doordat het heeft geleid tot een aantoonbare en aanzienlijke verbetering van de mogelijkheden tot een gecombineerde vorm van leren en werken voor werkenden of werkzoekenden;

1°. 1°. voor de inwerkingtreding van deze regeling binnen een andere sector of regio al een succesvolle aanvang heeft genomen of al succesvol is uitgevoerd; 2°. 2°. effectief is gebleken, onder meer doordat het heeft geleid tot een aantoonbare en aanzienlijke verbetering van de mogelijkheden tot een gecombineerde vorm van leren en werken voor werkenden of werkzoekenden; b. b. de subsidieaanvrager deel uitmaakt van een STEP-samenwerkingsverband dat:

        1°.
        de sector of regio waarbinnen het STEP-project wordt uitgevoerd in voldoende mate vertegenwoordigt;
      
      
        2°.
        over voldoende deskundigheid en capaciteit beschikt om het STEP-project succesvol te kunnen uitvoeren;

1°. 1°. de sector of regio waarbinnen het STEP-project wordt uitgevoerd in voldoende mate vertegenwoordigt; 2°. 2°. over voldoende deskundigheid en capaciteit beschikt om het STEP-project succesvol te kunnen uitvoeren; c. c. binnen de sector of regio waar het STEP-project wordt uitgevoerd:

        1°.
        voldoende behoefte bestaat bij aanbieders van scholing en werkgevers om in het kader van het project de mogelijkheden tot leren en werken voor werkenden en werkzoekenden te bevorderen;
      
      
        2°.
        voldoende betrokkenheid van aanbieders van scholing en werkgevers bestaat bij de uitvoering van het STEP-project;
      
      
        3°.
        een aanzienlijk aantal werkenden of werkzoekenden deel zal nemen aan in het kader van het project te organiseren trajecten waarbij leren en werken worden gecombineerd; en

1°. 1°. voldoende behoefte bestaat bij aanbieders van scholing en werkgevers om in het kader van het project de mogelijkheden tot leren en werken voor werkenden en werkzoekenden te bevorderen; 2°. 2°. voldoende betrokkenheid van aanbieders van scholing en werkgevers bestaat bij de uitvoering van het STEP-project; 3°. 3°. een aanzienlijk aantal werkenden of werkzoekenden deel zal nemen aan in het kader van het project te organiseren trajecten waarbij leren en werken worden gecombineerd; en d. d. voor de sector of regio waar het STEP-project wordt uitgevoerd sprake is van een vernieuwende aanpak.

Artikel 3

Kosten die voor subsidie in aanmerking komen zijn:

a. a. loonkosten verbonden aan de inzet van eigen personeel of van de partijen bij het STEP-samenwerkingsverband; b. b. materiële kosten, bestaande uit:

      1°.
      kosten voor huisvesting; en
    
    
      2°.
      overige materiële kosten;

1°. 1°. kosten voor huisvesting; en 2°. 2°. overige materiële kosten; c. c. kosten voor gebruikmaking van diensten van derden; en d. d. kosten voor overhead.

Artikel 4

Subsidie wordt slechts verleend aan een:

a. a. brancheorganisatie; b. b. Centrum voor Werk en Inkomen als bedoeld in hoofdstuk 4 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen; c. c. aanbieder van een of meer opleidingen die strekken tot het behalen van een certificaat of diploma als bedoeld in artikel 1, onderdeel b; d. d. kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven als bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs; e. e. Opleidings- en Ontwikkelingsfonds; f. f. vakorganisatie; g. g. werkgeversorganisatie; h. h. college van burgemeester en wethouders van een gemeente; of i. i. college van gedeputeerde staten van een provincie.

Artikel 5

1.

Voor subsidieverstrekking op grond van deze regeling is een bedrag beschikbaar van € 800.000,, waarvan ten hoogste:

a. a. € 500.000, beschikbaar is voor aanvragen, die zijn ingediend in de periode, bedoeld in artikel 9, onderdeel a; en b. b. € 300.000, beschikbaar is voor aanvragen, die zijn ingediend gedurende de periode, bedoeld in artikel 9, onderdeel b;

2. Indien het subsidieplafond, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, niet is bereikt, wordt het resterende bedrag toegevoegd aan het subsidieplafond, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b.

Artikel 6

1. De hoogte van de subsidie bedraagt ten hoogste 75% van de subsidiabele kosten, met dien verstande dat per aanvraag ten hoogste € 100.000, wordt verleend.

2. Op de subsidie wordt in mindering gebracht een op grond van een andere rijkssubsidieregeling verstrekte subsidie, die betrekking heeft op kosten waarvoor op grond van deze regeling subsidie kan worden verleend.

Paragraaf 2. Subsidieaanvraag

Artikel 7

Subsidie wordt op aanvraag verleend.

Artikel 8

1. De subsidieaanvraag wordt bij SenterNovem te s Gravenhage ingediend met gebruikmaking van een formulier, waarvan het model is opgenomen in bijlage A behorende bij deze regeling.

2. De subsidieaanvraag gaat vergezeld van een begroting, die wordt ingedeeld overeenkomstig het model dat is opgenomen in bijlage B behorende bij deze regeling.

Artikel 9

Een aanvraag kan worden ingediend:

a. a. tot en met 8 juni 2006; of b. b. vanaf 15 juli 2006 tot en met 1 september 2006.

Paragraaf 3. Subsidieverlening

Artikel 10

De minister voorziet in een gelijktijdige beslissing op aanvragen met betrekking tot soortgelijke projecten op basis van een vergelijking van hun geschiktheid om bij te dragen aan de doelstellingen van de subsidie.

Artikel 11

De minister beslist uiterlijk op:

a. a. 15 augustus 2006 op aanvragen, die zijn ingediend in de periode, bedoeld in artikel 9, onderdeel a; en b. b. 1 november 2006 op aanvragen, die zijn ingediend in de periode, bedoeld in artikel 9, onderdeel b.

Artikel 12

De beoordelingscommissie, bedoeld in artikel 3.4 van de Tijdelijke stimuleringsregeling leren en werken, heeft tot taak de minister op zijn verzoek te adviseren over aanvragen voor subsidie op grond van deze regeling.

Artikel 13

Subsidie wordt verleend voor ten hoogste de duur van het STEP-project waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft.

Artikel 14

1. Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld, wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

2. In geval van het niet vervullen van de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, worden de op grond van deze regeling verleende subsidiebedragen verlaagd tot het bedrag van de subsidie dat na de vaststelling of goedkeuring van de begroting ter beschikking staat, een en ander naar rato van het aantal subsidieaanvragers aan wie subsidie is verleend en van de hoogte van de verleende subsidiebedragen.

Artikel 15

Onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht wordt subsidieverlening in ieder geval geweigerd indien:

a. a. de subsidieaanvrager deel uitmaakt van een STEP-samenwerkingsverband dat een STEP-project uitvoert waar al subsidie voor is verleend op grond van deze regeling; b. b. de hoogte van de te verlenen subsidie, met inachtneming van artikel 6, eerste lid, minder dan € 50.000, bedraagt; c. c. de subsidieaanvrager niet aannemelijk kan maken dat ten minste 25% van de subsidiabele kosten door hemzelf of door derden zullen worden gedragen.

Artikel 16

Aan de algemeen directeur van SenterNovem te s-Gravenhage wordt mandaat verleend om, met de bevoegdheid tot het verlenen van ondermandaat, op grond van deze regeling besluiten te nemen over:

a. a. het buiten behandeling laten van subsidieaanvragen; of b. b. de verlening of weigering van subsidie.

Paragraaf 4. Verplichtingen subsidieontvanger

Artikel

1. De subsidieontvanger werkt mee aan door of namens de minister ingestelde onderzoeken onderzoekingen is opgenomen in OCW-standaardbepalingen, maar minder archaïsch Nederlands is wat mij betreft uiteraard ook prima. die erop gericht zijn de minister inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling van het beleid en verleent medewerking aan door of namens de minister georganiseerde publicitaire en voorlichtingsactiviteiten.

2. De subsidieontvanger dient uiterlijk op 31 januari 2007 een financieel voortgangsverslag en een verslag van de tot dan toe verrichte activiteiten in bij de minister.

Paragraaf 5. Subsidievaststelling

Artikel 18

1. Binnen twee maanden na beëindiging van het project, doch uiterlijk op 1 december 2007, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling van de subsidie in bij de minister.

2. De minister beslist binnen 90 dagen na ontvangst van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie.

Artikel 19

De aanvraag tot vaststelling van subsidie gaat vergezeld van een financieel verslag en een verslag van activiteiten waarin de met de verstrekte subsidie bereikte resultaten worden verantwoord. Artikel 4:76 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing op het financieel verslag.

Artikel 20

1. Het verslag van activiteiten, bedoeld in artikel 19, bevat een overzicht van de werkzaamheden waarvoor subsidie is verstrekt en van de daarmee bereikte resultaten.

2. De inrichting van het verslag komt overeen met de inrichting van het activiteitenplan.

3. Het verslag bevat, voor zover van toepassing, een analyse van verschillen tussen de voorgenomen activiteiten en beoogde resultaten, vermeld in het activiteitenplan, en de feitelijke realisatie.

Paragraaf 6. Betaling

Artikel 21

Nadat subsidie is verleend, kan de minister voorschotten verstrekken tot ten hoogste 80% van het verleende subsidiebedrag.

Paragraaf 7. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 22

1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 december 2008.

2. In afwijking van het eerste lid blijft deze regeling zoals die luidt op 30 november 2008, van toepassing op de afwikkeling van de subsidie, bedoeld in de deze regeling.

Artikel 23

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling STEP.

Bijlage A

Niet opgenomen.

Bijlage B

Niet opgenomen.