40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Tijdelijke subsidieregeling Stichting Waterloopkundig Laboratorium en Stichting GeoDelft | BWBR0017634 | ministeriele-regeling | geldend | 2004-12-17 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0017634 | Tijdelijke subsidieregeling Stichting Waterloopkundig Laboratorium en Stichting GeoDelft |
Tijdelijke subsidieregeling Stichting Waterloopkundig Laboratorium en Stichting GeoDelft
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. a. minister: de Minister van Verkeer en Waterstaat; b. b. WL/Delft Hydraulics: de Stichting Waterloopkundig Laboratorium te Delft; c. c. GeoDelft: de Stichting GeoDelft te Delft; d. d. functie van technologisch kenniscentrum: het onderhouden van een kennisbasis die voorziet in de huidige en voorzienbare kennisbehoeften van overheid en bedrijfsleven door middel van kennisontwikkeling en kennisoverdracht; e. e. functie van technologisch ontwikkelingscentrum: het vraaggestuurd ontwikkelen en beschikbaar stellen van technologie ten behoeve van overheid en bedrijfsleven; f. f. basissubsidie: subsidie ten behoeve van de functie van technologisch kenniscentrum uit middelen van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat en het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen; g. g. doelsubsidie: subsidie ten behoeve van de functie van technologisch ontwikkelingscentrum uit middelen van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat; h. h. aanvrager: degene die met toepassing van artikel 5, eerste lid, subsidie heeft aangevraagd; i. i. subsidieontvanger: degene die op grond van deze regeling een beschikking tot subsidieverlening heeft ontvangen.
Artikel 2
1. De minister kan per boekjaar, voor de boekjaren 2005 tot en met 2007, een basis- en een doelsubsidie verstrekken aan WL/Delft Hydraulics en GeoDelft ter ondersteuning van de functies van technologisch kenniscentrum en van technologisch ontwikkelingscentrum.
2.
De functies van technologisch kenniscentrum en van technologisch ontwikkelingscentrum van WL/Delft Hydraulics hebben betrekking op kennis en technologie op het terrein van water, andere vloeistoffen en gassen op:
a. a. de kerndiscipline hydrodynamica; b. b. de kerndiscipline morfologie; c. c. de kerndiscipline oppervlaktewaterhydrologie; d. d. de discipline waterkwaliteit; e. e. de discipline aquatische ecologie.
3.
De functies van technologisch kenniscentrum en van technologisch ontwikkelingscentrum van GeoDelft hebben betrekking op geotechnische kennis en technologie op de kerndisciplines:
a. a. grondmechanica; b. b. funderingstechniek; c. c. geo-ecologie.
Artikel 3
Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing.
Artikel 4
1.
Het maximaal te verstrekken bedrag aan subsidie is:
a. a. € 5.234.890,– voor WL/Delft Hydraulics voor het boekjaar 2005; b. b. € 4.984.890,– voor WL/Delft Hydraulics voor het boekjaar 2006; c. c. € 5.136.000,– voor WL/Delft Hydraulics voor het boekjaar 2007; d. d. € 4.510.890,– voor GeoDelft voor het boekjaar 2005; e. e. € 4.260.890,– voor GeoDelft voor het boekjaar 2006; f. f. € 4.390.000,– voor GeoDelft voor het boekjaar 2007.
2. Van de bedragen, genoemd in het eerste lid, onderdeel a en onderdeel b, wordt per boekjaar maximaal € 226.890,– verstrekt voor het onderdeel grote faciliteiten (Getijgoot en Deltagoot) van de functie van technologisch ontwikkelingscentrum.
3. Van de bedragen, genoemd in het eerste lid, onderdeel c en onderdeel d, wordt per boekjaar maximaal € 226.890,– verstrekt voor het onderdeel grote faciliteit (Geocentrifuge), van de functie van technologisch ontwikkelingscentrum.
4. De in het eerste lid genoemde bedragen kunnen jaarlijks worden verhoogd met een compensatie voor de arbeidskostenontwikkeling en met een prijscompensatie voor de materiële kosten, indien hiervoor overeenkomstig de desbetreffende loon- en prijsbijstellingsbrieven van het Ministerie van Financiën gelden ter beschikking worden gesteld.
5. Van de bedragen, genoemd in het eerste lid, onderdeel e en f, wordt maximaal € 227.000,– verstrekt voor het onderdeel grote faciliteiten (Getijgoot en Deltagoot, onderscheidenlijk Geocentrifuge) van de functie van technologisch ontwikkelingscentrum.
Artikel 5
1. De aanvraag tot subsidieverlening wordt ingediend door de directie van WL/Delft Hydraulics, respectievelijk door de directie van GeoDelft bij de minister ter attentie van de Hoofdingenieur-Directeur van de Dienst Weg- en Waterbouwkunde, Postbus 5044, 2600 AG te Delft.
2. De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, is een gecombineerde aanvraag voor basis- en doelsubsidie.
3. De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, wordt uiterlijk ingediend op 1 november voorafgaand aan het boekjaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd. In afwijking van de eerste volzin wordt de aanvraag voor het boekjaar 2007 uiterlijk 15 december ingediend.
4. Uiterlijk 1 juli 2005 stuurt de aanvrager een concept van de in het eerste lid bedoelde aanvraag voor het boekjaar 2006 naar het adres, genoemd in het eerste lid.
5. Het gedeelte van de aanvraag dat betrekking heeft op de doelsubsidie, komt tot stand in overeenstemming met de minister vertegenwoordigd door de Hoofdingenieur-Directeur van de Dienst Weg- en Waterbouwkunde.
Artikel 6
De beslissing op de aanvraag tot subsidieverlening wordt uiterlijk genomen op de eerste dag van het boekjaar waarop de aanvraag betrekking heeft.
Artikel 7
De subsidie wordt steeds verleend onder de voorwaarde dat voor het deel van de subsidie dat ten laste van een nog niet vastgestelde begroting komt, voldoende gelden ter beschikking worden gesteld.
Artikel 8
1.
De subsidieontvanger:
a. a. rondt de uitvoering van de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend in het desbetreffende boekjaar af; b. b. doet onverwijld schriftelijk mededeling aan de minister van alle omstandigheden die van invloed kunnen zijn op de subsidie en de rechtmatige en doelmatige aanwending daarvan; c. c. verleent medewerking aan een onderzoek naar de rechtmatige en doelmatige aanwending van de ontvangen subsidiegelden, dat wordt verricht namens of in opdracht van de minister of de Algemene Rekenkamer en verschaft degene die met dit onderzoek is belast desgevraagd alle informatie die deze voor het onderzoek nodig acht.
2. Subsidie die is verleend op grond van deze regeling wordt niet aangewend ter gehele of gedeeltelijke financiering op welke wijze dan ook van activiteiten die andere instellingen of bedrijven op commerciële basis ontplooien of zouden kunnen ontplooien.
Artikel 9
1. Alle resultaten van de activiteiten die worden gesubsidieerd op grond van deze regeling behoren tot het publieke domein en worden door de subsidieontvanger, tegen betaling van kosten die zijn gemoeid met het vastleggen van de resultaten op het daarvoor meest geschikte medium en onder verlening van een gratis, niet-exclusief en permanent gebruiksrecht, aan belangstellenden ter beschikking gesteld.
2. Tot resultaten, bedoeld in het eerste lid, behoren in elk geval computerprogrammatuur, bestanden en de daarbij behorende documentatie.
3. De subsidieontvanger kan met de belangstellende, bedoeld in het eerste lid, een vergoeding overeenkomen voor het beheer en het onderhoud voor de ter beschikking gestelde resultaten, bedoeld in het eerste lid.
Artikel 10
1. De minister kan op aanvraag van de subsidieontvanger voorschotten verlenen met betrekking tot de verleende subsidie voor het desbetreffende boekjaar.
2.
Voorschotverlening op grond van het eerste lid vindt plaats volgens de volgende verdeelsleutel:
a. a. ten hoogste 35% van de verleende subsidie per 15 februari; b. b. ten hoogste 50% van de verleende subsidie per 15 april; c. c. ten hoogste 15% van de verleende subsidie per 1 september.
3. Een aanvraag tot voorschotverlening wordt, uiterlijk zes weken voor de in het tweede lid genoemde datum waarop de aanvraag betrekking heeft, ingediend bij Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat, p/a Dienst Weg- en Waterbouwkunde, t.a.v. de Directie Bedrijfsvoering, afdeling control en toezicht, Postbus 5044, 2600 GA te Delft.
4.
Een aanvraag tot voorschotverlening gaat vergezeld van een factuur waarin staat vermeld:
a. a. het bedrag van het gevraagde voorschot; b. b. het nummer en de datum van de beschikking tot subsidieverlening.
5. Betaling van het voorschot vindt uiterlijk plaats op de achtste werkdag na de in het tweede lid genoemde datum waarop de aanvraag betrekking heeft.
Artikel 11
1. De subsidieontvanger dient binnen vier maanden na afloop van het boekjaar waarvoor de subsidie is verleend een aanvraag tot subsidievaststelling in.
2. De minister beslist binnen acht weken na ontvangst op de in het eerste lid bedoelde aanvraag.
3. De accountantsverklaring, bedoeld in artikel 4:78, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, wordt opgesteld overeenkomstig het in de bijlage bij deze regeling opgenomen controleprotocol.
Artikel 12
Wijzigt de Regeling basis- en doelsubsidiëring Stichting GeoDelft.
Artikel 13
Wijzigt de Regeling basis- en doelsubsidiëring Stichting Waterloopkundig Laboratorium.
Artikel 14
1. Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
2. Deze regeling werkt terug tot en met 1 oktober 2004 en vervalt na vaststelling van de subsidie voor het boekjaar 2007.
Artikel 15
Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling Stichting Waterloopkundig Laboratorium en Stichting GeoDelft.