40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt. |
||
|---|---|---|
| .. | ||
| README.md | ||
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Verordening algemene bepalingen heffingen (PPE) 2005 | BWBR0017350 | pbo | geldend | 2005-01-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0017350 | Verordening algemene bepalingen heffingen (PPE) 2005 |
Verordening algemene bepalingen heffingen (PPE) 2005
Paragraaf 1. Begripsbepalingen
Artikel 1
In deze verordening en in de door het bestuur vastgestelde heffingsverordeningen wordt verstaan onder:
Paragraaf 2. Toepassingsgebied
Artikel 2
Het bepaalde bij of krachtens deze verordening is van toepassing op de vaststelling, oplegging en inning van de heffingen die uit hoofde van een heffingsverordening van het productschap zijn verschuldigd, tenzij bij die verordening anders is bepaald.
Paragraaf 3. Vaststelling en oplegging
Artikel 3
1. De heffing wordt door de voorzitter vastgesteld en aan de ondernemer opgelegd door middel van toezending of uitreiking van een heffingsfactuur.
2.
De heffingsfactuur is gedagtekend en bevat ten minste:
a. a. naam en adres van de heffingsplichtige; b. b. een specificatie of toelichting omtrent de wijze waarop de heffing is berekend, en c. c. het totaal van de heffing.
3. In afwijking van het eerste lid kan de voorzitter de heffingsplichtige een voorlopige heffing opleggen tot het bedrag waarop de heffing vermoedelijk zal worden vastgesteld. De voorlopige heffing wordt verrekend met de krachtens een heffingsverordening verschuldigde heffing.
Paragraaf 4. Opgave bedrijfsgegevens
Artikel 4
1. De ondernemer is verplicht om uiterlijk binnen 10 dagen na het verstrijken van elke kalendermaand, door middel van invulling en ondertekening van een aan hem door het productschap verstrekt opgaveformulier, naar waarheid opgave te doen van die bedrijfsgegevens over de verstreken kalendermaand waarvan de opgave in dat formulier wordt verlangd.
2. De ondernemer, die een opgaveformulier heeft ontvangen en voor wie in die afgelopen maand op grond van geen der heffingsverordeningen een heffingsplicht is ontstaan, is verplicht hiervan op dit formulier melding te maken en dit formulier, door middel van invulling en ondertekening, binnen 10 dagen na het verstrijken van elke kalendermaand, aan het productschap te zenden.
3. In afwijking van het bepaalde in het eerste en het tweede lid kan de voorzitter namens het bestuur voor bepaalde gevallen in afwijking van het in de vorige leden bepaalde, bij besluit bepalen dat de aldaar bedoelde opgave mag worden verstrekt over langere perioden dan een kalendermaand.
4. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid kan het productschap op verzoek van de ondernemer op elektronische wijze een opgaveformulier aan de ondernemer verstrekken om opgave te doen van bedrijfsgegevens. Het bestuur stelt bij besluit regels vast omtrent de in de vorige zin bedoelde wijze van opgave doen. Dit besluit wordt gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.
Paragraaf 5. Verstrekken van gegevens
Artikel 5
1. Indien de door een ondernemer verschuldigde heffing door het productschap is vastgesteld op basis van gegevens ontleend aan het KIP, is het bepaalde in artikel 4 niet van toepassing.
2. In het geval de aan het KIP ontleende gegevens naar het oordeel van de voorzitter onjuist of onvolledig zijn en het productschap de ondernemer daarvan op de hoogte heeft gesteld, is de ondernemer gehouden om maandelijks, uiterlijk 10 dagen na het verstrijken van een kalendermaand, door middel van invulling en ondertekening van een hem door het productschap verstrekt opgaveformulier, naar waarheid opgave te doen van die bedrijfsgegevens waarvan de opgave in dat formulier wordt verlangd.
3. Indien de door een ondernemer verschuldigde heffing door de voorzitter wordt vastgesteld op basis van de door de ondernemer in het kader van de Landbouwtelling aan het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit verstrekte gegevens, is het gestelde in artikel 4 niet van toepassing.
4. In het geval de aan de Landbouwtelling ontleende gegevens naar het oordeel van de voorzitter onjuist of onvolledig zijn en het productschap de ondernemer daarvan op de hoogte heeft gesteld, is de ondernemer gehouden om door middel van invulling en ondertekening van een hem door het productschap verstrekt opgaveformulier, naar waarheid opgave te doen van die bedrijfsgegevens waarvan de opgave in dat formulier wordt verlangd.
Artikel 6
1. De ondernemer is verplicht van dag tot dag een zodanige administratie te voeren, dat de gegevens, benodigd voor de vaststelling van de heffing, te allen tijde op een eenvoudige wijze kunnen worden gekend.
2. De voorzitter kan in individuele gevallen een aanwijzing geven betreffende de eisen waaraan de door de betrokken ondernemer te voeren administratie dient te voldoen.
Paragraaf 6. Ambtshalve heffing
Artikel 7
1. Bij gebreke van de gegevens, benodigd voor de vaststelling van de verschuldigde heffing, kan de heffing door de voorzitter ambtshalve worden vastgesteld aan de hand van de aan het productschap ter beschikking staande gegevens, zo nodig door middel van een schatting.
2. Indien de ondernemer binnen 10 dagen na de factuurdatum van de in het eerste lid bedoelde ambtshalve vastgestelde heffing alsnog de benodigde gegevens verstrekt, wordt de heffingsfactuur waarbij de ambtshalve vastgestelde heffing is opgelegd, ingetrokken en wordt een nieuwe heffing vastgesteld op basis van de door hem verstrekte gegevens.
Paragraaf 7. Betaling van de heffing
Artikel 8
De ondernemer aan wie een heffing is opgelegd dient de verschuldigde heffing uiterlijk binnen 14 dagen nadat de heffing aan de betrokken ondernemer is opgelegd, aan het productschap te voldoen.
Artikel 9
1. De ondernemer die een door hem verschuldigde heffing niet of niet geheel binnen de in artikel 8 genoemde termijn heeft betaald, is, na bij aangetekend schrijven te zijn aangemaand om binnen een termijn van 10 dagen de heffing te voldoen, deze heffing aan het productschap verschuldigd, verhoogd met de over het verschuldigde bedrag berekende wettelijke rente.
2. De in het eerste lid bedoelde heffing wordt bij aanmaning verhoogd met € 22,50 wegens de uit de aanmaning voortvloeiende extra administratiekosten.
3. De in het eerste lid bedoelde rente wordt berekend vanaf de dag waarop de in dat lid genoemde termijn is verstreken tot aan de dag van de algehele voldoening.
Paragraaf 8. Toezicht
Artikel 10
1. Het toezicht op de naleving van de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften wordt namens het productschap uitgeoefend door een door het bestuur aangewezen dienst of door het bestuur aangewezen personen.
2.
De ondernemer is verplicht:
a. a. aan de door het bestuur aangewezen dienst of aan de door het bestuur aangewezen personen al die gegevens te verstrekken of te doen verstrekken, die naar diens/hun oordeel nodig is/zijn voor de vervulling van diens/hun taak; b. b. aan de door het bestuur aangewezen dienst of aan de door het bestuur aangewezen personen inzage te geven of te doen geven van die boeken en bescheiden, die naar diens/hun oordeel nodig is voor de vervulling van diens/hun taak; c. c. aan de door het bestuur aangewezen dienst of aan de door het bestuur aangewezen personen te allen tijde toegang te geven of te doen geven tot hun bedrijfsruimten en tot die plaatsen of vervoermiddelen, waar c.q. waarin voorraden, tot het bedrijf van de ondernemer behorende, zijn opgeslagen c.q. worden vervoerd; de ondernemer zal alsdan de van hem gevorderde medewerking verlenen overeenkomstig de aanwijzingen en toezicht van die controleurs of aangewezen personen.
3. De in het eerste lid bedoelde personen zijn bevoegd berechtingsrapporten ten behoeve van tuchtrechtelijke afhandeling op te maken.
Paragraaf 9. Handhaving
Artikel 11
Op overtreding van het bij of krachtens de artikelen 4, eerste, tweede en vierde lid, 5, tweede en vierde lid, 6 en 10, tweede lid, bepaalde worden tuchtrechtelijke maatregelen gesteld zoals voorzien in de Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2004.
Paragraaf 10. Bescherming gegevens
Artikel 12
1. De door het productschap uit hoofde van deze verordening verkregen gegevens worden in handen gesteld van de voorzitter. De gegevens worden, behoudens aan het secretariaat van het productschap, niet bekendgemaakt.
2. De voorzitter kan, in afwijking van het bepaalde in het eerste lid, besluiten tot bekendmaking van getotaliseerde gegevens omtrent groepen van ondernemingen, doch nimmer op zodanige wijze dat daaruit gegevens omtrent een individuele onderneming kunnen worden afgeleid.
Paragraaf 11. Bijzondere bepalingen
Artikel 13
De voorzitter kan de artikelen 4, 8, en 9 buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat deze verordening beoogt te beschermen zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Paragraaf 12. Slotbepalingen
Artikel 14
1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2005.
2. Deze verordening wordt gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.
Artikel 15
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening algemene bepalingen heffingen (PPE) 2005.